5 maart 2024 · artikel 35-vragen · gemeente Aalten

Raadsmededeling 10-2024 beantwoording vragen D66 fractie n.a.v. raadsmededeling 157-2023 Evaluatie UKZW

Een raadslid stelde op 5 maart 2024 schriftelijke vragen aan het college van burgemeester en wethouders van Aalten (4 vragen).

In het kort

4 vragen en wat het college antwoordt

  • Waarom wordt een ander argument gebruikt (geen, of nauwelijks, energieopwekprojecten zijn geweest die langs het beleid zijn gelegd) dan in het kader is afgesproken (… → Warmtetransitie heeft betrekking op besparing en vervanging van fossiele warmte: voornamelijk de besparing op en vervanging van aardgas.
  • Welke invloed zal RES 2.0 kunnen hebben op het uitnodigingskader? → De RES 2.0 zal naar verwachting geen nieuwe zoekgebieden definiëren en ook het aansturen op een uitbreiding van zonnevelden lijkt niet aannemelijk.
  • Terecht wordt gesteld dat netcongestie een toenemend probleem is. → Het Ukzw is een ruimtelijk kader.
  • Bijvoorbeeld nieuwe ontwikkelingen zoals grootschalige energieopslag (EOS) hebben een sterke relatie met het energielandschap van UKZW? → Energieopslagsystemen worden bij voorkeur gekoppeld aan het hoogspanningsnet.

Overgenomen uit de brief van het college; hieronder staan de volledige vragen en antwoorden.

Aanleiding

Raadsmededeling openbaar Nummer Datum B&W datum Beh. Ambtenaar Portefeuillehouder Onderwerp

: : : : : :

10-2024 12 januari 2024 H. G. Eskes H.J. Groters Beantwoording vragen D66 fractie n.a.v. raadsmededeling 157-2023 Evaluatie UKZW

Aanleiding: 2-2024, schriftelijke vragen D66 n.a.v. raadsmededeling 157-2023 Evaluatie UKZW Inhoud mededeling:

De D66 fractie heeft een aantal schriftelijke vragen n.a.v. raadsmededeling 157-2023 met het college besluit om geen evaluatie uit te voeren voor het Uitnodigingskader Zon en Wind (UKZW) omdat “er geen, of nauwelijks, energieopwekprojecten zijn geweest die langs het beleid zijn gelegd.” In het UKZW staat het volgende over evaluatie:

Het zwaartepunt voor de warmtetransitie en voor de bijbehorende duurzame warmtebronnen zal liggen in de Regionale Structuur Warmte (onderdeel van de RES) en Transitievisie Warmte (vast te stellen in 2021). Vervolgens kan, als het nodig is, de koppeling met het Uitnodigingskader worden gemaakt. Om het kader goed aan te laten sluiten bij dergelijke ontwikkelingen, vindt er een evaluatie plaats waarna we het kader, indien nodig, aan kunnen passen.

Vragen en antwoorden

Vraag 1

Waarom wordt een ander argument gebruikt (geen, of nauwelijks, energieopwekprojecten zijn geweest die langs het beleid zijn gelegd) dan in het kader is afgesproken ( kader goed aan te laten sluiten bij nieuwe ontwikkelingen)?

Antwoord van het college

Warmtetransitie heeft betrekking op besparing en vervanging van fossiele warmte: voornamelijk de besparing op en vervanging van aardgas. Wanneer wind- en zonne-energie in een belangrijke omvang wordt ingezet voor de vervanging van (aardgas)warmte kan dat een groot effect hebben op de omvang van de opwekopgave voor zon en wind. In het Ukzw is aangegeven dat in dat geval een evaluatie wordt uitgevoerd waarna het kader kan worden aangepast. Er zijn echter geen initiatieven voor duurzame warmte-opwekprojecten geweest in de gemeente Aalten en vormt dan ook geen aanleiding voor een dergelijke evaluatie.

De raadsmededeling i157-2023 Evaluatie UKZW s gebaseerd op de evaluatiemogelijkheid uit paragraaf 5.6. ‘Evaluatie’, uit het Uitnodigingskader zon en wind. Daarin is aangegeven: Het is belangrijk voor de gemeente om te monitoren of het Uitnodigingskader het beoogd effect heeft.

Daarom vindt uiterlijk na 24 maanden een eerste evaluatie plaats.

Vraag 2

Welke invloed zal RES 2.0 kunnen hebben op het uitnodigingskader? Is het niet verstandig om dit in kaart te brengen zodat een aangepast kader kan worden vastgesteld samen met RES 2.0? Pagina 1 van 2

Antwoord van het college

De RES 2.0 zal naar verwachting geen nieuwe zoekgebieden definiëren en ook het aansturen op een uitbreiding van zonnevelden lijkt niet aannemelijk. De RES 2.0 vormt dan ook geen verwachte aanleiding voor een aanpassing van dit ruimtelijk kader.

Vraag 3

Terecht wordt gesteld dat netcongestie een toenemend probleem is. Is dit niet juist een nieuwe ontwikkeling waarop het kader op aangepast en verbreed moet worden?

Antwoord van het college

Het Ukzw is een ruimtelijk kader. Hoe er in ruimtelijke zin met (nieuwe) installaties voor de opwek van zonne- en windenergie wordt omgegaan. Netcongestie en haar oplossingen hebben geen grote ruimtelijke aspecten zoals windmolens en zonnevelden dat wel hebben. Er zijn wel wat beperkte ruimtelijke aspecten zoals de toename van het aantal schakelkasten, evt energieopslagsystemen, extra aanleg van kabels en eventulele uitbreiding van het onderstation.

Vraag 4

Bijvoorbeeld nieuwe ontwikkelingen zoals grootschalige energieopslag (EOS) hebben een sterke relatie met het energielandschap van UKZW? Zou het een specifiek ruimtelijk kader voor energieopslag niet juist passend zijn in een nieuwe versie van het UKZW?

Antwoord van het college

Energieopslagsystemen worden bij voorkeur gekoppeld aan het hoogspanningsnet. In Aalten is er een EOS in ontwikkeling. Hierover is aan de raad voorlichting gegeven. De plaatsing op een agrarisch erf met ruimtelijke inpassing geeft aan dat een ruimtelijk kader voor EOS’sen niet noodzakelijk is. Het bestemmingsplan (nu omgevingsplan) biedt hiervoor voldoende mogelijkheden De komst van meer EOS’sen in de gemeente Aalten ligt overigens niet in de lijn der verwachtingen.

De volgende stukken zijn voor u bijgevoegd:

Geen.

Pagina 2 van 2

2-2024 schriftelijke vragen D66 n.a.v. raadsmededeling 157-2023 Evaluatie UKZW De D66 fractie heeft een aantal schriftelijke vragen n.a.v. raadsmededeling 157-2023 met het college besluit om geen evaluatie uit te voeren voor het Uitnodigingskader Zon en Wind (UKZW) omdat “er geen, of nauwelijks, energieopwekprojecten zijn geweest die langs het beleid zijn gelegd.” In het UKZW staat het volgende over evaluatie:

Het zwaartepunt voor de warmtetransitie en voor de bijbehorende duurzame warmtebronnen zal liggen in de Regionale Structuur Warmte (onderdeel van de RES) en Transitievisie Warmte (vast te stellen in 2021). Vervolgens kan, als het nodig is, de koppeling met het Uitnodigingskader worden gemaakt. Om het kader goed aan te laten sluiten bij dergelijke ontwikkelingen, vindt er een evaluatie plaats waarna we het kader, indien nodig, aan kunnen passen.

1) Waarom wordt een ander argument gebruikt (geen, of nauwelijks, energieopwekprojecten zijn geweest die langs het beleid zijn gelegd) dan in het kader is afgesproken ( kader goed aan te laten sluiten bij nieuwe ontwikkelingen)?

2) Welke invloed zal RES 2.0 kunnen hebben op het uitnodigingskader? Is het niet verstandig om dit in kaart te brengen zodat een aangepast kader kan worden vastgesteld samen met RES 2.0?

3) Terecht wordt gesteld dat netcongestie een toenemend probleem is. Is dit niet juist een nieuwe ontwikkeling waarop het kader op aangepast en verbreed moet worden?

4) Bijvoorbeeld nieuwe ontwikkelingen zoals grootschalige energieopslag (EOS) hebben een sterke relatie met het energielandschap van UKZW? Zou het een specifiek ruimtelijk kader voor energieopslag niet juist passend zijn in een nieuwe versie van het UKZW?

Raadsmededeling openbaar Nummer Datum B&W datum Beh. Ambtenaar Portefeuillehouder Onderwerp

: : : : : :

157-2023 21 november 2023 16 november 2023 H.G. Eskes H.J. Groters Evaluatie Uitnodigingskader zon en wind

Aanleiding:

In het Uitnodigingskader zon en wind (Ukzw) is aangegeven dat het kader na 24 maanden wordt geëvalueerd en zo nodig wordt aangepast op de nieuwe inzichten. Voor deze evaluatie geeft het kader aan dat het van belang is hoeveel initiatieven zich hebben aangemeld en welk percentage van de ambitie ‘energieneutraal’ daarmee is gerealiseerd. Waarom zijn initiatieven afgevallen, is het participatieniveau haalbaar gebleken en is de gewenste kwaliteit van de projecten gehaald.

Inhoud mededeling:

Er is besloten om geen evaluatie van het Uitnodigingskader zon en wind (Ukzw) uit te voeren omdat er geen, of nauwelijks, energieopwekprojecten zijn geweest die langs het beleid zijn gelegd. Feitelijk is deze constatering ook al een vorm van evaluatie. Het geeft aan hoe het beleid heeft uitgewerkt. De redenen voor het niet starten van (grootschalige) opwekprojecten, en het uitblijven van initiatieven, zijn ook wel duidelijk.

Het elektriciteitsnet is vol. Deze congestie op het elektriciteitsnet zo omvangrijk geworden dat teruglevering (van zon- en windenergie) niet meer mogelijk is. Dat geldt voor de grootschaliger (grootverbruikersaansluiting en groter) opwek van zonne-energie en ook voor wind. Onderzoeken naar congestiemanagement (omvang elektriciteitsverbruik tussen bedrijven afstemmen in de tijd) zijn op niets uitgelopen. Aangezien deze situatie nog jaren zal voortduren is het ook niet zo vreemd dat initiatieven vrijwel geheel zijn uitgebleven. De wat kleinere projecten, zoals zonnepanelen op daken van woningen, kunnen overigens nog wel doorgang vinden maar ook hier zijn er steeds meer problemen bij een piekaanbod aan zonne-energie. De omvormers worden dan uitgeschakeld.

Overigens gaat het Ukzw niet over deze kleinschaliger opwek.

In het Ukzw is aangegeven dat het beoordelen en evt. honoreren van initiatieven voor zon op land via een tender gaat verlopen. Met instemming van de raad is er echter geen tender opengesteld. De argumentatie hierachter is dat er voldoende geschikt dak aanwezig is om de gehele zonopgave voor de gemeente Aalten met zonnepanelen op grote daken is te realiseren. In de voorkeursvolgorde uit de zonneladder komt zon op land in een veel later stadium van afweging in beeld dan zon op dak.

Ook de inzet van goede landbouwgrond voor zonnevelden wordt als ongewenst gezien. Dat is ook het beleid dat nu door veel provincies wordt uitgedragen. Geen nieuwe zonneparken meer en richten op de voldoende ruimte die er nog op daken is.

De planmer en RES 2.0 Met name voor wind, en de uitbreidingsplannen hiervoor in de RES, dient er een planmer te worden opgesteld. In een milieueffectrapportage worden de milieugevolgen van plannen onderzocht om ervoor te zorgen dat ‘milieu’ een goede en tijdige plaats inneemt in het besluitvormingsproces. De huidige gedachte van de RES-Achterhoek organisatie is dat de planmer die nu in opdracht van de Pagina 1 van 2

provincie Gelderland wordt uitgevoerd voor de Gelderse RES’sen en het provinciale windbeleid ook kan worden gebruikt voor de RES 2.0 Achterhoek. Het advies van de commissie MER hierover leidt op zijn minst tot enige twijfel hierover. De commissie MER valt over het onvoldoende concreet zijn van de specificaties van de evt te plaatsen molens en de locatie. Hoe kun je goed milieuonderzoek doen als je niet weet welke molens, met hun specifieke geluidsaspecten, er worden geplaatst. De provinciale planmer wordt verwacht in de eerste helft van 2024.

Ook zijn de nieuwe geluidsnormen voor windmolens, naar aanleiding van een uitgebreid onderzoek door het ministerie, bekend geworden. Deze normen zijn nu een stuk strenger geworden dan de in het verleden gebruikte geluidnormen uit het geldende algemeen geldende Activiteitenbesluit. Nieuwe windmolens worden steeds stiller, en hoger. De gevolgen van deze nieuwe normen voor de windzoekgebieden in de Achterhoek zijn groot. Er zal nauwelijks nog wat mogelijk zijn.

De RES 2.0 is een herijking van de RES 1.0. In de RES 2.0 wordt in beeld gebracht of het bod van 1,35 TWh voldoende is voor 2030 en de periode daarna. De focus moet vooral op wind en dat gaat, gezien de nieuwe normen, uitermate lastig worden.

De volgende stukken zijn voor u bijgevoegd:

Pagina 2 van 2

MT-besluit gemeente Aalten

Zaakkenmerk/Onderwerp Verantwoordelijk organisatieonderdeel Zaakkenmerk/Documentkenmerk Vertrouwelijkheid

Z/20/070877/Evaluatie Uitnodigingskader zon en wind Ruimte/team Openbare Ruimte Z/20/070877/D-480237 Openbaar

Toelichting voorstel Samenvatting

Voorgestelde beslispunten

Besluit

Inleiding

H.J.Groters. Bij de vaststelling van het Uitnodigingskader zon en wind (Ukzw) is aangegeven dat het kader na 24 maanden wordt geëvalueerd en zonodig wordt aangepast op nieuwe inzichten.

Er zijn in de twee jaar na het vaststellen nauwelijks plannen binnengekomen die zijn getoetst aan het Uitnodigingskader zon en wind.

De reden voor het gebrek aan initiatieven is het niet opzetten van een tender voor zonnevelden vanwege voldoende ruimte voor zon op dak. Een andere, belangrijkere reden, is de huidige netcongestie. Door het volle elektriciteitsnet is het aansluiten van een zonneveld van enige omvang bijna onmogelijk geworden. De congestie is in de komende jaren niet opgelost.

Het is dan ook niet zinvol om het beleid te evalueren en evt op de uitkomsten ervan aan te passen. Voorgesteld wordt om de Raad met bijgevoegde raadsmededeling op de hoogte te stellen van de stand van zaken ten aanzien van de evaluatie van het Uitnodigingskader zon en wind (Ukzw).

1. Bijgevoegde raadsmededeling naar de raad sturen.

Akkoord

Evaluatie van het Uitnodigingskader zon en wind.

In het Uitnodigingskader zon en wind (Ukzw) is aangegeven dat het kader na 24 maanden wordt geëvalueerd en zo nodig wordt aangepast op de nieuwe inzichten. Voor deze evaluatie geeft het kader aan dat het van belang is hoeveel initiatieven zich hebben aangemeld en welk percentage van de ambitie ‘energieneutraal’ daarmee is gerealiseerd. Waarom zijn initiatieven afgevallen, is het participatieniveau haalbaar gebleken en is de gewenste kwaliteit van de projecten gehaald. Voorgesteld wordt om met (bijgevoegde) raadsmededeling de raad op de hoogte te stellen van de mogelijkheden en de onmogelijkheden van het uitvoeren van deze evaluatie.

Concept tekst van de raadsmededeling:

EVALUATIE: BETEKENIS & DEFINITIE Evaluatie is het vanuit kwaliteitsoverwegingen tijdens of na afloop van een project beoordelen en beschouwen hoe een vooraf bedacht systeem, plan of werkproces in de praktijk heeft uitgewerkt. Aan de hand van toetsing aan verwachtingen vooraf van de opgedane ervaringen leidt dit tot verbetervoorstellen voor nog te volgen projecten of werkstappen met overeenkomstige onderdelen.

Er is besloten om geen evaluatie van het Uitnodigingskader zon en wind (Ukzw) uit te voeren omdat er geen, of nauwelijks, energieopwekprojecten zijn geweest die langs het beleid zijn gelegd. Feitelijk is deze constatering ook al een vorm van evaluatie. Het geeft aan hoe het beleid heeft uitgewerkt. De redenen voor het niet starten van (grootschalige) opwekprojecten, en het uitblijven van initiatieven, zijn ook wel duidelijk.

Het elektriciteitsnet is vol. Deze congestie op het elektriciteitsnet zo omvangrijk geworden dat teruglevering (van zon- en windenergie) niet meer mogelijk is. Dat geldt voor de grootschaliger (grootverbruikersaansluiting en groter) opwek van zonne-energie en ook voor wind. Onderzoeken naar congestiemanagement (omvang elekticiteitsverbruik tussen bedrijven afstemmen in de tijd) zijn op niets uitgelopen. Aangezien deze situatie nog jaren zal voortduren is het ook niet zo vreemd dat initiatieven vrijwel geheel zijn uitgebleven. De wat kleinere projecten, zoals zonnepanelen op daken van woningen, kunnen overigens nog wel doorgang vinden maar ook hier zijn er steeds meer problemen bij een piekaanbod aan zonneenergie. De omvormers worden dan uitgeschakeld. Overigens gaat het Ukzw niet over deze kleinschaliger opwek.

In het Ukzw is aangegeven dat het beoordelen en evt. honoreren van initiatieven voor zon op land via een tender gaat verlopen. Met instemming van de raad is er echter geen tender opengesteld. De argumentatie hierachter is dat er voldoende geschikt dak aanwezig is om de gehele zonopgave voor de gemeente Aalten met zonnepanelen op grote daken is te realiseren. In de voorkeursvolgorde uit de zonneladder komt zon op land in een veel later stadium van afweging in beeld dan zon op dak. Ook de inzet van goede landbouwgrond voor zonnevelden wordt als ongewenst gezien. Dat is ook het beleid dat nu door veel provincies wordt uitgedragen. Geen nieuwe zonneparken meer en richten op de voldoende ruimte die er nog op daken is.

De planmer en RES 2.0 Met name voor wind, en de uitbreidingsplannen hiervoor in de RES, dient er een planmer te worden uitgevoerd. In een milieueffectrapportage worden de milieugevolgen van plannen onderzocht om ervoor te zorgen dat ‘milieu’ een goede en tijdige plaats inneemt in het besluitvormingsproces. De huidige gedachte van de RES-Achterhoek organisatie is dat de planmer die nu in opdracht van de provincie Gelderland wordt uitgevoerd voor de Gelderse RES’sen en het provinciale windbeleid ook kan worden gebruikt voor de RES 2.0 Achterhoek. Het advies van de commissie MER hierover leidt op zijn minst tot enige twijfel hierover. De commissie MER valt over het onvoldoende concreet zijn van de specificaties van de evt te plaatsen molens en de lokatie. Hoe kun je goed milieu-onderzoek doen als je niet weet welke molens, met hun specifieke geluidsaspecten, er worden geplaatst. De provinciale planmer wordt verwacht in de eerste helft van 2024.

Ook zijn de nieuwe geluidsnormen voor windmolens, naar aanleiding van een uitgebreid onderzoek door het ministerie, bekend geworden. Deze normen zijn nu een stuk strenger geworden dan de in het verleden gebruikte geluidnormen uit het geldende algemeen geldende Activiteitenbesluit. Nieuwe windmolens worden steeds stiller, en hoger. De gevolgen van deze nieuwe normen voor de windzoekgebieden in de Achterhoek zijn groot. Er zal nauwelijks nog wat mogelijk zijn.

De RES 2.0 is een herijking van de RES 1.0. In de RES 2.0 wordt in beeld gebracht of het bod van 1,35 TWh voldoende is voor 2030 en de periode daarna. De focus moet vooral op wind en dat gaat, gezien de nieuwe normen, uitermate lastig worden.

Argumenten

Kanttekeningen

Overleg gevoerd met

Vervolgstappen en planning

Bijgevoegde raadsmedeling geeft de argumenten weer waarom een evaluatie van het Uitnodigingskader zon en wind niet mogelijk is.

Geen geen

Na akkoord van B&W wordt bijgevoegde raadsmededeling naar de raad gestuurd.

Participatie

nvt

Communicatie

nvt

Bekijk de brief: Raadsmededeling 10-2024 beantwoording vragen D66 fractie n.a.v. raadsmededeling 157-2023 Evaluatie UKZW

Bron: raadsinformatie van de gemeente Aalten (Open Raadsinformatie). De vragen en antwoorden zijn automatisch uit de brief gelezen; het origineel is leidend.

Meer vragen aan het college van Aalten

Alle artikel 35-vragen in Aalten