Uitzonderingspositie onzichtbare spoedeisende hulpverleners in het verkeer
Een raadslid stelde op 9 december 2025 schriftelijke vragen aan het college van burgemeester en wethouders van Rotterdam.
Brief van het college
Deze brief is niet in losse vragen en antwoorden uit te lezen. Hieronder staat de tekst; het origineel staat via de link.
\
f'lþ
Gemeente Rotterdam
Onderwerp: Uitzonderingspositie onzichtbare spoedeisende hulpverleners in het verkeer
Cluster: Stadsontwikkeling
Portefeuille: Handhaving, Buitenruimte, Mobititeit
Portefeuillehouder: PascaI LansinkBastemeijer
Wij maken t.a.v. deze aspecten een andere afweging dan men in
Van: RahuI Barsatie Telefoon:1.4 010
Amsterdam doet
Uw kenmerk:25bb006703
Aan de gemeenteraad
Ons kenmerk: M25O9-3679 - 25bo009507
Datum:9 december2025
Op22 september 2025 stetde het raadstid R.G.C. Segers-Hoogendoorn (COn¡ aanvullende vragen naar aanteiding van de schriftelijke beantwoording op de eerdere vragen (25bb002957) over de situatie van onzichtbare spoedeisende hulpverleners in het verkeer, waaronder verloskundigen en de spoedeisende psychiatrie (25bb00ó703).
Inleidend wordt gestetd: "Naar aanleiding van de schriftelijke beantwoording op onze eerdere vragen over de situatie van onzichtbare spoedeisende hulpverleners in het verkeer, waaronder verloskundigen en de spoedeisende psychiatrie, heeft het CDA Rotterdam aanvullende vragen.
In Amsterdam hebben verloskundigen en hulpverteners in de spoedeisende psychiatrie wél een uitzonderingspositie Ín het verkeer. Eerst kregen ze die uitzonderingspositie via pilots tussen de sector, Rijkswaterstaat en de Gemeente Amsterdam. Daar wordt erkend dat deze professionals vaak onder grote tijdsdruk werken en snel ter plaatse moeten zijn om levensreddende of acute zorg te verlenen. In Rotterdam heeft de CDA-fractie ook contact gehad met meerdere verloskundigenpraktijken en zij benadrukken dat de belemmeringen in hun mobiliteit door de stad een serieus knelpunt is." Hieronder volgen de vragen en onze beantwoording
Vraag 1:
Is de wethouder bereid om in gesprek te gaan met de beroepsgroep om te kijken hoe de gemeente deze onzichtbare spoedeisende hulpverleners tegemoet te komen?
Antwoord:
Het co[[ege erkent dat de genoemde beroepsgroep snel ter plaatse moeten zijn en dat deze professionals vaak onder grote tijdsdruk moeten werken om levensreddende of
acute zorg te verlenen.
Blad:
Datum:
Ons kenmerk:
**ãþ
2/4 9 december 2025
M2sO9-3679
Het college hecht daarnaast ook veel belang aan de verkeersveitigheid. In een eerdere beantwoording (25bb002957) hebben wijenkele bezwaren aangedragen tegen het toelaten van deze beroepsgroep op de tijnbusstrook. Het co[[ege ziet als voornaamste bezwaar dat deze voertuigen niet herkenbaar zijn als nood- of hutpdienst die een dringende taak uitvoeren, waardoor de verkeersveiligheid en de effectiviteit van de busbaan onder druk kom te staan.
Vraag2= Is de wethouder bereid om een soortgelijke pilot op te zetten zoals dat ook in Amsterdam is gebeurd?Zo niet, waarom kan Rotterdam dat niet en Amsterdam we[?
Antwoord:
Nee, omdat de prioriteit in Rotterdam voornametijk tigt bij duidetijkheid,
handhaafbaarheid en het bewaren van de busbaan als exclusieve ruimte voor openbaarvervoer en officië[e hutpdiensten. Het landetijke regelement (Regelement Verkeersregels en Verkeerstekens 1990, RW) taat gemeenten de ruimte zelf aan te geven wie busbaangebruikers mogen zijn. Wij maken t.a.v. deze aspecten een andere afweging dan men in Amsterdam doet.
Voorts wordt door het raadslid gesteld: "In de vorige beantwoording werd gestetd dat het onherkenbare karakter probtematisch zouzijn voor de RET.
Vraag 3:
Kan de RET concreet onderbouwen hoeveel incidenten of vertragingen er daadwerkelijk zijn ontstaan door huidige ontheffingshouders zonder KAR?
Antwoord:
Daar zijn geen precieze cijfers van bekend. De RET ziet het medegebruik van de busbaan echter als onwensetijk, omdat dit afbreuk doet aan de functie die deze infrastructuur heeft voor de goede doorstroming van (hoogwaardig) openbaar vervoer. Dit is in het bijzonder aan de orde als dit gebeurt door doelgroepen die niet goed herkenbaar zijn, wat misbruik in de hand werkt. Het college deelt deze observatie. Daarnaast geeft het toevoegen van een nieuwe gebruikerscategorie ook andere categorieën de ruimte om aanspraak te maken op dezetfde uitzonderingsbepaling.
Yraag4 Is de wethouder bereid te onderzoeken of bij aanhoudende bezwaren van de RET het mogelijk is om verpticht KAR te instatleren voor deze doelgroepen, bijvoorbeetd door een groen zwaailicht.
Antwoord:
Nee, wij zijn niet bereid tot een dergetijk onderzoek, om de volgende redenen:
-
-
Het groene zwaailicht a[[een wordt gebruikt door commandovoertuigen, politie, brandweer, marechaussee en ambulance bij stitstand op een incidententocatie. Dit groene ticht hetpt bijde coördinatie van hutpverleners en kenmerkt dat voorzichtigheid geboden is in de nabijheid van het incident;
Het groene licht uitstuitend een herkenningsticht is voor artsen en geeft geen
verkeersprioriteit;
Het groene licht kan de indruk wekken dat het voertuìg een voorrangspositie in het verkeer heeft, terwijI dat niet zo is;
Blad:
Datum:
Ons kenmerk:
.îìþ
3t4 9 december 2025
M2509-3679
Lijnbussen worden gehinderd dat voor vertraging en gevaarlijke situaties zorgen op de busbaan die speciaal voor hen is vrijgehouden;
Bestuurders van voertuigen onverwachts een manoeuvres maken wat risico's verhoogt aan de verkeersveitigheid.
Vraag 5 De beroepsgroep geeft aan dat rond de tunneltraverse, dorpsweg en de pleinweg ([os van de werkzaamheden) de grootste knelpunten in het verkeer zijn. Erkent de wethouder dat dit knelpunten zijn?
Antwoord:
Het college is op de hoogte van het actuele verkeersbeeld in de stad en erkent dat deze locatie kan leiden tot een knelpunt voor de beroepsgroep.
Vraag ó:
Hoe denkt de wethouder de knetpunten op deze cruciale aders te kunnen oplossen?
Antwoord:
Het college heeft onlangs een tweetal besluiten genpmen om de knelpunten op de cruciale aders op te lossen. Attereerst is de maximaa]toegestane hoogte van de Maastunrel verlaagd van 4naar3,9 meter. Deze maatregelis bedoeld om het aantal afsluitingen van de tunne[ door te hoge voertuigen te verminderen. Ten tweede is het sinds 4 maat2O25 voor vrachtverkeer niet (meer) toegestaan om door de tunne[ te rijden met een auto die hoger is dan 3,9 meter. Deze aanpassing heeft ervoor gezorgd dat de verkeersdoorstroom is bevorderd.
Voorts wordt door het raadslid gesteld: "Tot stot begrepen wij dat de sector 99-vergunningen heet goed werken. Door het verdwijnen van parkeerptekken wordt echter het parkeren steeds uitdagender."
YraagT Hoe toeganketijk is het verkrijgen van een stoepvergunning, ook rekening houdend met een kleine verloskundige praktijk qua kosten?
Antwoord:
Verloskundigen kunnen voor spoedeisende gevallen een ontheffing parkeerverbod voor heel Rotterdam aanvragen. Met deze ontheffing mag geparkeerd worden waar dat normaal gesproken niet mag zoals, op de stoep of in een zone voor [aden en [osser. De voorwaarden hiervoor zijn:
- De verloskundige heeft een praktijk binnen de gemeente Rotterdam.
- Ingeschreven staan in de BlG-register of dat de praktijk ingeschreven is bij de Kamer van Koophandel.;
- De verloskundige is kentekenhouder van het desbetreffend voertuig.
Blad:
Datum:
Ons kenmerk:
*olþ
4/4 9 december 2025
M2sO9-3679
De kosten voor een ontheffing parkeerverbod hulpverlener t jaar bedragen 75,ó0 euro.
Wij beoordelen deze voorziening als adequaat.
meester en wethouders van Rotterdam, De
De burge
Wigmans
C.J. Schouten
Bron: raadsinformatie van de gemeente Rotterdam (Open Raadsinformatie). De vragen en antwoorden zijn automatisch uit de brief gelezen; het origineel is leidend.