Raadsmededeling 187-2022 beantwoording vragen Uitvoeringsprogramma.pdf
Een raadslid stelde op 31 januari 2023 schriftelijke vragen aan het college van burgemeester en wethouders van Aalten (6 vragen).
In het kort
6 vragen en wat het college antwoordt
- 1 Bij onderdeel 3 staat: “We een versnelling aanbrengen in de productie 1a van nieuwbouw. → 1.2 1a Wordt bij het bouwen van woningen expliciet ingezet op een groot aantal woningen voor starters? 1.3 1a Waarom is voor dit onderdeel geen ‘planfase’ ingeregeld? 1.4 1a Is het project…
- 1 2a We lezen “Zit structureel in de begroting. → Pagina 5 van 21 Ook het college voorziet dat er meer middelen nodig zijn in de komende jaren.
- 1 3 Thema 3 Het college benoemt dat het innovatieve instrumenten als leven lang leren gaat inzetten, maar ik zie dat niet terug in de punten die daarop volgen. → Pagina 9 van 21 Deze innovatieve instrumenten zijn gevat in de uitvoeringsnota Sociaal Domein en zijn puur als concreet voorbeeld aangehaald.
- 1 4a In hoeverre en hoe wordt de raad betrokken bij de pilot met de twee focusgebieden? → Kunt u iets meer toelichting geven op deze zin: In 2023 wordt concreet invulling gegeven aan twee focusgebieden m.b.t. woonzorgzones/inclusieve wijken.
- 1 5a 5.2 5c/e/ g 5.3 5d 5.4 5d 5.5 5f 5.6 5f Thema 5 Hoe worden we als raad geïnformeerd over de punten uit de nota warm bad voor cultuur die tot nu toe uitgevoerd zijn… → Hoe vanzelfsprekend is deze samenwerking, of zijn er verenigingen die men niet spreekt of die geen behoefte hebben aan een samenwerking?
- 1 6c 6.2 6c Waarom worden voor laagdrempelige culturele activiteiten geen financiële middelen vrij gemaakt, als dit zo belangrijk wordt geacht? → Thema 6 Meld misdaad anoniem is een passieve actie.
Overgenomen uit de brief van het college; hieronder staan de volledige vragen en antwoorden.
Aanleiding
Raadsmededeling openbaar Nummer Datum B&W datum Beh. Ambtenaar Portefeuillehouder Onderwerp
: : : : : :
187-2022 1 december 2022 G. Sikking / D.J. den Hengst Het college Beantwoording vragen n.a.v. het Uitvoeringsprogramma
Aanleiding:
Naar aanleiding van het Uitvoeringsprogramma 2022 – 2026 zijn een groot aantal vragen gesteld.
Onderstaand treft u de beantwoording ervan aan.
Inhoud mededeling:
Thema 1 Nr.
Bladzijde/vraag
Vragen en antwoorden
Vraag 1
1 Bij onderdeel 3 staat: “We een versnelling aanbrengen in de productie 1a van nieuwbouw. We willen, in lijn met de vastgestelde woningbouwstrategie, vanaf 2023 minimaal 120 woningen per jaar realiseren”. Welke mogelijkheden zie het college om woningbouw een extra stimulans te geven indien blijkt dat het behalen van de doelstellingen in het gedrang komen?
Antwoord van het college
1.2 1a
Wordt bij het bouwen van woningen expliciet ingezet op een groot aantal woningen voor starters?
1.3 1a
Waarom is voor dit onderdeel geen ‘planfase’ ingeregeld?
1.4 1a
Is het project ‘Heerlijk thuis in huis’ een nieuw project, we kunnen het niet herleiden tot het raadsprogramma? Als het een lopend project is, wanneer heeft daar besluitvorming over plaatsgevonden en is er budget voor beschikbaar gesteld? Als het een nieuw project is, waarom is dit in het uitvoeringsprogramma opgenomen en
Pagina 1 van 21
Antwoord In de begroting 2023 zijn extra middelen beschikbaar gesteld.
Daarmee kunnen we extra capaciteit inhuren om deze doelstelling te realiseren. We zijn natuurlijk afhankelijk van externe factoren, maar het college zal zich maximaal inspannen om de doelstelling te behalen d.m.v. inzet extra capaciteit, benutten van subsidiemogelijkheden en het aansporen van initiatiefnemers.
Bij de bouw van de woningen conformeren we ons aan het nationaal bouw en woonprogramma (NWBA). 2/3 van de woningen dient betaalbaar te zijn. Een groot deel richt zich dus op starters en mensen met een smallere beurs.
Omdat het hier een doorlopend proces betreft.
Dit is een lopend project welke in de programmabegroting van 2022 (blz. 17) nader beschreven staat.
1.5 1a
1.6 1a
1.7 1a
wordt het niet eerst afzonderlijk aan de gemeenteraad voorgelegd.
Voor doelstelling 1a is aanvullende ambtelijke capaciteit benodigd. Ten aanzien van financiën, schrijft het college ‘geen’. Hoe verhoudt zich dit tot elkaar.
Is het college bij herijking van de woonvisie / afwegingskader bereid om een visie te ontwikkelen op wat voor gemeente we willen zijn? En welke woning- en/of inwonersaantallen daarbij behoren?
Eens per jaar wordt zorgt het college voor een overzicht van de totale woningbouwplanning. Wanneer in het jaar en op welke wijze wil het college dit doen?
Dit wordt gedekt uit het krediet welke in de programmabegroting 2023 is opgenomen.
Wat voor gemeente we willen zijn, is een belangrijke vraag die we beantwoorden in het traject van de omgevingsvisie.
Benodigde woningbehoefte (kwalitatief en kwantitatief) is daar deels afgeleide van. Een groot deel van de woningen staat er al. Verder is de invulling van de woningbehoefte onderdeel van de nieuwe regionale woonagenda die in het voorjaar van 2023 ter besluitvorming aan de raad wordt voorgelegd.
Normaliter wordt deze informatie gepresenteerd gelijktijdig met de woon- en vastgoedmonitor. Deze wordt in december dit jaar verwacht. De hierop volgende jaren zal dit eerder in het jaar zijn.
1.8 1b
Is volgens het college de huidige woonvisie afdoende of is meer nodig voor betaalbaarheid voor verschillende doelgroepen?
De woonvisie in combinatie met de vastgestelde woningbouwstrategie is nog steeds actueel, gelet op de thema’s. Daarnaast volgt binnenkort de regionale woonagenda waar ook specifiek aandacht is voor betaalbaarheid en de verschillende doelgroepen.
1.9 1b
Er staat dat dit al een belangrijk speerpunt is, maar wat gaat het college ondernemen doen om woningen in de gemeente Aalten betaalbaar(der) te maken? Welke acties worden hierop ondernomen?
De gemeente gaat uitvoering geven aan de afspraken die volgen uit het nationale bouw en woonprogramma (NWBA) vertaald in de regionale woonagenda. (RWA). Hierin worden verplichte kaders opgenomen voor een minimaal percentage sociale huur en betaalbare koop. Daarnaast heeft de gemeente een starterslening waarvan gebruik gemaakt kan worden.
1.10 1b
Prioritering: waarom is gekozen om dit onderdeel – gezien de huidige situatie – niet als hoog te bestempelen?
Omdat het een speerpunt betreft wat voortvloeit uit de woonvisie en een doorlooptijd kent t/m 2026. Daarmee valt het proces onder de prioritering ‘in deze raadsperiode’ en kent daarom een ‘midden’ prioritering.
1.11 1c
Wat doet de gemeente in deze periode anders / extra om inwoners en initiatieven bij woningvraagstukken te faciliteren dan nieuwe kaders op te stellen?
Op welke wijze gaat het college initiatieven faciliteren? Het afwegingskader is immers enkel een beoordelingsinstrument, maar de vraag van de raad is hoe inwoners en initiatiefnemers ondersteuning kunnen krijgen en geholpen kunnen worden.
Wat wil het college hierin gaan betekenen?
Zie antwoord bij vraag 1.1
Eén van de grote vraagstukken rondom de woningnood is de doorstroom.
Bepaalde doelgroepen (met name
Doorstroming kan op verschillende manieren plaats vinden.
Een van de belangrijkste maatregelen is het realiseren van passende woningen om naartoe door te stromen. Het
1.12 1c
1.13 1c
Pagina 2 van 21
Zie antwoord bij vraag 1.1
senioren met relatief grote woningen) willen graag doorstromen, maar kunnen dat simpelweg niet omdat het aanbod er niet is. Hierdoor stagneert de doorstroom. Deze doelgroepen hebben hierbij hulp en ondersteuning nodig.
Waarom is dit aspect niet meegenomen in het uitvoeringsprogramma? Welke beelden heeft het college om deze doorstroom te faciliteren / op gang te brengen?
In hoeverre gaat de gemeente ook actief inwoners faciliteren/informeren in de mogelijkheden die er zijn?
realiseren van passende woningen is een belangrijk onderdeel van dit uitvoeringsprogramma.
Daarnaast maken we ook afspraken met De Woonplaats om de doorstroming te bevorderen. Zo krijgen 55plus huurders in de gemeente Aalten die een grotere eengezinswoning achter laten voorrang bij de toewijzing van de levensloopgeschikte appartementen in het project Ludgerstraat.
Het stimuleren van de doorstroming is daarmee dus onderdeel van lopend en nieuw beleid.
1.15 1d
We lezen dat ‘regionale opgave woningbouw al is geagendeerd’, echter in het raadsprogramma wordt specifiek gevraagd voor een ‘gezamenlijke aanpak van Achterhoekse wooncorporaties’ te agenderen. Met name voor Aalten waar een Twentse corporatie met een Achterhoekse dependence, is hier winst te halen. Hoe gaat het college dit in de regio agenderen?
De Woonplaats is onderdeel van het ACO (Achterhoekse Corporaties) Het ACO, en daarmee dus ook de Woonplaats, levert een zeer actieve bijdrage aan de regionale samenwerking alsmede ook de totstandkoming van de regionale woonagenda en de daaruit voorvloeiende afspraken.
1.16 1d
De vraag van de raad is om de thematafel wonen te vragen om een gezamenlijke aanpak te agenderen. In het uitvoeringsprogramma staat dat dit reeds is gebeurd. Is het college derhalve van mening dat deze opgave van de raad aan het college een overbodig verzoek is?
De regionale aanpak komt terug in de regionale woonagenda die in 2023 wordt voorgelegd aan de gemeenteraad. Per abuis is opgenomen dat deze al zou zijn vastgesteld door gemeenteraad. Bij vaststelling UP wordt dit aangepast.
1.17
Hoe gaat het college stimuleren dat buurtschappen/kernen komen tot een dorpsvisie, anders dan alleen er ruimte voor te maken en een regeling te verruimen?
1.18 1g
Mooi dat er financiële ruimte wordt gecreëerd, maar hoe worden inwoners van buurtschappen nu gestimuleerd om
Het college is van mening dat dergelijke dorpsvisies vanuit de samenleving zelf moeten en kunnen worden opgepakt. Wij steunen de dorpsbelangenverenigingen en/of gemeenschapshuizen allereerst door het hen financieel mogelijk te maken zich daarbij professioneel te laten ondersteunen. In de structurele overleggen via het Platform Aalten, welke onlangs ook heeft plaatsgevonden, informeren wij de dorpsbelangenverenigingen en gemeenschapshuizen daarnaast actief over gemeentelijke beleidsontwikkelingen op het fysiek/ruimtelijke en sociaal maatschappelijke terrein, waardoor zij hierop in hun visievorming tijdig kunnen inspelen.
De afgelopen bijeenkomst van 17 november was geheel gewijd aan dit onderwerp. Op deze wijze denken wij als gemeente proactief bij te dragen aan de totstandkoming van actuele, efficiënte en effectieve dorpsvisies.
Zie antwoord bij vraag 1.17
1.14 1c
Pagina 3 van 21
We zorgen ervoor de onze website zo actueel mogelijk is.
Indien de situatie erom vraagt zetten we ook (social) media in om inwoners te informeren.
daadwerkelijk (gezamenlijk) een visie op te stellen? 1.19 1h
Er staat dat “Voor het vraagstuk voor de urgente huisvestingsvragen geldt een hoge prioriteit. Voor de overige locaties geldt een lagere prioritering. De integrale benadering vraagt daarvoor ook meer tijd”. Kan de raad een overzicht van locaties ontvangen met daarin de prioritering per locatie? Ofwel, voor welke gebouwen is de situatie nijpend (aan het worden) en moet op korte termijn oplossingen geboden worden en welke locaties hebben een lagere prioritering?
Als hoogste prioriteit geldt de aanpak van de Triangel Hoog.
Het verzoek tot uitbreiding loopt al enkele jaren en er zijn ook al voorbereidingen getroffen. Daarnaast blijkt uit het HEVOrapport dat hier ook de hoogste prioriteit ligt. Bij de schoolbesturen is bekend dat dit als eerste project aangepakt gaat worden.
Vanuit het HEVO-rapport is aangegeven dat een aantal scholen voor 2030 toe zijn aan ingrijpend onderhoud c.q. renovatie. Dat zijn voor het basisonderwijs : CBS Barlo, CBS ’t Möllenveld, CBS ’t Warmelinck en OBS De Slinger.
Voor deze periode is ook Schaersvoorde, locatie Slingelaan opgenomen. Deze volgorde is gebaseerd op een geobjectiveerde bouwtechnische beoordeling.
Om onderwijskundige motieven (vorming Integraal Kindcentrum en voor de invoering van Inclusief onderwijs) wordt door besturen voor verschillende scholen om versnelling gevraagd.
Op dit moment wordt doorgerekend wat de verschillende ingrepen gaan kosten en wat dit voor de kapitaalslasten van de gemeente gaat betekenen. Dit wordt in eerste instantie gedeeld met de leden van de werkgroep huisvesting, vervolgens met de schoolbesturen. We hopen in nauwe samenspraak met de besturen tot een volgorde te komen die zoveel mogelijk aansluit bij de mogelijkheden die de gemeente heeft en de wensen van de schoolbesturen. U gaat dit terugzien in de Uitvoeringsagenda die deel uit gaat maken van het IHP. Dit zou kunnen betekenen dat in de uitvoering de uitkomst anders zal zijn dan die van het HEVO rapport.
Ook kan het zijn dat vanuit de woningbouwopgave er prioriteiten gesteld moeten worden, waarbij het eventueel vrijspelen van één of meerdere van de huidige onderwijslocaties ten behoeve van woningbouw voorrang geniet, mede omdat dit mogelijk kan bijdragen aan de financiering van nieuwbouw, uitbreiding c.q. renovatie van bestaande gebouwen.
1.20 1h
Het IHP wordt in tweeën geknipt, wordt de vraagstukken voor ventilatie en verduurzaming voor alle schoolgebouwen in fase 1 meegenomen?
Ja, zoals ook in de begroting 2023 (blz. 28) staat beschreven.
1.21 1h
Waarom is er extra geld voor het IHP nodig? Dat stond toch al in de begroting van 2023.
Waar staat GVVP voor?
Dit is noodzakelijk voor externe inhuur voor het IHP. In de begroting 2023 is hiervoor geen extra geld opgenomen/.
1.22 1i 1.23 1i
Gemeentelijk Verkeers- en Vervoersplan
Het traject om te komen tot een nieuwe In Q2/Q3 2024 wordt de startnotitie opgesteld om vervolgens GVVP is gepland vanaf mid 2024, te komen tot een nieuw GVVP welke in 2025 ter parallel aan fase 2 van de besluitvorming wordt aangeboden. omgevingsvisie. Voorafgaand de start zal een startnotitie in de raad behandeld
Pagina 4 van 21
1.24 1j
1.25 1j
1.26 1j
moeten worden, wat is de planning hiervoor?
Wat is het geplande vervolgtraject voor bescherming van de cultuurhistorische waarde van de Goede Herderkerk en de Zuiderkerk?
Met de opgave ‘stelt in afstemming met verbonden partijen een lokaal vervolg op de regionale kerkenvisie op’ is beoogd een volgende stap in de visie te brengen. De opgestelde regionale kerkenvisie is met name een ‘foto’ van de huidige situatie, terwijl de raad nu vraagt om een daadwerkelijke visie van de toekomst van alle kerkgebouwen.
Het uitvoeringsplan noemt enkel een aantal concrete kerken, maar gevraagd is om met een visie op kerken/gebouwen van cultuurhistorische waarde op te stellen. Wanneer wordt hierin voorzien? Kan het college toezeggen dat visievorming omtrent kerken/cultuurhistorische gebouwen onderdeel wordt van het uitvoeringsprogramma?
Het bestuur van de Oude Helenakerk wenst een participatietraject. Dit wordt concreet genoemd in het uitvoeringsprogramma. Wat is het doel van dit traject? Verder wordt niet concreet gemaakt hoe de kerkenvisie lokaal verder vorm krijgt. Wordt hier proactief vanuit de gemeente verder vorm aan gegeven, of reactief reagerend op wensen vanuit kerken en andere betrokkenen zelf?
De PKN Aalten heeft de vraag in beraad of zij instemmen met een aanwijzing tot monument van de Zuiderkerk.
Bij de beoordeling van plannen voor herontwikkeling van de Goede Herderkerk worden de cultuurhistorische waarden van het kerkgebouw meegewogen.
De stappen die wij nu voor ogen hebben als vervolg op de Kerkenvisie Oost Achterhoek zijn:
- Inzet op de bescherming van de cultuurhistorische waarden van de Zuiderkerk en de Goede Herderkerk, op basis van het Kerkenpaspoort.
- Op pad met de eigenaren/gebruikers en de bestuurders naar een aantal kerkgebouwen in de Oost-Achterhoek op 12 april 2023, met als doel inspiratie op te doen en verbindingen te leggen met elkaar.
- Een participatietraject voor drie kerken in de OostAchterhoek. Voor Aalten betreft dit de Oude Helenakerk.
Om hiervoor subsidie te genereren hebben we bureau COUP gevraagd een aanvraag op te stellen.
Een toekomstvisie per kerkgebouw (laten) opstellen zit op dit moment niet in de planning. Kerkeigenaren verkopen hun gebouw aan wie zij willen. Wij bepalen de randvoorwaarden en denken mee over het (her)gebruik van de gebouwen, waarbij we oog hebben voor de cultuurhistorische waarden van het kerkgebouw. Tot op heden zijn op deze wijze al verschillende kerkgebouwen herbestemd, met een positief resultaat.
Bureau COUP (die ook de gesprekken heeft gevoerd met de kerkeigenaren en -gebruikers en de opdeknotitie heeft opgesteld) schrijft op dit moment aan het voorstel voor het participatietraject.
Er worden drie verschillende trajecten gevolgd in de OostAchterhoek. Doel van het traject is om de kerkeigenaar te ondersteunen en om ervaring op te doen met dit soort participatietrajecten. Dit mede met het oog op de Omgevingswet.
Wanneer het voorstel voldoet aan de behoefte van de PKN Aalten en gereed is, wordt het voorgelegd aan B & W.
Daarna moet duidelijk worden of het rijk en de provincie een bijdrage willen doen in de kosten van het participatietraject.
Thema 2
Vraag 2
1 2a We lezen “Zit structureel in de begroting. Mocht bijstelling van ambities en doelen nodig zijn, dan heeft dit mogelijk financiële consequenties.” D66 verwacht dat in de komende jaren veel meer middelen nodig zijn in de begroting en dat deze nog niet structureel verwerkt zijn in de begroting. Heeft het college hier een andere verwachting?
Antwoord van het college
Pagina 5 van 21
Ook het college voorziet dat er meer middelen nodig zijn in de komende jaren. Maar het rijk voorziet de gemeenten van extra middelen om invulling te geven aan het Klimaatakkoord.
De gemeente Aalten ontvangt in 2023 € 497.336 in 2024 tenminste € 501.847 en in 2025 tenminste € 506.359 voor de uitvoering van het Klimaatakkoord.
Verder staat in de brief van het ministerie “Het bedrag dat gemeenten in 2023 als basisfinanciering wordt toegekend is in principe ook het minimale bedrag dat gemeenten tot 2030 jaarlijks wordt toegekend. Het enige voorbehoud hier is dat de
Hoe komt het college tot ‘realistische tussendoelen’ en hoe en wanneer worden deze met de raad gedeeld?
Er wordt met name naar de RES en UKZW verwezen en niet naar de warmtetransitie en verduurzaming mobiliteit en bedrijven. Hoe gaat het college dit aanpakken?
2.2 2a
Door de raad is gevraagd om in te zetten om in 2050 (of eerder) energieneutraal te zijn. De uitvoeringsplannen die genoemd worden zijn:
A. Update PvaD B. Opstellen RES2.0 C. En een relatie met het Ukzw
herijking kan leiden tot gewijzigde inzichten wat er nodig is aan middelen.” Dat wordt bepaald in de volgende update van het Plan van Aanpak Duurzaamheid. Deze staat gepland voor het eerste kwartaal 2023. Daarin wordt u uitgebreid geïnformeerd over de doelstellingen en plannen van het college.
De RES 1.0 is een tussendoel voor 2030. De RES 2.0 is een stand van zaken document, maar ook een herijking van het bod. Daaruit zouden aangepaste tussendoelstellingen kunnen volgen.
Voor warmtetransitie, mobiliteit en bedrijven is het lastig om een gemeentelijke concrete duurzaamheidsdoelstelling te bepalen (in aantal elektrische auto’s, laadpalen, en energiebesparing en/of hoeveelheid opwek van groene energie. Een gemeente draait hierbij niet echt aan de knoppen, nog minder dan bij gebouwde omgeving (woningen en gebouwen). Het zal vooral het inzetten van instrumenten als voorlichting, subsidie, ‘goedkope’ leningen, plannen e.d. zijn.
De plannen en doelstellingen om in 2050 (of eerder) energieneutraal te zijn worden jaarlijks aan de raad voorgelegd met de Update Plan van Aanpak Duurzaamheid.
De volgende Update staat gepland voor het eerste kwartaal 2023. Daarin wordt u uitgebreid geïnformeerd over de doelstellingen en plannen van het college.
Welke concrete plannen en doestellingen heeft het college om in 2050 (of daarvoor) energieneutraal te zijn (zie ook programma van eisen)? 2.3 2a
Welke ontwikkelingen zijn er de komende jaren op het gebied van netverzwaring in de gemeente Aalten?
Liander geeft hierover openbare informatie. Ten aanzien van verdeelstation Aalders (Dinxperlo) is het elektriciteitsnet in 2022 uitgebreid. https://www.liander.nl/dinxperlo Op verdeelstation Dale kan door spannings- en capaciteitsproblemen tijdelijk niet worden voldaan aan alle aanvragen. Dit geldt voor verbruik en teruglevering van elektriciteit. Liander lost dit op door het verzwaren en uitbreiden van het distributienet in de omgeving en de kabelcapaciteit te vergroten. Naar verwachting wordt dit gefaseerd tussen eind 2023 en eind 2026 afgerond. https://www.liander.nl/sites/default/files/20221013%20Vooraa nkondigingsdocument%20congestiegebied%20Dale%20v1.1. pdf Voor het hoogspanningsnet is door TeNNet een versterking Doetinchem gepland van 1000 MVA in de periode 2027-2029.
2.4 2b
Begrijpen we het goed dat het college de huidige vorm van een ‘plan van aanpak’ wil voortzetten?
In de jaarlijkse Update Plan van Aanpak Duurzaamheid wordt de raad geïnformeerd over de voortgang, met een kwantitatieve status t.o.v. de tussendoelen en een analyse van belemmeringen. We maken een voortgangsrapportage waar de raad om vraagt.
Of wordt het PvAD omgezet naar een voortgangsrapportage zoals gevraagd,
Pagina 6 van 21
met kwantitatieve status t.o.v. de tussendoelen en een kwalitatieve analyse van belemmeringen? 2.5 2c
2.6 2c
De uitwerking is geen antwoord op de opgave van de raad aan het college.
Kan dit alsnog worden uitgewerkt?
Uit landelijk onderzoek in opdracht van het kabinet blijkt dat kleine gemeenten 8-9 FTE en een gemiddelde gemeente wel 14 FTE extra capaciteit nodig heeft voor nieuwe en sterk geïntensiveerde taken voor uitvoering van het klimaatakkoord. Hoe beoordeelt het college dit?
Hoe gaat de gemeente handelen indien extra slagkracht nodig is? Inhuur of extra formatie? En op welke manier onderscheidt de gemeente zich als werkgever?
2.7 2d
2.8 2d
2.9 2d
Zijn er al wijken in beeld welke in aanmerking komen om de warmtetransitie van de grond te krijgen?
Zo ja, welke wijken zijn dit?
Aan welke structurele communicatie over mogelijkheden om het energieverbruik te verminderen wordt gedacht? Worden er naast de huis-aanhuis bladen en de sociale media van de gemeente nog andere communicatiemiddelen ingezet?
De warmtetransitie is een onderdeel om energie neutraler te worden, maar er zijn veel meer mogelijkheden en instrumenten om energieneutraliteit te stimuleren/te realiseren. Welke acties gaat het college ondernemen (en wanneer) om energieneutraliteit te bevorderen?
Wat is de planning van de TVW? Welke wijken worden wanneer aangepakt?
Pagina 7 van 21
De raad vraag het college om zorg te dragen dat de organisatie de vereiste slagkracht heeft om de duurzaamheidsopgave uit het Plan van Aanpak Duurzaamheid te realiseren. Zoals in het uitvoeringsprogramma beschreven staat, wordt de vereiste slagkracht bepaald op basis van de jaarlijkse evaluatie. Mocht daaruit blijken dat bijstelling noodzakelijk is, dan wordt hier uitvoering aan gegeven.
Met de huidige evaluatie is geconstateerd dat uitbreiding van de huidige capaciteit wenselijk is. Hiervoor wordt binnenkort een vacature opengesteld.
Het college is van mening dat de huidige capaciteit uitgebreid moet worden om invulling te geven aan de nieuwe en sterk geïntensiveerde taken voor uitvoering van het klimaatakkoord.
Er wordt daarom binnenkort een vacature uitgezet voor een extra medewerker Duurzaamheid. Voor uitvoering van de taken vanuit het Klimaatakkoord wordt eerst ingezet op inhuur op basis van de nog vast te stellen klimaatstrategie.
Zie bovenstaand antwoord. Onze energie steken we vooral in om zowel naar buiten, maar ook voor onze medewerkers een goede werkgever te zijn met goede arbeidsvoorwaarden en voldoende ontwikkelmogelijkheden om te groeien Ja, de ‘startwijken’ in de warmtetransitie zijn genoemd in de transitievisie warmte. In 2022 is gestart met ‘Dinxperlo centrum oost’ In 2023 volgt de ‘Planetenbuurt’ in Aalten.
Daarna ‘Kobus’ en ’t Verzet & Bevrijding’.
Er wordt gedacht aan een speciaal platform “Duursamen” via facebook. Ook willen we fysiek aanwezig zijn bij bepaalde activiteiten met een eigen stand. Verder willen we het thema energiebesparing letterlijk in de etalage zetten op bepaalde plekken.
In de warmtetransitie wordt ingezet op besparen (op aardgasverbruik) door woningisolatie en vervanging van aardgasverwarming van woningen. De weg naar energieneutraliteit verlangt acties in het kader van opwek van duurzame energie: RES 1.0. Voorlichting, subsidie, leningen en (wijk)acties gericht op besparen. Minder verbruiken en beter isoleren. Ook energiearmoedebestrijding heeft besparingsdoelen.
De planning van de wijken in de warmtetransitie staan in de TWV. Zie ook het antwoord op vraag 2.7 2d
2.10 2d
Het college verwijst hier met name naar de wijk/buurtuitvoeringsplannen, waar de eerste dit jaar had moet starten en vanaf volgend jaar ieder jaar meerdere wijken moeten aansluiten. Waarom staat de prioriteit dan op midden?
De prioriteit had beter over het hele jaar kunnen worden verdeeld. Bij vaststelling UP wordt dit aangepast.
2.11 2e
Welke projecten zijn er op de korte termijn waarbij er mogelijkheden zijn om de voorbeeldfunctie voor circulair bouwen en/of het aanbieden van bouwmaterialen te benutten?
In 2023 komt beleidsnota met uitvoeringsprogramma. Hoeveel structureel geld is er voor de uitvoeringsprogramma circulariteit?
De herinrichting openbare ruimte centrumgebied Dinxperlo, Allee en Heelweg.
2.12 2e
De raad kan deze nota verwachten in het eerste kwartaal van 2023. Voor circulariteit is jaarlijks € 13.300 beschikbaar.
Eventuele meerkosten voor projecten kunnen ook uit het bredere duurzaamheidsbudget gedekt worden.
Kan het college concreter aangeven in welk kwartaal van 2023 wij deze beleidsnota kunnen verwachten? 2.13 2e
Het lijkt alsof de gehele periode (20222026) wordt gebruikt voor een plan/notitie. Is dit correct?
Nee, dit is niet correct. De beleidsnota wordt in 2023 opgeleverd en het vervolg is een doorlopend proces vanuit een uitvoeringsprogramma.
Is overwogen om van de gemeente Aalten en fairtrade gemeente1 te maken (samen met ondernemers en verenigingen)?
De gemeente heeft zich aangemeld als Global Goals gemeente en voeren de Global Goals stapje voor stapje door in de organisatie. De Global Goals dienen een breder doel en daar is Fair Trade onlosmakelijk mee verbonden. Vooralsnog kunnen we niet aan de voorwaarden voldoen om Fair Trade gemeente te worden.
De notitie is al in een afrondende fase waardoor het niet wenselijk is om hiervoor alsnog een startnotitie voor op te stellen.
2.14 2e
Waarom kiest het college bij dit belangrijke thema niet voor een startnotitie?
2.15 2f
Wat zijn de belangrijkste maatregelen van de droogteaanpak voor 2023?
Zijn er na 2023 plannen op het gebied van de droogteaanpak? Zo ja, welke plannen?
2.16 2f
In het raadsprogramma miste de VVD fractie aandacht voor het gebiedsgericht werken. Dit werd daarom opgenomen als voorbehoud. Kunnen we concluderen dat het college het gebiedsgericht werken belangrijk vindt en ook vanuit die werkwijze aan de slag gaat?
Pagina 8 van 21
Droogtestuwen en dus water zo lang mogelijk vasthouden, in plaats van water zo snel mogelijk afvoeren. De verwachting is dat het aantal stuwen komende jaren oploopt tot in totaal 250
– 400. Daarnaast wordt in het proces van de omgevingsvisie/gebiedsopgave een integrale aanpak uitgewerkt om de vraagstukken uit de verschillende dossiers zoals stikstof, droogte, bodem en water in samenhang te vertalen naar concrete maatregelen. E.e.a. in afstemming met het proces i.h.k.v. het GPLG.
Ja.
2.17 2g
Het college verwijst naar ‘Plan van Aanpak Duurzaamheid’, echter heeft de raad gevraagd dit jaarlijkse plan om te vormen naar een monitoringsinstrument. Heeft het college overwogen om voor beleidsnota’s per ‘deelproject’ waarin de stimuleringsmaatregelen ingebed kunnen worde?
De stimuleringsmaatregelen t.b.v. het klimaat zijn en worden ingebed in verschillende beleidsnota’s. In de Update Plan van Aanpak Duurzaamheid wordt jaarlijks aangegeven hoe het staat met de verschillende ambities en in hoeverre de doelstellingen op de deelterreinen zijn behaald.
2.18 2h
Wat verstaat het college onder klimaatadaptatie? Dat gaat toch veel verder dan maatregelen t.b.v. regenwater?
Klimaatadaptatie gaat inderdaad verder dan alleen regenwater. Het gaat over alle maatregelen om de effecten van klimaatverandering zoveel mogelijk tegen te gaan. Dus dat gaat zowel over omgaan met wateroverlast, als over omgaan met droogte, als over hittestress. Hierbij wordt er breed gekeken naar alle te nemen maatregelen. Het afkoppelen van regenwater is één van die maatregelen, maar er zal onder andere ook gekeken worden naar vergroening.
Dit om de effecten van hittestress tegen te gaan.
2.19 2h
In 2023 wordt het biodiversiteitsplan aan de raad aangeboden met daarin concrete acties. Echter er zijn geen financiële middelen benoemd in het uitvoeringsprogramma. Verwacht het college dat er wel of geen financiële middelen nodig zijn voor het biodiversiteitsplan?
Op het moment dat het biodiversiteitsplan gereed is, weten we ook welke concrete acties we willen gaan doen. Die komen dan in de uitvoeringsagenda. Op het moment dat het biodiversiteitsplan wordt aangeboden aan de raad, wordt gelijk ook de bijbehorende uitvoeringsagenda aangeboden.
En wanneer uit de uitvoeringsagenda blijkt dat we extra financiële middelen nodig hebben, dan wordt dit gelijk meegenomen in het betreffende raadsvoorstel.
2.20 2i
Er wordt verwezen naar het PvA Energiearmoede als raamwerk. Echter dit punt in het raadsprogramma is veel breder, energiearmoede is slechts één specifiek voorbeeld. Hoe gaat het college in de breedte inwoners, energiecoöperaties en ondernemers betrekken?
Het college gaat de inwoners, energiecoöperaties en ondernemers betrekken bij Duurzaamheid via een uitgebreide communicatiestrategie.
De wijze waarop partijen worden betrokken verschilt per deelproject.
2.21 2i
Wanneer kunnen we beleid verwachten om energiearmoede bij ondernemers te voorkomen? Dit is nog niet in het plan van aanpak energiearmoede opgenomen.
In regionaal verband vinden er gesprekken plaats over hoe ondernemers met energiearmoede en bedrijven die willen verduurzamen, ondersteund kunnen worden. Er wordt gedacht aan een Expertisecentrum voor zowel grote als kleine bedrijven in de Achterhoek. Daarnaast heeft het college besloten een deel van de provinciaal beschikbaar gestelde gelden in te zetten voor energiescans bij het MKB.
Vraag 3
1 3 Thema 3 Het college benoemt dat het innovatieve instrumenten als leven lang leren gaat inzetten, maar ik zie dat niet terug in de punten die daarop volgen. Op welke manier gaat de gemeente dat stimuleren en betrekt het werkgevers daarbij?
Antwoord van het college
Pagina 9 van 21
Deze innovatieve instrumenten zijn gevat in de uitvoeringsnota Sociaal Domein en zijn puur als concreet voorbeeld aangehaald. Niet specifiek elk instrument wordt vervolgens besproken in het uitvoeringsprogramma.
Voor leven lang leren geldt dat dit wordt gestimuleerd via het Achterhoeks Talentenfonds Opijver. Dit is een regionale samenwerking van werkgevers(organisaties), vakbonden,
onderwijs, gemeenten en het UWV. Opijver kent 2 doelstellingen:
1. Het leveren van een bijdrage aan de aanpak van de mismatch op de regionale arbeidsmarkt;
2. Bijdragen aan de totstandkoming en ontwikkeling van een leercultuur bij inwoners en werkgevers.
Opijver levert een bijdrage hieraan door de uitgifte van scholingsvouchers aan inwoners en het, in nauwe samenwerking met derden (sectoren, werkgevers, onderwijs, sociale partners, gemeenten en UWV) ontwikkelen van initiatieven die gericht zijn op de beschreven doelstellingen. 3.2 3a
In de raadsmededeling 167-2022 | Uitvoeringsnota sociaal domein wordt gesproken over de professionalisering die wellicht nodig kan zijn bij verenigingen en vrijwilligersorganisaties Worden zij hierbij en ook bij het zoeken naar de “helpende handjes” ondersteund? En zo ja door wie.
We zien landelijk dat het verenigingsleven anders georganiseerd wordt en dat er sprake is van een bepaalde mate van professionalisering. De klassieke structuur staat onder druk door tekort aan bestuursleden en vrijwilligers, afnemende ledenaantallen, leden die andere eisen stellen aan bewegen en sporten enz. Ook de inflatie en energiecrisis leveren nieuwe grote uitdagingen op die de al eerder ingezette ontwikkelingen versterken. Er komen via de verenigingsondersteuner, de stuurgroep van het beweeg en sportakkoord, uw raad, de wethouder en medewerkers beleid, accommodaties en subsidies bij de gemeente signalen binnen dat dit ook in Aalten speelt of zal gaan spelen. De signalen gaan meestal over acute vraagstukken waar verenigingen nu al tegenaan lopen. Uiteraard proberen we mee te kijken wat gedaan kan worden bij het vinden van een oplossing. Maar de signalen in combinatie met de landelijke ontwikkelingen maakt dat wij besloten hebben om in de eerste helft van 2023 een ronde langs verenigingen te maken en met hen in gesprek te gaan over de huidige situatie en de toekomst. Op basis daarvan kunnen wij vervolgens in samenspraak kijken waar wel of geen behoefte aan is en wat nodig is voor de toekomst.
Dat kunnen wij vervolgens ook langs het Rijksbeleid leggen.
Dat bij de oplossing een zekere mate van professionalisering aan de orde is lijkt waarschijnlijk. Waar deze uit zou moeten bestaan hangt af van wat wij ophalen bij de verenigingen (waar draagvlak voor is) en vervolgens van de vraag hoe dit te organiseren en financieren. In de nota staat daarom inderdaad dat professionalisering wellicht nodig is, maar wordt dit nog niet verder ingevuld.
3.3 3a
Wordt met de uitvoeringsagenda de uitvoeringsnota Nota Sociaal Domein bedoeld of de uitvoeringsagenda op pagina 44 van de Nota Sociaal Domein?
Of gaat het om een ander document?
Wanneer worden de eerste cijfers vanuit het centrale monitoringssysteem van de inkoop sociaal domein verwacht? Kan het college vanaf die datum elke drie maanden een overzicht van cijfers aan de raad te verstrekken in een RM?
Dat klopt, met de uitvoeringsagenda wordt de uitvoeringsnota bedoeld.
3.4 3a
3.5 3a
Hoe gaat het college zorgen voor een periodieke, cijfermatige en inhoudelijke terugkoppeling van de Nota Sociaal Domein?
Pagina 10 van 21
De eerste regionale cijfers zijn inmiddels binnen. Die verwerken wij in een dashboard dat half december richting de gemeenteraad gaat. Daarbij dient te worden opgemerkt dat er een onderscheid is tussen een lokaal dashboard en de regionale monitoring.
Het is de bedoeling dit na afloop van elk kwartaal op te leveren.
Zie antwoord bij vraag 3.4
3.6 3a
In de uitvoeringsnota Sociaal Domein staan weinig meetbare doelstellingen.
Hoe denkt het college onderdeel 3a van het raadsprogramma voldoende uit te kunnen voeren?
Er zijn op project- en interventieniveau wel meetbare doelstellingen. Die staan verwoord in de onderliggende plannen. Deze hebben wij nu niet een op een overgenomen in de uitvoeringsnota omdat deze dan te gedetailleerd zou worden. Maar wij willen op het niveau van de uitvoeringsnota ook graag komen tot een behapbaar aantal meetbare doelstellingen. Dit willen we graag in samenspraak met de commissie sociaal domein van uw raad doen. Dan weten we ook dat uw focusgebieden zijn meegenomen.
Uiteraard blijven wij uw raad daarnaast lopende het jaar meenemen in de resultaten van projecten en interventies.
En wij willen resultaten in de loop van de komende periode ook verder op een hoger abstractieniveau meetbaar maken en zijn daarom bijvoorbeeld bezig met bijvoorbeeld Datalab Go en Achterhoek Monitor.
3.7 3a
In de tekst staat “Als gevolg van de nieuwe inkoop zal de periodieke en cijfermatige terugkoppeling nog worden vormgegeven”. Wat is de laatste stand van zaken hieromtrent? Wanneer kan de raad de eerste cijfers tegemoet zijn?
Zie antwoord bij vraag 3.4
3.8 3b/n
Hoe vindt de Nota Inclusie en Stimuleren gezonde levensstijl zijn weg in de omgevingsvisie en omgevingsplan? En hoe voorkomen we dat we één en andere in verschillende beleidsstukken regelen?
3.9 3b
Waarom is diversiteit als zodanig hier niet apart benoemd?
Er is een nauwe samenwerking van het projectteam Omgevingswet en specifiek het kernteam Omgevingsvisie met alle beleidsdomeinen. Hierbij is vanuit het maatschappelijk doel van de omgevingswet specifiek aandacht voor beleid gericht op een gezonde en veilige leefomgeving in de breedste zin van het woord. Dus ook maatregelen gericht op bevordering van een gezonde levensstijl (wandelen, fietsen, bewegen, ontmoeten) en inclusie waar kansen en mogelijkheden liggen om deze in de fysieke leefomgeving te benutten. De omgevingswet betreft de fysieke leefomgeving.
Niet alle aspecten hebben een doorwerking in de fysieke leefomgeving dus er blijven altijd verschillende beleidsvisies en ontwikkelingen bestaan.
In de startnota inclusie staat hierover het volgende: in 2022 gaan we onderzoeken wat past binnen de gemeente Aalten binnen het thema diversiteit. Er is inmiddels een klankbordgroep LHBTI opgericht die bezig is met een planning voor 2023.
3.10 3c
Er wordt nader onderzoek gedaan naar een laagdrempeliger toegang. Kunt u een toelichting geven op dat onderzoek?
Gebeurt dat intern of extern? Begrijp ik uit de planning dat eind 2023 duidelijk is waar en hoe die verbeterde toegang eruit komt te zien en dat die dan ook in werking is getreden?
Over welke hulp en ondersteuning gaat punt 3c nou eigenlijk? Indien 3c ingaat op hulp en ondersteuning m.b.t. de arbeidsmarkt: welke bestaande voorzieningen voor hulp en ondersteuning worden er betrokken bij het onderzoek naar het opzetten van een
3.11 3c
Pagina 11 van 21
Er vindt een nadere verkenning plaats hoe de laagdrempeligere toegang het best kan worden gerealiseerd.
Hierbij worden medewerkers, inwoners en maatschappelijke organisaties betrokken. De verwachting is eind 2023 duidelijk is hoe de verbeterde toegang komt uit te zien. De termijn van inwerkingtreding is afhankelijk van de uitkomsten van deze verkenning.
De hulp en ondersteuning die bedoeld wordt, is de hulp-opmaat die we bieden vanuit de Jeugdwet, Wmo, Participatiewet, Wet gemeentelijke schuldhulpverlening, zoals vastgesteld in de Verordening Sociaal Domein.
Zie voor verdere beantwoording vraag 3.10.
3.12 3d
centraal punt (KCC), en op welke manier?
Welke acties worden door het college ondernomen op het gebied van drugsen drankgebruik?
Op regionaal niveau is er sprake geweest om het IJslandse model te introduceren, waarbij Aalten zou participeren. Wat is de stand van zaken? Of opteert Aalten voor in de invoering van IJslands model in Aalten?
Op welke wijze wordt de (mentale) weerbaarheid en veerkracht van onze jongeren versterkt?
Welke concrete doelen worden op dit thema nagestreefd? En hoe sturen we daarop? Op welke momenten wordt de raad betrokken?
Vanuit de drugsaanpak zijn de volgende acties / interventies ingezet:
- Inzet Jeugdpreventie medewerker
- Bebording hanglocaties (met regels, zodat er gehandhaafd kan worden);
- Helder op school;
- Extra inzet jongerenwerk;
- NIX 18 brieven;
- Samenwerking politie en andere maatschappelijke partners verstevigd;
- Home party’s door Iriszorg;
- Voorlichting Sjoks festival door Iriszorg;
- Voorlichting statushouders door Iriszorg.
Met betrekking tot het IJslands Model (het heet nu ‘Opgroeien in een Kansrijke Omgeving’ afgekort OKO), volgen we momenteel de projecten in andere gemeenten, en zijn we in gesprek met Trimbos over mogelijkheden om aan te sluiten Weerbaarheid vergroten: we gaan door met THINK op school, voorlichting door HALT, waarbij o.a. groepsdruk een thema is.
Verwijzen naar weerbaarheidstrainingen van het PPJ, voor zowel po als vo leerlingen Daarnaast zetten we het jongerenwerk meer in op voortgezet onderwijs, zodat zij jongeren eerder in beeld hebben.
Het doel is dat alle jongeren en ook ouders meer en beter bewust zijn van de gevolgen van het gebruik van drugs en alcohol. Indien ze vragen, advies of ondersteuning nodig hebben, dan weten ze waar ze terecht kunnen.
Door de inzet van de preventiemedewerker jeugd willen we jongeren eerder in beeld hebben en begeleiden richting ondersteuning of zorg.
We sturen hierop door de samenwerking met het onderwijs, politie en andere partners te verstevigen en door de uitgerolde interventies. Waar nodig kunnen we bijsturen en de drugsaanpak blijft in ontwikkeling en afstemming met elkaar. (stuurgroep drugsaanpak) De raad wordt betrokken als er nieuwe ontwikkelingen zijn.
3.13 3d
Jong in Aalten; alinea 3; alle kinderen en jongeren moeten zichzelf zijn en meedoen. Concreet wordt er genoemd dat er regionaal hard wordt gewerkt om jongeren aan het werk, of naar school of dagbesteding te laten gaan. Wat is het plan m.b.t. de ontspanning en de plek elkaar te ontmoeten? Zowel in de grote kernen als in het buitengebied.
Er zijn 2 jongerenhuizen, in de kern Aalten en de kern Dinxperlo. Daarnaast ondersteunen we de overige jongerencentra met subsidie en begeleiding van Figulus waar nodig. We hebben actieve jongerenwerkers die een groot aanbod aan activiteiten hebben voor verschillende leeftijden.
3.14 3d
Wat gaat de gemeente zelf proactief doen om voor de jeugd de toegang tot zorg te verbeteren? Hoort daar actief beleid richting scholen en actieve communicatie bij?
Door het inzetten op Integrale Kindcentra en de uitrol van de Gelijke Kansen Alliantie samen met het onderwijs, maken we de scholen onderdeel van de toegang en daarmee wordt de toegang steeds laagdrempeliger, dichterbij en vindbaarder.
Het OT is ook onderdeel geworden van het zorgteam binnen het onderwijs. Momenteel worden er gesprekken gevoerd tussen ondersteuningsteam en onderwijs hoe dit het beste te
Pagina 12 van 21
realiseren valt. Vanuit het Nationaal Programma Onderwijs wordt extra inzet bekostigd. Daarnaast hebben scholen hun eigen zorgstructuur, afstemming tussen onderwijs en gemeente vindt structureel plaats.
3.15 3e
Op welke manier hoopt het college de jongeren te bereiken?
3.16 3e
Er staat in de tekst dat “Jongeren wordt gevraagd naar wat zij belangrijk vinden”.
Hoe vindt dat plaats? Wat wil het college gaan ondernemen om jongeren bij beleid te betrekken? Ofwel, de raad vraagt om een plan. Hoe en wanneer krijgt dat handen en voeten?
3.17 3d/e/ f
Er wordt veel aandacht besteed aan jongeren. Door scholen, welzijnsorganisatie en preventieve projecten wordt van alles georganiseerd en op touw gezet. Wie monitort de kwaliteit van wat ingezet wordt, het concrete bereik en het resultaat?
3.18 3f
Wat is de definitie van de sociale basis volgens het college?
3.19 3f
Het inzetten op versterking van de sociale basis is een open-eind-regeling.
Welke criteria heeft het college zich gesteld om te wegen of er wel of niet extra geïnvesteerd wordt in deze versterking?
We willen de sociale basis versterken.
Een van de middelen die hiervoor goed ingezet kan worden is het bekende Naoberfonds. We zien hier nu niets concreet over terug, maar is het college voornemens om het Naoberfonds opnieuw voor het voetlicht te brengen en te bekijken hoe dit nog breder en laagdrempelig inzet kan worden ten bate van het versterken van de sociale basis?
Hartstikke goed dat we als gemeente volop inzetten op de sociale basis en
3.20 3f
3.21 3f
Pagina 13 van 21
Het jongerenwerk maakt veel gebruik van social media en door extra inzet van het jongerenwerk op het po / vo kunnen we de jongeren bereiken. Daarnaast willen we voorzien in jongerenhuizen en ondersteuning van de jongerencentra. Via de naschoolse activiteitenraad en door het opzetten van een jongerenraad willen we eveneens de jongeren bereiken.
De jongeren mogen zelf bepalen welke vorm ze geven aan de jongerenraad. Zowel de jongerenwerkers als de gemeente zal ze hierbij ondersteunen. De gemeente faciliteert ook door middel van een budget die de jongeren bijvoorbeeld kunnen gebruiken om hun achterban te bereiken of meer jongeren te betrekken bij de jongerenraad. Het jongerenwerk blijft verbonden aan de jongerenraad.
De preventieve projecten van het Preventie Platform Jeugd worden geëvalueerd, en er ligt een plan voor monitoring via 8rhk gezond.
De methodes die door het PPJ worden ingezet zijn evidence based of practice based.
Er vindt maandelijks een preventie overleg met diverse maatschappelijke partners plaats, waarin ook de diverse projecten en interventies die ingezet worden besproken dan wel geëvalueerd worden. Daarnaast maken we gebruik van de GGD jeugdmonitor. Structurele terugkoppelen gebeurt via de commissie Sociaal Domein.
De sociale basis is het geheel van formele en informele organisaties, diensten, voorzieningen en betrekkingen die het mogelijk maken dat mensen in redelijkheid in sociale verbanden (buurten, groepen, netwerken, gezinnen) samen kunnen leven en kunnen participeren in de samenleving (nota sociaal domein, 2021) Dit en de wijze van het informeren van de raad zal nog nader worden uitgewerkt.
Het Naoberfonds zal samen met andere subsidieregelingen in een integrale regeling worden vormgegeven waardoor de mogelijkheden en de reikwijdte van het Naoberfonds verder zullen toenemen.
Zie beantwoording vraag 3.2.
3.22 3f
goed luisteren naar de vraag van de inwoners. In hoeverre zetten we ook in op het versterken van de draagkracht en inzetbaarheid/verantwoordelijkheid van onze inwoners, zodat de sociale basis daadwerkelijk kan bestaan en uitgebreid kan worden? We hebben hiervoor immers onze inwoners als vrijwilligers, in bijvoorbeeld het verenigingsleven, keihard nodig.
Op welke manier levert het meer samenhang brengen in activiteiten een bijdrage aan het versterken van de sociale basis?
Welke acties gaan ondernomen worden om de zgn. sociale basis te versterken?
En van wie?
Wat zijn potentiële problemen hieromtrent?
3.23 3f
Graag een toelichting op deze zin: 'De ontwikkelplekken van Achterhoek Gezond maken inzichtelijk en meetbaar wat de gezondheidswinst is.' En een toelichting op deze zin: 'Ook wordt duidelijk wat de investering in preventie in euro’s oplevert.'
3.24 3h
3.25 3j
Op welke manier wil dit college het onderwijs betrekken bij het bereiken van jonge mantelzorgers?
Wij zetten hier zeker op in bijvoorbeeld via het PPJ, de mantelzorgondersteuning en de ondersteuning vanuit Plan Talent en het huidige beweeg- en sportakkoord en het toekomstige beweeg- sport en leefstijlakkoord.
Wanneer men elkaar kent, zijn er mogelijkheden om samen te werken en mogelijk gebruik maken van elkaars faciliteiten. Dit zorgt voor een verbinding tussen verschillende partijen.
Verschillende (bestuurs)functies voor meerdere verenigingen kunnen zo gezamenlijk ingevuld worden. Voor onze inwoners betekent dit dat zij beter de weg binnen de sociale basis kunnen vinden.
We willen dit doen met behulp van extra inzet op verenigingsondersteuning en het borgen van vitaalbad.
Het is een uitdaging om de sociale basis goed in beeld en in samenhang te brengen en te houden. Hierin speelt ook het gebrek aan vrijwilligers een rol.
Achterhoek Gezond heeft vier ontwikkelplekken aangewezen waar wordt onderzocht of een investering in preventie ertoe leidt dat mensen langere een betere gezondheid ervaren. De verwachting is dat een gezondere populatie de zorgvraag kan doen afvlakken. De ontwikkelplekken maken inzichtelijk hoe Achterhoek Gezond (en de systematiek van het kavelmodel anders organiseren/financieren en monitoren) in de praktijk werkt. Op de site https://8rhk.nl/project/achterhoek-gezondgemeenten/ staat steeds de laatste informatie.
De vraag wordt regelmatig gesteld of aangetoond kan worden dat preventie leidt tot een afname van zorgkosten. En hoe ervoor gezorgd kan worden dat de besparingen op termijn ook weer ten goede komen aan de investeerders. Door de systematiek van een revolving fund wil Achterhoek Gezond dit uitproberen en testen. Omdat het op grote schaal heel complex is om dit in te richten en het wel belangrijk is om te ontwikkelen wordt dit op behapbaar niveau in de ontwikkelplekken getest.
Is nog in ontwikkeling. Er zijn ideeën over lespakketten voor het onderwijs over het thema ‘opgroeien met zorg(en)’.
Hoe gaat de gemeente zorgen om in 2023/2024 de specifieke behoefte van (jonge) mantelzorgers in kaart te brengen?
Dit is ook nog in ontwikkeling. Voor de jonge mantelzorgers willen wij hierover in gesprek met JMZ Pro.
Er lijkt sprake te zijn van een misverstand. De achterliggende gedachte van deze opgave is dat mensen (pro)actief worden
Het college maakt zich daar sterk voor en blijft dit ook de komende periode doen door o.a. de volgende acties:
Pagina 14 van 21
opgezocht/benaderd, teneinde juiste hulp en ondersteuning te bieden. In het uitvoeringsprogramma lijkt de focus verschoven te worden naar toegankelijkheid van het gemeentelijke apparaat. Het gaat immers niet op hoe de gemeente gevonden kan worden, maar hoe de gemeente de mensen kan vinden. Kan derhalve antwoord gegeven worden welke acties het college gaat ondernemen om (onzichtbare / stille ) doelgroepen op te zoeken, te benaderen en te informeren over regelingen die er zijn met als doel hen ondersteuning te bieden?
-
-
-
-
Outreachend werken van maatschappelijk werk wordt geïntensiveerd. Maatschappelijk werkers zoeken inwoners actief op;
Korte lijnen met maatschappelijke partners die veel inwoners spreken en hen informeren over de juiste ingangen zodat zij inwoners kunnen motiveren om zorg en ondersteuning te bieden (zie bijvoorbeeld de werkwijze van het GRIP-team);
In samenwerking met maatschappelijke partners zoals het onderwijs, de GGD, het Jeugdfonds Sport en Cultuur, Meedoenpact enz. proberen wij zoveel mogelijk verschillende inwoners te bereiken, informeren en motiveren;
Via het Participatiepact proberen we samen met Figulus en Laborijn gericht mensen op de laagste treden van de participatieladder mee te laten doen in diverse activiteiten.
3.26 3l
Er wordt met name geredeneerd vanuit bestaanszekerheid, dat is ook belangrijk. Echter, armoede is een basis voor veel meer problemen, zoals een voorspeller van (jeugd)zorg, relatieproblematiek, gezondheid en kansenongelijkheid. Op welke wijze wordt deze integrale benadering geborgd?
Deze integrale benadering is geborgd door de wijze van werken binnen het Sociaal Domein.
Alle consulenten binnen het Sociaal Domein werken op een integrale wijze samen via de omgekeerde toets. Wat wil zeggen dat altijd als eerste wordt gekeken naar wat nodig is en of dat past binnen de grondwaarden van de diverse wetten binnen het Sociaal Domein. Pas als dit helder is komt de juridische toets.
3.27 3m
Wat mogen we van Figulus verwachten betreffende het ondersteunen van psychisch kwetsbaren. Een welzijnsorganisatie heeft immers niet vanzelfsprekend alle expertise in huis.
3.28 3n
In de tekst staat “Daarom wordt een continue dialoog gevoerd met alle spelers in het veld en met inwoners.” Dat klinkt mooi, maar wat houdt dit in?
Het betreft een laagdrempelige inloopvoorziening gericht op het bieden van een veilige plek om op adem te komen. De medewerkers richten zich vooral hierop. Er is voldoende expertise van de doelgroep aanwezig. Bij complexe vragen zijn de medewerkers op de hoogte van de mogelijkheden voor doorverwijzing.
De dialoog met de spelers in het veld willen we lokaal inrichten via het platform van het beweeg- sport en leefstijlakkoord. Hier komen organisaties samen, krijgen zij informatie en vinden zij inspiratie en kunnen zij elkaar vinden om ideeën in uitvoering te brengen. Hier wordt ook gedeeld welke problemen en vraagstukken er in de samenleving ontstaan waar en oplossing voor moet worden gevonden.
Op welke manier wordt aandacht geschonken aan gezonde leefstijl bij evenementen, bijv. op het gebied van alcoholgebruik e.d.?
Professionals werken steeds meer via de methodiek van positieve gezondheid. Zij zijn met inwoners (cliënten, patiënten, bewoners enz.) in gesprek over wat voor hen nodig is om de uitdagingen van het leven aan te kunnen. Zij kunnen hen helpen bij het vinden van de juiste voorzieningen, interventies enz. Zij geven ook signalen door als er vragen of verzoeken komen waar nog geen route voor is ontwikkeld.
Daar kan dan bijvoorbeeld vanuit het bovengenoemde platform weer op worden gereageerd.
Dat hangt sterk af van de aard en organisatie van het evenement en de invloed die wij erop hebben. Als wij mede organiseren vragen we specifiek aandacht. Denk bijvoorbeeld aan de side events van de sportevenementen van Achterhoek
Pagina 15 van 21
3.29 3n 3.30 3n
Vraag 4
1 4a In hoeverre en hoe wordt de raad betrokken bij de pilot met de twee focusgebieden?
Antwoord van het college
Kunt u iets meer toelichting geven op deze zin: In 2023 wordt concreet invulling gegeven aan twee focusgebieden m.b.t. woonzorgzones/inclusieve wijken.
Thema 4 Op welke manier kan / wil het college initiatieven voor bedrijfsverzamelgebouwen ondersteunen en stimuleren?
in Beweging of activiteiten voor kinderen in de nationale sportweek. Staan wij op meer afstand dan attenderen wij organisaties bijvoorbeeld op de handreiking evenementenveiligheid van de GGD. Daarin is ook aandacht voor gezondheidsaspecten.
Zodra het plan van aanpak gereed is zal de gemeenteraad hierover geïnformeerd worden. Daarnaast wordt u via de reguliere kanalen op de hoogte gehouden van de voortgang.
Aanvullend op de campagne Heerlijk Thuis in Huis wil het college samen met inwoners, De Woonplaats en andere (maatschappelijke) organisaties de woon- en leefomgeving aanpassen om de inwoner vitaal ouder te laten worden.
Hierbij maken wij gebruik van de nog in ontwikkeling zijnde wonen en zorg kaarten en de landelijk opgestelde richtlijnen en afspraken die op verschillende onderdelen gemaakt zijn.
Op dit moment worden de voorbereidingen getroffen, middels een plan van aanpak om dit binnen de gemeente te implementeren. In 2023 willen we in 2 focusgebieden/buurten binnen de gemeente samen met de bewoners in deze gebieden uitvoering geven aan het verbeteren van woon- en leefomgeving, waarbij we eveneens koppelkansen zoals klimaatadaptatie willen benutten.
Zoals gesteld dient dit een particulier initiatief te zijn. We ontvangen momenteel geen signalen dat er te weinig aanbod aan kleinschalige bedrijfsruimte is.
4.2 4a
Hoe realiseert het college vestigingsplekken voor bedrijven en zzp’ers?
4.3 4b
Hoe gaat u de administratieve lastendruk terugdringen? Waarom schrijft u niet op dat ingezet wordt op algemene regels in plaats van vergunningen? Is dat de inzet voor het omgevingsplan?
4.4 4c
We lezen dat Economische Agenda aangevuld gaat worden. Wordt hierin opgenomen hoe de gemeente Aalten ondernemers kan ondersteunen bij diverse vraagstukken?
Ja
4.5 4d
De provincie is vanuit AgriFood volop bezig met een andere / aanvullende
Ja, we onderzoeken eerst welke landelijke/provinciale regelingen er zijn, om vervolgens de noodzaak/wens voor lokale aanvullende fondsen verder te concretiseren.
Pagina 16 van 21
We voeren momenteel een verkenning uit naar de mogelijke locaties voor de uitbreiding van het bedrijventerrein bij de kern Aalten. Het betreft hier 8 à 10 hectare. In 2023 wordt door de zeven Achterhoekse gemeenten en de provincie een nieuw Regionaal Programma Werklocaties (RPW) opgesteld voor de periode 2024-2028. Daarnaast hebben we aandacht voor bestaande terreinen. We gaan mogelijkheden voor efficiënter ruimtegebruik, verduurzaming en klimaatadaptatie onderzoeken.
Zoals aangegeven gaan we de administratieve lastendruk waar mogelijk verminderen door in het omgevingsplan – daar waar dat kan – te werken met algemene regels in plaats van vergunnings-/meldingsplichten. De inzet is niet dat per definitie een voorkeur bestaat voor algemene regels. In het omgevingsplan zal voor elke locatie, op een evenwichtige wijze, een toedeling van functies moeten plaatsvinden (‘evenwichtige toedeling van functies aan locaties’). Per functie en per locatie zal beoordeeld moeten worden hoe die evenwichtigheid gerealiseerd en/of geborgd kan worden. Aan de hand van die analyse zal bepaald worden of er sprake zal
4.6 4e
4.7 4e
beloningsstructuren voor de boeren.
Sluit het college daar op aan?
Regionale grensoverschrijdende samenwerking (tussen ondernemers) wordt reeds gedaan en gecontinueerd.
Wat levert het huidige werk/activiteiten hierin concreet op? En hoe is bepaald dat reeds voldoende gedaan wordt en nu geen verdere nieuwe actie nodig is?
Zet het college ook in op meer grensoverschrijdende samenwerking tussen onze eigen gemeente en gemeenten in Duitsland?
We realiseren grensoverschrijdende verbindingen en delen kennis met verschillende partijen. Er bereiken ons geen signalen vanuit ondernemers of andere partijen dat er behoefte is aan een intensivering van de huidige werkwijze.
Ja, voor zover dat nuttig is. Meer samenwerking op zich is geen doel natuurlijk. Maar daar waar het bijdraagt aan de beleidsdoelen van de gemeente en het past binnen de kaders van de Nota Immer Besser zullen we inzetten op samenwerking.
4.8 4f
Is ook met een tevredenheidsonderzoek of op een andere manier bevraagd of ondernemers zelf ook van mening zijn dat contacten tussen hen en de gemeente goed en geborgd is?
4.9 4g
Het uitvoeringsplan lijkt zich te beperken tot visies. Gevraagd om acties te formuleren om te vitale kernen te organiseren/faciliteren met oog voor een levendige combinatie van winkels, horeca en andere zaken. Gevraagd is dus wat het college kan/wil doen om een impuls te geven op de huidige situatie. Kan hierop antwoord gegeven worden?
4.10 4g
Wat gaat het college concreet doen, behalve onderzoeken en beleid opstellen?
Horecavisie kaders zijn in 2022 bepaald en vastgelegd in een startnotitie. 2022 is bijna voorbij. Wanneer zien we dit in de raad?
Wil de gemeente de extra menskracht intern beleggen of wordt die extern ingekocht?
Zie antwoord bij vraag 4.9
Welke acties en initiatieven worden ondernomen met/richting Duitsland?
In november 2022 verschijnt de ‘Regio in Beeld 2022 van de arbeidsmarkt regio Achterhoek’. Hierin worden de uitdagingen en oplossingsrichtingen voor de regionale arbeidsmarkt benoemd en wordt het volgende aangegeven:
4.11 4j
4.12 4k
4.13 4n
Nee, niet middels een onderzoek. In het bestuurlijk overleg met de Industriekring Aalten-Dinxperlo (IKAD) komt de vraag regelmatig aan de orde. Tot nu toe wordt geconcludeerd dat de lijnen kort zijn en het contact naar tevredenheid is. Ook met andere besturen van ondernemersverbanden zijn de lijnen kort.
Onderdeel van een visie is ook een uitvoeringsagenda waaruit concrete maatregelen volgen, zie Centrumvisie Dinxperlo.
Een evaluatie/herijking van het Centrumplan Aalten volgt in ’24.
De tekst suggereert dat de startnotitie ook in 2022 wordt vastgesteld. Dit is echter niet het geval. Deze volgt in Q2 van 2023.
We willen deze taak beleggen binnen de eigen organisatie zodat kennis, werkwijzen en contacten geborgd zijn.
Nederland is niet het enige land met tekorten op de arbeidsmarkt. Vrijwel de gehele Europese arbeidsmarkt kampt met personeelstekorten. Hoewel het niet altijd gemakkelijk is om in het buitenland nieuw talent te werven, is het wel degelijk mogelijk. Om vraag en aanbod in deze grensregio bij elkaar te brengen, werken EURES-adviseurs in de Achterhoek nauw samen met de EURES-adviseurs van de Agentur für Arbeit – de Duitse Public Employment Service. De cross-border en Europese dienstverlening van EURES speelt
Pagina 17 van 21
in op de behoefte van werkgevers en werkzoekenden.
Werkgevers die vacatures niet met aanbod in Nederland kunnen vervullen, krijgen advies en oplossingen aangeboden om personeel over de grens en in Europa te werven.
Werkzoekenden kunnen bij EURES terecht om hun zoekveld te vergroten en advies te krijgen over het werken in een grensregio of in Europa.
Daarnaast participeren wij ook in het Netwerkbureau.
Vraag 5
1 5a 5.2 5c/e/ g 5.3 5d 5.4 5d 5.5 5f 5.6 5f Thema 5 Hoe worden we als raad geïnformeerd over de punten uit de nota warm bad voor cultuur die tot nu toe uitgevoerd zijn en hoe worden deze gecontinueerd. De gemeente, maar ook de Talentverbinder, werkt intensief samen met verenigingen, schrijft u. Hoe ziet dit er concreet uit en hoeveel en welke verenigingen betreft dit?
Antwoord van het college
Hoe vanzelfsprekend is deze samenwerking, of zijn er verenigingen die men niet spreekt of die geen behoefte hebben aan een samenwerking?
Zijn de kosten van het opstellen van de visie zwembaden niet al meegenomen in de begroting 2023?
Worden alle opties meegenomen, ook een eventuele sluiten van een zwembad?
Staat hier nu dat de gemeente niet actief op zoek gaat naar een vaste locatie voor kunst/cultuur/muziek in Dinxperlo?
Wat is nu het voorstel van het college: gaat er gekeken worden naar een vaste
Pagina 18 van 21
Hier wordt zoals aangegeven jaarlijks over gerapporteerd via een raadsmededeling.
In Plan Talent is de rol van de verenigingsondersteuner opgeschreven. De rol van de talentverbinder op het gebied van verenigingsondersteuning is:
- Ondersteunt verenigingen vraaggericht bij financiële, bestuurlijke en organisatorische vraagstukken. Het gaat dan om meedenken, adviseren en verbinden.
- Organiseert collectieve informatie- en scholingsavonden en ontmoeting/netwerkbijeenkomsten Alle verenigingen kunnen een beroep doen op de verenigingsondersteuner. De verenigingsondersteuner laat via nieuwsbrieven, deelname aan bijeenkomsten en bezoeken op locatie weten wat zijn of haar taak is. De verenigingsondersteuner is geen uitvoerder. Dat is in de eerste plaats de taak van de verenigingen zelf. De verenigingsondersteuner kan wel samen met de vereniging uitzoeken welke vragen er zijn en wie kan worden betrokken voor het vinden van oplossingen. Dat kan zijn de gemeente, de bond, een ondersteuningsorganisatie, een fonds of subsidieverlener, een andere vereniging enz. De verenigingsondersteuner komt niet alleen in beeld bij problemen, ook bij het verzilveren van kansen wordt deze ingeschakeld.
In de eerste helft van 2023 gaat de gemeente in gesprek met verenigingen over wat er allemaal speelt, wat zij zien als kansen en bedreigingen en wat de visie van de vereniging op de toekomst? Deze informatie leggen wij naast de huidige afspraken en werkwijzen en naast het nieuwe Rijksbeleid. Op basis hiervan komen voorstellen over het verder toekomstbestendig maken van het verenigingsleven.
Nee. Daarin is enkel de actie en doelstelling beschreven.
Alle opties worden meegenomen.
De gemeente heeft geen actieve rol in het benaderen van verenigingen met de vraag of men goed zit qua huisvesting / onderkomen. Echter, als een vereniging zich meldt met een dergelijk vraagstuk dan zullen we actief met de initiatiefnemers in gesprek gaan om tot passende huisvesting te komen.
Zie antwoord op vraag 5.5
locatie (conform verzoek van de raad) of niet? 5.7 5g
Op welke wijze worden de ervaringen van de talantverbinders teruggekoppeld, indien voorzien van aanbevelingen?
Omdat binnen het plan Talent wordt samengewerkt met diverse lokale partners uit het sociaal domein, onderwijs, sport en cultuur kent het plan een organisatiestructuur met een duidelijk verdeling van taken en rollen. De inhoudelijke regie ligt bij de stuurgroep Talent. De stuurgroep draagt ook zorg voor afstemming op bestuurlijk niveau. De talentverbinders sluiten aan bij de vergadering van de stuurgroep.
Om de samenwerking tussen de verschillende beleidsvelden van de gemeente en de stuurgroep te versterken is onlangs een gemeentelijke klankbordgroep in het leven geroepen.
Deze klankbordgroep wordt via de gemeentelijke vertegenwoordiger in de stuurgroep geïnformeerd. Hierin vindt dus ook een terugkoppeling plaats van de werkzaamheden en ervaringen van de talentverbinders en de talentcoaches. Daarnaast fungeert de klankbordgroep als denktank en heeft deze een adviserende rol.
5.8 5g
Wat gemist wordt is dat er een aanspreekpunt van de gemeente is die verenigingen daadwerkelijk helpt en ondersteunt bij diverse zaken, zoals bij subsidies. Niet iemand die meedenkt, adviseert en verbindt (want dat is er inderdaad al). Waarom kiest het college ervoor om dit verzoek van de raad naast zich neer te leggen?
Op welke manieren zou de wens van de raad alsnog gerealiseerd kunnen worden? kan deze uitwerking worden opgeleverd voor de oordeelsvormende vergadering?
Op dit moment is het helpen en ondersteunen van verenigingen (bijvoorbeeld bij subsidies) geen taak van de gemeente. In de praktijk maken wij wel tijd vrij als er kansen zijn en de vereniging komt er zelf niet uit. Dat geldt voor subsidies maar ook voor andere vraagstukken die spelen. Het specialisme voor de ondersteuning ligt vaak bij verschillende medewerkers (subsidieverlening, financiën, accommodaties, beleid). De vraag of het verzoek komt binnen bij de gemeente of verenigingsondersteuner via een gesprek, mail, brief of telefoontje. Degene die dit in ontvangst neemt kijkt bij welke collega dit het best past. Wij waken er wel voor dat we geen verantwoordelijkheden van de vereniging overnemen. Bij het zoeken naar oplossingen en kansen zijn wij begrensd door beleid en wet- en regelgeving. Dit zorgt er ook voor dat we objectief blijven en alle verenigingen gelijk behandelen. Dit betekent ook dat we aan verwachtingsmanagement doen. De oplossing die een vereniging voor ogen heeft of die zij van de gemeente verwacht is niet altijd in overeenstemming met de mogelijkheden van de gemeente.
Als wij actief een aanspreekpunt inrichten en overgaan tot hulp en ondersteuning vraagt dat meer dan het op het eerste gezicht lijkt. Het vraagt een hele goede voorbereiding om verenigingen te informeren over wat zij wel en niet kunnen verwachten van het aanspreekpunt en de hulp en ondersteuning. Wij moeten ook zelf goed afbakenen hoever wij willen gaan in de hulp en ondersteuning. Verder zal extra capaciteit vrijgemaakt moeten worden om aan de taak te voldoen. Ook de nog te ontwikkelen betere toegang gaat hier een grote rol in spelen.
In 2023 willen wij de verenigingsondersteuning nog beter positioneren. De verenigingsondersteuner is het aanspreekpunt en geeft verzoeken ook door aan de gemeente. Ook rechtstreeks aan de gemeente gerichte verzoeken worden in behandeling genomen.
Pagina 19 van 21
5.9 5h
Vraag 6
1 6c 6.2 6c Waarom worden voor laagdrempelige culturele activiteiten geen financiële middelen vrij gemaakt, als dit zo belangrijk wordt geacht?
Antwoord van het college
Thema 6 Meld misdaad anoniem is een passieve actie. Hoe gaat het college tijdig actief inspelen (voorbeeld situatie rond station)?
Welke mogelijkheden/instrumenten/opties bestaan er om hier meer aandacht aan te schenken?
Dit onderdeel beperkt zich tot sociale veiligheid. Welke zaken zouden op fysieke veiligheid ondernomen kunnen worden?
6.3 6e
Volgend jaar wordt nota Informatie-veiligheidsbeleid geactualiseerd. Hoe wordt de raad betrokken bij afweging van risico’s en principiële keuzes (bijvoorbeeld delen persoonsdata met derden en losgeld bij aanval ransomware)?
In de eerst helft van 2023 maken wij een ronde langs verenigingen. Dit zal zeker onderdeel uitmaken van de gesprekken.
De gemeente Aalten kent de subsidieregeling ‘Incidentele projectsubsidie’. Verenigingen kunnen op basis van deze regeling een subsidie aanvragen voor de organisatie van vernieuwende activiteiten. De activiteiten moeten voor iedereen toegankelijk zijn en in de gemeente Aalten georganiseerd worden. Verenigingen die een laagdrempelige culturele activiteit organiseren kunnen een beroep doen op deze regeling. De subsidie bedraagt maximaal € 1.000. De afgelopen jaren is het beschikbare budget toereikend geweest. Bovendien kunnen verenigingen ook bij andere organisaties subsidies aanvragen, zoals bij de Euregio en de provincie.
Zodra ons signalen bereiken gaan we op onderzoek uit en waar nodig gaan we aan de slag. In de situatie rondom het stationsgebied in Aalten worden ook buurtbewoners betrokken om te inventariseren welke maatregelen genomen kunnen worden om de overlast te beperken. Waar nodig zetten we, aan de hand van het genoemde voorbeeld, de politie, boa`s en jongerenwerkers in.
Zie de antwoorden bij 6.1.
Op het gebied van fysieke veiligheid is de gemeente met externe partijen, zoals de Veiligheidsregio (brandweer), de politie of de Omgevingsdienst Achterhoek, altijd in overleg om de kans op een ongeval of incident te reduceren of te voorkomen. Ook het Keurmerk Veilig Ondernemen (winkels, bedrijven en buitengebied) is hiervan een voorbeeld.
Het college is verantwoordelijk voor informatieveiligheid en stelt in overleg met de organisatie de risico-inventarisatie op.
Over de voortgang en de uitvoering legt het college hierover verantwoording af aan de raad.
Geactualiseerde nota is naar verwachting in het 1 e kwartaal 2023 klaar. Als de raad daar behoefte aan heeft dan kan de nota in de raad besproken worden.
In welke kwartaal kunnen wij de geactualiseerde nota verwachten? 6.4 6g
Welke streeftermijn voor realisatie wordt gehanteerd? Wat is haalbaar en realistisch in deze?
Welke middelen zijn naar verwachting hiervoor benodigd (schatting)?
We inventariseren op dit moment de beschikbare locaties die voldoende ruimte bieden en waarbij de opkomst- en aanrijdtijden voor beide kernen en posten aan de normen voldoen. In januari is er weer een overleg waarin resultaten van het onderzoek gepresenteerd worden. Dan komt vraag naar de mogelijkheid om te verwerven. Afhankelijk daarvan is pas een planning te maken. De bouw zal naar verwachting niet in 2023 aanvangen en de kapitaalslasten zullen op haar vroegst in 2025 in de begroting worden opgenomen.
Inschatting van de kosten is nu niet zinvol. We weten de verwervingskosten nog niet voor de locatie, de opbrengst van de vrijkomende post aan de Nieuwstraat, de mogelijke
Pagina 20 van 21
6.5 6j
Gevraagd is om voldoende handhavingscapaciteit. Er zijn voldoende signalen dat deze nu niet op orde is. Waarom gaat het college niet aan de slag met het op orde brengen hiervan?
Algemeen Bij bijna ieder onderwerp staat wel een beleidsonderdeel waar extra geld voor vrijgemaakt moet worden. Wij lezen hierin dat er externe inhuur nodig is om dit beleid goed vorm te kunnen geven of een visie te kunnen omschrijven. Heeft de gemeente voldoende capaciteit in huis om de komende jaren te doen wat het raadsprogramma en de landelijke overheid verwacht? En is regelmatig externe inhuur noodzakelijk vanwege gebrek aan capaciteit, of vanwege gebrek aan bepaalde expertise?
Hoe is het mogelijk om de juiste keuzes en afwegingen te maken als er zoveel PM-posten zijn opgenomen? Ook in een begroting zijn de opgenomen bedragen, een globale raming. Dat had in het uitvoeringsprogramma ook toch gekund of in ieder geval voor een groot deel?
Pagina 21 van 21
bijdragen vanuit provincie/Kreis/deelstaat/Rijk/Europa, de start bouw, de bouwkosten, de rente op het moment van aantrekken investeringskrediet en de verdeelsleutel van de investerings- en beheerskosten. Duidelijk is dat we proberen na de totstandkoming zo dicht mogelijk bij huidige beheerskosten uit te komen.
De handhavingscapaciteit is het afgelopen jaar juist uitgebreid. Op het moment zijn er vier boa’s en één toezichthouder werkzaam bij de gemeente Aalten. We beschikken op dit moment over voldoende handhavingscapaciteit om het handhavingsbeleid op een goede wijze uit te voeren. De juridische backoffice wordt op 1 december 2022 op inhuur basis versterkt. Daarnaast start er in januari 2023 een nieuwe beleidsmedewerker.
De planning is zo opgesteld dat wij beschikken over voldoende capaciteit om ermee aan de slag te gaan met soms ondersteuning van externe inhuur. We moeten daarbij prioriteiten stellen en uitbreiding van de structurele capaciteit is, gezien de beperkte doorlooptijd van een aantal projecten/vraagstukken, niet altijd wenselijk.
Daarnaast vragen sommige vraagstukken ook een bepaalde expertise welke wij niet in huis hebben.
Voor de posten waar dat mogelijk was, hebben wij de bedragen opgenomen. Bij de overige PM-posten spelen zoveel verschillende factoren dat het niet wenselijk is om daar nu bedragen te schatten. De factoren worden gedurende het proces nader onderzocht zodat het benodigde budget nauwkeuriger kan worden bepaald. Dit wordt vervolgens in de P&C cyclus opgenomen zodat duidelijk zichtbaar is waarom een begrotingswijziging nodig is.
Bekijk de brief: Raadsmededeling 187-2022 beantwoording vragen Uitvoeringsprogramma.pdf
Bron: raadsinformatie van de gemeente Aalten (Open Raadsinformatie). De vragen en antwoorden zijn automatisch uit de brief gelezen; het origineel is leidend.