15 november 2022 · artikel 35-vragen · gemeente Heemstede

VRAAG D66 QuickScan locatie opvang statushouders (versie 15-11-2022).docx.pdf

Een raadslid stelde op 15 november 2022 schriftelijke vragen aan het college van burgemeester en wethouders van Heemstede (5 vragen).

In het kort

5 vragen en wat het college antwoordt

  • Wat bepaalt hier wat “onvoldoende” is? → Is dat de huidig geldende gemeentelijke parkeer-norm?
  • Indien dat zo is, kan eventueel van deze norm afgeweken worden in het licht van de dringende situatie? → Kan dat eventueel ook indien de bezettingsgraad van de beoogde parkeerplaats niet hoog is?
  • Kan de P-norm per locatie aangepast worden? → Wat is daar voor nodig?
  • Gelden er nog andere regimes? → Zijn er nog andere redenen waarom de parkeerfunctie zo’n doorslaggevende rol lijkt te spelen bij de keuze van potentiele locaties?
  • Het parkeerterrein achter het raadhuis is zo’n locatie, waarbij naast het argument van onvoldoende parkeerplekken ook moelijk aan te leggen nutsvoorzieningen een bezwaar… → Of er sprake is van voldoende of onvoldoende parkeergelegenheid als het parkeerterrein wordt gebruikt voor de plaatsing van noodwoningen, wordt bepaald aan de hand van de feitelijke…

Overgenomen uit de brief van het college; hieronder staan de volledige vragen en antwoorden.

Aanleiding

SCHRIFTELIJKE VRAGEN D66

Onderwerp: QuickScan locatie opvang statushouders

Beantwoording: graag mondeling bij volgende cie SML en schriftelijke binnen 30 dagen.

Achtergrond:

In de selectiecriteria is nr 5. - Doorkruising huidige functie (gebruik) - een criterium waarop veel locaties afvalllen als negatief (Onvervangbare functie waarde) met vermelding ‘Parkeren’. Daarbij is (volgens de uitleg) gekeken naar de invloed op het huidige gebruik, mede bezien in relatie tot de duur van het beoogd gebruik en of alternatieven (van het huidige gebruik) voorhanden zijn.

Het plaatsen van noodwoningen op een parkeerplaats maken het huidige gebruik daarvan natuurlijk vrijwel onmogelijk. Er wordt gesteld dat “bij ontwikkeling onvoldoende parkeerplekken overblijven”.

Vragen:

Vragen en antwoorden

Vraag 1

Wat bepaalt hier wat “onvoldoende” is?

Antwoord van het college

Is dat de huidig geldende gemeentelijke parkeer-norm?

Is de hele omgeving van de locatie daarbij meegewogen?

Vraag 2

Indien dat zo is, kan eventueel van deze norm afgeweken worden in het licht van de dringende situatie?

Antwoord van het college

Kan dat eventueel ook indien de bezettingsgraad van de beoogde parkeerplaats niet hoog is?

Vraag 3

Kan de P-norm per locatie aangepast worden?

Antwoord van het college

Wat is daar voor nodig?

Vraag 4

Gelden er nog andere regimes?

Antwoord van het college

Zijn er nog andere redenen waarom de parkeerfunctie zo’n doorslaggevende rol lijkt te spelen bij de keuze van potentiele locaties?

Vraag 5

Het parkeerterrein achter het raadhuis is zo’n locatie, waarbij naast het argument van onvoldoende parkeerplekken ook moelijk aan te leggen nutsvoorzieningen een bezwaar schijnt te zijn. Indien alle gebruikers van het raadhuis bereid zijn deze parkeerplekken op te geven ten behoeve van de goede zaak (opvang), is dan het probleem van de nutsvoorzieningen nog steeds onoverkoombaar? ANTWOORD (vraag en antwoord in 1 document houden) 1. Wat bepaalt hier wat “onvoldoende” is? Is dat de huidig geldende gemeentelijke parkeernorm? Is de hele omgeving van de locatie daarbij meegewogen?

Antwoord van het college

Of er sprake is van voldoende of onvoldoende parkeergelegenheid als het parkeerterrein wordt gebruikt voor de plaatsing van noodwoningen, wordt bepaald aan de hand van de feitelijke bezetting van het parkeerterrein die in de directe omgeving moet worden gecompenseerd. Op basis hiervan zal ook de Omgevingsvergunning worden getoetst. Dus niet op basis van de parkeernormen. De omgeving van de

locatie wordt daarbij dus betrokken.

Specifiek voor de parkeerterreinen, die in potentie geschikt zijn voor opvang, geldt dat we deze opnieuw tegen het licht houden om te bezien of deze locaties in beginsel alsnog geschikt zouden kunnen zijn voor opvang. Indien blijkt dat een parkeerterrein toch kansrijk is, dan wordt door middel van een parkeerdruk-onderzoek bekeken of het mogelijk is om (een deel van) dit parkeerterrein aan de openbaarheid te onttrekken ten behoeve van semipermanente opvang. 2.

Indien dat zo is, kan eventueel van deze norm afgeweken worden in het licht van de dringende situatie? Kan dat eventueel ook indien de bezettingsgraad van de beoogde parkeerplaats niet hoog is?

Antwoord:

Onder verwijzing naar het antwoord op vraag 1. kan ook in het licht van de dringende situatie niet van de norm worden afgeweken. Ook dan zal moeten worden onderbouwd dat het onttrekken van parkeerplaatsen parkeren geen belemmering vormt, dan wel voldoende wordt gecompenseerd.

Als de bezettingsgraad van het parkeerterrein niet hoog is, dan zijn minder parkeerplaatsen nodig dan de totale capaciteit van het parkeerterrein en kan de restcapaciteit worden gebruikt voor de plaatsing van noodwoningen. 3.

Kan de P-norm per locatie aangepast worden? Wat is daar voor nodig?

Antwoord:

Onder verwijzing naar het antwoord op vraag 1. heeft aanpassing van de parkeernorm geen effect op de bepaling van de benodigde parkeerplaatsen ter compensatie van de te onttrekken parkeerplaatsen. Een parkeernorm is niet gekoppeld aan een locatie, maar aan de functie (het soort gebruik). Overigens kan een parkeernorm worden aangepast door middel van een aanpassing van de vastgestelde parkeernormennota. In samenhang met de herijking van het parkeerbeleid zal ook de parkeernormennota worden herzien. 4.

Gelden er nog andere regimes? Zijn er nog andere redenen waarom de parkeerfunctie zo’n doorslaggevende rol lijkt te spelen bij de keuze van potentiele locaties?

Antwoord:

De reden dat parkeren een belangrijke rol in de ruimtelijke onderbouwing van een Omgevingsvergunning speelt is, dat de parkeerdruk in de Heemsteedse woonwijken in de regel hoog is. En het veroorzaken van te hoge parkeerdruk kan elders in de gemeente tot diverse negatieve effecten leiden, zoals onoverzichtelijkheid en dus verkeersonveiligheid. Daarom is de parkeerfunctie een belangrijke toetsingsvoorwaarde. Een hoge parkeerdruk maakt dat het doorgaans moeilijk of niet is te onderbouwen dat de parkeerbehoefte in de directe omgeving kan worden opgevangen.

Overigens is parkeren niet het enige aspect waar naar wordt gekeken. Andere aspecten zijn bijvoorbeeld archeologie, flora en fauna, ruimtelijke inpassing, etc. Deze aspecten zijn in beginsel net zo zwaarwegend, maar niet altijd relevant daar waar parkeren dat wel is. 5.

Het parkeerterrein achter het raadhuis is zo’n locatie, waarbij naast het argument van onvoldoende parkeerplekken ook moeilijk aan te leggen nutsvoorzieningen een bezwaar schijnt te zijn. Indien alle gebruikers van het raadhuis bereid zijn deze parkeerplekken op te

geven ten behoeve van de goede zaak (opvang), is dan het probleem van de nutsvoorzieningen nog steeds onoverkoombaar?

Antwoord:

Het probleem van de nutsvoorzieningen is overkoombaar, maar kost extra tijd en geld. Overigens is onder verwijzing naar het antwoord op vraag 1. de feitelijke bezetting van het parkeerterrein bepalend en niet de eventuele bereidheid van gebruikers om een parkeerplek op te geven. Overigens worden de betreffende parkeerplaatsen niet alleen door de medewerkers van de gemeente gebruikt, maar ook door bewoners en bezoekers van het winkelcentrum. datum: 15 november 2022 portefeuillehouder: S.A. Meerhoff

Bekijk de brief: Beantwoording VRAAG D66 QuickScan locatie opvang statushouders (versie 15-11-2022).docx.pdf

Bron: raadsinformatie van de gemeente Heemstede (Open Raadsinformatie). De vragen en antwoorden zijn automatisch uit de brief gelezen; het origineel is leidend.

Meer vragen aan het college van Heemstede

Alle artikel 35-vragen in Heemstede