28 oktober 2025 · artikel 35-vragen · gemeente Aalten

het voorstel toekomstige situatie Schaersvoorde locatie Slingelaan

Een raadslid stelde op 28 oktober 2025 schriftelijke vragen aan het college van burgemeester en wethouders van Aalten (5 vragen).

In het kort

5 vragen en wat het college antwoordt

  • Renoveren van het pand wordt vooral duur door de tijdelijke huisvesting die 13 miljoen zal kosten. → Op bladzijde 10 van het haalbaarheidsonderzoek staat een korte onderbouwing van de kosten voor tijdelijke huisvesting.
  • De optie renoveren in fases is niet meegenomen. → Bij het vernieuwbouwscenario is het werken in fasen beoordeeld.
  • Op welke wijze is, naast het bestuur, het personeel van Schaersvoorde betrokken bij de besluitvorming? → Het onderzoek is in nauwe samenwerking met Schaersvoorde uitgevoerd.
  • Het rapport waardestellend cultuurhistorisch onderzoek geeft een duidelijk historische waarde aan het gebouw. → Nee, dat vinden wij niet voorbarig.
  • Er wordt aan de raad gevraagd om “Akkoord te gaan met het verder onderzoeken van het scenario nieuwbouw voor Schaersvoorde Slingelaan inclusief de mogelijke toevoeging… → De opdracht was om een scenariostudie uit te voeren voor renovatie of nieuwbouw van de locatie Slingelaan.

Overgenomen uit de brief van het college; hieronder staan de volledige vragen en antwoorden.

Aanleiding

Raadsmededeling openbaar Nummer Datum B&W datum Beh. Ambtenaar Portefeuillehouder Onderwerp

: : : : : :

116-2025 6 oktober 2025 2 oktober 2025 K. Wartena/G. Sikking H. van Lochem Beantwoording schriftelijke vragen over het voorstel toekomstige situatie Schaersvoorde locatie Slingelaan

Aanleiding:

Het college van B&W heeft de raad voorgesteld om akkoord te gaan met het verder onderzoeken van het scenario nieuwbouw voor Schaersvoorde Slingelaan en hiervoor een voorbereidingskrediet van € 100.000 beschikbaar te stellen. Er zijn enkele vragen gesteld over dit voorstel. In deze raadsmededeling worden de vragen beantwoord.

Inhoud mededeling:

Vragen fractie BBB-HMV:

Vragen en antwoorden

Vraag 1

Renoveren van het pand wordt vooral duur door de tijdelijke huisvesting die 13 miljoen zal kosten. Wat is de onderbouwing van het bedrag van 13 miljoen euro?

Antwoord van het college

Op bladzijde 10 van het haalbaarheidsonderzoek staat een korte onderbouwing van de kosten voor tijdelijke huisvesting. De grootste kostenpost is het huren van units. De uiteindelijke kosten hiervoor zijn sterk afhankelijk van de beschikbaarheid in de markt en kunnen daarom lager, maar ook hoger uitvallen.

Vraag 2

De optie renoveren in fases is niet meegenomen. In dat geval zou niet de gehele school hoeven te verhuizen, wat mogelijk de kosten zou drukken (tegenover de school ligt een sportveld waar tijdelijke noodgebouwen geplaatst zouden kunnen worden en de leerlingen les zouden kunnen krijgen). Wat is de reden dat deze optie niet is onderzocht?

Antwoord van het college

Bij het vernieuwbouwscenario is het werken in fasen beoordeeld. Het gefaseerd werken zorgt voor extra hoge kosten omdat delen van het gebouw beschikbaar moeten blijven terwijl andere delen gerenoveerd moeten worden. Tijdelijke aanpassingen van constructies, technische installaties, openbare ruimte, etc., is in dergelijke gevallen vaak nodig en dat vraagt een forse investering waardoor het kostenbesparende effect op tijdelijke huisvesting te verwaarlozen is. Om die reden is het gefaseerd werken niet verder uitgewerkt.

Vraag 3

Op welke wijze is, naast het bestuur, het personeel van Schaersvoorde betrokken bij de besluitvorming?

Antwoord van het college

Het onderzoek is in nauwe samenwerking met Schaersvoorde uitgevoerd. Met het bestuur is het nodige overleg gevoerd. Daarnaast is de visie op onderwijs en ruimte besproken tijdens twee werksessies met een vertegenwoordiging van het personeel. Het personeel is verder tijdens informatiebijeenkomsten in juli en september geïnformeerd nog los van de interne communicatie binnen Schaersvoorde zelf.

Pagina 1 van 3

Vraag 4

Het rapport waardestellend cultuurhistorisch onderzoek geeft een duidelijk historische waarde aan het gebouw. Deze nieuwe informatie moet worden meegenomen in de besluitvorming. Is daarom het toekennen van 100.000 euro voor het onderzoeken naar een geschikte locatie voor nieuwbouw niet voorbarig?

Antwoord van het college

Nee, dat vinden wij niet voorbarig. Het rapport van het Gelders Genootschap leidt wat ons betreft niet tot een wijziging van het voorkeursscenario. Nieuwbouw is de beste optie, met name vanwege de hoge éénmalige kosten en het gegeven dat bij nieuwbouw de onderwijskundige visie van Schaersvoorde optimaal kan worden gerealiseerd. We kunnen dan weer voor een lange periode vooruit. Dit hoeft echter niet te betekenen dat het historische gebouw verdwijnt, wellicht is een herbestemming naar bijvoorbeeld wonen een reële optie om het gebouw te behouden.

Vragen fractie D66

1. Het renovatie / BENG/ENG scenario “vraagt een integrale aanpak van het bestaande gebouw waarbij de levensduur minimaal wordt met 25 jaren”. Voor de kapitaallast berekening wordt gerekend met de ‘minimale 25 jaar’.

Welke aanvullende bouwfysische maatregelen zijn er nodig voor een levensduur van 40 jaar? Welke bijkomende investering is hiervoor nodig?

Over 25 jaar is het 2050 en is de ambitie gesteld dat we in Nederland CO2 neutraal zijn. Door integraal te renoveren naar BENG is het gebouw klaar om in 2050 volledig van het gas af te gaan en kan het gebouw all elektric worden. Er hoeven dan geen grote intensieve renovaties meer aan de schil van het gebouw plaats te vinden. Dit kan worden behaald door het toepassen van materialen welke een langere levensduur hebben (bv. kozijnen van hardhout of aluminium i.p.v. zachthout, installaties met een langere levensduur dan 18-25 jaar).

Kanttekening daarbij is dan dit een hogere investering vraagt gezien de hogere kostprijs van deze materialen en dat dit uiteindelijk geen of nauwelijks effect heeft op de kapitaallasten.

2. Vraag: Wat is boekhoudkundig voor nodig om ook voor dit scenario met een levensduur van 40 jaar te rekenen?

In de verordening financieel beleid, beheer en organisatie van de gemeente Aalten is door de raad de verschillende afschrijvingstermijnen vastgesteld voor nieuwbouw en renovatie van schoolgebouwen. Dit is gebaseerd op de gemiddelde verwachte technische levensduur bij nieuwbouw en renovatie. Het renovatiescenario zal voldoende moeten aantonen dat de levensduur met 40 jaar wordt verlengd. In dat geval kan vanuit gemeentelijke richtlijnen met 40 jaar (nieuwbouw) worden gerekend i.p.v. met 25 jaar (renovatie).

3. Het Gelders Genootschap en Commissie Omgevingskwaliteiten adviseren om het oude HBS gebouw uit 1959 een gemeentelijk monument te maken. In het “Adviesrapport renovatie onderwijsgebouw Schaersvoorde” wordt er nog vanuit gegaan dat het gebouw geen monument is. Zo lezen we een maatregel voor het oude HBS gebouw om “de gevel aan de buitenzijde na te isoleren” en “vervangen kozijnen kunststof kozijnen”. Dit lijkt op gespannen voet te staan met een monumentenstatus.

Wat voor impact heeft een aanstaande monumentenstatus op het “renovatie / BENG/ENG scenario” Is deze studie nog wel geldig?

Het haalbaarheidsonderzoek is uitgevoerd voordat het advies van het Gelders Genootschap en Commissie Omgevingskwaliteiten is afgegeven. Als het als een monument aangemerkt

Pagina 2 van 3

wordt, wordt het aanbrengen van wijzigingen aan het exterieur en interieur beperkt. Het is uiteindelijke kostbaarder om een monument te renoveren dan een niet monument.

Om de schil van een monument op orde te brengen zullen bijvoorbeeld voorzetwanden aan de binnenzijde van de buitengevels moeten worden geplaatst. En is het mogelijk alleen toegestaan om monumentenglas toe te passen. Het zit dus in de materiaalkeuze en de mogelijkheden en onmogelijkheden wat toegestaan is bij een monument om te renoveren.

Het rapport van het Gelders Genootschap leidt wat ons betreft niet tot een wijziging van het voorkeursscenario. Nieuwbouw is de beste optie, met name vanwege de hoge éénmalige kosten en het gegeven dat bij nieuwbouw de onderwijskundige visie van Schaersvoorde optimaal kan worden gerealiseerd.

4. Is het een mogelijk scenario om op locatie Stationsplein nieuwbouw voor VMBO onderbouw te doen en voor HAVO / VWO een apart plan te ontwikkelen?

Een dergelijk scenario geniet niet de voorkeur omdat, net als in de huidige situatie, de afstand een belemmering vormt voor optimale samenwerking binnen de school en de faciliteiten niet optimaal kunnen worden gedeeld.

Vraag 5

Er wordt aan de raad gevraagd om “Akkoord te gaan met het verder onderzoeken van het scenario nieuwbouw voor Schaersvoorde Slingelaan inclusief de mogelijke toevoeging van maatschappelijke functies”. Dit betekent dat het huidige Schaersvoorde de functie van school zou verliezen. Voor het oude HBS gebouw wordt geadviseerd om hier een gemeentelijk monument van te maken. In het raadsbesluit noem het college de optie om het historische gebouw te herbestemming naar bijvoorbeeld wonen. Waarom wordt de raad niet gevraagd om in te stemmen met een haalbaarheidsonderzoek naar mogelijke toekomstige bestemming voor het oude HBS gebouw met het doel het historische gebouw te behouden?

Antwoord van het college

De opdracht was om een scenariostudie uit te voeren voor renovatie of nieuwbouw van de locatie Slingelaan. Herbestemming van het oude HBS maakt geen onderdeel uit van de scope van dit project. Indien gekozen wordt voor het scenario nieuwbouw, dan is een onderzoek naar de mogelijke herbestemming van het huidige pand een logisch gevolg maar dient dit als apart project te worden opgepakt.

Pagina 3 van 3

Bekijk de brief: Toegevoegd 6-10: Raadsmededeling 116-2025 beantwoording schriftelijke vragen over het voorstel toekomstige situatie Schaersvoorde locatie Slingelaan

Bron: raadsinformatie van de gemeente Aalten (Open Raadsinformatie). De vragen en antwoorden zijn automatisch uit de brief gelezen; het origineel is leidend.

Meer vragen aan het college van Aalten

Alle artikel 35-vragen in Aalten