28 oktober 2025 · artikel 35-vragen · gemeente Amsterdam

Dakloze kinderen

Een raadslid stelde op 28 oktober 2025 schriftelijke vragen aan het college van burgemeester en wethouders van Amsterdam (1 vragen).

In het kort

1 vragen en wat het college antwoordt

  • In hoeverre is er samenwerking met woningcorporaties en maatschappelijke opvangorganisaties om gezinnen uit de tijdelijke noodopvang sneller door te laten stromen naar… → 7.

Overgenomen uit de brief van het college; hieronder staan de volledige vragen en antwoorden.

Aanleiding

Schriftelijke vragen stadsdeelcommissie Datum 13-05-2022

Onderwerp Schriftelijke vragen van het lid Bakker inzake dakloze kinderen Aan het dagelijks bestuur Toelichting:

Uit de meest recente ETHOS-telling (april 2025), uitgevoerd door het Kansfonds en Hogeschool Utrecht, blijkt dat in de regio Amsterdam-Amstelland 13.904 mensen dak- of thuisloos zijn. Daaronder bevinden zich 1.718 kinderen (13 procent van het totaal), van wie 55 op het moment van de telling niet bij hun ouders of verzorgers verbleven.

Daarnaast werden 769 jongvolwassenen (18–27 jaar) geteld, en is 30 procent van de betrokkenen vrouw, waaronder 56 zwangere vrouwen.

De telling laat zien dat 44 procent van de volwassenen tijdelijk bij familie of vrienden verblijft, of in andere niet-permanente woonruimtes zoals auto’s, caravans of boten.

Daarmee wordt zichtbaar dat een groot deel van de dak- en thuisloosheid zich buiten de formele opvang afspeelt, de zogenoemde verborgen dakloosheid.

Maatschappelijke organisaties in de regio geven bovendien aan dat het werkelijke aantal waarschijnlijk nog hoger ligt dan wat officieel geregistreerd is.

Specifiek voor Amsterdam-Zuidoost wijzen signalen van hulpverleners, scholen en bewoners erop dat gezinnen met kinderen regelmatig tussen wal en schip vallen: de noodopvang is structureel vol, gezinnen met een urgentieverklaring wachten gemiddeld zes tot acht maanden op een woning, en tijdelijke oplossingen zoals logeren of slapen in auto’s worden steeds vaker ingezet.

Hoewel de gemeente Amsterdam de afgelopen jaren bijna 30 miljoen euro investeerde in de opvang en begeleiding van dak- en thuisloze mensen, blijkt dat onvoldoende om de toename te keren. De situatie in Zuidoost dreigt daardoor uit te groeien tot een humanitaire noodsituatie, waarin kinderen niet langer verzekerd zijn van een veilig en stabiel thuis.

BIJ1 vindt dat het feit dat meer dan 1.700 kinderen in de regio Amsterdam-Amstelland geen veilig thuis hebben, een humanitaire crisis vormt. Geen enkel kind hoort in een auto te slapen.

Gemeente Amsterdam

Datun Pagina 2 van 2

Gezien het vorenstaande stelt ondergetekende, namens de fractie van BIJ1 op grond van Verordening stadsdelen en stadsgebied Amsterdam 2022 (artikel 30), de volgende schriftelijke vragen

Vragen en antwoorden

Vraag 1

In hoeverre is er samenwerking met woningcorporaties en maatschappelijke opvangorganisaties om gezinnen uit de tijdelijke noodopvang sneller door te laten stromen naar vaste huisvesting?

Antwoord van het college

7.

Welke preventieve maatregelen neemt het stadsdeel om (dreigende) dakloosheid te voorkomen, bijvoorbeeld door vroegsignalering van huurachterstanden, schulden of huisuitzettingen?

8. Hoeveel gezinnen in Zuidoost hebben de afgelopen twaalf maanden een huisuitzetting meegemaakt, en in hoeveel gevallen waren daarbij minderjarige kinderen betrokken?

9. Welke concrete bijdragen levert Zuidoost aan de gemeentelijke Aanpak Dakloosheid en hoe wordt daarin rekening gehouden met de specifieke sociale en economische context van het stadsdeel?

10. Is het dagelijks bestuur bereid om, samen met maatschappelijke organisaties en ervaringsdeskundigen, te onderzoeken welke lokale opvang- en wooninitiatieven versterkt kunnen worden om gezinnen een menswaardig alternatief te bieden? 1 Indiener(s), DL Bakker (BIJ1)

Bekijk de brief: Schriftelijke vragen van het lid Bakker BIJ1 inzake Dakloze kinderen

Bron: raadsinformatie van de gemeente Amsterdam (Open Raadsinformatie). De vragen en antwoorden zijn automatisch uit de brief gelezen; het origineel is leidend.

Meer vragen aan het college van Amsterdam

Alle artikel 35-vragen in Amsterdam