16 september 2025 · artikel 35-vragen · gemeente Amsterdam

vragen van stadsdeelcommissielid Liefting van 14 september 2025

Een raadslid stelde op 16 september 2025 schriftelijke vragen aan het college van burgemeester en wethouders van Amsterdam (13 vragen).

In het kort

13 vragen en wat het college antwoordt

  • Kan het DB toelichten wat de mogelijke gevolgen zijn van deze vertraging voor de actualisatie van bestemmingsplannen in Oost, zoals de Dapperbuurt? → Aanvragen voor omgevingsvergunningen worden nog getoetst aan deels verouderde bestemmingsplanregels (die onderdeel zijn van het omgevingsplan), bijvoorbeeld regels die zien op het toestaan…
  • Zijn er volgens het DB nog mogelijkheden om deze gevolgen op te vangen (alternatieven)? → Zolang actualisatie van (deels) verouderde bestemmingsplannen uitblijft, kunnen er incidenteel en per initiatief omgevingsvergunningen worden verstrekt om af te wijken van de huidige…
  • Kan het DB uitleggen hoe dit ons helpt? → Deze vraag wordt tijdens de commissievergadering van 16 september mondeling beantwoord.
  • Welke stappen van het participatietraject zouden met het voorstel van DB worden overgeslagen? → Deze vraag wordt tijdens de commissievergadering van 16 september mondeling beantwoord.
  • Verwacht het dagelijks bestuur dat in veel gevallen sneller dan drie weken een besluit kan worden genomen, waardoor de vertraging in de praktijk beperkt blijft? → Nee.
  • Wat gebeurt er als het DB later toch besluit dat het volledige participatietraject wenselijk is? → Deze vraag wordt tijdens de commissievergadering van 16 september mondeling beantwoord.
  • Wat wordt precies verstaan onder de term ‘beleidsarm’? → Die term is namens het college beschreven in het (huidige) Bestuurlijk Uitvoeringskader transitie omgevingsplan Amsterdam (april 2024): Beleidsarm Elk bestemmingsplan wordt beleidsarm…
  • Is het voor het dagelijks bestuur eenvoudig te beoordelen welke gevallen hieronder vallen? → De beoordeling is niet eenvoudig.

Overgenomen uit de brief van het college; hieronder staan de volledige vragen en antwoorden.

Aanleiding

Vragen het lid Liefting (D66) over aanpassing Verordening op de stadsdelen en het stadsgebied vanwege actualisatie Bestuurlijk uitvoeringskader transitie omgevingsplan Amsterdam 15 september 2025

In het conceptadvies schrijft het dagelijks bestuur: “Omdat de transitie van de bestemmingsplannen die door het college worden voorbereid voorrang krijgt op de door het dagelijks bestuur gewenste of noodzakelijk geachte actualisaties van bestemmingsplannen (zoals het bestemmingsplan Dapperbuurt), wordt die afstand de komende jaren extra groot.”

Vragen en antwoorden

Vraag 1

Kan het DB toelichten wat de mogelijke gevolgen zijn van deze vertraging voor de actualisatie van bestemmingsplannen in Oost, zoals de Dapperbuurt?

Antwoord van het college

Aanvragen voor omgevingsvergunningen worden nog getoetst aan deels verouderde bestemmingsplanregels (die onderdeel zijn van het omgevingsplan), bijvoorbeeld regels die zien op het toestaan van functies die niet meer wenselijk zijn, of regels m.b.t. het maximum aantal horecavestigingen in een straat, of regels die betrekking hebben een begrenzing van het bruto vloeroppervlak van een bepaalde functie.

Het beleid of de visie op de omgeving kan in de jaren veranderd zijn. Dat beleid is echter nog verankerd in oude bestemmingsplannen, waardoor situaties kunnen ontstaan die niet stroken met de huidige beleidsopvattingen. Een voorbeeld is dat er bij recht (in overeenstemming met het bestemmingsplan) een nieuw hotel wordt gevestigd ondanks een hotelstop in Amsterdam.

Het bestemmingsplan Dapperbuurt dateert uit 2007. In dit bestemmingsplan is destijds voornamelijk ingezet op de detailhandelfunctie. Inmiddels zijn er plannen om de verblijfsfunctie op de markt op specifieke plekken (bijv. het Dapperplein) te versterken. Daarbij hoort ook horeca. In het bestemmingsplan is een limiet aan het aantal horecavestigingen gesteld. Ondanks dat er een visie ligt om meer horeca mogelijk te maken en hierover ook afspraken zijn gemaakt met partners, moet hiervoor een aparte planologische procedure worden gevolgd. We zouden de limiet willen verhogen, maar dit is niet mogelijk omdat er geen beleidswijzigingen kunnen worden doorgevoerd.

Vraag 2

Zijn er volgens het DB nog mogelijkheden om deze gevolgen op te vangen (alternatieven)?

Antwoord van het college

Zolang actualisatie van (deels) verouderde bestemmingsplannen uitblijft, kunnen er incidenteel en per initiatief omgevingsvergunningen worden verstrekt om af te wijken van de huidige omgevingsplanregels. Hiervoor zijn wel concrete initiatieven nodig.

Ter voorkoming van de vestiging van een onwenselijke functie zou een zogeheten voorbereidingsbesluit kunnen worden genomen. Met voorbeschermingsregels kunnen activiteiten tijdelijk worden beperkt of verboden. Deze bevoegdheid ligt echter bij het college.

Het voorstel van het dagelijks bestuur om de participatieverordening aan te passen is voor mij nog niet helemaal duidelijk.

Vraag 3

Kan het DB uitleggen hoe dit ons helpt? En wat is precies het voordeel tegenover het voorstel van het college, en de huidige werkwijze (zonder aanpassingen)?

Antwoord van het college

Deze vraag wordt tijdens de commissievergadering van 16 september mondeling beantwoord.

Vraag 4

Welke stappen van het participatietraject zouden met het voorstel van DB worden overgeslagen? En over welke groepen gaat het dan (bijvoorbeeld bewoners, ondernemers, enz.)?

Antwoord van het college

Deze vraag wordt tijdens de commissievergadering van 16 september mondeling beantwoord.

Vraag 5

Verwacht het dagelijks bestuur dat in veel gevallen sneller dan drie weken een besluit kan worden genomen, waardoor de vertraging in de praktijk beperkt blijft?

Antwoord van het college

Nee. De procedure van een wijziging van het Omgevingsplan is wettelijk vastgelegd. De voorbereiding van een dergelijk besluit moet zorgvuldig en met weging van alle betrokken belangen plaatsvinden. Een besluit (of advies) van het DB binnen drie weken in die voorbereiding is ook een dergelijk belang.

Vraag 6

Wat gebeurt er als het DB later toch besluit dat het volledige participatietraject wenselijk is? Is het dan nog steeds mogelijk om het hele traject alsnog te doorlopen?

Antwoord van het college

Deze vraag wordt tijdens de commissievergadering van 16 september mondeling beantwoord.

Begrip ‘beleidsarm’

Vraag 7

Wat wordt precies verstaan onder de term ‘beleidsarm’?

Antwoord van het college

Die term is namens het college beschreven in het (huidige) Bestuurlijk Uitvoeringskader transitie omgevingsplan Amsterdam (april 2024):

Beleidsarm Elk bestemmingsplan wordt beleidsarm omgezet. Daaronder wordt begrepen dat bij de omzetting geen nieuw beleid wordt voorgesteld cq. meegenomen.

Bij het omzetten van een bestemmingsplan wordt het volgende meegenomen:

• Vastgesteld (stedelijk of lokaal) beleid;

• Verleende (afwijkings-)vergunningen;

• Ontwikkelingen/initiatieven die helemaal uitgekristalliseerd zijn;

• Vaste gedragslijnen cq. praktijk (*) (*) Onder vaste gedragslijnen cq. praktijk wordt verstaan een consequente voortzetting van bestuurlijke keuzes

– zonder dat die keuzes expliciet zijn vastgelegd in beleid - die in het verleden voor bepaalde gebieden in het betreffende stadsdeel zijn gemaakt en uitgevoerd.

•

•

•

•

Voorbeelden hiervan zijn: het opnemen van een regeling voor het beperken van vergunningsvrij bouwen; waar dat eerder is gedaan in het betreffende stadsdeel; het beschermen van cultuurhistorisch erfgoed; waar dat eerder is gedaan in het betreffende stadsdeel; het inperken van in het verleden toegekende brede/gemengde bestemmingen (en waarbij een deel van de toegekende functies ter plekke niet meer wenselijk is. Voorbeeld: een bestemming staat wonen, kantoor, detailhandel, bedrijf en horeca toe. Maar er wordt al jaren gewoond en dat is voor de toekomst ook de gewenste functie); inperken brede bestemming na realisering project, waarvoor een project-bestemmingsplan is gemaakt.

Het DB volgt deze opvatting.

Vraag 8

Is het voor het dagelijks bestuur eenvoudig te beoordelen welke gevallen hieronder vallen?

Antwoord van het college

De beoordeling is niet eenvoudig. Echter, met de gegeven voorbeelden wel voldoende duidelijk voor de uitvoering.

Vraag 9

In hoeverre biedt deze term meer duidelijkheid of meerwaarde vergeleken met de term ‘beleidsneutraal’?

Antwoord van het college

Beleidsneutraal geeft minder interpretatieruimte dan beleidsarm. Het college spreekt ook van een aanscherping van de term beleidsarm. Echter, juist vanwege de door het college aangedragen uitzonderingen is beleidsarm naar het oordeel van het DB meer op zijn plaats dan beleidsneutraal.

Benodigde capaciteit (pagina 3 van de adviesaanvraag)

Vraag 10

Hoe zeker is het dat de door het college verwachte besparing daadwerkelijk wordt gehaald door een efficiëntere werkwijze?

Antwoord van het college

Gezien de omvang van de opgave moet op meerdere vlakken efficiency gehaald worden. We zetten dus in op meerdere sporen. Nu kan nog geen zekerheid worden gegeven of de voorgestelde maatregelen voldoende zijn. We blijven gedurende de hele transitieperiode op zoek naar verbetering van het proces.

Vraag 11

Hoe zeker is het dat de inzet van kunstmatige intelligentie de gewenste resultaten oplevert? Dit lijkt technisch complex en onzeker. Is dit al volledig getest en als betrouwbaar bewezen?

Antwoord van het college

Deze vraag wordt tijdens de commissievergadering van 16 september mondeling beantwoord.

Vraag 12

Welke alternatieven zijn er als de besparing niet wordt gehaald? Wordt er dan bijvoorbeeld gekeken naar externe inhuur, en wat zijn daarvan de gevolgen?

Antwoord van het college

Deze vraag wordt tijdens de commissievergadering van 16 september mondeling beantwoord.

Vraag 13

Hoe wordt in dat geval ervoor gezorgd dat de wettelijke taken (zoals gebiedsontwikkeling, beleidsvernieuwing en advisering bij vergunningsaanvragen) niet in gevaar komen?

Antwoord van het college

Deze vraag wordt tijdens de commissievergadering van 16 september mondeling beantwoord.

Bekijk de brief: Beantwoording vragen van stadsdeelcommissielid Liefting van 14 september 2025

Bron: raadsinformatie van de gemeente Amsterdam (Open Raadsinformatie). De vragen en antwoorden zijn automatisch uit de brief gelezen; het origineel is leidend.

Meer vragen aan het college van Amsterdam

Alle artikel 35-vragen in Amsterdam