27 september 2022 · artikel 35-vragen · gemeente Aalten

Raadsmededeling 132-2022 beantwoording vragen fracties VVD, D66, BBB-HMV en CDA n.a.v. voorstel Verzamelbesluit Omgevingswet.pdf

Een raadslid stelde op 27 september 2022 schriftelijke vragen aan het college van burgemeester en wethouders van Aalten (3 vragen).

In het kort

3 vragen en wat het college antwoordt

  • En hoe zit het bijvoorbeeld met de klankbordgroep Omgevingswet, heeft zij hierin ook nog een rol? → Pagina 1 van 4 Antwoorden 1.
  • Zo nee, waarom niet? → Antwoorden 1.
  • RVS verzamel besluit, onder punt 4 wordt gesproken over ; De uniforme openbare voorbereidings procedure. → Antwoorden 1.

Overgenomen uit de brief van het college; hieronder staan de volledige vragen en antwoorden.

Aanleiding

Raadsmededeling openbaar Nummer Datum B&W datum Beh. Ambtenaar Portefeuillehouder Onderwerp

: : : : : :

132-2022 7 september 2022 M. Oldenboom H.J. Groters Beantwoording vragen fracties VVD, D66, BBB-HMV en CDA n.a.v. voorstel Verzamelbesluit Omgevingswet

Aanleiding:

De fracties van VVD, D66, BBB-HMV en CDA hebben vragen gesteld naar aanleiding van het voorstel tot het nemen van een viertal besluiten in verband met de inwerkingtreding van de Omgevingswet. In deze raadsmededeling beantwoorden wij de gestelde vragen.

Inhoud mededeling:

VVD Vragen

1. In hoeverre is besluitpunt 3 in het raadsvoorstel wel in lijn met de Nota Burgerparticipatie en hoofdstuk 11 van het raadsprogramma.

Antwoorden

1. De Nota Burgerparticipatie Gemeente Aalten is een kadernota op grond waarvan het college invulling kan geven aan participatieprocessen, waarbij beoordeeld wordt of er ruimte geboden kan worden voor burgerparticipatie en zo ja, hoe groot die ruimte is. Hiervoor zijn in de nota acht vragen geformuleerd, waarvan de antwoorden invulling kunnen geven aan de vorm van participatie. Uit de nota volgt niet dat burgerparticipatie altijd moet worden toegepast.

Het raadsprogramma vraagt het college om uitvoering te geven aan de Nota Burgerparticipatie.

In het thans voorliggende voorstel wordt voorgesteld om participatie bij buitenplanse omgevingsplanactiviteiten niet verplicht te stellen, maar de huidige werkwijze te hanteren, waarbij per situatie bekeken wordt of participatie zinvol is en zo ja welke vorm dan het meest passend is. De wijze waarop de participatie plaatsvindt zal worden afgestemd op de aard en omvang van de ontwikkeling. Naar het oordeel van het college sluit deze werkwijze goed aan op de Nota Burgerparticipatie Gemeente Aalten en het raadsprogramma.

D66 De gemeenteraad als adviseur Bij de inwerkingtreding van de omgevingswet per 1 januari 2023 wordt van de gemeenteraad verlangd dat zij optreedt als adviseur.

Vragen

Vragen en antwoorden

Vraag 1

En hoe zit het bijvoorbeeld met de klankbordgroep Omgevingswet, heeft zij hierin ook nog een rol?

Antwoord van het college

Pagina 1 van 4

Antwoorden

1. De feitelijke werkwijze ten aanzien van het adviesrecht zal niet wezenlijk wijzigen ten opzichte van de huidige werkwijze met betrekking tot de verklaring van geen bedenkingen. Daar waar nu aan uw raad in voorkomende gevallen veelal wordt voorgesteld om ‘een verklaring van geen bedenkingen’ af te geven, zal in toekomstige gevallen aan uw raad worden voorgesteld om ‘een positief advies’ af te geven ten aanzien van de betreffende ontwikkeling.

2. Er is voor de Klankbordgroep Omgevingswet geen rol toebedacht in het kader van het adviesrecht van uw raad.

Adviesrecht voor intensieve veehouderij De algemene verklaring van geen bedenkingen uit 2017 stelt als voorwaarde dat er geen enkele toename van ammoniakdepositie is t.o.v. van de referentiesituatie in het bestemmingsplan.

Vragen

1. Hoe verhoudt zich dit tot de nieuwe Stikstofwet en de plannen van het kabinet?

2. Wat is de reden om Intensieve veehouderij uit te zonderen van het adviesrecht van de raad, zeker gezien de benodigde transformatie in de komende tien jaar? Om met de woorden van de minister te spreken: “de stikstofkraan moet dicht” Antwoorden

1. Het voorliggende voorstel heeft, ten aanzien van dit beslispunt, betrekking op de bevoegdhedenverdeling tussen uw raad en het college van burgemeester en wethouders. Bij de uitoefening van die bevoegdheden dient rekening gehouden te worden met geldende weten regelgeving. De algemene verklaring van geen bedenkingen zet deze wet- en regelgeving niet opzij.

2. Onder werking van de huidige Wet algemene bepalingen omgevingsrecht is door uw raad de betreffende algemene verklaring van geen bedenkingen afgegeven, waardoor in voorkomende situaties niet steeds afzonderlijk een raadsbesluit dient te worden genomen.

Het college kan, mits wordt voldaan aan de voorwaarden van de algemene verklaring van geen bedenkingen (en overige wet- en regelgeving), de vergunning verlenen. Omdat een beleidsneutrale overgang naar de Omgevingswet wordt nagestreefd, is er voor gekozen om situaties die vallen onder deze – maar ook de andere – algemene verklaring van geen bedenkingen van adviesrecht uit te zonderen.

Verplichte participatie De nieuwe omgevingswet maakt het mogelijk om participatie verplicht te stellen voor een buitenplanse aanvraag, er wordt echter voorgesteld om dit niet verplicht te stellen.

Vragen

1. Is het de bedoeling op een later tijdstip alsnog de verplichte participatie in te voeren?

2. Zo ja, op welke termijn en wat is hiervoor nodig?

Vraag 2

Zo nee, waarom niet?

Antwoord van het college

Antwoorden

1. In het voorstel wordt ervan uitgegaan dat de gevolgen van de beslispunten 1 jaar na inwerkingtreding van de Omgevingswet worden geëvalueerd. Deze evaluatie kan ertoe leiden dat er alsnog verplichte participatie wordt ingevoerd. Hiervoor is dan een nieuw raadsbesluit nodig.

2. Zie het antwoord op vraag 1;

3. Zie het antwoord op vraag 1.

BBB-HMV Vragen

1. In het raadsbesluit wordt de raad aangewezen als adviseur. Echter komt naar onze mening te weinig naar voren dat dit advies bindend is. Kan dit nog in het raadsbesluit aangepast worden?

Antwoorden Pagina 2 van 4

1. Artikel 16.15b van de Omgevingswet bepaalt dat het college een besluit op de aanvraag dient te nemen met inachtneming van het advies van uw raad. Hiermee is het advies wettelijk gezien een bindend advies. Aanpassing van het raadsbesluit wordt om die reden niet nodig geacht.

CDA Vragen

1. In het raadsvoorstel tot het nemen van een viertal besluiten in verband met de inwerkingtreding van de Omgevingswet staat onder punt 4 van de inhoudelijke toelichting een procedure beschreven. Kunt u deze procedure nader, uitgebreider en begrijpelijk(er) toelichten? Wellicht ook de relatie van punt 1 en 4 met elkaar?

2. Bijlage 5 is een Overzicht kruimellijst, kunt u aangeven waar en wanneer deze activiteiten beoordeeld worden? Wat is de werking, wanneer en wat is gevolg van toepassen van deze lijst?

3. Bijlage 3 zowel bij zonenvelden als kleine windmolens word gesteld dat de landschapskwaliteiten niet onevenredig mogen worden aangetast, wordt dit ambtelijk getoetst of door externen? En waarom is het een Ontwerpbesluit?

Vraag 3

RVS verzamel besluit, onder punt 4 wordt gesproken over ; De uniforme openbare voorbereidings procedure. Kunt u schetsen, ook in tijd gezien, hoe zo’n procedure loopt?

Antwoord van het college

Antwoorden

1. Hier wordt de uniforme openbare voorbereidingsprocedure uit afdeling 3.4 van de Algemene wet bestuursrecht bedoeld. Deze procedure wijkt af van - en neemt meer tijd in beslag dan de reguliere procedure.

Op de website van het Informatiepunt Leefomgeving (IPLO) staan uitgebreide omschrijvingen van de betreffende procedures. Kortheidshalve wordt hiernaar verwezen.

Reguliere procedure https://iplo.nl/regelgeving/overzicht-procedures/procedure-aanvraag-omgevingsvergunningregulier/ Uitgebreide procedure https://iplo.nl/regelgeving/overzicht-procedures/procedure-aanvraag-omgevingsvergunninguitgebreid/ De relatie met beslispunt 1 is gelegen in het feit dat voor het verplichte advies van uw raad voorbereidingstijd nodig is. Met de toepassing van de uniforme openbare voorbereidingsprocedure ontstaat in het proces aan de voorzijde deze extra tijd.

2. Deze lijst is onder de huidige wetgeving opgenomen in Bijlage 2, artikel 4 van het Besluit omgevingsrecht. Op het moment dat een aanvraag is ingediend wordt ambtelijk getoetst of er sprake is van een binnenplanse of buitenplanse omgevingsplanactiviteit. Als er sprake is van een buitenplanse omgevingsplanactiviteit moet, zoals volgt uit beslispunt 1, deze aanvraag in beginsel ter advisering aan uw raad worden voorgelegd, tenzij de activiteit voortkomt op de ‘kruimellijst’ of valt onder de eerder genoemde algemene verklaring van geen bedenkingen.

Uit beslispunt 4 volgt dat in deze gevallen niet de uniforme openbare voorbereidingsprocedure van toepassing wordt verklaard, maar de (kortere) reguliere procedure. Dit komt overeen met de huidige werkwijze onder de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht, waar bij activiteiten die voorkomen op de ‘kruimellijst’ afgeweken kan worden van het bestemmingsplan met toepassing van de reguliere procedure.

3. Bij kleine plannen wordt dit ambtelijk getoetst. De grotere plannen leggen we voor aan externe deskundigen. In de tekst van de algemene verklaring van geen bedenkingen is abusievelijk nog de term ‘ontwerpbesluit’ opgenomen. Uw raad heeft deze algemene verklaring van geen bedenkingen echter bij besluit van 26 januari 2021 definitief afgegeven.

4. Het betreft hier de bevoegdheid om een vergunning te verlenen waarbij wordt toegestaan dat bouwwerken anders worden gebruikt dan bepaald in het bestemmingsplan. Buiten de bebouwde kom is dit enkel mogelijk voor logiesfuncties voor werknemers of de opvang van asielzoekers of andere categorieën vluchtelingen. Voor de goede orde: het betreft hier de Pagina 3 van 4

bevoegdheid om af te wijken van het bestemmingsplan (straks Omgevingsplan) en niet de bevoegdheid om af te wijken van overige regelgeving zoals het Bouwbesluit. Overigens is dit een bevoegdheid die op dit moment ook al bestaat onder de werking van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht.

5. Zie het antwoord op vraag 1.

Pagina 4 van 4

VVD fractie ONDERWERP Vragen 1.

Verzamelbesluit Omgevingswet

In hoeverre is besluitpunt 3 in het raadsvoorstel wel in lijn met de Nota Burgerparticipatie en hoofdstuk 11 van het raadsprogramma?

D66 fractie Schriftelijke vragen inwerkingtreding Omgevingswet

De Gemeenteraad als adviseur Bij de inwerkingtreding van de omgevingswet per 1 januari 2023 wordt van de gemeenteraad verlangd dat zij optreedt als adviseur. Wordt zij in die nieuwe ro nog nader begeleid? En hoe zit het bijvoorbeeld met de klankbordgroep Omgevingswet, heeft zij hierin ook nog een rol?

Adviesrecht voor intensieve veehouderij De algemene verklaring van geen bedenkingen uit 2017 stelt als voorwaarde dat er geen enkele toename van ammoniakdepositie is t.o.v. van de referentiesituatie in het bestemmingsplan.

Vraag

● Hoe verhoudt zich dit tot de nieuwe Stikstofwet en de plannen van het kabinet?

● Wat is de reden om Intensieve veehouderij uit te zonderen van het adviesrecht van de raad, zeker gezien de benodigde transformatie in de komende tien jaar? Om met de woorden van de minister te spreken: “de stikstofkraan moet dicht”

Verplichte participatie De nieuwe omgevingswet maakt het mogelijk om participatie verplicht te stellen voor een buitenplanse aanvraag, er wordt echter voorgesteld dit niet verplicht te stellen.

Vragen

● Is het de bedoeling op een later tijdstip alsnog de verplichte participatie in te voeren?

● Zo ja, op welke termijn en wat is hiervoor nodig?

● Zo nee, waarom niet?

Vragen BBB-HMV fractie Naar aanleiding van de 4 besluiten ivm met de inwerkingtreding van de omgevingswet, is er bij ons een vraag ontstaan.

In het raadsbesluit word de raad aangewezen als adviseur. Echter komt naar onze mening te weinig naar voren dat dit advies binden is.

Kan dit nog in het raadsbesluit aangepast worden?

Mocht dit zo zijn dan wil ik deze vraag graag officieel indienen.

Ik wacht jullie reactie af!

Groeten Bas

CDA fractie

Vragen: Omgevingswet agenda punt 3

1) In het raadsvoorstel tot het nemen van een viertal besluiten in verband met de inwerkingtreding van de Omgevingswet staat onder punt 4 van de inhoudelijke toelichting een procedure beschreven . Kunt u deze procedure nader , uitgebreider en begrijpelijk(er) toelichten ?Wellicht ook de relatie van punt 1 en 4 met elkaar?

2) Bijlage 5 is een Overzicht kruimellijst , kunt u aangeven waar en wanneer deze activiteiten beoordeeld worden ? Wat is de werking, wanneer en wat is gevolg van toepassen van deze lijst ?

3) Bijlage 3 zowel bij zonenvelden als kleine windmolens word gesteld dat de landschaps kwaliteiten niet onevenredig mogen worden aangetast , wordt dit ambtelijk getoetst of door externen ? En waarom is het een Ontwerpbesluit ?

4) Kruimellijst onder punt 9 , “het gebruiken van bouwwerken , eventueel ….enz. . Kunt u dit wat nader toelichten en welke vorm en duur van bewoning wordt bedoeld ( op elkaar aansluitende groepen , relatie tot BAG , aantal personen per ( bestaand) gebouw enz. )

5) RVS verzamel besluit , onder punt 4 wordt gesproken over ; De uniforme openbare voorbereidings procedure . Kunt u schetsen , ook in tijd gezien , hoe zo’n procedure loopt ?

Bekijk de brief: Raadsmededeling 132-2022 beantwoording vragen fracties VVD, D66, BBB-HMV en CDA n.a.v. voorstel Verzamelbesluit Omgevingswet.pdf

Bron: raadsinformatie van de gemeente Aalten (Open Raadsinformatie). De vragen en antwoorden zijn automatisch uit de brief gelezen; het origineel is leidend.

Meer vragen aan het college van Aalten

Alle artikel 35-vragen in Aalten