schriftelijke vragen van dhr. Bakker/BIJ1 - Van Top400 en Top600 naar Veiligheid en Zorg: waarom Zuidoost waakzaam moet zijn
het lid Bakker stelde op 10 februari 2026 schriftelijke vragen aan het college van burgemeester en wethouders van Amsterdam (18 vragen).
In het kort
18 vragen en wat het college antwoordt
- Erkent het DB dat de beleidswijzigingen (zichtbaarheid straatcoaches, eerst aanspreken, beperking schoolmeldingen) impliciet bevestigen dat eerdere werkwijzen… → Zo nee, hoe verklaart het DB deze wijzigingen?
- Welke concrete lessen uit de Top400/Top600 zijn schriftelijk vastgelegd en bindend gemaakt voor ‘Veiligheid en Zorg’ (procesbeschrijvingen, privacy-by-design… → In Veiligheid en Zorg zijn de aanbevelingen uit het WODC-onderzoek en adviezen en inzichten van wetenschappers, regisseurs en klankbordgroepen meegenomen.
- Bestaan er thans informele of formele persoonsgerichte lijsten (of functionele equivalenten) binnen Zuidoost? → Zo ja: op welke grondslag, met welke bewaartermijnen en inzagerechten?
- Welke rol hebben straatcoaches nu bij informatieverzameling en -deling? → Graag een limitatieve opsomming van: (a) soorten gegevens, (b) doelen, (c) ontvangers, (d) bewaartermijnen.
- Worden jongeren vooraf en expliciet geïnformeerd dat gegevens uit gesprekken kunnen worden vastgelegd en gedeeld in veiligheidsoverleggen? → Hoe wordt vrijwillige toestemming geborgd, met name bij minderjarigen?
- Worden politiecontacten zonder veroordeling (ID-controles, staandehoudingen) nog meegewogen in risicobeoordelingen of casuïstiek? → Zo ja, hoe wordt discriminatoir effect voorkomen?
- Zijn er algoritmen, risicomodellen of scoring-methoden in gebruik (direct of indirect)? → Zo ja: welke, met welke transparantie, audits en bezwaarprocedures?
- Hoe is gegevensuitwisseling met scholen nu ingericht? → Kan het DB bevestigen dat dreigend verzuim niet meer leidt tot veiligheidsdeling en dat onderwijs geen verlengstuk van policing is?
Overgenomen uit de brief van het college; hieronder staan de volledige vragen en antwoorden.
Aanleiding
Stadsdeelcommissie Zuidoost Beantwoording schriftelijke vragen
Aan:
Datum Portefeuille(s) Portefeuillehouder(s):
Behandeld door Onderwerp
De leden van de stadsdeelcommissie van Amsterdam Zuidoost 29 januari 2026 Openbare orde en Veiligheid Tanja Jadnanansing Actiecentrum Veiligheid en Zorg, [email protected] Beantwoording schriftelijke vragen van het lid Bakker (BIJ1 Zuidoost) inzake “Van Top400 en Top600 naar Veiligheid en Zorg: waarom Zuidoost waakzaam moet zijn”
Geachte leden van de stadsdeelcommissie, Op 5 januari 2026 heeft het dagelijks bestuur schriftelijke vragen ontvangen van het lid Bakker (BIJ1 Zuidoost) over de persoonsgerichte aanpak Veiligheid en Zorg, die de aanpakken Top600 en Veilig Alternatief vervangt. Onderstaand treft u de beantwoording van deze vragen aan.
Toelichting door de indiener:
De gemeente Amsterdam heeft in december 2025 besloten de Top600 definitief te beëindigen en introduceert per 1 januari 2026 de nieuwe persoonsgerichte aanpak Veiligheid en Zorg. Eerder werd ook de Top400 beëindigd. Daarmee lijkt een periode te worden afgesloten waarin jongeren en jongvolwassenen via intensieve, ketengerichte veiligheidsaanpakken langdurig “in beeld” werden gehouden.
BIJ1 erkent dat het stopzetten van Top400 en Top600 een noodzakelijke stap was.
Wetenschappelijk onderzoek, ervaringen van gezinnen en juridische analyses lieten zien dat deze aanpakken niet aantoonbaar effectief waren, averechts konden werken en diep ingrepen in het privéleven van jongeren en hun families. Juist in stadsdeel Zuidoost zijn de gevolgen hiervan jarenlang voelbaar geweest.
Tegelijkertijd stelt BIJ1 vast dat het beëindigen van deze programma’s niet automatisch betekent dat de onderliggende logica is verdwenen. In het verleden werd zorg structureel verbonden aan veiligheid, werden jongeren geselecteerd op basis van risicodenken en lichte politiecontacten, en functioneerden scholen, jongerenwerk en straatcoaches als schakels in een veiligheidsketen. Deze werkwijzen zijn uitgebreid gedocumenteerd en bekritiseerd in onder meer het rapport Top400 – A topdown crime prevention strategy in Amsterdam (Data Justice Lab / PILP, 2022).
De nieuwe aanpak Veiligheid en Zorg wordt door de gemeente gepresenteerd als flexibeler, meer op maat en beter aangesloten op de leefwereld van jongeren. Partners kunnen jongeren aanmelden, waarna deskundigen beoordelen of een gezamenlijke aanpak nodig is.…
Vragen en antwoorden
Vraag 1
Erkent het DB dat de beleidswijzigingen (zichtbaarheid straatcoaches, eerst aanspreken, beperking schoolmeldingen) impliciet bevestigen dat eerdere werkwijzen onrechtmatig of disproportioneel waren?
Antwoord van het college
Zo nee, hoe verklaart het DB deze wijzigingen?
Voor de beantwoording van deze vraag verwijzen we naar de gesprekken die de afgelopen periode hebben plaatsgevonden met het Public Interest Litigation Project (hierna: PILP) en Bits of Freedom (hierna: BoF). PILP/BoF hebben zich kritisch geuit over de rol van de straatcoaches en over de samenwerking met leerplicht en scholen. De gemeente waardeert het kritisch beschouwen van de eerdere persoonsgerichte aanpak Top400 door maatschappelijke organisaties, omdat ze - net als PILP/BoF - rechtmatigheid en rechtvaardigheid uiterst belangrijk vinden.
Ook na het opnieuw bekijken van de samenwerking met straatcoaches, leerplicht en scholen is geen aanleiding gezien om te concluderen dat de eerdere werkwijzen onrechtmatig of disproportioneel waren. De huidige werkwijze van samenwerking met leerplicht en scholen is gepubliceerd op de website van het AcVZ. Zie verder de beantwoording van vraag 4.
Vraag 2
Welke concrete lessen uit de Top400/Top600 zijn schriftelijk vastgelegd en bindend gemaakt voor ‘Veiligheid en Zorg’ (procesbeschrijvingen, privacy-by-design, proportionaliteitstoets)?
Antwoord van het college
In Veiligheid en Zorg zijn de aanbevelingen uit het WODC-onderzoek en adviezen en inzichten van wetenschappers, regisseurs en klankbordgroepen meegenomen. Eén van de adviezen en lessen was om het in- en uitstroomproces zorgvuldiger en flexibeler in te richten door middel van een proces waarin deskundigen beoordelen of regie nodig is. Dit is vastgelegd in een procesomschrijving en een beoordelingskader waarin de gehele instroomprocedure en de juridische grondslagen volgens de Wet gegevensverwerking samenwerkingsverbanden (hierna: WGS) en het Besluit gegevensverwerking samenwerkingsverbanden (hierna: BGS) zijn beschreven. Daarnaast zijn de doelstellingen en criteria herzien en concreter en meetbaar geformuleerd. Deze zijn te vinden op de website van Veiligheid en Zorg. Verder is geadviseerd om de leeftijdsfocus aan te scherpen, de kwaliteit van regie verder te uniformeren en professionaliseren en de capaciteit te richten op personen voor wie regie aantoonbaar meerwaarde of noodzaak heeft en er sprake is van een veiligheidsrisico.
Privacy-by-design en proportionaliteitstoets Privacy-by-design en proportionaliteit zijn in de hele opzet van de aanpak verwerkt.
Datzelfde geldt voor de algemene beginselen van behoorlijk bestuur, waaronder zorgvuldigheid, rechtszekerheid, het vertrouwensbeginsel, het gelijkheidsbeginsel en het evenredigheidsbeginsel. Deze beginselen zijn vanaf het ontwerp van de aanpak vertaald naar concrete procesafspraken en waarborgen. Zo wordt steeds getoetst aan noodzakelijkheid en subsidiariteit, zijn besluiten navolgbaar en toetsbaar ingericht, wordt gewerkt volgens het uitgangspunt van dataminimalisatie en selectieve toegang tot gegevens.
Binnen het samenwerkingsverband Actiecentrum Veiligheid en Zorg (hierna: AcVZ) is er een Privacy Expert Groep (hierna: PEG) met daarin privacy experts van de vaste samenwerkingspartners. De PEG adviseert het AcVZ over vraagstukken rond privacy en gegevensdeling. Daarnaast zijn in 2025 de in- en uitstroomcriteria voorgelegd aan de Commissie Persoonsgegevens Amsterdam. In 2026 worden de in- en uitstroomcriteria voorgelegd aan de landelijke rechtmatigheidsadviescommissie, wordt de Data Protection Impact Assessment (DPIA) afgerond en vinden periodiek privacy-audits plaats. De coördinerend Functionaris Gegevensbescherming is hierbij betrokken. De grondslag voor gegevensverwerking is de WGS. Personen behouden de mogelijkheid tot het indienen van klachten en bezwaren volgens de geldende (privacy)wetgeving, gemeentelijke procedures en de WGS.
Vraag 3
Bestaan er thans informele of formele persoonsgerichte lijsten (of functionele equivalenten) binnen Zuidoost?
Antwoord van het college
Zo ja: op welke grondslag, met welke bewaartermijnen en inzagerechten?
Er wordt niet gewerkt met informele persoonsgerichte lijsten of functionele equivalenten daarvan. Uiteraard zijn we ervan op de hoogte wie er in de aanpak zitten. Er bestaat geen overzicht of register waarin personen vooraf of structureel worden “opgenomen”. Instroom vindt uitsluitend plaats via aanmelding door vaste samenwerkingspartners, op basis van objectieve criteria en na beoordeling door deskundigen in het triageoverleg aan de hand van het vastgestelde beoordelingskader. In dit proces wordt getoetst of regie noodzakelijk is en aantoonbare meerwaarde heeft.
Naast de centraal stedelijk georganiseerde aanpak Veiligheid en Zorg hebben de stadsdelen lokale aanpakken Jeugd & Veiligheid voor jongeren die voor (groepsgewijze) overlast en criminaliteit zorgen in de openbare ruimte. Hierbij wordt gewerkt met het landelijk ontwikkelde instrument Groepsaanpak, en worden de landelijk afgesproken kaders en bewaartermijnen omtrent informatiedeling tussen de betrokken partners (zoals politie, gemeente, jongerenwerk en hulpverleningspartijen) gehanteerd.
Binnen deze lokale aanpak van Jeugd en Veiligheid wordt met partners uit Zuidoost gezamenlijk ingezet om jeugdoverlast en -criminaliteit te voorkomen en waar nodig aan te pakken. Hierbij worden als dat door de partners nodig wordt geacht in specifieke gevallen ook persoonsgegevens uitgewisseld om op tijd hulp te kunnen aanbieden bij gezinnen of jongeren waar zorgen over zijn. De betreffende personen worden genotificeerd. Alle partners houden zich aan de privacywetgeving, zoals de AVG.
Grondslag verwerking persoonsgegevens Veiligheid en Zorg Het AcVZ verwerkt persoonsgegevens op grond van de WGS en het BGS. Deze wetgeving is vastgesteld op basis van artikel 6 lid 3 van de Algemene verordening gegevensbescherming (hierna: AVG).
Bewaartermijnen Veiligheid en Zorg Wij houden ons aan de bewaartermijn van artikel 1.16 van het BGS. Als iemand in een aanpak wordt opgenomen, betekent dit dat wij de persoonsgegevens niet langer bewaren dan vijf jaar na de datum waarop wij zijn begonnen met het verwerken van de persoonsgegevens. In de wet staat dat wij in sommige gevallen de persoonsgegevens langer dan vijf jaar mogen bewaren, bijvoorbeeld wanneer iemand na vijf jaar nog steeds in een aanpak zit. Er geldt een andere bewaartermijn voor personen die voor een aanpak zijn aangemeld, maar die na een beoordeling door het zogenaamde triageteam van het AcVZ niet in een aanpak worden opgenomen (omdat zij niet aan de voorwaarden daarvoor voldoen). In dat geval geldt een bewaartermijn van één jaar. In alle gevallen geldt dat wij de gegevens langer kunnen bewaren als wij deze nodig hebben voor een rechtszaak.
Inzagerechten Veiligheid en Zorg Een persoon waarover persoonsgegevens verwerkt worden, heeft de volgende privacyrechten op grond van de AVG: recht op inzage, recht op rectificatie, recht op verwijdering, recht op beperking van de verwerking, recht van bezwaar.
Voor het AcVZ is een juiste en zorgvuldige omgang met persoonsgegevens belangrijk. Alle informatie hierover is opgenomen in de Privacyverklaring die betrokkenen ontvangen.
Vraag 4
Welke rol hebben straatcoaches nu bij informatieverzameling en -deling?
Antwoord van het college
Graag een limitatieve opsomming van: (a) soorten gegevens, (b) doelen, (c) ontvangers, (d) bewaartermijnen.
In opdracht van de gemeente Amsterdam zijn de straatcoaches van de Stichting Aanpak Overlast Amsterdam (hierna: SAOA) behulpzaam bij het voorkomen en tegengaan van jeugdoverlast op straat. De kerntaak van de straatcoaches is contact leggen met jongeren op straat, het aanspreken van jongeren op hun gedrag en proberen overlast te voorkomen en te verminderen door in gesprek te gaan en grenzen te stellen. De straatcoaches zijn zichtbaar, in rood uniform, aanwezig op straat.
Als een jongere in Veiligheid en Zorg is opgenomen, wordt er onder regie van een regisseur een plan van aanpak opgesteld om een positieve gedragsverandering tot stand te brengen die bijdraagt aan een beter toekomstperspectief. De regisseur kan de SAOA dan voor deze jongere inzetten bij het uitvoeren van het plan van aanpak. Als de straatcoach ziet dat deze jongere overlast geeft of crimineel gedrag vertoont, maakt de straatcoach daarvan een notitie, nadat deze de jongere heeft aangesproken. Om elke schijn van heimelijkheid weg te nemen is in de nieuwe instructie voor straatcoaches opgenomen dat zonder persoonlijk contact geen informatie wordt vastgelegd over jongeren. Hierop wordt alleen een uitzondering gemaakt als aanspreken niet mogelijk is, bijvoorbeeld wanneer de situatie voor de straatcoaches onveilig is. Deze notitie komt bij de regisseur terecht.
Bij instroom in Veiligheid en Zorg ontvangt de jongere een instroombrief. Als de jongere minderjarig is, ontvangen de ouders en/of wettelijke vertegenwoordigers ook een brief. In de bijlage bij de instroombrief van Veiligheid en Zorg is opgenomen dat SAOA persoonsgegevens kan ontvangen of verstrekken. De straatcoaches vallen onder SAOA. Zij kunnen persoonsgegevens van het AcVZ ontvangen en kunnen ook persoonsgegevens delen met het AcVZ als dat noodzakelijk is voor het plan van aanpak en de positieve gedragsverandering.
SAOA is een verwerker die gegevens verwerkt in opdracht van de burgemeester van Amsterdam. De burgemeester is de verwerkingsverantwoordelijke voor de verwerking van persoonsgegevens door SAOA. Binnen Veiligheid en Zorg worden de wettelijke bewaartermijnen in acht genomen.
De verwerking van persoonsgegevens vindt alleen plaats als dit noodzakelijk is voor de uitvoering van de aanpak en binnen de wettelijke kaders van de WGS, het BGS en de AVG.
Deze wet- en regelgeving bepalen de grondslagen voor gegevensverwerking, bewaartermijnen en de rechten van betrokkenen. De nadere uitwerking hiervan is vastgelegd in de privacyverklaring en de regelingen gegevensverwerking van het AcVZ. Daarin is onder meer beschreven welke persoonsgegevens worden verwerkt, voor welke doelen, hoe lang gegevens worden bewaard en op welke wijze betrokkenen hun rechten kunnen uitoefenen, waaronder het recht op inzage en het indienen van klachten of bezwaren.
Vraag 5
Worden jongeren vooraf en expliciet geïnformeerd dat gegevens uit gesprekken kunnen worden vastgelegd en gedeeld in veiligheidsoverleggen?
Antwoord van het college
Hoe wordt vrijwillige toestemming geborgd, met name bij minderjarigen?
De grondslag voor gegevensverwerking binnen Veiligheid en Zorg is de WGS. Betrokkenen worden op verschillende momenten geïnformeerd over de persoonsgerichte aanpak en de verwerking van persoonsgegevens. Zo worden betrokkenen genotificeerd als ze zijn aangemeld voor Veiligheid en Zorg, tenzij sprake is van een uitzondering in de AVG.
Daarnaast worden betrokkenen geïnformeerd als ze zijn besproken op de triage en als zij in de persoonsgerichte aanpak Veiligheid en Zorg komen. Als een betrokkene minderjarig is, worden ook ouders of wettelijk vertegenwoordigers geïnformeerd.
Zie voor informatie over de verwerking van persoonsgegevens de laatste alinea bij de beantwoording van vraag 4.
Vraag 6
Worden politiecontacten zonder veroordeling (ID-controles, staandehoudingen) nog meegewogen in risicobeoordelingen of casuïstiek?
Antwoord van het college
Zo ja, hoe wordt discriminatoir effect voorkomen?
Waar personen in de Top600 konden komen als zij voldeden aan een aantal harde politie- en veroordelingscriteria, kan opname in Veiligheid en Zorg alleen na aanmelding door vaste samenwerkingspartners, op basis van objectieve criteria en na beoordeling door deskundigen in het triageoverleg aan de hand van het vastgestelde beoordelingskader. In dit proces wordt getoetst of regie noodzakelijk is en aantoonbare meerwaarde heeft. Het is dus niet meer mogelijk om in te stromen enkel op basis van politiecontacten.
Discriminatoir effect en mogelijke risico’s van vooringenomenheid worden weggenomen door gebruik te maken van objectieve en transparante criteria.
Elke persoon in een integraal persoonsgerichte aanpak wordt als individu behandeld door een eigen regisseur die de nuances en specifieke omstandigheden rondom deze persoon goed kent, en in de aanpak kan meewegen.
Vraag 7
Zijn er algoritmen, risicomodellen of scoring-methoden in gebruik (direct of indirect)?
Antwoord van het college
Zo ja: welke, met welke transparantie, audits en bezwaarprocedures?
Nee, instroom in Veiligheid en Zorg gebeurt na aanmelding door vaste samenwerkingspartners, op basis van objectieve criteria en na professionele beoordeling door deskundigen in het triageoverleg aan de hand van het vastgestelde beoordelingskader.
Vraag 8
Hoe is gegevensuitwisseling met scholen nu ingericht?
Antwoord van het college
Kan het DB bevestigen dat dreigend verzuim niet meer leidt tot veiligheidsdeling en dat onderwijs geen verlengstuk van policing is?
Graag verwijst het dagelijks bestuur naar de werkwijze tussen het AcVZ, bureau Leerplicht en scholen in het kader van de aanpak Veiligheid en Zorg. In dit document wordt toegelicht hoe gegevensuitwisseling is ingericht.
Vraag 9
Welke monitoring vindt plaats op etnische en sociaal-economische bias in instroom, duur en uitkomst van ‘Veiligheid en Zorg’?
Antwoord van het college
Er wordt geen gebruik gemaakt van persoonsgegevens of monitoring naar etniciteit of sociaal-economische kenmerken. Instroom vindt plaats op basis van objectieve criteria en na professionele beoordeling door deskundigen in het triageoverleg. De criteria zijn opgenomen bij de beantwoording van vraag 11. Elke persoon in een integraal persoonsgerichte aanpak wordt als individu behandeld door een eigen regisseur die de nuances en specifieke omstandigheden rondom deze persoon goed kent, en in de aanpak kan meewegen.
Monitoring Eind 2026 voeren we een eerste procesevaluatie uit om te toetsen of de werkwijze in de praktijk werkt zoals beoogd, welke doelgroep wordt bereikt en hoe partners en betrokkenen de aanpak ervaren. De uitkomsten gebruiken we om de uitvoering verder te verbeteren.
Daarnaast wordt doorlopend gevraagd en ongevraagd advies gegeven door klankbordgroepen waaraan experts, ouders, (oud-)regiepersonen en ervaringsdeskundigen deelnemen.
Vraag 10
Is het DB bereid tot herstelmaatregelen (erkenning, nazorg, datavernietiging) voor jongeren/gezinnen die aantoonbaar zijn geraakt door eerdere aanpakken?
Antwoord van het college
Het dagelijks bestuur en het college zijn niet bereid tot het treffen van dergelijke maatregelen. Het dagelijks bestuur en het college hechten groot belang aan het beschermen van de rechten van personen in de aanpak en bij minderjarigen ook van hun ouders.
Betrokkenen behouden de mogelijkheid tot het indienen van klachten en bezwaren volgens de geldende privacywetgeving en gemeentelijke procedures. Wanneer personen van mening
zijn dat zij onjuist of onzorgvuldig zijn behandeld of dat hun persoonsgegevens niet rechtmatig zijn verwerkt, worden deze signalen langs deze procedures beoordeeld en opgevolgd. Zie de beantwoording van vraag 3 voor informatie over o.a. bewaartermijnen en privacyrechten.
Vraag 11
Welke partners kunnen jongeren aanmelden voor Veiligheid en Zorg, en op basis van welke concrete criteria?
Antwoord van het college
In een zorgvuldig proces beoordelen deskundigen aan de hand van objectieve criteria en een beoordelingskader of opname in de aanpak noodzakelijk is en aantoonbare meerwaarde heeft.
Criteria:
Voor deelname en gegevensdeling moet in alle gevallen worden voldaan aan de vier wettelijke criteria uit de WGS. Er moet sprake zijn van problemen bij de persoon of diens gezin op meerdere leefgebieden, waarop criminogene factoren een rol spelen. Deze problemen hebben geleid of kunnen zonder interventie leiden tot ernstige overlast, criminaliteit of onveilige situaties voor personen of binnen een gebied. Samenwerking tussen partners uit verschillende domeinen is noodzakelijk om tot een effectief plan van aanpak te komen.
Daarnaast komen personen enkel in aanmerking als zij:
a. In de afgelopen twee jaar zijn aangehouden voor minimaal twee misdrijven waarvan de processen-verbaal door de politie zijn ingezonden naar het OM (mits de zaak niet ten tijde van aanmelding al geseponeerd is of heeft geleid tot vrijspraak) of
b. In de afgelopen twee jaar zijn aangehouden voor 1 misdrijf waarop (in het volwassenenstrafrecht) een gevangenisstraf van tenminste 8 jaar is gesteld en waarvan het proces-verbaal door de politie is ingezonden naar het OM (mits de zaak niet ten tijde van aanmelding al geseponeerd is of heeft geleid tot vrijspraak). De strafmaat van tenminste 8 jaar is gebaseerd op het volwassenenstrafrecht. Bij jeugdigen kijken we naar vergelijkbare delicten. of
c. Voldoen aan een combinatie van bovenstaande 2 criteria.
Veiligheid en Zorg richt zich op jongeren en jongvolwassenen van 12 tot 30 jaar. Afwijking van de leeftijdsgrens is mogelijk bij een aantoonbaar veiligheidsrisico en wanneer regie meerwaarde heeft.
Tot slot gelden contra-indicaties. Personen komen niet in Veiligheid en Zorg bij een onvoorwaardelijke detentie van twee jaar of meer (nog te gaan), een onvoorwaardelijke TBSof PIJ-maatregel, of wanneer iemand illegaal in Nederland verblijft.
Partners die personen kunnen aanmelden voor Veiligheid en Zorg:
• Gemeente Amsterdam en Amstelland gemeenten
• GGD
• Politie
• OM
• Raad voor de Kinderbescherming
• Dienst Justitiële Inrichtingen (incl. de PI's die daaronder vallen)
•
•
•
•
Reclassering & jeugdreclassering Jeugdbescherming Veilig Thuis GGZ-instellingen
Vraag 12
Hoe wordt voorkomen dat deze aanmeldingen leiden tot informele risicolijsten?
Antwoord van het college
Er wordt niet gewerkt met (informele of formele) lijsten. Zie de beantwoording van vraag 3.
Vraag 13
Welke rechtspositie heeft een jongere die wordt aangemeld maar niet instemt?
Antwoord van het college
Voor deelname aan Veiligheid en Zorg is geen instemming van de betrokkene vereist. De grondslag voor de aanpak en de daarbij behorende gegevensverwerking is vastgelegd in de WGS en het BGS. De persoonsgerichte aanpak kan uitgevoerd worden wanneer aan de wettelijke criteria is voldaan en regie noodzakelijk wordt geacht.
Dit laat onverlet dat betrokkenen altijd worden geïnformeerd over hun opname in de aanpak en over de verwerking van hun persoonsgegevens. Zij behouden daarbij de rechten die voortvloeien uit de wet, waaronder het recht op inzage, correctie en het maken van bezwaar tegen de gegevensverwerking. Aanvullend wordt aan betrokkenen de mogelijkheid geboden om bestuursrechtelijk bezwaar te maken tegen hun opname in de aanpak (ook al is dit geen besluit in de zin van de Algemene Wet Bestuursrecht). Zie voor informatie over o.a. bewaartermijnen en privacyrechten de beantwoording van vraag 3.
Vraag 14
Hoe wordt geborgd dat zorgverleners niet functioneren als informanten binnen de veiligheidsketen?
Antwoord van het college
Zorgverleners nemen deel aan Veiligheid en Zorg vanuit hun eigen wettelijke en professionele verantwoordelijkheid. Zorgverleners hebben een wettelijke geheimhoudingsplicht. Deze is ook van toepassing als een zorgverlener deelneemt aan Veiligheid en Zorg. De geheimhoudingsplicht voor zorgverleners is streng. Alleen in uitzonderlijke gevallen kan daarop een beperkte uitzondering worden gemaakt en zorgverleners beoordelen zelf of een uitzondering gemaakt kan worden. Zorgverleners functioneren niet als informanten voor opsporing of handhaving. Voor zover zij al informatie (mogen) delen, gebeurt dit uitsluitend ten behoeve van het doel en binnen de kaders van de WGS en het BGS.
Vraag 15
Welke maximale duur kent een traject binnen Veiligheid en Zorg?
Antwoord van het college
Periodiek wordt herbeoordeeld of een persoon nog in Veiligheid en Zorg moet blijven. Deze herbeoordeling houdt in dat regelmatig wordt beoordeeld of regie nog noodzakelijk en van meerwaarde is. Na 5 jaar vindt altijd een herbeoordeling plaats. Regie kan worden verlengd als dat noodzakelijk en van meerwaarde is.
Vraag 16
Hoe wordt onafhankelijk getoetst of deze aanpak niet opnieuw discriminerend uitpakt voor jongeren in Zuidoost?
Antwoord van het college
Zowel in de eerdere aanpakken Top600/Veilig Alternatief als nu in Veiligheid en Zorg gaat grote aandacht uit naar het voorkomen van discriminatie en stigmatisering. Daarom is bovenop de juridische waarborgen gekozen voor het opzetten van klankbordgroepen waaraan experts, ouders, (oud-)regiepersonen en ervaringsdeskundigen deelnemen. Deze klankbordgroepen adviseren gevraagd en ongevraagd over beleid en de uitvoering van de aanpak.
Daarnaast voeren we eind 2026 een eerste procesevaluatie uit en in 2029 start de effectevaluatie die wordt uitgevoerd door een externe partij.
Vraag 17
Welke gegevens uit Top600/Veilig Alternatief worden vernietigd, en welke worden overgenomen?
Antwoord van het college
Dossiers uit de aanpakken Top600/Veilig Alternatief worden in de eerste helft van 2026 herbeoordeeld aan de hand van de criteria voor Veiligheid en Zorg. Van personen die vanuit de Top600/Veilig Alternatief instromen in Veiligheid en Zorg blijven de dossiers behouden.
Hierbij worden de bewaartermijnen en privacyrechten in acht genomen (zie hiervoor de beantwoording van vraag 3). Als een persoon niet instroomt in Veiligheid en Zorg, worden de bewaartermijnen en privacyrechten uiteraard ook in acht genomen.
Vraag 18
Is het DB bereid een publieke, onafhankelijke evaluatie toe te zeggen vóór eind 2026?
Antwoord van het college
Nee, het jaar 2026 geldt als overgangsjaar en wordt gebruikt voor de zorgvuldige invoering en gefaseerde opbouw van Veiligheid en Zorg. Eind 2026 vindt een procesevaluatie plaats. In 2029 start een effectevaluatie, uitgevoerd door een externe partij. Deze planning is gekozen om ervoor te zorgen dat er voldoende meetgegevens beschikbaar zijn om betrouwbare conclusies te kunnen trekken over de effecten. In 2027 wordt de gemeenteraad via een raadsinformatiebrief geïnformeerd over de stand van zaken.
Wij verwachten u hiermee voldoende te hebben geïnformeerd.
Bron: raadsinformatie van de gemeente Amsterdam (Open Raadsinformatie). De vragen en antwoorden zijn automatisch uit de brief gelezen; het origineel is leidend.