20221118 College reactie op raadsvragen Oude Naarderwg 1
Een raadslid stelde op 22 november 2022 schriftelijke vragen aan het college van burgemeester en wethouders van Blaricum (1 vragen).
In het kort
1 vragen en wat het college antwoordt
- De vraag om bestemming tuin om te zetten naar natuur is dus een wijziging van bestemmingsplan. → Immers dan zou ook de woonfunctie naar kantoor overgezet moeten worden.
Overgenomen uit de brief van het college; hieronder staan de volledige vragen en antwoorden.
Aanleiding
REACTIE OP RAADSVRAGEN VVGB OUDE NAARDERWEG 1 BLARICUM Van:
Het college van B&W Blaricum
Aan:
Gemeente Blaricum – Gemeenteraad
Portefeuillehouder:
Kennis, A.M.
Datum:
Opsteller:
18 november 2022
R.R. Lugard, Beleidsadviseur Ruimtelijke Ontwikkeling
N.a.v. de behandeling van het plan voor functie wijziging van Wonen naar Kantoor aan de Oude
Naarderweg 1 in de RTG van dinsdag 15 november jl. zijn er opmerkingen en vragen uit de raad gekomen. In dit document zijn de vragen en opmerkingen bij elkaar gevoegd en daarop een integrale reactie geformuleerd.
Conclusie en advies vooraf
De verzoeken en de vragen die raadsleden doen/stellen in dit stadium van afgifte van een VVGB zijn vooralsnog prematuur. Bij het afgeven van een VVGB verklaart de gemeenteraad alleen dat van de kant van de raad tegen de voorgenomen invulling geen planologische bedenkingen en onoverbrugbare bezwaren zijn. Het is geen titel om direct te kunnen gaan bouwen en het is
wettelijk ook niet toegestaan om onredelijke voorwaarden te stellen ter verkrijgen van een VVGB.
De wens uit de raad om de huidige ‘Tuinbestemming’ naar een ‘formele Natuurbestemming’ te wijzigen, deze vervolgens aan het openbaar gebied van de heide toe te voegen en de
initiatiefnemer te verzoeken deze gronden aan GNR over te dragen, zijn juridisch-planologisch
oneigenlijke voorwaarden en hoeven niet perse voor kwaliteitsbevordering/versterking te zorgen.
Het is daarom af te raden ter raadsvergadering deze vergaande wijzigingen door middel van een motie dwingend op te leggen, omdat de consequenties niet te overzien zijn.
Fractie DBP
Is voornemens om een toezegging te vragen of indien echt noodzakelijk een motie te maken inhoudende, er zorg voor te dragen dat:
- de huidige ‘tuinbestemming’ omgezet wordt in ‘natuurbestemming’ dus zo snel mogelijk planologisch wordt vastgelegd;
- de betreffende stoken nieuwe natuur niet alleen een tuin met heideplantjes worden maar getrokken worden bij het openbaar gebied van de heide;
- de eigenaar verzocht wordt de nieuwe natuur over te dragen aan het GNR.
Fractie HvB over het voorstel Kantoor Oude Naarderweg met het verzoek deze te beantwoorden
Vragen en antwoorden
Vraag 1
De vraag om bestemming tuin om te zetten naar natuur is dus een wijziging van bestemmingsplan. Wordt het planologisch niet erg onduidelijk om twee werkwijzen a en b Pagina 1 van 3 te combineren?
Antwoord van het college
Immers dan zou ook de woonfunctie naar kantoor overgezet moeten worden.
Onderbouwing van de conclusie en het advies vooraf
Een gemeenteraad geeft een VVGB af als er een concreet bouwplan ligt, dat niet binnen het
vigerende bestemmingsplan past, maar waarvan objectief kan worden vastgesteld dat het plan
niet in strijd is met een ‘goede ruimtelijke ordening’(het planologische beleid van de gemeente).
Om te beoordelen of een plan niet strijdig is met een goede ruimtelijke ordening, moet de
initiatiefnemer alle noodzakelijke omgevingsaspecten in beeld brengen en deze planologisch verantwoorden. Deze verantwoording wordt in de zogenaamde Ruimtelijke Onderbouwing opgenomen. Bij het afgeven van een VVGB, verklaart de gemeenteraad alleen dat tegen de
voorgenomen planologische invulling geen bedenkingen zijn. Het is geen titel om direct te
kunnen gaan bouwen en het is wettelijk niet toegestaan om onredelijke voorwaarden te stellen
voor het verkrijgen van de VVGB. Als een VVGB is afgegeven dan wordt de formele aanvraag om omgevingsvergunning ingediend en als het plan op alle (overige) aspecten voldoende is
verantwoorden, dan wordt er een concept-omgevingsvergunning samen met de VVGB ter inzage gelegd, zodat (andere) belanghebbenden hun zienswijzen formeel kunnen indienen. Als de
zienswijzenprocedure is doorlopen en het college van mening blijft dat het plan al dan niet
gewijzigd nog steeds in overeenstemming is met een goede ruimtelijke ordening, dan wordt de definitieve vergunning verleend, zodat de initiatiefnemer zijn plan kan realiseren. Maar na
verlening hebben belanghebbenden ook nog de mogelijkheid om bezwaar en beroep aan te
tekenen. Het gaat dus om een zorgvuldige procedure, waar alle omgevingsaspecten zowel intern als extern, deskundig worden behandeld.
De initiatiefnemer van het plan voor functiewijziging van Wonen naar kantoor aan de Oude
Naarderweg 1 heeft zwaar ingezet op duurzaamheid en het versterken van de Natuur rondom het te realiseren gebouw. Het gebouw wordt in de natuur geïntegreerd door het bouwwerk bijna
letterlijk ‘in te graven’ en door het voormalige parkeerterrein aan de natuur terug te geven wordt de ecologische structuur en biodiversiteit in het gebied verstrekt. De (hoofd)constructies worden uit hout opgetrokken en de daken worden groen bekleed om in visuele zin weg te vallen in het
landschap. Als voor dit plan de VVGB wordt afgegeven dan wordt het plan voor de landschappelijk inpassing verder uitgewerkt en daarbij zal de huidige ‘Tuinbestemming’ een Natuurfunctie
behorend bij het kantoorgebouw krijgen. Er wordt nu door adviseurs van de initiatiefnemer
bestudeerd hoe dit op een verantwoorde manier definitief vorm kan krijgen. Als de raad met de VVGB instemt moet het college nog een anterieure overeenkomst met de initiatiefnemer sluiten
waarin nadere afspraken worden gemaakt. Natuur inclusief bouwen kan een aspect zijn dat in de
overeenkomst wordt opgenomen en draagt bij aan de kwaliteit van de leefomgeving (gezondheid, temperatuurbeheersing, lucht, etc.)
Het omzetten van de huidige ‘Tuinbestemming’ naar een formele ‘Natuurbestemming’, deze
vervolgens aan het openbaar gebied van de heide toevoegen en de initiatiefnemer te verzoeken
deze gronden aan GNR over te dragen, zijn juridisch-planologisch oneigenlijke voorwaarden en
hoeven niet perse voor kwaliteitsbevordering/versterking te zorgen. Deze exercitie kan juist een
goed doordacht natuur inclusief plan, zoals de initiatiefnemer dit bedacht heeft in de weg staan.
Pagina 2 van 3
Het is daarom af te raden ter raadsvergadering deze vergaande wijzigingen door middel van een motie dwingend op te leggen, omdat de consequenties niet zo simpel te overzien zijn.
Ook is het juridisch-planologisch risicovol en niet toegestaan om aan de huidige
‘Tuinbestemming’ een ‘Natuurbestemming’ binnen de VVGB-procedure te geven. Er kunnen wel afspraken met de initiatiefnemer worden gemaakt om op een verantwoorde manier de Tuinbrestemming in het geheel een Natuurfunctie te geven, die recht doet aan de
omgevingskwaliteiten van de heide, maar tegelijkertijd het werken/verblijven in dit waardevolle Natuurgebied aangenaam kan maken. De initiatiefnemer moet de ruimte en tijd krijgen om na
verkrijgen van de VVGB en waarschijnlijk ook na de vergunningverlening met een zogenaamde
postzegelplanvoorstel te komen om het bouwen van en het gebruiken als kantoorgebouw en de natuurlijke inrichting van de huidige ‘Tuinbestemming, planologisch goed te funderen.
Op dit plaatje is verder te zien dat bij bebouwingen binnen de Natuurbestemming in Blaricum en Laren er een erf aanwezig en deze initiatiefnemer wil juist natuur en werken samen laten gaan.
Pagina 3 van 3
Bekijk de brief: 20221118 College reactie op raadsvragen Oude Naarderwg 1
Bron: raadsinformatie van de gemeente Blaricum (Open Raadsinformatie). De vragen en antwoorden zijn automatisch uit de brief gelezen; het origineel is leidend.