Vragen CDA 6-10-25 GR Regio De Baronie
Een raadslid stelde op 18 december 2025 schriftelijke vragen aan het college van burgemeester en wethouders van Alphen-Chaam.
Brief van het college
Deze brief is niet in losse vragen en antwoorden uit te lezen. Hieronder staat de tekst; het origineel staat via de link.
VRAGEN Vergadering
:
Gemeenteraadsvergadering 18-12-2025
Voorstelnummer :
6-10-25 en ingekomen stuk nr. 79
Onderwerp
:
Voorstel om het college toestemming te verlenen voor het treffen van de GR Regio De Baronie i.c.m. ingekomen stuk nr. 79 RWB Nieuwe Stijl.
Fractie
:
CDA
De fractie van het CDA heeft de volgende vragen:
1. De ingediende zienswijzen zijn op een correcte manier verwerkt in de GR die nu voorligt. Echter de reactie op de zienswijze van Breda dat “bij financiële gevolgen er gezocht moet worden naar een andere structuur of verhouding die recht doet aan de verdeling van de kosten, waarbij we tegelijkertijd als Breda niet alles bepalend willen zijn” is cryptisch. Er staat namelijk als reactie: De regiegroep stelt de volgende formulering voor in de toelichting om hier invulling aan te geven: “In onze samenwerking streven we naar unanimiteit, dan wel naar het bereiken van de grootst mogelijke meerderheid. In dat laatste geval geven we minderheidsstandpunten ook zorgvuldig weer. Daarbij zullen we ons altijd rekenschap geven van de belangen van de centrumstad én ommeland in hun onderlinge afhankelijkheid en in hun impact en betekenis. Als in de samenwerking besluiten met grote financiële gevolgen worden voorzien, zullen in de afwegingen van belangen en voorstellen deze uitgangspunten nadrukkelijk terugkomen, waarbij besluitvorming in deze gemeenschappelijke regeling altijd via colleges en raden verloopt.” Met deze beschrijving kun je volgens ons nog alle kanten op.
Vraag: Hoe kijkt het college naar deze formulering?
Beantwoording Het college onderschrijft de voorliggende formulering. Regio De Baronie bevat verschillende soorten gemeenten, variërend van centrumstad Breda, via middelgrote gemeenten naar meer landelijke gemeenten zoals de onze. Een streven naar unanimiteit is dan ook wenselijk om een breed draagvlak te behouden. In het geval dat dit niet haalbaar blijkt te zijn is het zorgvuldig weergeven van de minderheidsstandpunten ook belangrijk.
Uiteraard is de raad daarbij in positie om de bijdrage vanuit de gemeente richting de GR te sturen. Daarnaast heeft de raad een zienswijze aangenomen waarin wordt voorgesteld een gemeenschappelijke adviescommissie in te stellen. Verder heeft de raad natuurlijk het
budgetrecht, en volgt de P&C cyclus van Regio De Baronie de ‘Nota verbonden partijen West-Brabant’. Dit biedt de raad, evenals het college, naar onze mening voldoende sturing en regie over GR De Baronie.
2. In de aanbiedingsbrief en het raadsvoorstel wordt ook ingegaan op de relatie met de RWB. Hierbij wordt geschetst welke taken bij de Baronie liggen en welke taken bij de RWB blijven. Eén punt vraagt wel om aandacht. In de raadsinformatiebrief van de RWB over de RWB nieuwe stijl (ingekomen stuk nr. 79, ontvangen 11 nov. 2025? Datum ontbreekt), waarnaar in de voorstellen wordt verwezen, lezen we het volgende: “We stellen nu voor om de krachten van RWB en REWIN te gaan bundelen in één economische ontwikkelorganisatie met het perspectief om zich op termijn door te ontwikkelen op de schaal van Midden- en West-Brabant”.
Vraag daarbij is of ook de strategische agenda West-Brabant (lees het meerjarenbeleidsplan) wordt overgeheveld van de RWB naar het REWIN.
In de GR van de RWB is bepaald dat de gemeenteraden zienswijzen kunnen geven op het meerjarenbeleidsplan. Wanneer het vaststellen van het meerjarenbeleidsplan wordt overgeheveld van de RWB naar het REWIN is het van belang om te borgen dat de raden ook een zienswijze kunnen geven voordat de Algemene Vergadering van Aandeelhouders van REWIN BV het meerjarenbeleidsplan vaststelt. Hiervoor is een wijziging van de statuten van de REWIN BV nodig. Wat ook denkbaar is dat het vaststellen van de strategische agenda West-Brabant via GR De Baronie en het convenant voor de Stedelijke Regio West-Brabant gaat verlopen.
Voor GR De Baronie is daarmee de democratische legitimatie geborgd.
Vraag 1: Hoe staat het college in deze discussie?
Vraag 2: De nieuwe economische ontwikkelorganisatie wil zich richten op Midden- en West Brabant. Midpoint richt zich op Midden-Brabant. Is het dan de intentie dat REWIN nieuwe stijl en Midpoint één organisatie gaat worden?
Beantwoording Vraag 1: Het college is constructief kritisch in deze discussie. De portefeuillehouder heeft nadrukkelijk aandacht gevraagd voor de democratische legitimiteit bij de vergadering van het Algemeen Bestuur, waarin de wijziging van de governancestructuur besproken werd. Het borgen van de rol van de raden bij de (toekomstige) economische structuren is nadrukkelijk aangekaart. Het definitief wijzigen van de structuur en taken van de RWB behoeft daarnaast een wijziging van de GR, waarbij de raden wederom zienswijzen mogen indienen en een toestemmingsverklaring aan het college moeten geven.
Vraag 2: De besluiten tot overheveling van de economische taken van de RWB en de structuur en het werkgebied van de nieuwe economische ontwikkelingsorganisatie vallen allemaal onder een langdurig en complex proces. Om dit tot een efficiënte, effectieve en nuttige uitkomst te doen komen, die meerwaarde biedt in de regio, is tijd nodig. Het is nog te vroeg om definitieve uitspraken te doen over de intentie van de nieuwe ontwikkelingsorganisatie.
Uiteraard participeert het college in deze besluitvorming(en), wordt de raad adequaat en actief geïnformeerd en zal de raad op de gepaste momenten bijvoorbeeld zienswijzen en instemming kunnen leveren.
3. In het raadsvoorstel wordt bij punt 2. “Eerdere besluitvorming” aangegeven dat er bij raadsvoorstel 8-07-25 twee zienswijzen zijn ingediend. Dit dienen er drie te zijn, nl. M01-07-25, A01-07-25 en A02-0725. Tevens wordt de ingediende zienswijze, A01-08-25, bij raadsvoorstel 06-08-25 niet genoemd.
Vraag: Waarom zijn deze niet genoemd in het raadsvoorstel?
Beantwoording Bij raadsvoorstel 08-07-25 zijn één motie en twee amendementen aangenomen. Omdat moties een oproep/vraag aan het college betreffen, en de amendementen daadwerkelijk een gewijzigd besluit afdwingen, zijn enkel de twee amendementen als zienswijze beschouwd. De motie is uiteraard wel door het college behandeld. Tevens bevat deze een grotendeels gelijke oproep als amendement A01-07-25, namelijk het borgen van de rol van de raad, door het bevorderen/voorstellen van een raads/gemeenschappelijke adviescommissie.
Zienswijze A01-08-25 wordt niet genoemd omdat deze betrekking heeft op het proces rondom het opstellen van de kernagenda van Regio De Baronie.
Dit is een ander proces dan het instellen van GR Regio De Baronie, met een andere besluitvormingsprocedure.
4. In het ingekomen stuk nr. 79 wordt ingegaan op het verzoek van de raden om richting de RWB geen dubbelingen te accepteren. Er is tevens gevraagd om hierover ook duidelijkheid te krijgen wat betreft de samenwerking met de RES.
Vraag 1: Er is alleen geschreven dat “Vanuit Baronieverband blijven we tevens oog houden voor mogelijke andere dubbelingen, zoals ten aanzien van de RES West-Brabant”. Waarom ligt er niet een soortgelijke brief vanuit de RES West-Brabant?
Vraag 2: Er staat dat “De huidige GR RWB blijft bestaan (!) voor bedrijfsmatige en dienstverlenende taken: mobiliteitscentrum, kleinschalig collectief vervoer en regioarcheologie, met de mogelijkheid om zich op termijn door te ontwikkelen met andere bedrijfsmatige taken”. Hoe moeten we dit zien in het streven naar vermindering van bestuurlijke drukte zoals bij de inleiding beschreven? (In plaats van minder gemeenschappelijke regelingen krijgen we er dus één bij).
Beantwoording Vraag 1: Omdat Regio De Baronie een organisatie in oprichting is, is het daar logisch dat in de bepaling van de activiteiten rekening wordt gehouden met al bestaande samenwerkingsverbanden. De RES WestBrabant is één van die samenwerkingsverbanden. Uiteraard kan door de raad, in de kaderstellende rol richting de RES West-Brabant ook een vraag meegegeven worden om dubbelingen met onder andere de nieuwe Regio De Baronie te voorkomen.
Vraag 2: Het college ervaart geen extra bestuurlijke drukte. Het streven is om de overleggen efficiënt en licht te houden, dubbelingen te voorkomen en in de regionale samenwerkingen zaken aan te pakken die onze gemeente niet of minder goed alleenstaand kan regelen. De nieuwe Regio De Baronie past goed in dit streven. Dit wordt in de beantwoording van de andere vragen verder uitgelegd.
5. De inwonersbijdrage gekoppeld aan de economische taken en de bijdrage aan ontwikkelorganisatie REWIN zal niet meer via de RWB lopen, maar via de begroting van De Baronie. Echter de nieuwe economische ontwikkelorganisatie valt niet onder de bevoegdheid van De Baronie.
Vraag: Kan het college dit toelichten.
Beantwoording De rol van de nieuwe ontwikkelorganisatie is een nog lopend proces, zoals ook in de beantwoording van vraag 2.1 aangegeven. Momenteel wordt onderzocht of de taken van de economische ontwikkelorganisatie in de toekomstige kernagenda vanaf 2027 opgenomen kunnen worden. 6.…
Bekijk de brief: BEANTWOORDING Vragen CDA 6-10-25 GR Regio De Baronie
Bron: raadsinformatie van de gemeente Alphen-Chaam (Open Raadsinformatie). De vragen en antwoorden zijn automatisch uit de brief gelezen; het origineel is leidend.