2 oktober 2025 · artikel 35-vragen · gemeente Vlissingen

3.3 POV - 2. Eigen Agenderingsrecht - Beantwoording vragen

Een raadslid stelde op 2 oktober 2025 schriftelijke vragen aan het college van burgemeester en wethouders van Vlissingen.

Brief van het college

Deze brief is niet in losse vragen en antwoorden uit te lezen. Hieronder staat de tekst; het origineel staat via de link.

Ter voorbereiding van de agendering op 28 augustus a.s. ziet de POV fractie graag deze vragen beantwoord. Gezien het gegeven dat in het memo de beantwoording van de vragen deels moet worden verwerkt, verzoeken wij om de vragen vóór donderdag 21 augustus te beantwoorden.

Vragen, onder meer naar aanleiding van de eerdere beantwoording van onze art. 34 vragen:

Vraag 1:

De BAG registratie klopt niet voor wat betreft de functies voor de verschillende adressen die men zou verwachten op basis van de verleende vergunning (dit geldt niet alleen voor deze adressen maar ook elders in de gemeente). Waarom klopt de BAG registratie niet voor wat betreft de functies van de panden/adressen?

Antwoord:

Deze vraag moet worden voorgelegd aan collega’s van de BAG. Wil de POV aangeven op welke adressen zij doelt? Uit de vraag blijkt niet om welke adressen het gaat. De vraag kan dientengevolge niet beantwoord worden.

Vraag 2:

Hoe bepaalt u of waar houdt u bij hoeveel adressen er per postcode al aan de woningvoorraad zijn onttrokken of anderszins niet voor permanente bewoning beschikbaar zijn en hoeveel er volgens dit artikel 3 dan nog onttrokken zouden mogen worden?

Antwoord:

Door Vergunningen, Toezicht en Handhaving wordt per aangevraagd adres een document opgesteld waarbinnen alle adressen uit dit postcodegebied worden opgevoerd. Hierbij wordt opgenomen wat de WOZ-waardes zijn en of er al woningen onttrokken zijn aan de woningvoorraad middels een vergunning. Aan de hand van het aantal woningen die binnen het bereik van de Huisvestingsverordening vallen wordt het percentage berekend binnen het postcodegebied.

Vraag 3:

U vermeld voor het verlenen van een vergunning het uitvoeren van de leefbaarheidstoets.

Hoe ziet deze toets eruit? Hoe en door wie is deze toets samengesteld en wat wordt er getoetst? Waarin is deze vastgelegd en wie voert de toetsing uit?

Antwoord:

Om te bepalen hoe het gesteld is met de leefbaarheid in een wijk of buurt, wordt in eerste instantie naar de meest recente wijkenmonitor gekeken. Die monitor is ook gebaseerd op een enquête die onder de bewoners van Vlissingen wordt gehouden en is daarom een belangrijke graadmeter om te beoordelen of de leefbaarheid in het gedrang is of niet. De monitor is - omdat een momentopname wordt weergegeven - echter onvoldoende om een

volledig beeld van de wijk of buurt te krijgen. Daarom wordt bijvoorbeeld ook navraag gedaan bij o.a. de beleidsmedewerker wonen, de ambtenaar openbare orde en veiligheid en de politie wordt gekeken naar mogelijke klachten over en rondom de woning (binnen het interne meldsysteem van de gemeente Vlissingen).

Vraag 4:

U zegt dat u afhankelijk bent van meldingen uit ons intern meldsysteem. Wat betekent dit?

Welk meldsysteem is dit en wat wordt er door wie in gemeld? Hoe worden meldingen gewogen?

Antwoord:

Voorheen maakte de gemeente Vlissingen gebruik van Melddesk, tegenwoordig is dit BinnenBeter. BinnenBeter is een tool die ons ondersteunt bij het efficiënt en effectief afhandelen van meldingen in de openbare ruimte. In dit systeem worden door burgers (anonieme) meldingen gedaan van afval, woon- en andere vormen van overlast en parkeerproblematiek. Maar ook bijvoorbeeld over lantarenpalen die niet functioneren of schade aan het wegdek.

Vraag 5:

Kijk naar de Glacisstraat: 2 Drugspanden in recente jaren gesloten, onderdeel van het veiligheidsgebied. Geeft dit geen aanleiding te denken dat er een probleem is met de leefbaarheid in deze straat/gebied?

Antwoord:

Het sluiten van de drugspanden zegt mogelijk iets over de leefbaarheid in het pand en mogelijk in de straat maar niet direct over woninggebruik en de bijbehorende vergunningen.

De leefbaarheid toetsen wij daarom altijd op bovenstaande manier. In de Glacisstraat worden ook geen woningen met vergunning volledig toeristisch verhuurd, waarbij wellicht grotere problemen met leefbaarheid kunnen worden verwacht. Het betreft hier toeristische kamerverhuurvergunningen. Bij toeristische kamerverhuur is er sprake van een ‘aan huis gebonden beroep’. Het aanbieden van logies waarvan de activiteiten niet sterk publiek aantrekkend zijn en die op kleine schaal in een woning wordt uitgeoefend, waarbij de woning haar zelfstandige woonfunctie geheel behoudt en de desbetreffende activiteit een aard, karakter en ruimtelijke uitstraling heeft, die past bij de woonfunctie. Omdat de eigenaar zelf woonachtig is op het adres en de verhuur moet uitvoeren (het is immers een huis gebonden beroep) wordt verwacht dat de eigenaar optreedt tegen enige vorm van overlast. In de praktijk komen wij ook weinig klachten tegen die betrekking hebben op B&B’s aan huis.

Voor onttrekkingsvergunningen geldt dat het object moet worden gebruikt door het eigen huishouden van de vergunninghouder. In de praktijk ontvangen wij ook weinig klachten met betrekking tot panden die conform de vergunning op deze manier worden gebruikt. Indien er aantoonbaar sprake is van ander gebruik dan wel overlastsituaties zijn wij bevoegd om een vergunning in te trekken.

Vraag 6 a:

Kunt u aangeven hoe u handhavend heeft opgetreden bij de voortdurend schending van de vergunningsvoorwaarden, zoals bijvoorbeeld:

Voormalige Willem III kazerne: Advertentie tekst: Unieke Penthouse met royaal dakterras en Zeezicht VP085 Oranje dijk Vlissingen (Booking.com). Bed en Breakfast aan huis volgens de vergunning maar dat klopt niet: huurders hebben het hele huis ter beschikking zo meldt de verhuursite waar dit meteen ook geboekt kan worden. Hoe rijmt u dit met de verleende vergunning, en hoe bent u in deze zaak om gegaan met de diverse meldingen van de overtredingen?

Antwoord:

In dit specifieke geval loopt momenteel een handhavingsprocedure. De verhuur van het gehele object zou momenteel zijn gestopt.

Vraag 6b:

Verleende vergunning Singel 34. U spreekt over één huis, en dat klopt, maar het zijn 2 woningen: namelijk 34 & 36. Beide woningen worden toeristisch verhuurd, beide voordeuren zijn voorzien van sleutelkluisjes. U spreekt over een bestaande situatie, en dat zal best, maar hebben beide woningen nu de juiste vergunning voor toeristisch verhuur, en waarom?

Antwoord:

Volgens de gegevens van de gemeente heeft het adres één huisnummer, namelijk nummer

34. In de aanvraag is beschreven dat één ruimte kortdurend wordt verhuurd aan toeristen (1 a 2 personen). Dit klopt met bijgevoegde plattegrond. Het adres is inmiddels doorgegeven aan de toezichthouder wonen. Er zal een onderzoek worden ingesteld naar aanleiding van hetgeen door u is omschreven.

Vraag 7:

Op 16 juli jl. stuurt iemand uit de organisatie een bericht aan de POV. Dat bericht wordt een reactie genoemd op opmerkingen die de POV eerder gemaakt zou hebben. Deze mail is rechtstreeks gestuurd aan de POV fractie. Kunt u aangeven wat de status van deze mail is?

Antwoord:

De mail met feitelijke informatie is afgestemd met enkele collega’s en bestuurlijk met de portefeuillehouder. Daarmee is de verzonden e-mail vergelijkbaar aan beantwoorde artikel 34-vragen. Procedureel is het verschil dat de mail niet door het college is vastgesteld en niet aan de griffie is verzonden met het verzoek het antwoord naar de gehele raad te sturen

Vraag 8:

Deze mail is niet verstuurd via de reguliere weg, namelijk de griffie, en niet verspreid onder alle raadsleden, wat toch de regel is. Waarom niet?

Antwoord:

Met de mail is bedoeld gegevens aan te leveren, aanvullend op eerder beantwoorde art.34vragen. Verder is bedoeld enkele vragen die in e-mails onderhands door de POV-fractie gesteld waren, te beantwoorden. Daarbij is over het hoofd gezien de e-mail aan de griffie te verzenden.

Vraag 9:

Deze mail is niet via het college gegaan, hoe kan het zijn dat een individuele medewerker op deze wijze meent te kunnen optreden tegenover een raadsfractie?

Antwoord:

Het gebeurt vaker dat feitelijke vragen niet via het college, maar na afstemming met de portefeuillehouder rechtstreeks aan raadsleden beantwoord worden. Dat de beantwoording niet via de griffie is gegaan, heeft tot verwarring geleid.

Vraag 10:

De mail houdt onder meer een interpretatie in van “wat de POV bedoeld” . Denkt u niet dat de POV beter zelf kan bepalen wat de POV met een vraag bedoeld, en als men twijfelt aan de uitleg, de POV slechts één telefoontje weg is?

Antwoord:

Als een vraag verduidelijking behoeft kan inderdaad contact worden opgenomen. In deze situatie is daar onvoldoende aanleiding toe gezien.

Bekijk de brief: 3.3 POV - 2. Eigen Agenderingsrecht - Beantwoording vragen

Bron: raadsinformatie van de gemeente Vlissingen (Open Raadsinformatie). De vragen en antwoorden zijn automatisch uit de brief gelezen; het origineel is leidend.

Meer vragen aan het college van Vlissingen

Alle artikel 35-vragen in Vlissingen