11 november 2025 · artikel 35-vragen · gemeente Rotterdam

Successen door inzet lokagentes tegen straatintimidatie

Een raadslid stelde op 11 november 2025 schriftelijke vragen aan het college van burgemeester en wethouders van Rotterdam.

Brief van het college

Deze brief is niet in losse vragen en antwoorden uit te lezen. Hieronder staat de tekst; het origineel staat via de link.

Gemeente Rotterdam

Onderwerp: Successen door inzet lokagentes tegen straatintimidatie Cluster: Maatschappelijke Ontwikkeling Portefeuille: Handhaving, Buitenruimte, Mobiliteit Portefeuillehouder: Pascal LansinkBastemeijer Van: Ivana van Dongen Uw kenmerk: 25bb005948

Aan de gemeenteraad

Ons kenmerk: M2508-1544- 25b0008568 Datum: B&W 11 november 2025

Op 13 augustus 2025 stelde S. Ceulemans (Leefbaar Rotterdam) ons schriftelijke vragen over Inzetten van lokagentes/lokboa's op seksuele straatintimidatie.

Inleidend wordt gesteld:

Sinds 1 juli 2024 is seksuele straatintimidatie in Nederland strafbaar gesteld. Rotterdam heeft hierin altijd een voortrekkersrol vervuld en is dan ook een van de pilotgemeenten op het gebied van handhaving van seksuele straatintimidatie. In de voorjaarsnota is de aanpak voor komend jaar geintensiveerd, waarbij onder andere het aantal opgeleide BOA's wordt verdubbeld van 13 naar 26. Dat is een goede zaak, maar tegelijkertijd heeft de aanpak van seksuele straatintimidatie ondanks het goede werk van BOA's nog altijd veel te weinig effect. Leefbaar Rotterdam pleit er daarom al lange tijd voor om niet alleen BOA's de straat op te sturen om op heterdaad straatintimidatie op te sporen, maar ook voor de inzet van lokagentes of lokhandhavers. Helaas stuitte dit pleidooi tot nu toe steeds op juridische bezwaren bij de wethouder Handhaving, die zich afvraagt of een dergelijke werkwijze wel is toegestaan.

Vandaag werd bekend dat in Engeland een stuk minder terughoudend met deze werkwijze wordt omgegaan, en nog veel belangrijker, dat dit tot indrukwekkende resultaten leidt. In het graafschap Surrey zijn een maand lang vrouwelijke agenten verkleed als hardloopsters de straat opgegaan, in de gaten gehouden door collega's die klaar stonden om in te grijpen. Dit heeft in korte tijd tot 18 arrestaties geleid voor onder andere intimidatie en zelfs aanranding.1 In plaats van de terughoudende houding die we tot nu toe zien, zou Rotterdam snel het Engelse voorbeeld moeten gaan volgen. Als het in Engeland kan, waar straatintimidatie niet eens strafbaar is, dan kan het hier ook.

Hieronder volgen de vragen en onze beantwoording:

1

https://www.nu.nl/buitenland/ 6365547/britse-undercoveractie-met-vrouwelijke-agenten-als-jogger-leidt-

tot-18-arrestaties.htm l

Blad:

Datum:

Ons kenmerk:

2/4 11 november 2025 M2508-1544

Vraag 1:

Bent u bekend met de recente Engelse pilot met betrekking tot het inzetten van lokagentes en de successen die hiermee geboekt zijn? Zo ja, wat is uw reactie hierop?

Antwoord:

Ja, wij hebben via het artikel ook kennisgenomen van het initiatief in Engeland. Seksuele straatintimidatie (SSI) is net als in Engeland ook in Rotterdam een aanzienlijk probleem.

Dit heeft onze prioriteit en aandacht. Sinds 2024 doet de gemeente Rotterdam mee met de landelijke pilot tegen SSI en dat heeft geleid tot de eerste veroordeling in Nederland op dit onderwerp.

Hoewel we de oproep begrijpen om het Engelse voorbeeld te volgen, is de juridische situatie in Nederland anders. De rechtbank heeft in oktober 2024 kritische vragen gesteld over de proportionaliteit en subsidiariteit van het gebruik van lokboa's bij deze overtreding.2 De vraag is of de gekozen opsporingsmethoden juridisch en maatschappelijk gerechtvaardigd zijn. In het afdoeningsvoorstel over de eerste veroordeling seksuele straatintimidatie wordt verder ingegaan op de uitspraak van de rechtbank. 3 Wij zullen het vraagstuk (opnieuw) inbrengen in de landelijke werkgroep seksuele straatintimidatie en de uitkomst hiervan aan u terugkoppelen.

Vraag 2:

Deelt u de mening dat in Rotterdam nog altijd veel te makkelijk wordt weggekomen met lastigvallen en seksueel intimideren van vrouwen op straat? Zo nee, waarom niet?

Antwoord:

Seksuele straatintimidatie is onacceptabel en verdient een stevige aanpak. Sinds 1 juli 2024, de datum waarop seksuele straatintimidatie strafbaar werd, neemt Rotterdam deel aan de landelijke pilot. Handhavers hebben daarin de bevoegdheid om een proces-verbaal op te maken. In de praktijk blijkt dit vaak complex omdat aan meerdere juridische voorwaarden moet worden voldaan. Daardoor is optreden niet in alle situaties mogelijk.

Dat laat onverlet dat wij ons maximaal inzetten om straatintimidatie tegen te gaan.

Rotterdam combineert handhaving met preventieve maatregelen, bewustwordingscampagnes en samenwerking met maatschappelijke partners. Zo werken we aan een brede aanpak die gericht is op zowel het vergroten van de pakkans als het bevorderen van gedragsverandering in de samenleving.

Vraag 3:

Deelt u de mening dat we de randen moeten durven opzoeken in het aanpakken van dergelijk verwerpelijk gedrag? Zo nee, waarom niet?

Antwoord:

Wij staan er zeker voor open om te verkennen welke mogelijkheden er zijn om de pakkans van deze daders te vergroten.

2

Rb. Rotterdam, 2 oktober 2024, ECLI:NL:RBROT:2024:9612.

Document Rotterdam Raad- [25bb006948] Afdoeningsvoorstel wethouder Lansink- Bastemeijer toezegging over toelichting eerste veroordeling seksuele straatintimidatie - iBabs Publieksportaal

3

Blad:

Datum:

Ons kenmerk:

3/4 11 november 2025 M2508-1544

Vraag 4:

Kunt u uiteenzetten waarom u tot nu toe niet bereid bent geweest om over te gaan tot het inzetten van lokagentes en/of lokhandhavers tegen straatintimidatie?

Antwoord:

Zie antwoord op vraag 1. Binnen onze bevoegdheden is er gekeken naar de inzet van lókhandhavers op het wetsartikel seksuele intimidatie. De uitspraak van de rechter leidt ertoe dat de gemeente momenteel geen lokhandhavers zal inzetten voor het wetsartikel, net als de overige deelnemende gemeenten aan de handhavingspilot. De politie zet geen lokagentes in tegen straatintimidatie. In Rotterdam zijn de boa's/handhavers de belangrijkste uitvoerders van de handhaving op het wetsartikel.

Vraag 5:

Klopt het dat u zich hierbij aan de voorkant laat weerhouden door mogelijke juridische belemmeringen? Zo ja, waarom neemt u niet gewoon de proef op de som?

Antwoord:

De kans van slagen van de vervolging wordt niet direct juridisch afgebroken, maar de vraag is of de gekozen opsporingsmethoden juridisch en maatschappelijk gerechtvaardigd zijn. Als we dit middel toch zouden inzetten en het zou leiden tot een juridische procedure, dan is de kans aanzienlijk dat dit op niets zal uitlopen. Dat zou niet alleen een verspilling van middelen en menskracht zijn, maar zou ook de suggestie kunnen wekken dat straatintimidatie straffeloos zou kunnen plaatsvinden. Dat maakt het onwenselijk om toch de proef op de som te nemen.

Wij zullen het vraagstuk, zoals in de beantwoording op vraag 1, wel inbrengen in de landelijke werkgroep seksuele straatintimidatie om dit te bespreken en koppelen de uitkomst hiervan aan u terug.

Vraag 6:

Deelt u de mening dat van het inzetten van lokagentes en/of lokhandhavers ook een sterke preventieve werking uit kan gaan, aangezien potentiële daders weten dat de kans om tegen de lamp te lopen hierdoor toeneemt? Zo nee, waarom niet?

Antwoord:

Wij delen de mening dat het inzetten van lokhandhavers mogelijk een preventieve werking heeft. Echter is er vanwege de uitspraak van de rechter (zie antwoord op vraag 1) besloten om momenteel geen lokhandhavers in te zetten.

Uit onderzoek (en het vonnis van de rechter) blijkt dat de aanwezigheid van zichtbare en herkenbare handhavers ook leidt tot beter gedrag. De meeste mensen zullen zich automatisch beter gedragen als er een handhaver naast ze staat.

Tijdens de handhavingsacties zijn er naast de handhavers in uniform, ook collega's in burger actief. Deze handhavers gaan op in de menigte en kunnen waar nodig handhaven op seksuele intimidatie. Het verschil tussen een burgercollega en een lokhandhaver is dat de burgercollega's geen situaties van seksuele intimidatie 'uitlokken'.

Blad:

Datum:

Ons kenmerk:

4/4 11 november 2025 M2508-1544

Vraag 7:

Deelt u de mening dat het niet uit te leggen is dat in Engeland, waar straatintimidatie niet strafbaar is, wel lokagentes ingezet kunnen worden terwijl dat hier, waar het wél strafbaar is, niet zou kunnen? Zo nee, waarom niet?

Antwoord:

Nee, wij delen deze mening niet. De rechtbank heeft in zijn vonnis (zie antwoord op vraag 1 en 4) gewezen op de zorgvuldige afweging die nodig is bij het gebruik van undercovermethoden zoals lokboa's en kritische vragen geuit over de rechtmatigheid en proportionaliteit van deze opsporingsmaatregel. Aanleiding hiervoor is dat de juridische grondslag voor de inzet van lokboa's niet expliciet vastgelegd is in de wet.

Vraag 8:

Bent u bereid alsnog per direct, al dan niet in de vorm van een pilot, lokagentes of lokhandhavers in te zetten tegen straatintimidatie? Zo nee, waarom niet?

Antwoord:

Nee, wij gaan niet per direct een initiatief starten waarbij lokhandhavers ingezet worden om seksuele intimidatie tegen te gaan.…

Bekijk de brief: [25bb008218] Beantwoording vragen Ceulemans over Successen door inzet lokagentes tegen straatintimidatie

Bron: raadsinformatie van de gemeente Rotterdam (Open Raadsinformatie). De vragen en antwoorden zijn automatisch uit de brief gelezen; het origineel is leidend.

Meer vragen aan het college van Rotterdam

Alle artikel 35-vragen in Rotterdam