schriftelijke vragen D66 - Situatie bijensterfte en biodiversiteit
Een raadslid stelde op 18 mei 2026 schriftelijke vragen aan het college van burgemeester en wethouders van Dijk en Waard (9 vragen).
In het kort
9 vragen en wat het college antwoordt
- Is het college bekend met de recente berichtgeving over de toenemende bijensterfte in Nederland? → Antwoord van het college: Het college is bekend met de trend die geschetst wordt in de recente berichtgeving, maar niet met de daadwerkelijke berichtgeving waaraan gerefereerd wordt in de…
- Heeft de gemeente zicht op de staat van de biodiversiteit en de populatie van wilde bijen en honingbijen binnen Dijk en Waard? → Antwoord van het college: Nee, de gemeente Dijk en Waard heeft op dit moment géén inzicht in de staat van de biodiversiteit en de populatie van bestuivers in Dijk en Waard.
- Welke maatregelen neemt de gemeente momenteel om bijen en andere bestuivende insecten te beschermen? → Antwoord van het college: Binnen de gemeente wordt op diverse manieren rekening gehouden met bescherming van bestuivers: Afgelopen jaar is het maaibeleid herzien.
- Wordt binnen de gemeente bij het beheer van openbaar groen rekening gehouden met biodiversiteit en bijvriendelijke beplanting? → Zo ja, op welke wijze?
- Maakt de gemeente gebruik van pesticiden of chemische bestrijdingsmiddelen in de openbare ruimte? → Zo ja: • Welke middelen betreft dit; • In welke situaties worden deze toegepast; • En zijn er alternatieven onderzocht of ingevoerd?
- Welke concrete acties zijn er de afgelopen jaren binnen Dijk en Waard uitgevoerd om het leefgebied van bijen te verbeteren, zoals: • Bloemrijke bermen; • Ecologisch… → Antwoord van het college: Zie antwoord op vraag 3 voor de eerste drie punten.
- Werkt de gemeente samen met lokale imkers, natuurorganisaties, scholen of agrariërs rondom biodiversiteit en bestuiving? → Antwoord van het college: In de openbare ruimte wordt op enkele plekken zichtbaar geïnvesteerd in natuureducatie, onder andere gericht op bijen.
- Ziet het college aanleiding om aanvullende maatregelen te nemen om bijensterfte tegen te gaan? → Zo nee, waarom niet?
Overgenomen uit de brief van het college; hieronder staan de volledige vragen en antwoorden.
Aanleiding
COLLEGEBERICHT Beantwoording schriftelijke vragen Aan:
Van:
Datum:
Zaaknummer:
Onderwerp:
De gemeenteraad Het college van burgemeester en wethouders 16 juni 2026 00001250487 Situatie bijensterfte en biodiversiteit
Aanleiding Op 18 mei 2026 heeft het college schriftelijke vragen ontvangen van raadslid Pheijffer van de fractie D66 naar aanleiding van recente berichtgeving in landelijke media over de sterke afname van bijen en andere insecten. In dit collegebericht staan de antwoorden op deze vragen en wordt een algemene toelichting gegeven op het onderwerp.
Toelichting van de vragensteller(s) Recent werd in het televisieprogramma Even Tot Hier aandacht besteed aan de sterke afname van het aantal bijen. Ook berichtte Trouw op 22 april 2026 dat meer dan 20% van de bijen afgelopen winter niet heeft overleefd.
Bijen spelen een cruciale rol in onze voedselvoorziening en biodiversiteit. Naar schatting is circa 85% van de landbouwgewassen afhankelijk van bestuiving door bijen en andere insecten.
Zonder bestuivers komen gewassen zoals appels, kersen, komkommers en courgettes onder druk te staan.
Daarnaast wijzen onderzoeken op de schadelijke effecten van pesticiden op bijen. Bijen verzamelen nectar en stuifmeel van bespoten bloemen, waardoor pesticiden in honing terechtkomen en bijdragen aan bijensterfte. Uit recent onderzoek blijkt dat in 23 nectar- en honingmonsters 64 verschillende soorten pesticiden zijn aangetroffen.
Beantwoording Het college beantwoordt de gestelde vragen als volgt.
Inleiding Het college is van mening dat de vragen onvoldoende recht doen aan de complexiteit en urgentie van het onderwerp. Daarom wordt dit nader toegelicht om de beantwoording meer context en gewicht te geven.
Als eerste schetsen wij een verduidelijking op de benamingen van soorten die in de vragen gehanteerd worden. Er wordt geschreven over honingbijen, bijen en bestuivende insecten. De soortgroepen worden in één adem verbonden aan biodiversiteit, wat vanuit ecologisch oogpunt niet passend is. Honingbijen concurreren namelijk stevig met alle andere (wilde, solitaire bijen).
Daarom schrijven we in onze beantwoording over ‘bestuivers’.
De gemeente Dijk en Waard heeft zes maanden geleden een ecoloog aangesteld om ecologische ontwikkelingen, zoals die rond bestuivers, actief te volgen en hierop te sturen.
De afname van bestuivers is een wereldwijd fenomeen en staat al jaren symbool voor de structurele achteruitgang van natuurwaarden over de hele wereld.…
Vragen en antwoorden
Vraag 1
Is het college bekend met de recente berichtgeving over de toenemende bijensterfte in Nederland?
Antwoord van het college
Antwoord van het college:
Het college is bekend met de trend die geschetst wordt in de recente berichtgeving, maar niet met de daadwerkelijke berichtgeving waaraan gerefereerd wordt in de toelichting van de gestelde vragen.
Vraag 2
Heeft de gemeente zicht op de staat van de biodiversiteit en de populatie van wilde bijen en honingbijen binnen Dijk en Waard?
Antwoord van het college
Antwoord van het college:
Nee, de gemeente Dijk en Waard heeft op dit moment géén inzicht in de staat van de biodiversiteit en de populatie van bestuivers in Dijk en Waard. Het NHP (zie inleiding) biedt naar verwachting handvatten hoe gemeenten een dergelijk monitoringsvraagstuk in moeten richten.
Vraag 3
Welke maatregelen neemt de gemeente momenteel om bijen en andere bestuivende insecten te beschermen?
Antwoord van het college
Antwoord van het college:
Binnen de gemeente wordt op diverse manieren rekening gehouden met bescherming van bestuivers:
Afgelopen jaar is het maaibeleid herzien. Er is nu meer aandacht voor een spreiding in maaimomenten en maaisel wordt na het maaien niet gelijk afgevoerd. Hiermee blijven Voedsel, Voortplantingsmogelijkheden, Verblijfsplekken en Verplaatsingsmogelijkheden in een gebied beschikbaar wat gunstig is voor de bestuivers in dit gebied.
Bij aanleg of renovatie van openbare ruimte is er altijd aandacht voor variatie in beplantingstypen en plantsoorten om een gevarieerd en gespreid aanbod van bloei, vruchtzetting, zaadvorming en schuilmogelijkheid te creëren.
De zaden- en bloembollenmengsels die binnen gemeentelijke projecten toegepast worden zijn zonder hulp van bestrijdingsmiddelen gekweekt. Zadenmengsels worden daarnaast speciaal samengesteld op basis van de plek waar ze binnen de gemeente toegepast worden. Zo zorgen we voor een inheems en gebiedseigen sortiment.
Vraag 4
Wordt binnen de gemeente bij het beheer van openbaar groen rekening gehouden met biodiversiteit en bijvriendelijke beplanting?
Antwoord van het college
Zo ja, op welke wijze?
Antwoord van het college:
Zie antwoord op vraag 3 en de inleiding.
3
Vraag 5
Maakt de gemeente gebruik van pesticiden of chemische bestrijdingsmiddelen in de openbare ruimte?
Antwoord van het college
Zo ja:
• Welke middelen betreft dit;
• In welke situaties worden deze toegepast;
• En zijn er alternatieven onderzocht of ingevoerd?
Antwoord van het college:
De enige vorm van pesticiden of chemische bestrijdingsmiddelen die in onze openbare ruimte wordt toegepast is Round-Up, een onkruidbestrijdingsmiddel op basis van glyfosaat. Dit middel wordt alleen toegepast om de invasieve exoot, Japanse Duizendknoop, zo goed als mogelijk te bestrijden. Voor dit gebruik is de gemeente in het bezit van een ontheffing.
Onze ecoloog volgt de onderzoeken naar alternatieve bestrijdingsmethoden op de voet.
Vraag 6
Welke concrete acties zijn er de afgelopen jaren binnen Dijk en Waard uitgevoerd om het leefgebied van bijen te verbeteren, zoals: • Bloemrijke bermen; • Ecologisch maaibeheer; • Aanleg van bijenlinten; • Samenwerking met imkers; • Of educatieve projecten?
Antwoord van het college
Antwoord van het college:
Zie antwoord op vraag 3 voor de eerste drie punten.
Voor de laatste twee punten, zie antwoord op vraag 7.
Vraag 7
Werkt de gemeente samen met lokale imkers, natuurorganisaties, scholen of agrariërs rondom biodiversiteit en bestuiving?
Antwoord van het college
Antwoord van het college:
In de openbare ruimte wordt op enkele plekken zichtbaar geïnvesteerd in natuureducatie, onder andere gericht op bijen. Zo is in de Draai en Diepsmeerpark een informatiepunt opgenomen vanuit lokale onderneming, BeeValley. Daarnaast heeft de gemeente op meerdere plekken in de gemeente insectenhotels geplaatst met een educatieve component.
Daarnaast ondersteunt de BioBus de gemeente Dijk en Waard. Dit is een organisatie die veldwerkprojecten en schooltuinen ontwikkelt en begeleidt.
En er is een samenwerking met de regionale imkervereniging. De samenwerking heeft betrekking op bestrijding van de Geelpoothoornaar (Aziatische Hoornaar).
De gemeente Dijk en Waard heeft verder géén samenwerking met lokale imkers, zij richten zich sec op de honingbij.
4
Vraag 8
Ziet het college aanleiding om aanvullende maatregelen te nemen om bijensterfte tegen te gaan?
Antwoord van het college
Zo nee, waarom niet? Zo ja, aan welke maatregelen wordt gedacht?
Antwoord van het college:
Zoals in de inleiding al is toegelicht, zien wij aanleiding om maatregelen te onderzoeken die betrekking hebben op het verbeteren van de algehele natuurwaarden in onze gemeente.
Het is op dit moment echter niet wenselijk om uitspraken te doen over specifieke maatregelen.
Het betreft een complex onderwerp, waarop ook Europees wordt gestuurd. De gemeentelijke invulling vraagt om een doordachte, gelaagde aanpak van strategisch niveau tot en met het groenbeheer.
Vraag 9
Is het college bereid de gemeenteraad te informeren over de huidige stand van zaken rondom biodiversiteit, bestuivende insecten en ecologisch groenbeheer binnen Dijk en Waard?
Antwoord van het college
Antwoord van het college:
Dit is aan het nieuwe college.
5
Bekijk de brief: Beantwoording schriftelijke vragen D66 - Situatie bijensterfte en biodiversiteit
Bron: raadsinformatie van de gemeente Dijk en Waard (Open Raadsinformatie). De vragen en antwoorden zijn automatisch uit de brief gelezen; het origineel is leidend.