16 januari 2026 · artikel 35-vragen · gemeente Rotterdam

Brandveiligheid bij hoogbouw

Een raadslid stelde op 16 januari 2026 schriftelijke vragen aan het college van burgemeester en wethouders van Rotterdam.

Brief van het college

Deze brief is niet in losse vragen en antwoorden uit te lezen. Hieronder staat de tekst; het origineel staat via de link.

-.'1..^.þ Gemeente Rotterdam

Onderwerp: Brandveitigheid bij hoogbouw Cluster: Stadsontwikketing

Portefeuille: Klimaat, Bouwen, Wonen Portefeuillehouder: Drs. C.M. Zeegers MA Van: EmielArends Telefoon: L4 010 Uw kenmerk:25bb009355 Ons kenmerk: M2512-I732 26bo102587

Aan de gemeenteraad

Datum: B&W L3 januari2126

Op Ll december 2025 stetden V.A. Bruin (Leefbaar Rotterdam) en M. Verhoef (Leefbaar

Rotterdam) schriftetijke vragen over brandveiligheid bij hoogbouw (25bb009355).

Inleidend wordt gestetd:

In hetAlgemeen Dagbtad van zaterdag 29 november2025, was het artiket Brandweercommandant eist strengere regels: 'Brand in hoogbouw hier net zo onbeheersbaar"l te lezen waarin de Haagse brandweercommandant haar zorgen uitsprak over de brandveiligheid van hoogbouw. De zorgen werden haar ingegeven door de grote brand in Hong Kong waar enkele hoge flats uitbrandden en waarbij vele slachtoffers waren te betreuren.

Hoewel de situatie in Nederland niet helemaal vergelijkbaar is met die in Hong Kong, kan, volgens de Haagse brandweercommandant Esther Lieben, voorzitter van de tandetijke taskforce hoogbouw, onze verouderde regelgeving ook tot onbeheersbare branden leiden. ,,Mensen kunnen er niet op vertrouwen dat gebouwen veilig genoeg zijn om ook veilig te kunnen ontsnappen." zei de brandweercommandant in het genoemde artikel.In Rotterdam zijn de laatste jaren enkele hoge woontorens gebouwd en er zijn plannen voor nog vele meer. Leefbaar Rotterdam vraagt zich af hoe het in Rotterdam met de brandveiligheid gesteld is van deze hoge wqontorens. Wij slaan vooral aan op enkele opmerkingen van de Haagse brandweercommandant in het artiket, met name: "We hebben een taskforce opgericht om te onderzoeken of we fatsoenlijk kunnen optreden om mensen te redden als er een incident is De conclusie daarvan is dat dat niet Iukt. We moeten kijken naar veiligere methoden van bouwen, installaties, andersoortíge constructíes en materialen. Dat moet aangepast worden in wet- en regelgevíng, want dat zit nu op eein minimumniveau. Gebouwen worden súeeds ingewikkelder, hoger en

gevaarlijker."

l Brandweercommandant eist strenqere reqels:'Brand in hooqbouw hier net zo onbeheersbaar' I Binnenland AD.nt

I

2t5 13januari2026

Blad:

Datum:

,*'lþ

De Rotterdamse Hoogbouwvisie2 stamt atweer uit2019 en de ontwikkelingen gaan snel op hoogbouwgebied. In de visie staat slechts een kleine passage van twee atinea's over brandveitigheid (hoofd stuk2.4), naar onze mening vrij summier. Daarnaast is er a[ eerder aan de bel getrokken in het NIPV onderzoek "brandveiligheid in hoogbouw". Daarom heeft Leefbaar Rotterdam heeft hier dan ook de volgende vragen hierover:

Hieronder votgen de vragen en onze beantwoording:

Vraag 1:

In de Hoogbouwvisie van Rotterdam staat vermeld dat a[ in een vroeg stadium in overleg wordt gegaan met ontwikkelaars over brandpreventie. Hoewel brandpreventie prio één is om te voorkomen dat er brand ontstaat, zijn maatregelen om bewoners een veilig heenkomen te laten zoeken en maatregelen om te voorkomen dat een brand zich uit kan breiden net zo belangrijk. Worden deze laatste onderwerpen ook meegenomen in deze gesprekken?Zo nee, waarom niet?

Antwoord:

Bij de start van hoogbouwprojecten wordt de Brandpreventiecommissie3 betrokken in het proces. Er is dus vroegtijdig overleg met ontwikkelaars over brandpreventie. Daarnaast is de brandpreventiecommissie ook vertegenwoordigd in het Rotterdamse Hoogbouwteam waar atle nieuwe hoogbouwinitiatieven langskomen (en worden voorzien van een advies vanuit meerdere disciplines, waaronder brandpreventie). Voor beide trajecten geldt dat Rotterdam zich hierin onder'scheidt van bijna atte andere steden waar dit niet de manier van werken is en de toets pas ptaatsvindt bij aanvraag van vergunningen.

Voor wat betreft maatregelen om te voorkomen dat een brand zich kan uitbreiden worden er wel degetijk andere zaken meegenomen. Onder andere het voorkomen van het ontstaan van een brandgevaarlijke situatie, het beperken van een brand (tegengaan onbeheersbare uitbreiding), het beperken van uitbreiding van rook (tegengaan onbeheersbare uitbreiding), het vluchtconcept voor gebruikers / bewoners en de repressieve inzetmogetijkheden voor de brandweer

Vraag2= Verder is er te lezen in de visie dat er gebruik wordt gemaakt van de expertise van de Brand PreventieCommissie, waar zowel brandveiligheids-specialisten van de gemeente Rotterdam als van de Veiligheidsregio Rotterdam-Rijnmond zitting in hebben. Wordt er ook gebruik gemaakt van de expertise van de landetijke taskforce hoog bouw? Zo nee, waarom niet?

Antwoord:

De [ijnen tussen de Brandpreventiecommissie en de tandetijke taskforce zijn kort. Leden van onze Vei[igheidsRegio Rotterdam-Rijnmond zitten in deze taskforce. Leden van onze Brandpreventiecommissie zitten tevens in de klankbordgroep van de [andelijke taskforce.

Op dit moment is het zo datdeze taskforce bezig is met onderzoeken, welke nog niet zijn

2

Document RotterdamRaad-79bb21410 Biitaqe behorende biiL9bb2L4O9 - Hooqbouwvisie oktober20Lg iBabs Publieksportaal 3 De Brandpreventiecommissie (BPC) in Rotterdam is een interne ambtetijke groep van de gemeente, waaraan ook de Veiliqheidsreqio Rotterdam (VRR) / brandweer deelneemt, die verantwoordetijk is voor advies en beoordeling van brandveitigheid bij bouwplannen en het toetsen van de naleving ervan.

Blad:

Datum:

3/5 t3januari2O26

*'lþ

afgerond of bruikbaar zijn. De tandetijke taskforce maakt o.a. gebruik van de expertise en ervaring die wijin Rotterdam hebben opgedaan met brandveitigheid in hoogbouw.

Vraag 3:

Gesprekken met ontwikketaars zijn goed, maar ontwikketaars hebben mogetijk andere belangen en prioriteiten dan de gemeente. Meer veitigheidseisen leveren vaak ook hogere bouwkosten op, waarom is er gekozen voor overleg en niet simpelweg voor eisen op schrift vanuit de gemeente Rotterdam om de toekomstige bewoners zoveel mogelijk te kunnen beschermen?

Antwoord:

Er zitten wet degetijk eisen aan brandpreventie in hoogbouw. Vanaf 20 meter hoogte getden er extra landetijke eisen t.a.v. brandpreventie. Tot een hoogte vanTO meter geeft het Bbt (Besluit bouwwerken leeforngeving) hiervoor de eisen. Boven de 70 meter doet een aanvullende handreiking SBR (stichting bouwresearch) hier uitspraken over. Deze hebben een handreiking voor gebouwen tot 200 meter. Boven de 200 meter geldt de Rotterdamse richtlijn'Rotterdamse Brandveiligheidsvisie voor Hoogbouw (70-200m) & Hoogbouw-ptus (200-400m)' De insteek van de vooroverleggen met de Brandpreventiecommissie zijn er, omdat er bij dergetijke complexe gebouwen attijd discussiepunten kunnen ontstaan. Dit geldt voor a[[e complexe gebouwen (niet per definitie hoogbouw). Het is voor alte partijen zinvoI hier in een vroeg stadium over te praten, in plaats van dat dit pas bij de bouwaanvraag aan het licht komt. De wettelijke eisen (aldan niet in de vorm van een gelijkwaardigheid op de regelgeving)staan wel degelijk op schrift, zie het antwoord op de volgende vraag.

Vraag 4:

Ziin er naast de overleggen die plaatsvinden en de Rotterdamse hoogbouwvisie nog wettetijke eisen waaraan hoogbouw moet voldoen? Zo ja, zijn de gesprekken die wij voeren met ontwikkelaars een wezelijke aanvutting op de wettelijke eisen?

Antwoord:

Ja, de gesprekken zijn een wezenlijke aanvulling (zie antwoord 3)

Vraag 5:

En hiãrop votgend, als de wettelijke eisen ruimte voor interpretatie laten, zodat gesprekken met ontwikkelaars kennetijk nog nodig zijn,zijndeze eisen dan nog wel van deze tijd en berekend op de hogere hoogbouw die we tegenwoordig steeds vaker zien? Met andere woorden heeft de Haagse brandweercommandant dan niet getijk als zij zegt "de huidige wet- en regelgeving voldoet gewoon niet!"? Als u het niet met haar eens bent, waarom niet?

Antwoord:

Bij grote gebouwen is er attijd afstemming nodig, omdat de tandetijke regelgeving (bewust) ruimte laat voor andere typen oplossingen dan direct in die rege[gevÍng worden voorgeschreven. Dit geldt voor a[[e comptexe gebouwen (niet per definitie hoogbouw).

Andere oplossingen worden beoordeeld door de Brandpreventiecommissie.

Blad:

Datum:

4/5

t3januari2026

'*'lþ

De Haagse Brandweercommandant zegt dat de wet- en regelgeving niet meer voldoet.

Daar ziin we het deels mee eens, in die zin dat regelgeving attijd achter nieuwe ontwikkelingen aanloopt. Er wordt geen regetgeving geschreven voor situaties die nog niet bestaan.

Er wordt op dit moment anders gebouwd dan ten tijde van het opstelten van de

regelgeving.We bouwen tegenwoordig meer met andere type materialen (hout/biobased), de auto's in de garages hebben flinke accu's, oudere mensen moeten [anger zelfstandig thuis wonen en gebouwen worden bijvoorbeeld groter of hoger en woningen kleiner. Dit zijn slechts enkele voorbeelden van maatschappelijke ontwikkelingen waar de (traditionele) bouwregelgeving achteraanloopt. De Brandpreventiecommissie deelt ervaringen met de wetgever (ministerie VRO).…

Bekijk de brief: [26bb000421] Beantwoording vragen Verhoef en Bruin over Brandveiligheid bij hoogbouw

Bron: raadsinformatie van de gemeente Rotterdam (Open Raadsinformatie). De vragen en antwoorden zijn automatisch uit de brief gelezen; het origineel is leidend.

Meer vragen aan het college van Rotterdam

Alle artikel 35-vragen in Rotterdam