We laten Rotterdammers met een laag inkomen niet kopje onder gaan
Een raadslid stelde op 16 november 2022 schriftelijke vragen aan het college van burgemeester en wethouders van Rotterdam.
Brief van het college
Deze brief is niet in losse vragen en antwoorden uit te lezen. Hieronder staat de tekst; het origineel staat via de link.
Gemeente Rotterdam
Maatschappelijke Ontwikkeling Armoedebestrijding, Schuldhulpverlening, Taal Enes Yigit Van: Anouk Erkelens Telefoon: 06-23554629
Aan de gemeenteraad
Uw kenmerk: 22bb005384 Ons kenmerk: M2208-4657 - 22b0006001 Onderwerp: We laten Rotterdammers met een laag inkomen niet kopje onder gaan Datum: B&W 1 november 2022
Op 19 augustus 2022 stelde de PvdA ons schriftelijke vragen over 'We laten Rotterdammers met een laag inkomen niet kopje onder gaan'.
Inleidend wordt gesteld:
De koopkrachtcijfers liegen er niet om. Vandaag maakte het Centraal Planbureau (CPB) bekend dat de koopkracht van Nederlandse huishoudens hard onderuitgaan als er geen nieuw beleid wordt ingevoerd. Het CPB zegt dat op basis van deze berekeningen "de verwachting zeker sinds de jaren 90 niet zo somber was." Pieter Hasekamp, directeur van het CPB, geeft aan dat het "dramatische cijfers" zijn, (. .. ) Zeker voor de mensen die het al moeilijk hebben en straks hun energierekening niet meer kunnen betalen". Kinderen leiden er volgens schattingen het meest onder. Waar het aandeel personen in armoede zo'n 7,6 procent stijgt in 2023, is dit voor kinderen zelfs 9,5 procent.
De PvdA Rotterdam maakt zich ernstige zorgen. Als de landelijke voorspellingen al zeer somber zijn houden wij ons hart vast voor Rotterdam, de armste gemeente van Nederland, waar reeds 11 procent van de mensen betalingsproblemen heeft.
Het is algemeen bekend dat een groot deel van de Rotterdammers moeite heeft met rondkomen en deze groep wordt alsmaar groter.
Het is tijd voor daadkracht en solidariteit. We kunnen de alsmaar groeiende groep met een laag inkomen niet kopje onder laten gaan. De gemeente moet haar verantwoordelijkheid nemen en effectief beleid voeren om deze groep in Rotterdam financieel te ondersteunen.
Juist nu moet het armoedefonds zo snel mogelijk worden ingezet. Op basis van het bovenstaande hebben we een aantal vragen aan het college.
Hieronder volgt de vraag en onze beantwoording:
Vraag 1:
Heeft het college kennisgenomen van bovenstaande cijfers? En erkent zij dat de cijfers alarmerend zijn en dat urgentie geboden is?
Antwoord:
Ja, het college heeft kennisgenomen van deze cijfers en maakt zich ook zorgen over de koopkrachtdaling voor Rotterdammers ten gevolge van alle stijgende kosten. Het college heeft inmiddels ook al twee brieven naar uw Raad verzonden over deze problematiek.
Blad:
Datum:
Ons kenmerk:
2 1 november 2022 M2208-4657 - 22b0006001
Vraag2 Is er, gezien deze alarmerende cijfers, reeds zicht op de afname van koopkracht van Rotterdamse minima (huishoudens}? Hoe doet Rotterdam het ten opzichte van de landelijke voorspellingen?
Antwoord:
Er zijn verschillende manieren om koopkracht te laten zien. Ieder model heeft voor- en nadelen en zal lang niet altijd de werkelijkheid, die zeer complex en per individu verschillend is, beschrijven. De afgelopen jaren hebben we hiervoor jaarlijks gebruik gemaakt van de Minima Effect Rapportage (MER) opgesteld door het NIBUD.
Deze MER hebben we bij de voortgangsrapportage van het armoede en schuldenbeleid, in maart dit jaar naar uw raad gestuurd. Gezien de huidige ontwikkelingen m.b.t. de daling van de koopkracht hebben wij het Ni bud gevraagd nogmaals een MER voor ons te maken, zodra deze nieuwe versie er is zullen we deze naar uw Raad toesturen. Deze verwachten we eind oktober te verzenden.
Vraag 3:
Erkent het college de urgentie om in te grijpen in de koopkracht om te voorkomen dat nog meer mensen in de problematische schulden belanden of deze problematische schulden intensiveren, met alle gevolgen van dien?
Antwoord:
Wij onderschrijven zeker deze urgentie om in te grijpen. Echter, deze taak (inkomenspolitiek) is enkel voorbehouden aan het Rijk. Het Rijk is inmiddels met een groot aantal maatregelen gekomen om de koopkrachtdaling in te perken. Dit is echter voor Rotterdammers op dit moment onvoldoende. De acties die we als gemeente inzetten kunt u lezen in het actieplan Geldzorgen dat in de week van 10 oktober met uw raad gedeeld zal worden.
Vraag 4:
Kan het college ook aangeven hoe de cijfers van het CPB in Rotterdam uitpakken voor specifiekere doelgroepen? Denk aan alleenstaanden met kinderen, gezinnen met kinderen en ouderen met geen of een klein aanvullend pensioen?
Antwoord:
Aan deze doelgroepen wordt ook aandacht besteed in de Minima Effectrapportage (MER) van het NIBUD (zie antwoord op vraag 2).
Vraag 5:
Deelt het college onze mening dat deze cijfers oproepen tot actie? En dat de gemeente daadkrachtig moet optreden om gezinnen met een laag inkomen die nu in de knel zitten te helpen? Zo niet, waarom niet?
Zie antwoord op vraag 3.
Vraag 6:
In het coalitieakkoord is aangekondigd dat er komende 4 jaar 20 miljoen euro beschikbaar wordt gesteld om armoede "te bestrijden en te verlichten", het zogenoemde Armoedefonds. Dit houdt in dat er elk jaar 5 miljoen euro uitgegeven kan worden.
Blad:
Datum :
Ons kenmerk:
3 1 november 2022 M2208-4657 - 22b0006001
Is het college het met ons eens dat het Armoedefonds bij uitstek kan worden ingezet om de voorspelde extreme koopkrachtdaling onder gezinnen met een laag inkomen tegen te gaan?
Antwoord:
Wij zijn dit niet met u eens. Het armoedefonds is bedoeld om maatregelen op het terrein van (kinder)armoede te financieren die gericht zijn op het doorbreken van de vicieuze cirkel van armoede. Maatregelen die dus op de lange termijn bijdragen aan de aanpak van armoede. Echter hebben we wel besloten om dit armoedefonds nu al voor een klein deel. van 1.1 miljoen in te zetten. Dit om de gemeentelijke gezinsaanpak gericht op gezinnen met kinderen die opgroeien in armoede, nog voor een jaar voort te zetten. Momenteel wordt deze interventie onderzocht op effectiviteit door OBI en het onderzoeksprogramma kinderarmoede met de lector en bijzonder hoogleraar.
Voor de verdere invulling van het fonds en de langetermijnvisie op het tegengaan van armoede en schulden hebben we u gelijktijdig met het actieplan Geldzorgen een hoofdlijnennotitie toegestuurd met een voorstel voor het nieuwe armoede en schuldenbeleid. Daarna volgt een vertaling van die langetermijnvisie in maatregelen die we samen met u en de partners in de stad zullen vormgeven. Dit nieuwe beleidsplanarmoede en schulden zal in het voorjaar van 2023 naar uw raad worden gestuurd.
Vraag 7:
Elke Rotterdammer kan gebruik maken van de Rotterdampas en mensen met een lager inkomen hebben recht op extra tegoed. Zo kunnen kinderen uit gezinnen met een lager inkomen gebruik maken van het jeugdtegoed en ouderen zonder of met een klein aanvullend pensioen van het AOW-tegoed De PvdA Rotterdam pleit voor een verhoging van deze twee tegoeden door de inzet van het Armoedefonds. Op basis van onze berekeningen valt dit binnen het budget (een stijging van het jeugdtegoed van 100 euro per kind vermenigvuldigd met ca. 22.300 kinderen, en een stijging van het AOW-tegoed van 100 euro per persoon vermenigvuldigd met ca. 17.500 huishoudens, dus bij elkaar zo'n 4 miljoen euro op jaarbasis.
Deelt het college onze mening dat het verhogen van het jeugdtegoed, en daarmee het helpen van kinderen in geldnood, een effectieve en juiste manier of om het Armoedefonds te besteden?
Antwoord:
Het jeugdtegoed is bedoeld als middel om kinderen en jongeren te kunnen laten participeren in de samenleving. Met het Jeugdtegoed, dat op de Rotterdam pas wordt gestort, kunnen kinderen en jongeren producten kopen bij aangesloten retailers. Denk hierbij aan schoolspullen, een laptop of (gym)kleding.
Het is geen middel om gezinnen met kinderen met geldnood te ondersteunen.
Het is eveneens goed om te realiseren dat voor het uitbreiden van de doelgroep van het AOW- of Jeugdtegoed of het ophogen van de tarieven enorm veel budget nodig is. Als we bijvoorbeeld het Kindtegoed (leeftijd 4-12) en het AOW tegoed net als het Jeugdtegoed (leeftijd 12-18) verruimen naar de doelgroep tot 130% WSM zijn de kosten bijna 4 miljoen voor het Kindtegoed en ruim 7 miljoen voor het AOWtegoed.
Blad:
Datum:
Ons kenmerk:
4 1 november 2022 M2208-4657 - 22b0006001
Inkomenspolitiek en het financieel ondersteunen van mensen met geldnood is enkel voorbehouden aan het Rijk. Hett jeugdtegoed is een gemeentelijke aanvulling met een specifiek doel: participatie. Zie voor inzet van het armoedefonds ook het antwoord op vraag 6.
Vraag 8:
Deelt het college onze mening dat het verhogen van het AOW-tegoed, en daarmee het helpen van ouderen in geldnood, een effectieve en juiste manier of om het Armoedefonds te besteden?
Antwoord:
Nee, we delen deze mening niet. Ook voor ouderen is het AOW tegoed bedoeld als middel om te kunnen participeren en niet om ouderen met geldnood te ondersteunen. Zie verder het antwoord op vraag 7.
Vraag 9:
Zo ja, is het college bereid om deze tegoeden te verhogen?
Antwoord:
Nee, het college is niet bereid om deze tegoeden te verhogen.…
Bron: raadsinformatie van de gemeente Rotterdam (Open Raadsinformatie). De vragen en antwoorden zijn automatisch uit de brief gelezen; het origineel is leidend.