28 maart 2024 · artikel 35-vragen · gemeente Rotterdam

Politieke uitingen als ambtenaar

Een raadslid stelde op 28 maart 2024 schriftelijke vragen aan het college van burgemeester en wethouders van Rotterdam.

Brief van het college

Deze brief is niet in losse vragen en antwoorden uit te lezen. Hieronder staat de tekst; het origineel staat via de link.

Gemeente Rotterdam

Bestuurs- en Concernondersteuning Financiën en Organisatie, Dienstverlening, Grote Projecten Maarten Struijvenberg Van: F. Marquart Telefoon: 14 010 Uw kenmerk: 24bb000014 Ons kenmerk: M2401-280 - 24bo003253 Onderwerp: Politieke uitingen als ambtenaar

Aan de gemeenteraad

Datum: B&W 27 februari 2024

Op 4 januari 2024 stelden 1 Nunnely (D66) en A. Maassen (D66) ons schríftelijke vragen over "Politieke Uitingen als ambtenaar" (24bb000014).

Inleidend wordt gesteld:

Recentelijk heeft de fractie van D66 kennisgenomen van enkele uitlatingen van NPRZdirecteur Marco Pastors over de verkiezingsuitslag. Met enige verbazing constateerden we hoe hij duiding gaf aan een politieke uitslag en daarbij een oordeel velt over de maatschappelijke rol van politieke partijen. Dat roept bij onze fractie vragen op.

Nog los van de vraag hoezeer het NPRZ-programma gebaat is bij een directeur die meent politiek duider te moeten zijn van een verkiezingsuitslag - die naast vreugde bij sommigen ook andere emoties bij inwoners van Zuid losmaakt - vraagt onze fractie zich af in hoeverre de onafhankelijkheid van de directeur van het NPRZ-programma als 'boegbeeld’ zich verhoudt tot de juridische realiteit waarin hij op de loonlijst staat van de gemeente. De fractie van D66 constateert immers dat de directeur van het NPRZ-programma naar onze lezing in formele zin om die reden ambtenaar is, en dat van ambtenaren enige mate van politieke neutraliteit mag worden verwacht.

De fractie van D66 wil benadrukken dat zij het belangrijk vindt dat ambtenaren maatschappelijk betrokken zijn, en dat ook zij de ruimte en vrijheid zouden moeten hebben zich in enige mate politiek te uiten met inbegrip van de politieke neutraliteit die in hun werk van hen mag worden verwacht. De fractie van D66 begrijpt dat dit een zorgvuldige afweging vraagt.

Hieronder volgen de vragen en onze beantwoording:

Vraag 1:

Wat is de formeel juridische positie van de NPRZ-directeur als werknemer van de gemeente? Waarom is ervoor gekozen de directeur op de loonlijst te zetten bij de gemeente Rotterdam? En betekent dit ook dat de hierbij behorende arbeidsvoorwaarden (zowel rechten als plichten) ook voor de directeur gelden?

Waarom wel/niet?

Blad:

Datum:

Ons kenmerk:

2/4 27 februari 2024 M2401-280

Antwoord:

De aanstelling is een besluit van het bestuur van het NPRZ, waarin de partners van het NPRZ vertegenwoordigd zijn - waaronder de gemeente Rotterdam. De inzet is gericht op een integraal en samenhangend programma over de volle breedte met bijbehorende verantwoordelijkheid van de partners in aansturing en financiering. Financiering van de directeur (en het programmabureau) geschiedt door de gemeente en de andere partners van het NPRZ (woningcorporaties, schoolbesturen, Rijk, veiligheidspartners). Om praktische redenen valt het contract rechtspositioneel bij de gemeente Rotterdam. Het bestuur NPRZ fungeert als opdrachtgever waar de programmadirecteur verantwoording aan aflegt.

Voor de vervulling van de rol is het noodzakelijk onafhankelijk te kunnen opereren, onder meer door de partners in het NPRZ (ook de gemeente) aan te spreken op nakomen van gemaakte afspraken. De rol van de programmadirecteur staat ook beschreven in de governancepaper van het NPRZ. Bij de inrichting van deze governance is een aantal uitgangspunten geformuleerd:

- een breed gedragen samenwerking met voldoende slagkracht voor de dagelijkse aansturing;

- een programmadirecteur die uitvoering waar kan maken door met gezag en doorzettingsmacht te kunnen opereren.

De programmadirecteur heeft een vast dienstverband als ambtenaar in dienst van de gemeente Rotterdam. Het dienstverband als ambtenaar betekent dat de rechtsverhouding wordt beheerst door de cao, het burgerlijk wetboek, de ambtenarenwet en het personeelshandboekOlO en biedt procedurele waarborgen voor zowel werkgever als werknemer.

Vraag 2:

Wat is in algemene zin de vrijheid van een ambtenaar van de gemeente Rotterdam om zich in politieke zin te mogen uiten? Zijn er richtlijnen of bestaat er een gedrags- en/of integriteitscode omtrent politieke uitlatingen en/of uitspraken? Kunt u hier praktische voorbeelden van geven, zoals het schrijven van columns/artikelen in (vak)tijdschriften, het delen van content op social media of deelnemen aan politieke bijeenkomsten?

Antwoord:

Op basis van de ambtenarenwet en de ambtseed dient een ambtenaar zich te gedragen zoals een goed ambtenaar betaamt. Met de Gedragscode voor de werknemers van de gemeente Rotterdam geven we daar nadere invulling aan. "Goed" is bewust niet gespecificeerd. Goed en integer ambtenaarschap gaat om meer dan dat wat wel of niet is toegestaan.

Het betekent dat een ambtenaar een eigen mening mag hebben, over beleid of politiek.

Vrijheid van meningsuiting zijn grondrechten die ook gelden voor ambtenaren. In het openbaar uiten weegt de ambtenaar steeds af welke uitingsvorm daarbij het algemeen belang het beste dient en een goede vervulling van zijn functie niet in de weg staat. Artikel 10 van de ambtenarenwet stelt hieraan de beperking dat ambtenaren zich dienen te onthouden van het openbaren van gedachten, indien door de uitoefening van deze rechten de goede vervulling van zijn functie of de goede functionering van de openbare dienst, voor zover deze in verband staat met zijn functievervulling, niet in redelijkheid zou zijn verzekerd. Dit betekent dat een ambtenaar als privépersoon kan deelnemen aan politieke bijeenkomsten, opinies naar de krant sturen, content delen op sociale media.

Blad:

Datum:

Ons kenmerk:

3/4 27 februari 2024 M2401-280

Vraag 3:

Gelden bovenstaande regels voor alle ambtenaren ongeacht hun functietitel? Zo nee, waarom niet en waar zitten deze verschillen?

Antwoord:

De ambtenarenwet, de ambtseed en gedragscode gelden voor alle werknemers van de gemeente Rotterdam.

Vraag 4:

In hoeverre is het college van mening dat er sprake is van rechts(on)gelijkheid tussen verschillende (soorten) ambtenaren?

Antwoord:

Dat is volgens ons college hier niet aan de orde. De ambtenarenwet, de ambtseed en gedragscode gelden voor alle werknemers van de gemeente Rotterdam.

Vraag 5:

Hoe verhoudt deze invulling zich tot de formele positie van de NPRZ-directeur?

Gelden voor de directeur dezelfde gedragscodes en/of integriteitsrichtlijnen?

Waarom wel/niet? En waarom is voor deze invulling gekozen en is dit rechtsgeldig?

Antwoord:

Zie hiervoor de beantwoording van vraag 1.

Voorts wordt gesteld:

De fractie van D66 merkt op dat zij sommige de uitlatingen van de directeur van het NPRZ-programma in het eerdergenoemde artikel niet kunnen plaatsen binnen de rolinvulling ‘boegbeeld’.

Vraag 6:

Is er binnen het NPRZ-programma een mediastrategie ontwikkeld? Waarom wel of niet? Zou u, indien deze er niet is, dit willen overwegen?

Antwoord:

In het algemeen is de communicatiestrategie gericht op de gedachte om de kracht van Rotterdam Zuid en haar bewoners te laten zien. Daarbij schuwen we niet om ook de problemen op Zuid te benoemen. Beide zijn nodig om zowel de potentie van Zuid te laten zien, als de noodzaak daarin samen te investeren.

In de eerste helft van het programma is de strategie geweest om niet in te zetten op bekendheid van het programma als zodanig. In het huidige uitvoeringsplan 2023-2027 wordt erkend dat een grotere bekendheid een randvoorwaarde is voor het versterken van het bondgenootschap met bewoners. Het uitgangspunt hierin is dat de communicatie vooral door de partners van het NPRZ plaatsvindt (contacten met bewoners en professionals, bewonersbrieven, bouwborden, persberichten, nieuwsberichten, posts op social media, presentaties, etc.) Samengevat wordt er via drie sporen gecommuniceerd vanuit het NPRZ: » Communicatie via de partners

Blad:

Datum:

Ons kenmerk:

4/4 27 februari 2024 M2401-280

Communicatie vanuit het programmabureau over interventies van NPRZ.

Reactie op vragen van de pers; desgevraagd reactie geven op gebeurtenissen.

Burgemeester en wethouders van Rotterdam, De secretaris,

De burgemeester.

Ĵ.H. Meijer, L.s.

A. Aboutaleb

Bekijk de brief: [24bb001180] Beantwoording vragen Nunnely en Maassen over Politieke uitingen als ambtenaar

Bron: raadsinformatie van de gemeente Rotterdam (Open Raadsinformatie). De vragen en antwoorden zijn automatisch uit de brief gelezen; het origineel is leidend.

Meer vragen aan het college van Rotterdam

Alle artikel 35-vragen in Rotterdam