De verruiming van de bijzondere bijstand goed geregeld
Een raadslid stelde op 26 juni 2024 schriftelijke vragen aan het college van burgemeester en wethouders van Rotterdam.
Brief van het college
Deze brief is niet in losse vragen en antwoorden uit te lezen. Hieronder staat de tekst; het origineel staat via de link.
Maatschappelijke Ontwikkeling Armoedebestrijding, Schuldhulpverlening, Taal mr. N.D.Z.R. (Natasha) Mohamed-Hoesein Van: W.R. van Leeuwen Telefoon: 14 010 Uw kenmerk: 24bb002549 Ons kenmerk: M2404-3773 - 24bo005495 Onderwerp: De verruiming van de bijzondere bijstand goed geregeld
Aan de gemeenteraad
Datum: 11 juni 2024
Op 7 mei 2024 stelde S. Reitema (PvdA) ons schriftelijke vragen over de aanpassingen van de bijzondere bijstand (24bb002549).
Inleidend wordt gesteld:
Het college heeft aangekondigd dat de regels voor de bijzondere bijstand worden verruimd.
De regeling bijzondere bijstand voor onverwachte kosten voor woninginrichting en babybenodigdheden zal nu een gift worden, in plaats van een lening. Het blijkt dat tot nu toe deze benodigdheden in de vorm van een lening zijn verstrekt, waarna Rotterdammers drie jaar de tijd krijgen deze terug te betalen. Echter, uit onderzoek blijkt dat niet alle Rotterdammers het voor elkaar krijgen om de lening volledig terug te betalen.1 Ondanks dat we het goed nieuws vinden dat de bijzondere bijstand wordt verruimd en we Rotterdammers op deze manier beter kunnen ondersteunen, steekt er ook iets. Onzes inziens is niet altijd duidelijk door de gemeente gecommuniceerd dat de bijzondere bijstand ook in de vorm van een lening is verstrekt. Zie bijvoorbeeld het Thema’s en achtergrondendocument Armoede en Schulden, waar de bijzondere bijstand als volgt wordt omschreven: ‘Als door bijzondere omstandigheden extra kosten moeten worden gemaakt die niet betaald kunnen worden, dan kan soms een vergoeding worden aangevraagd’ 2.
Hiermee is de bijzondere bijstand voor een groep Rotterdammers al die tijd een sigaar uit eigen doos geweest.
En, in 2022 liet de wethouder Armoede nog weten dat Rotterdammers met een laag inkomen, vanuit het witgoedfonds, een nieuwe energiezuinige koelkast of wasmachine krijgen. 3 1
https://www.ad.nl/rotterdam/rotterdam-verruimt-regels-voor-bijzondere-bijstand-geld-voor-witgoed-enmeubels-wordt-een-gift-br~ab05d483/ 2 Https://gemeenteraad.rotterdam.nl/reports/document/3dd53537-71aa-41b5-9425f75c2ba23f2f?documentid=86526e82-16a2-4f95-8b6c-ec7b55830394 3 https://www.ad.nl/rotterdam/gemeente-helpt-rotterdammers-in-financiele-nood-aan-voedsel-kleding-ennieuwe-wasmachine~a19399c3/
Blad:
Datum:
Ons kenmerk:
2/4 11 juni 2024 M2404-3773
Door de wisselende informatievoorziening is het mijn fractie gaan duizelen. Graag willen we een aantal zaken duidelijk hebben.
Hieronder volgen de vraag en onze beantwoording:
Vraag 1: Hoe verhoudt het in 2022 genoemde witgoedfonds, en daarmee de aanvraag voor het witgoed, zich tot de bijzondere bijstand?
Antwoord:
Het witgoedfonds waar steller op doelt betreft de witgoedregeling die gefinancierd werd vanuit de SPUK-middelen Energiearmoede. Met de SPUK-middelen is bijgedragen aan het Duurzaam Witgoedfonds van het Fonds Bijzondere Noden (FBNR) en konden energieklussers witgoedvouchers toekennen aan huishoudens in nood. Het witgoed dat is verstrekt via vouchers of door FBNR, is verstrekt als gift. De witgoedprojecten met FBNR en de witgoedvouchers zijn eind 2023 afgerond.
De individuele bijzondere bijstand (hierna: IBB) is een aparte regeling, die niet verward moet worden met de hierboven genoemde projecten. Ook ten tijde van de hierboven genoemde witgoedregelingen, was het mogelijk om IBB aan te vragen, onder andere voor witgoed of een volledig inrichtingspakket.
Vraag 2: Hoeveel Rotterdammers zijn niet in staat geweest om de lening, die zij hebben afgesloten om onverwachtse kosten via de bijzondere bijstand, af te betalen?
Antwoord:
De afgelopen jaren hebben laten zien dat IBB die als lening werd verstrekt over het algemeen voor 65% volledig werd terugbetaald. Hieruit volgt dat ongeveer 35 procent van de IBB – die is verstrekt als lening – voor inrichtingskosten en babybenodigdheden niet volledig werd terugbetaald. Dit komt doordat ontvangers van de IBB niet in staat waren volledig af te lossen binnen de termijn van 36 maanden, omdat hun inkomen dat niet toeliet.
In die gevallen werd de restschuld na 36 maanden kwijtgescholden. Wanneer er sprake was van een lopend schuldhulpverleningstraject, werd de bijzondere bijstand direct als gift verstrekt. Zodoende is voorkomen dat deze Rotterdammers aanvullende schulden opliepen.
Vraag 3: Kan het college deze mensen tegemoet komen door, met terugwerkende kracht, de lening om te zetten in een gift voor deze Rotterdammers? Zo nee, waarom niet?
Antwoord:
Het college heeft geen financiële dekking voor het kwijtschelden van restschulden. Deze kosten kunnen oplopen tot boven de 1 miljoen euro.
Daarnaast is het ons ter ore gekomen dat dat de aanvraag voor specifiek witgoed binnen de bijzondere bijstand in het verleden niet altijd even soepel liep.
Witgoedaanvragen zouden vaak zijn afgewezen bij de bijzondere bijstand, omdat witgoed ‘het soort vervangingskosten zijn waar je zelf voor moet sparen’.
Daarom willen wij weten:
Vraag 4: Hoeveel aanvragen zijn er de afgelopen twee jaar binnengekomen, en hoeveel zijn toegekend?
Blad:
Datum:
Ons kenmerk:
3/4 11 juni 2024 M2404-3773
Antwoord:
Binnen de IBB worden alleen aanvragen, toekenningen en afwijzingen voor inrichtingskosten als globale categorie bijgehouden. Onderdeel van de inrichtingskosten zijn witgoedartikelen. We hebben geen cijfers op het detailniveau van witgoedartikelen.
Vanaf 1 mei 2024 houden we het aantal huishoudens bij dat een bedrag voor witgoed heeft ontvangen uit de IBB.
Het klopt dat binnen de IBB getoetst wordt of er voor kosten gespaard kon worden. Ook voor inrichtingskosten, en daarmee ook voor witgoedartikelen, wordt deze toetsing gedaan.
Dit zijn zogeheten algemeen noodzakelijke kosten van het bestaan. Alleen in de situatie dat een belanghebbende geen mogelijkheid had om te sparen is het mogelijk bijzondere bijstand te verstrekken voor noodzakelijke kosten. Dit vloeit voort uit artikel 35 van de Participatiewet.
Globaal worden per jaar 3.000 tot 3.500 aanvragen voor bijzondere bijstand voor inrichtingskosten ingediend. Dit kan dus betrekking hebben op veel verschillende kosten.
Ongeveer 45 tot 50 procent van deze aanvragen wordt toegekend.
Overigens wordt procentueel gezien slechts in 3 tot 5 procent van alle aanvragen bijzondere bijstand een aanvraag afgewezen op grond van dat gespaard had moeten worden voor de kosten. Dit ontkracht het beeld dat deze afwijsgrond “vaak” wordt gebruikt.
Vraag 5: Wat zijn de redenen geweest van afwijzing?
Antwoord:
Afwijsredenen op aanvragen voor aanvragen voor IBB kunnen ver uiteenlopen omdat er altijd gekeken wordt naar de omstandigheden in het individuele geval. Aanvragen IBB worden in het algemeen het meeste afgewezen op grond van voldoende draagkracht, of dat de kosten al zijn betaald. Dit geldt voor aanvragen voor IBB in het algemeen, en niet specifiek voor aanvragen voor inrichtingskosten of kosten voor babybenodigdheden.
Nogmaals, het is een mooie ontwikkeling dat de regeling nu een gift is. Echter, de Rotterdammer heeft hier alleen voordeel van als het toewijzingsproces van de regeling soepel verloopt.
Vraag 6: Kan de wethouder zich hier maximaal voor inspannen?
Antwoord:
Het college zet zich in om lokale regelingen toegankelijker te maken, waaronder de IBB. In het beleidsplan Armoede & Schulden 2023 – 2026 is daarom het volgende doel opgenomen: ‘Elke Rotterdammer met recht op een inkomensondersteunende regeling, maakt daar gebruik van.’4
Zie doel 2 van het beleidsplan Armoede & Schulden 2023 -2026 (23bb004631): Document RotterdamRaad - [23bb004631] Bijlage 1 behorende bij 23bb004630 over het beleidskader armoede en schulden 2023-2026 - iBabs Publieksportaal 4
Blad:
Datum:
Ons kenmerk:
4/4 11 juni 2024 M2404-3773
Voor wat betreft de IBB wordt met de methodiek van de Net Promoter Score (NPS) gemonitord hoe Rotterdammers het aanvraag- en beoordelingsproces ervaren. Op basis hiervan brengen we aanpassingen aan in het aanvraagproces.
Burgemeester en wethouders van Rotterdam, De secretaris,
De burgemeester,
G.J.D. Wigmans
A. Aboutaleb
Bron: raadsinformatie van de gemeente Rotterdam (Open Raadsinformatie). De vragen en antwoorden zijn automatisch uit de brief gelezen; het origineel is leidend.