Schriftelijke vragen BVDW Veegwagens besluitvorming en herverontreiniging na de brand bij De Mossel
Een raadslid stelde op 13 februari 2026 schriftelijke vragen aan het college van burgemeester en wethouders van Dijk en Waard (16 vragen).
In het kort
16 vragen en wat het college antwoordt
- Wie heeft op 1 januari 2026 opdracht gegeven tot het inzetten van veegwagens in het gebied rond De Mossel? → Kan het college bevestigen dat de veegactie reeds in de avond van 1 januari 2026 is uitgevoerd, terwijl de eerste asbestinventarisatie door SGS Search pas op 2 januari 2026 heeft…
- Op basis van welk deskundig advies (brandweer, Omgevingsdienst, saneringsdeskundige of andere) is besloten tot het inzetten van veegwagens? → B.
- Was deze veegwagen geschikt of gecertificeerd voor gebruik bij asbestincidenten? → Zo ja: onder welke norm, richtlijn of certificering?
- Is expliciet overwogen om niet te vegen, gelet op het risico op verplaatsing of secundaire emissie van asbestvezels? → C.
- Welke concrete werkwijze is toegepast bij het vegen (bijvoorbeeld vooraf bevochtigen, nat vegen, gefaseerd vegen, handmatig verwijderen)? → Pagina 1 van 3
- Is vooraf beoordeeld of het inzetten van veegwagens op dat moment kon leiden tot secundaire emissie of herverdeling van asbestdeeltjes? → Zo ja: waar is deze beoordeling schriftelijk vastgelegd?
- Welke alternatieve maatregelen zijn overwogen om verdere verspreiding te beperken? → D.
- Is bij de uitvoering rekening gehouden met verkeersbewegingen, looproutes en weersomstandigheden? → E.
Overgenomen uit de brief van het college; hieronder staan de volledige vragen en antwoorden.
Aanleiding
SCHRIFTELIJKE VRAGEN artikel 31 Reglement van Orde Datum:13-2-2026 Registratienummer: 1225813
Onderwerp: Veegwagens, besluitvorming en herverontreiniging na de brand bij De Mossel Inleiding:
Na de brand bij garage De Mossel op 1 januari 2026 is vastgesteld dat asbesthoudend materiaal is vrijgekomen. In de eerste fase na het incident zijn in de openbare ruimte onder meer veegwagens ingezet, bestuurlijke besluiten genomen en is richting bewoners gecommuniceerd over risico’s, gedragsinstructies en vervolgstappen.
In de weken daarna is geconstateerd dat reeds gesaneerde en schoon verklaarde percelen opnieuw zijn vervuild met asbesthoudende brandresten. Dit betreft herverontreiniging van eerder gesaneerde locaties.
De volgorde en samenhang van maatregelen, communicatie, rapportages en handhaving roepen vragen op over besluitvorming, toepassing van richtlijnen, zorgplicht en bestuurlijke verantwoordelijkheid. Met onderstaande vragen beoogt onze fractie helderheid te krijgen over deze aspecten vragen:
A. Besluitvorming en inzet van veegwagens (1 januari 2026)
Vragen en antwoorden
Vraag 1
Wie heeft op 1 januari 2026 opdracht gegeven tot het inzetten van veegwagens in het gebied rond De Mossel?
Antwoord van het college
Kan het college bevestigen dat de veegactie reeds in de avond van 1 januari 2026 is uitgevoerd, terwijl de eerste asbestinventarisatie door SGS Search pas op 2 januari 2026 heeft plaatsgevonden?
Vraag 2
Op basis van welk deskundig advies (brandweer, Omgevingsdienst, saneringsdeskundige of andere) is besloten tot het inzetten van veegwagens?
Antwoord van het college
B. Type veegwagen en geschiktheid
Vraag 3
Was deze veegwagen geschikt of gecertificeerd voor gebruik bij asbestincidenten?
Antwoord van het college
Zo ja: onder welke norm, richtlijn of certificering?
Zo nee: waarom is desondanks besloten tot inzet in een gebied waar asbestdeeltjes aanwezig waren?
Vraag 4
Is expliciet overwogen om niet te vegen, gelet op het risico op verplaatsing of secundaire emissie van asbestvezels?
Antwoord van het college
C. Werkwijze en risico-inschatting
Vraag 5
Welke concrete werkwijze is toegepast bij het vegen (bijvoorbeeld vooraf bevochtigen, nat vegen, gefaseerd vegen, handmatig verwijderen)?
Antwoord van het college
Pagina 1 van 3
Vraag 6
Is vooraf beoordeeld of het inzetten van veegwagens op dat moment kon leiden tot secundaire emissie of herverdeling van asbestdeeltjes?
Antwoord van het college
Zo ja: waar is deze beoordeling schriftelijk vastgelegd?
Zo nee: waarom is deze beoordeling achterwege gelaten?
Vraag 7
Welke alternatieve maatregelen zijn overwogen om verdere verspreiding te beperken?
Antwoord van het college
D. Locaties, afzetting en uitvoering
Vraag 8
Is bij de uitvoering rekening gehouden met verkeersbewegingen, looproutes en weersomstandigheden?
Antwoord van het college
E. Metingen, controle en vastlegging
Vraag 9
Bestaan er logboeken of registraties van de veegactie met daarin opgenomen: ingezette voertuigen ,tijden, routes, uitgevoerde werkzaamheden?
Antwoord van het college
En zo ja: zijn deze beschikbaar voor de raad?
F. Afvoer en verwerking
Vraag 10
Hoe is dit materiaal geclassificeerd, opgeslagen en verwerkt, en is het geregistreerd als (mogelijk) asbesthoudend afval?
Antwoord van het college
G. Richtlijnen en afwijkingen
Vraag 11
Indien van deze of andere richtlijnen is afgeweken: op basis van welke inhoudelijke en bestuurlijke afweging is deze afwijking gerechtvaardigd?
Antwoord van het college
H. Communicatie en vertrouwen
Vraag 12
Acht het college het aanvaardbaar dat bewoners op basis van de veegactie konden aannemen dat het gebied na vegen veilig was, terwijl later alsnog sanering noodzakelijk bleek?
Antwoord van het college
I. Huidige herverontreiniging
Vraag 13
Erkent het college dat thans sprake is van herverontreiniging van reeds gesaneerde percelen?
Antwoord van het college
Pagina 2 van 3
Vraag 14
Is onderzocht of de inzet van veegwagens of andere vroege maatregelen heeft bijgedragen aan deze herverontreiniging?
Antwoord van het college
J. Handhaving, regie en kosten
Vraag 15
Kan het college bevestigen dat kosten voortvloeiend uit herverontreiniging niet worden verhaald op bewoners die aantoonbaar aan hun saneringsplicht hebben voldaan?
Antwoord van het college
K. Slotvraag
Vraag 16
Kan het college aangeven welke concrete en afdwingbare maatregelen zijn genomen of worden genomen om verdere herverontreiniging te voorkomen, en op welke termijn hierover volledige duidelijkheid aan bewoners en raad wordt gegeven?
Antwoord van het college
Er wordt binnen dertig dagen een schriftelijk antwoord van het college verwacht.
Ingediend door Carmen Bosscher, Beter voor Dijk en Waard
Pagina 3 van 3
Bron: raadsinformatie van de gemeente Dijk en Waard (Open Raadsinformatie). De vragen en antwoorden zijn automatisch uit de brief gelezen; het origineel is leidend.