raadsvragen fractie MME - Herkomst brandstof Edese biomassacentrales
Een raadslid stelde op 6 februari 2024 schriftelijke vragen aan het college van burgemeester en wethouders van Ede (2 vragen).
In het kort
2 vragen en wat het college antwoordt
- Indien onder de toezichtstaak van de OddV niet ook controle op de herkomst van de biogrondstoffen valt, is het college het dan met ons eens dat het belangrijk is als… → Zo nee, waarom niet?
- Indien het college van mening is dat goed inzicht in de herkomst van biogrondstoffen bij verbranding in biomassacentrales belangrijk is, maar dat dit inzicht er nu niet… → Indien dit het geval is, op welke wijze wil het college dan de raad informeren over de herkomst van de biogrondstoffen? 1 2 Zie artikel 2.5.1 en 2.5.2 van de omgevingsvergunning met kenmerk…
Overgenomen uit de brief van het college; hieronder staan de volledige vragen en antwoorden.
Aanleiding
Beantwoording raadsvragen
2024/03
Schriftelijke vragen zoals omschreven in artikel 43 van het Reglement van Orde van de gemeenteraad van Ede.
Datum:
12 januari 2024
Onderwerp:
Herkomst brandstof Edese biomassacentrales
Indiener:
Erik Wesselius – Mens en Milieu Ede
Inleiding:
Mens en Milieu Ede heeft op 2 oktober en 12 november 2023 raadsvragen gesteld aan het college over de herkomst van de biomassa die als brandstof in biomassacentrales in Ede wordt opgestookt. In de beantwoording geeft het college aan niet over de gegevens te beschikken. Op grond van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (Wabo) en de in 2012 verleende vergunning, diende de biomassacentrale BioEnergie de Vallei alle aangevoerde stoffen die het verbrandt te registreren. 1 De vergunning en de Wabo zijn nu echter vervallen. Conform geldend recht hebben de biomassacentrales in Ede nu het Besluit activiteiten leefomgeving (Bal) te respecteren, waarop de Omgevingsdienst de Vallei (OddV) toezichthouder is. In de beantwoording van eerdere raadsvragen heeft het college daarover het volgende aangegeven: ‘’De OddV voert minimaal jaarlijks controles uit bij de biomassacentrales. Ook naar aanleiding van klachten worden controles uitgevoerd. Een controle kan bestaan uit een bedrijfsbezoek waarbij onder andere wordt gekeken naar de kwaliteit van de aangeleverde biogrondstoffen.’’ Mens en Milieu Ede is van mening dat het met het oog op het publieke belang van een duurzame samenleving niet alleen essentieel is om inzicht te hebben in de kwaliteit van de aangeleverde biogrondstoffen, maar dat ook inzicht in de herkomst van deze stoffen belangrijk is. In de Transitievisie Warmte wordt namelijk vermeld dat ‘’Het uitgangspunt van biogrondstoffen is dat ze geen afbreuk mogen doen aan natuur en biodiversiteit of aan bodembeheer.’’2 Dat de Raad van State in een recente uitspraak de omgevingsvergunning van een biomassacentrale in Diemen heeft vernietigd omdat niet uitgesloten kon worden dat er afvalstoffen worden verbrand, onderstreept de noodzaak inzicht te hebben in de herkomst van biogrondstoffen.
Naar aanleiding van bovenstaande hebben wij de volgende raadsvragen:
Vragen:
Vragen en antwoorden
Vraag 1
Indien onder de toezichtstaak van de OddV niet ook controle op de herkomst van de biogrondstoffen valt, is het college het dan met ons eens dat het belangrijk is als gemeentebestuur toch zicht te hebben op de herkomst van biogrondstoffen van biomassacentrales in Ede?
Antwoord van het college
Zo nee, waarom niet?
Vraag 2
Indien het college van mening is dat goed inzicht in de herkomst van biogrondstoffen bij verbranding in biomassacentrales belangrijk is, maar dat dit inzicht er nu niet is, hoe gaat het college er dan voor zorgen dat er voldoende inzicht wordt gerealiseerd?
Antwoord van het college
Indien dit het geval is, op welke wijze wil het college dan de raad informeren over de herkomst van de biogrondstoffen?
1 2
Zie artikel 2.5.1 en 2.5.2 van de omgevingsvergunning met kenmerk 2011W0834.
Zie de vastgestelde Transitievisie Warmte, p. 68.
Beantwoording door het college van burgemeester en wethouders d.d. 6 februari 2024 Ad1. De toezichtstaak van de OddV is erop gericht te controleren of de centrales aan de milieuregels voldoen die zijn opgenomen in het Besluit activiteiten leefomgeving. Hierbij is het toezicht van de OddV erop gericht om na te gaan of aan de emissiegrenswaarden wordt voldaan. De exacte herkomst van de biomassa wordt daarbij niet gecontroleerd en is in dat kader ook niet relevant.
Ad2. Het college vindt het vanuit duurzaamheidsoogpunt belangrijk om zicht te hebben op de herkomst van de in de bio-energiecentrales gebruikt biogrondstoffen.
Ad3. Het college is van mening dat duurzaamheidsaspecten van de in Ede gebruikte biogrondstoffen op dit moment voldoende inzichtelijk zijn. In de ‘Strategische agenda duurzame warmtevoorziening Ede’ zijn afspraken gemaakt over jaarlijkse rapportage van de herkomst van de gebruikte biogrondstoffen en gehanteerde duurzaamheidseisen. De rapportages tot op heden geven geen aanleiding voor zorgen over herkomst en duurzaamheidsaspecten van de gebruikte biogrondstoffen, ze zijn onder andere NTA 8080/ Better-Biomass gecertificeerd.
Ad4. Zie antwoord bij 3.
Ad5. Zie antwoord bij 3.
Bekijk de brief: Beantwoording raadsvragen fractie MME - Herkomst brandstof Edese biomassacentrales
Bron: raadsinformatie van de gemeente Ede (Open Raadsinformatie). De vragen en antwoorden zijn automatisch uit de brief gelezen; het origineel is leidend.