22 april 2024 · artikel 35-vragen · gemeente Aalten

Raadsmededeling 58-2024 Beantwoording vragen CU nav raadsmededeling 21-2024 (vervolgtraject contractering WMO en Jeugdhulp SDA)

Een raadslid stelde op 22 april 2024 schriftelijke vragen aan het college van burgemeester en wethouders van Aalten (9 vragen).

In het kort

9 vragen en wat het college antwoordt

  • In de beeldvorming is de conclusie gedeeld dat de beoogde bekostiging niet is toegepast en dat dit heeft geleid tot waterige compromissen. → Aan het begin van dit traject hebben wij uw raad op 3 december 2020 met raadsmededeling 2132020 geïnformeerd over de financiële uitgangspunten van de regionale inkoop Jeugd en Wmo.
  • Uit het IenO rapport en de beeldvorming is gebleken dat de beoogde transformatie niet is gerealiseerd. → Wat heeft geleid tot die conclusie?
  • Kan het college aangeven hoe de samenwerking met de betrokken gemeenten de afgelopen periode is verlopen? → Op welke fronten loopt dat goed en op welke punten zit juist spanning?
  • Kan het college aangeven waarom de gemeenteraad van Aalten niet actief is geïnformeerd over het gelopen proces en de geconstateerde onvolkomenheden? → Wij betreuren het dat dit zo wordt ervaren.
  • Het IenO rapport is op verzoek van de acht gemeenten opgesteld. → Dat zit hem met name op het gebied van het geschetste resultaat bij “Inhoudelijke transformatie en kwaliteitsverbetering”.
  • Het IenO rapport bevat een aantal knelpunten en oplossingsrichtingen. → Welke aanbevelingen wil men opvolgen en hoe?
  • Voor de eerdere aanbesteding zijn een aantal uitgangspunten/kaders geformuleerd, zoals kantelen naar preventie, duidelijke rolverdeling, andere manier van bekostiging… → Zouden deze in de optiek van het college niet herijkt moeten worden, mede vanwege alle ontwikkelingen die spelen (ook landelijk)?
  • Waar staan de acht gemeenten nu in het proces? → Alle Achterhoekse gemeenten zijn nu gezamenlijk bezig met de voorbereidingen op een nieuw inkoopproces Wmo- en Jeugdhulp, inclusief het komen tot bindende en duidelijke…

Overgenomen uit de brief van het college; hieronder staan de volledige vragen en antwoorden.

Aanleiding

Raadsmededeling openbaar Nummer Datum B&W datum Beh. Ambtenaar Portefeuillehouder Onderwerp

: : : : : :

58-2024 3 april 2024 R.P.J. Letteboer J.C. Wikkerink en A.J. te Lindert Beantwoording vragen CU nav raadsmededeling 21-2024 (vervolgtraject contractering WMO en Jeugdhulp SDA)

Aanleiding:

De ChristenUnie heeft vervolgvragen gesteld n.a.v. raadsmededeling 21-2024 (vervolgtraject contractering WMO en Jeugdhulp Sociaal Domein Achterhoek met I&O rapport, raadsmededelingen met beantwoording vragen over raadsmededeling 21-2024. En vragen gesteld in de beeldvormende vergadering van 5 maart 2024. Met deze raadsmededeling beantwoorden wij deze vragen.

Inhoud mededeling:

Vragen en antwoorden

Vraag 1

In de beeldvorming is de conclusie gedeeld dat de beoogde bekostiging niet is toegepast en dat dit heeft geleid tot waterige compromissen. Wanneer en wie heeft besloten het principe van lumpsum los te laten?

Antwoord van het college

Aan het begin van dit traject hebben wij uw raad op 3 december 2020 met raadsmededeling 2132020 geïnformeerd over de financiële uitgangspunten van de regionale inkoop Jeugd en Wmo.

Daarbij is benoemd dat we in de regio toe willen naar een andere manier van bekostiging. Dat we af willen van een bekostigingsvorm als PxQ (productiebekostiging, ‘uurtje factuurtje’), maar uit willen gaan van het maken van resultaatgerichte afspraken. Daarbij hebben wij aangegeven dat het verschillende bekostigingsvormen kunnen zijn, waarbij regionaal gedacht wordt aan bijvoorbeeld lumpsum financiering en/of populatiebekostiging.

Voor de publicatie per 1 april 2021 van de aanbesteding Jeugdhulp en Wmo hebben wij u met raadsmededeling 63-2021 geïnformeerd over de gekozen manier van bekostiging. Er is gekozen voor een lumpsumsystematiek. Echter met de toevoeging dat de Achterhoekse colleges tegelijkertijd hebben besloten om voor de lumpsumbedragen die we per aanbieder vaststellen een bandbreedte te gaan hanteren. Dit betreft een marge tussen de onderprestatie en bovenprestatie van aanbieders waar geen aanpassing van de afspraken kan plaatsvinden. Dit betekent dat als de daadwerkelijke leveringen van aanbieders vallen binnen de bandbreedte, het verstrekte lumpsum-bedrag niet wordt aangepast. Wanneer er boven of onder de bandbreedte wordt geleverd, wordt het lumpsumbedrag van de aanbieder wel naar boven of beneden bijgesteld. Met de toevoeging van deze bandbreedte is er een voorwaarde en controlemechanisme toegevoegd en is de letterlijke betekenis van de term “lumpsum” (bedrag per cliëntgroep) feitelijk losgelaten. En dat is hetgeen met bovengenoemde constatering wordt bedoeld.

Raadsmededeling 63-2021 ging over de laatste besluitvorming voor publicatie van de regionale aanbesteding Jeugdhulp en Wmo. De bekostigingssystematiek is na publicatie niet gewijzigd. De markt zou daar ook zeker bezwaar tegen hebben gemaakt.

Vraag 2

Uit het IenO rapport en de beeldvorming is gebleken dat de beoogde transformatie niet is gerealiseerd. Hoe is men daarachter gekomen?

Antwoord van het college

Wat heeft geleid tot die conclusie?

Uit het I&O Rapport kan de conclusie worden getrokken dat we binnen de huidige systematiek de transformatie met aanbieders onvoldoende kunnen doen laten slagen. De onderzoekers van I&O research hebben voor het onderzoek onder andere gesproken met zowel zorgaanbieders als met medewerkers en bestuurders van de acht gemeenten.

Pagina 1 van 4

Hoe de onderzoekers van I&O research tot de benoemde conclusie zijn gekomen staat verwoord in hun rapport op bladzijde 47 en 48 onder punt 3 “Inhoudelijke transformatie”. Dit openbare rapport hebben wij u eerder toegezonden.

Wij willen rondom de transformatie benadrukken dat wij vanuit Aalten nu en ook in de toekomst werken met een langetermijnvisie, waarmee we een belangrijke bijdrage willen leveren aan de transformatie van het Achterhoekse zorglandschap en verbetering van de kwaliteit van zorg aan onze inwoners. We kiezen voor wat betreft de transformatie bewust voor een lange termijnvisie. Er is, na een nieuwe start, tijd nodig om hier samen met zorgaanbieders aan te werken en om een gezamenlijke visie te ontwikkelen. De afgelopen periode was daarvoor dan ook nog te kort. Zo kenden we na de start, op 1 juli 2022, in eerste instantie een overgangs- en gewenningsperiode met betrekking tot de nieuwe werkwijze. Vervolgens is in de tweede helft van het eerste jaar gestart met herijking van de contractuele afspraken en het komen tot reële plekprijzen, wat een stevig en intensief proces is gebleken.

Vraag 3

Kan het college aangeven hoe de samenwerking met de betrokken gemeenten de afgelopen periode is verlopen?

Antwoord van het college

Op welke fronten loopt dat goed en op welke punten zit juist spanning?

Is er voldoende vertrouwen en samenwerking onderling, zowel ambtelijk als bestuurlijk?

Als gemeenten delen we de gezamenlijke visie op de transformatie van zorg in de Achterhoek en de wil om daarin samen te werken. De samenwerking kan echter beter. Op dit moment ligt het mandaat bij elke gemeente afzonderlijk. We zien dat dat erg omslachtig werkt, dus dat willen we anders regelen.

Vanuit ons is er meer dan voldoende vertrouwen in de onderlinge gemeentelijke samenwerking, zowel op ambtelijk als op bestuurlijk niveau. Dat is voor ons dan ook de reden geweest om te besluiten dat we op het gebied van de inkoopprocedure met de andere Achterhoekse gemeenten bindende samenwerkingsafspraken willen maken.

Vraag 4

Kan het college aangeven waarom de gemeenteraad van Aalten niet actief is geïnformeerd over het gelopen proces en de geconstateerde onvolkomenheden?

Antwoord van het college

Wij betreuren het dat dit zo wordt ervaren. In de oordeelsvorming hebben we aangegeven dat we ernaar streven om uw raad in het komende traject zo goed mogelijk mee te nemen. Ook in het gelopen traject hebben wij dit altijd nagestreefd. Hieronder een opsomming van de momenten waarop wij uw raad geïnformeerd hebben.

Wij hebben u op 30 juni 2023 via een niet openbare raadsmededeling actief geïnformeerd over de eerste uitkomsten van de herijking van de regionale afspraken Jeugdhulp en Wmo en het probleem dat hierbij speelde. Aansluitend hebben wethouders Wikkerink en te Lindert uw raad op 4 juli 2023 nader bijgepraat en in vertrouwelijkheid meer informatie gegeven. Vervolgens hebben wij uw raad op 14 september 2023 via een niet openbare raadsmededeling geïnformeerd over de stappen die zijn gezet na 30 juni 2023. In deze raadsmededeling hebben wij u deelgenoot gemaakt van het feit dat wij vinden dat de doelstellingen van de transformatie in het afgelopen jaar – het eerste contractjaaronvoldoende zijn behaald. Waarbij wij aan hebben gegeven in te zetten op een versnelling in de realisatie van de transformatiedoelstellingen.

Verder is tijdens de inkoop in regionaal verband afgesproken om vóór het einde van de eerste contractperiode te beoordelen of we de werkwijze en contractering op deze manier willen voortzetten of niet. Daarom zijn de acht Achterhoekse gemeenten in de zomer van 2023 gestart met een evaluatie. Eind 2023 zijn de uitkomsten bekend. Over de (besluitvorming rondom de) uitkomsten van de evaluatie hebben wij u actief geïnformeerd, met de geconstateerde onvolkomenheden. Zo heeft u van ons op 13 december 2023 een niet openbare raadsmededeling ontvangen over de stand van zaken van de evaluatie en hoe de besluitvorming gaat plaatsvinden. Aansluitend hebben wethouders Wikkerink en te Lindert uw raad op 19 december 2023 nader bijgepraat en in vertrouwelijkheid meer informatie gegeven. Op 16 januari 2024 is het evaluatierapport aangeboden aan ons college. Vrijwel direct daarna hebben wij op 17 januari 2024 uw raad dit evaluatierapport toegezonden.

Met de conclusies uit het evaluatierapport is vervolgens in regionaal verband een brede analyse van de huidige inkoopmethode Wmo/Jeugdhulp gemaakt. Op basis van deze brede analyse heeft het college op 30 januari 2024 een besluit genomen over het vervolgtraject rondom de contractering van de Wmo en Jeugdhulp Sociaal Domein Achterhoek. Ook hierover hebben wij u vrijwel direct, op 1 februari 2024, met raadsmededeling 21-2024 geïnformeerd. Wij hebben in deze raadsmededeling aangegeven waarom wij dit besluit hebben genomen en hebben daarbij de doorslaggevende weeffouten voor u opgesomd.

Pagina 2 van 4

Vraag 5

Het IenO rapport is op verzoek van de acht gemeenten opgesteld. Uit de beeldvorming blijkt dat het college zich in een aantal zaken herkent, maar een aantal ook niet. Over welke aspecten is het college een andere c.q. genuanceerde mening toegedaan en waarom?

Antwoord van het college

Dat zit hem met name op het gebied van het geschetste resultaat bij “Inhoudelijke transformatie en kwaliteitsverbetering”. Op dit gebied zou weinig tot geen resultaat geboekt zou zijn door de gemeenten en de zorgaanbieders op het gebied van samenwerking en transformatie met het preventieve en voorliggende veld. In onze gemeente zien wij wel degelijk de positieve resultaten van de nieuwe manier van werken. Wij bemerken in gesprekken met onze medewerkers en maatschappelijke partners een verbeterde samenwerking met zorgaanbieders op lokaal niveau, waarbij de afstand tussen het voorliggende veld, het ondersteuningsteam (Oost Achterhoek), onze consulenten en de zorgaanbieders is verkleind. Als voorbeeld mogen de inlooppunten en de aanpak Welzijn op recept dienen, die goed zijn aangeslagen. Deze positieve resultaten worden aangevuld met wat we zien in onze Dashboards Sociaal Domein. Namelijk een (licht) dalende trend van het aantal cliënten Integrale Ambulante Jeugdhulp en Individuele Ondersteuning (Wmo).

Een ander punt waarin wij ons niet herkennen is het gebruik van de term “verziekte onderlinge verhoudingen”. De evaluatie is gehouden in (en kort na) een roerige periode, waarin wij met aanbieders bezig waren met herijking van de contractuele afspraken en het komen tot reële plekprijzen. Dit is een stevig en intensief proces gebleken, waarbij wethouder Wikkerink met meerdere zorgaanbieders (harde en zakelijke) gesprekken heeft gevoerd. Maar in dit proces is tussen de partijen continue begrip geweest voor elkaars positie. Kort nadat deze herijking was afgerond, heeft op 5 oktober 2023 een bestuurlijk overleg plaatsgevonden tussen gemeenten en zorgaanbieders om weer met vereende krachten te werken aan de transformatie-doelstellingen. Wij ervaren de huidige inzet van aanbieders daarbij als positief en constructief. In 2023 zijn twee goedbezochte bestuurlijke overleg bijeenkomsten geweest, in april en oktober. In 2024 staan 3 klein en één groot bestuurlijk overleg gepland. De eerste heeft plaatsgevonden op 1 februari jl.

Vraag 6

Het IenO rapport bevat een aantal knelpunten en oplossingsrichtingen. Welke lessen deelt het college wel (en welke eventueel niet) en hoe wil het college die zaken in de toekomst gaan toepassen?

Antwoord van het college

Welke aanbevelingen wil men opvolgen en hoe?

Alle geschetste knelpunten, maar ook de oplossingen, uit het I&O rapport nemen wij ter harte. Deze zijn dan ook allemaal betrokken bij de in regionaal verband gehouden brede analyse van de huidige inkoopmethode Wmo/Jeugdhulp.

We delen de mening dat we de transformatie, binnen de huidige systematiek, met aanbieders onvoldoende kunnen doen slagen. We bereiken onvoldoende wat we beogen met de huidige werkwijze, er is geen sprake van een geografisch dekkend zorglandschap, de subsegmenten zijn te generiek en de bekostigingssystematiek is te complex. Ook vinden wij, net als I&O, dat de jaarlijkse herijking van de plekprijzen, door het ontbreken van kaders, leidt tot grote financiële onzekerheden bij zowel gemeenten als aanbieders.

Een nieuw inkooptraject geeft ons de kans om het goede te behouden en de knelpunten te herstellen.

Wij willen daarbij:

• meer in dialoog met aanbieders

• meer betrokkenheid van de lokale teams

• betere segmentatie

• kostprijsonderzoek vooraf

• geografische indeling in percelen

• gunning en capaciteitsverdeling op basis van kwaliteit

• bekostigingssystematiek kan verschillen per zorgvorm

Pagina 3 van 4

Vraag 7

Voor de eerdere aanbesteding zijn een aantal uitgangspunten/kaders geformuleerd, zoals kantelen naar preventie, duidelijke rolverdeling, andere manier van bekostiging etc. In hoeverre zijn deze uitgangspunten en de andere geformuleerde kaders volgens het college nog actueel/relevant en toepasbaar?

Antwoord van het college

Zouden deze in de optiek van het college niet herijkt moeten worden, mede vanwege alle ontwikkelingen die spelen (ook landelijk)? Zo ja, hoe wordt dat proces opgepakt en zo nee, waarom niet?

De voorbereidingen op een nieuw inkoopproces Wmo- en Jeugdhulp, inclusief het komen tot bindende en duidelijke samenwerkingsafspraken tussen de gemeenten onderling, zijn inmiddels gestart. De actualisatie/herijking van de visie en beleidsdoelstellingen zijn onderdeel van dit proces.

Dat geldt ook voor het kiezen van een bij het nieuwe inkoopproces passende bekostigingssystematiek.

Vraag 8

Waar staan de acht gemeenten nu in het proces?

Antwoord van het college

Alle Achterhoekse gemeenten zijn nu gezamenlijk bezig met de voorbereidingen op een nieuw inkoopproces Wmo- en Jeugdhulp, inclusief het komen tot bindende en duidelijke samenwerkingsafspraken tussen de gemeenten onderling.

Vraag 9

Welke ontwikkelingen en stappen zijn gezet na besluitvorming inzake beëindiging van de contracten?

Antwoord van het college

Na het besluit over het vervolgtraject voor wat betreft de contractering van de Wmo en Jeugdhulp Sociaal Domein Achterhoek bewandelen we twee wegen. Enerzijds zijn we gestart met de voorbereidingen op een nieuw inkoopproces Wmo- en Jeugdhulp, inclusief het komen tot bindende en duidelijke samenwerkingsafspraken tussen de gemeenten onderling. Na een ambtelijke voorbereidingen staan op 22 april en 15 mei 2024 de eerste bestuurlijke gesprekken tussen de gemeenten op de agenda.

Anderzijds blijven we met de huidige gecontracteerde aanbieders, in gezamenlijke dialoog, werken aan de transformatie van de zorg. Dat deden we onder ander op 1 februari 2024 in Klein Bestuurlijk Overleg en op 6 en 8 februari 2024 via twee regionale bijeenkomsten over ‘toekomstbestendige samenwerking’ in de Dru in Ulft. Bij de twee laatstgenoemde regionale bijeenkomsten bestonden de deelnemers uit medewerkers van zorgaanbieders, huisartspraktijken en Gecertificeerde Instellingen en consulenten, kwaliteitsmedewerkers, beleidsmedewerkers en contractmanagers van de gemeenten.

De volgende stukken zijn voor u bijgevoegd: -

Pagina 4 van 4

Vervolgvragen ChristenUnie fractie m.b.t. inkoop Wmo en Jeugd.

Aanvullend op de schriftelijke vragen van GemeenteBelangen van vandaag zijn er nog een aantal vragen inzake inkoop jeugd en wmo die we graag aan het college willen stellen, te weten:

1. In de beeldvorming is de conclusie gedeeld dat de beoogde bekostiging niet is toegepast en dat dit heeft geleid tot waterige compromissen. Wanneer en wie heeft besloten het principe van lumpsum los te laten?

2. Uit het IenO rapport en de beeldvorming is gebleken dat de beoogde transformatie niet is gerealiseerd. Hoe is men daarachter gekomen? Wat heeft geleid tot die conclusie?

3. Kan het college aangeven hoe de samenwerking met de betrokken gemeenten de afgelopen periode is verlopen? Op welke fronten loopt dat goed en op welke punten zit juist spanning?

Is er voldoende vertrouwen en samenwerking onderling, zowel ambtelijk als bestuurlijk?

4. Kan het college aangeven waarom de gemeenteraad van Aalten niet actief is geïnformeerd over het gelopen proces en de geconstateerde onvolkomenheden?

5. Het IenO rapport is op verzoek van de acht gemeenten opgesteld. Uit de beeldvorming blijkt dat het college zich in een aantal zaken herkent, maar een aantal ook niet. Over welke aspecten is het college een andere c.q. genuanceerde mening toegedaan en waarom?

6. Het IenO rapport bevat een aantal knelpunten en oplossingsrichtingen. Welke lessen deelt het college wel (en welke eventueel niet) en hoe wil het college die zaken in de toekomst gaan toepassen? Welke aanbevelingen wil men opvolgen en hoe?

7. Voor de eerdere aanbesteding zijn een aantal uitgangspunten/kaders geformuleerd, zoals kantelen naar preventie, duidelijke rolverdeling, andere manier van bekostiging etc. In hoeverre zijn deze uitgangspunten en de andere geformuleerde kaders volgens het college nog actueel/relevant en toepasbaar? Zouden deze in de optiek van het college niet herijkt moeten worden, mede vanwege alle ontwikkelingen die spelen (ook landelijk)? Zo ja, hoe wordt dat proces opgepakt en zo nee, waarom niet?

8. Waar staan de acht gemeenten nu in het proces?

9. Welke ontwikkelingen en stappen zijn gezet na besluitvorming inzake beëindiging van de contracten?

Wij zien beantwoording graag voor 9 april schriftelijk tegemoet.

Groet, Tobias Holtman

Bekijk de brief: Raadsmededeling 58-2024 Beantwoording vragen CU nav raadsmededeling 21-2024 (vervolgtraject contractering WMO en Jeugdhulp SDA)

Bron: raadsinformatie van de gemeente Aalten (Open Raadsinformatie). De vragen en antwoorden zijn automatisch uit de brief gelezen; het origineel is leidend.

Meer vragen aan het college van Aalten

Alle artikel 35-vragen in Aalten