communicatie over intersekse-expositie stadspark
Een raadslid stelde op 10 juni 2025 schriftelijke vragen aan het college van burgemeester en wethouders van Ede (8 vragen).
In het kort
8 vragen en wat het college antwoordt
- Op welke bron is het genoemde cijfer “1 op de 90” gebaseerd? → Graag ontvangen wij een concrete bronvermelding: auteur, titel, jaartal en publicatievorm.
- Welke definitie van ‘intersekse’ hanteert de gemeente in deze context? → Gaat het om medische of biologische kenmerken die afwijken van gangbare geslachtsontwikkeling bij geboorte?
- Is het college bekend met de volgende wetenschappelijke publicatie: Leonard Sax (2002) “How Common Is Intersex? → A Response to Anne Fausto-Sterling” Gepubliceerd in: The Journal of Sex Research, Volume 39, Number 3 DOI: 10.1080/00224490209552139 https://pubmed.ncbi.nlm.nih.gov/12476264/) Sax komt op…
- Erkent het college dat het genoemde bericht — waaronder op LinkedIn — onduidelijk of misleidend over kan komen, doordat er geen bron of uitleg wordt gegeven bij het… → Zo nee, waarom niet?
- Erkent het college dat intersekse in de context van geslachtsontwikkeling een biologisch-medisch onderwerp is, en dat uitspraken hierover dus wetenschappelijk onderbouwd… → Zo nee, waarom niet?
- Is het college bereid om bij toekomstige communicatie over medische of wetenschappelijke onderwerpen: a) Duidelijk aan te geven welke definitie wordt gebruikt; b) Altijd… → Zo nee, waarom niet?
- Geldt dit uitgangspunt — het gebruiken van feitelijke, controleerbare bronnen — volgens het college ook breder voor alle gemeentelijke communicatie over onderwerpen met… → Zo nee, waarom niet?
- Heeft het college bij het bepalen van definitie en cijfer gekozen voor een benadering die bewust afwijkt van medische of biologische standaarden zoals in de publicatie… → Zo ja: op basis waarvan is die keuze gemaakt?
Overgenomen uit de brief van het college; hieronder staan de volledige vragen en antwoorden.
Vragen en antwoorden
Vraag 1
Op welke bron is het genoemde cijfer “1 op de 90” gebaseerd?
Antwoord van het college
Graag ontvangen wij een concrete bronvermelding: auteur, titel, jaartal en publicatievorm. Indien dit cijfer afkomstig is uit een niet-wetenschappelijke bron: op basis waarvan beschouwt het college dit als betrouwbaar? Antwoord: Het NNID (Expertisecentrem Seksediversiteit) baseert dit aantal op de volgende bron: 1 op 90 Denemarken: Frisch M, Moseholm E, Andersson M, Bernhard Andresen J, Graugaard C. Sex i Danmark, Nøgletal fra Projekt SEXUS 2017-2018 (Sex in Denmark. Key findings from Project SEXUS 2017- 2018). Aalborg, Denmark: State Serum Institute (Department of Epidemiological Research), 28 oktober 2019. ISBN 978-87-971732-0-6.
Vraag 2
Welke definitie van ‘intersekse’ hanteert de gemeente in deze context?
Antwoord van het college
Gaat het om medische of biologische kenmerken die afwijken van gangbare geslachtsontwikkeling bij geboorte? Of worden ook psychologische of maatschappelijke elementen meegeteld? Antwoord: Intersekse verwijst naar de ervaringen van mensen die geboren zijn met een lichaam dat niet voldoet aan de normatieve definitie van man of vrouw zoals de maatschappij die hanteert. Deze definitie wordt wereldwijd gebruikt, waaronder door de Verenigde Naties, de Raad van Europa en internationale intersekse-organisaties.
Vraag 3
Is het college bekend met de volgende wetenschappelijke publicatie: Leonard Sax (2002) “How Common Is Intersex?
Antwoord van het college
A Response to Anne Fausto-Sterling” Gepubliceerd in: The Journal of Sex Research, Volume 39, Number 3 DOI: 10.1080/00224490209552139 https://pubmed.ncbi.nlm.nih.gov/12476264/) Sax komt op basis van medische gegevens en een strikte biologische definitie tot een prevalentie van 0,018% (ongeveer 1 op de 5.500 geboorten). De studie is peer-reviewed, wat in de wetenschap geldt als een standaard voor betrouwbaarheid. Vraag: Waarom kiest het college ervoor om hiervan af te wijken, en op basis van welke gegevens of criteria? Antwoord: Ruim twintig jaar geleden werd door Sax geschat dat slechts 0,018% van de mensen intersekse zou zijn, later werd op basis van medisch-wetenschappelijke publicaties aangetoond dat dit tenminste 0,5% Leonard Sax (2002) “How Common Is Intersex? A Response to Anne Fausto-Sterling” Gepubliceerd in: The Journal of Sex Research, Volume 39, Number 3 DOI: 10.1080/00224490209552139 moest zijn en inmiddels is aangetoond dat 1,1% van de mensen geboren is met geslachtskenmerken die niet voldoen aan de gangbare definities van man en vrouw. Het recente percentage van 1,1% is gebaseerd op een goed en omvangrijk onderzoek in Denemarken, een land dat vergelijkbaar is met Nederland. Om die reden gaat NNID er op dit moment vanuit dat 1,1% van de Nederlanders intersekse is. Dat komt neer op ongeveer 195.000 intersekse personen.
Vraag 4
Erkent het college dat het genoemde bericht — waaronder op LinkedIn — onduidelijk of misleidend over kan komen, doordat er geen bron of uitleg wordt gegeven bij het gebruikte cijfer?
Antwoord van het college
Zo nee, waarom niet? Antwoord: Nee, media-uitingen zijn geen wetenschappelijke publicaties, maar een publieke communicatievorm bedoeld om kort en toegankelijk te informeren. Het is inderdaad belangrijk dat cijfers goed uitlegbaar zijn. Daarom verwijst NNID in bredere communicatie en op haar website (zie https://www.seksediversiteit.nl/misvattingen/ en https://www.seksediversiteit.nl/) duidelijk naar de onderliggende bronnen en uitleg.
Vraag 5
Erkent het college dat intersekse in de context van geslachtsontwikkeling een biologisch-medisch onderwerp is, en dat uitspraken hierover dus wetenschappelijk onderbouwd moeten zijn vanuit de relevante disciplines?
Antwoord van het college
Zo nee, waarom niet? Antwoord: Hoewel medische en biologische wetenschap een belangrijke rol spelen bij het begrijpen van intersekse, is intersekse niet uitsluitend een biologisch-medisch onderwerp.
Vraag 6
Is het college bereid om bij toekomstige communicatie over medische of wetenschappelijke onderwerpen: a) Duidelijk aan te geven welke definitie wordt gebruikt; b) Altijd een concrete bron te vermelden bij genoemde cijfers; c) Te onderscheiden tussen feitelijke informatie en maatschappelijke interpretaties?
Antwoord van het college
Zo nee, waarom niet? Antwoord: Zie antwoord 4.
Vraag 7
Geldt dit uitgangspunt — het gebruiken van feitelijke, controleerbare bronnen — volgens het college ook breder voor alle gemeentelijke communicatie over onderwerpen met een medische of wetenschappelijke component?
Antwoord van het college
Zo nee, waarom niet? Antwoord: Ja, zie ook antwoord 4.
Vraag 8
Heeft het college bij het bepalen van definitie en cijfer gekozen voor een benadering die bewust afwijkt van medische of biologische standaarden zoals in de publicatie van Sax, om aan te sluiten bij andere maatschappelijke of beleidsmatige) overwegingen?
Antwoord van het college
Zo ja: op basis waarvan is die keuze gemaakt? Zo nee: beschouwt het college de gebruikte cijfers als representatief binnen de medische wetenschap? Antwoord: Een grote groep Nederlanders is geboren met een lichaam dat anders is dan we gewend zijn bij man of vrouw. Deze mensen hebben kenmerken van beiden. Het college heeft ervoor gekozen met deze buiten-expositie het maatschappelijk bewustzijn over intersekse en het bestaan van seksediversiteit te vergroten, Dit omdat intersekse personen nog vaak onbekendheid, problemen en discriminatie ervaren. De expositie heeft zich gebaseerd op het NNID, zie verder antwoord 3.
Bron: raadsinformatie van de gemeente Ede (Open Raadsinformatie). De vragen en antwoorden zijn automatisch uit de brief gelezen; het origineel is leidend.