vragen VVD nota uitgangspunten asielopvang en regionaal plan opvang asielzoekers.pdf
Een raadslid stelde op 27 juni 2024 schriftelijke vragen aan het college van burgemeester en wethouders van Heemstede (1 vragen).
In het kort
1 vragen en wat het college antwoordt
- Op 23 april 2024 heeft het college het Collegebesluit Concept Regioplan vastgesteld zonder afstemming met de Gemeenteraad. → Het woord ‘uitgangspunten’ wordt in het collegebesluit concept regioplan in twee verschillenden contexten gebruikt: 1.
Overgenomen uit de brief van het college; hieronder staan de volledige vragen en antwoorden.
Aanleiding
Raadsinformatiebericht Collegevergadering: 11 juni 2024
Zaaknummer Team Portefeuillehouder Openbaarheid
: 1257946 : Welzijnszaken Heemstede : S.A. Meerhoff : Actief openbaar
Onderwerp Raadsinformatiebericht: beantwoording vragen VVD nota uitgangspunten asielopvang en regionaal plan opvang asielzoekers. ☐ Ter informatie/update ☒ Beantwoording schriftelijke vragen
☐ Toezeggingen/actielijst commissie of raad ☐ Overige
U krijgt antwoord op de schriftelijke vragen van VVD die u heeft ingediend op 4 juni 2024 over beantwoord.
Beantwoording Vragen commissie samenleving Heemsteedse VVD Juni 2024
Vragen en antwoorden
Vraag 1
Op 23 april 2024 heeft het college het Collegebesluit Concept Regioplan vastgesteld zonder afstemming met de Gemeenteraad. Het college schrijft (p. 1) dat de uitgangspunten aansluiten bij het eerdere Concept Regioplan (dd. Juni 2023) en (p.2) dat de strategie van de gemeenten [..] is om de opgave in te vullen in lijn met het vorige regioplan. Haaks hierop stelt het college later (p. 5) dat gekeken moet worden naar nieuwe lokale uitgangspunten die passen bij de huidige opgave. Als uitgangspunten eerder niet voldeden en gewijzigd dienen te worden, waarom heeft het college er dan voor gekozen om het Collegebesluit Concept Regioplan zonder afstemming met de Gemeenteraad vast te stellen?
Antwoord van het college
Het woord ‘uitgangspunten’ wordt in het collegebesluit concept regioplan in twee verschillenden contexten gebruikt:
1. Uitgangspunten voor regionale samenwerking, dit heeft betrekking op de samenwerking in de regio voor opvang.
2. Lokale uitgangspunten. Dit heeft betrekking op opvang binnen de gemeente Heemstede.
Op pagina 1 staat dat de uitgangspunten voor regionale samenwerking aansluit bij het eerdere concept regioplan. Deze uitgangspunten voor regionale samenwerking staan genoemd op pagina 3 van het C-stuk en zijn in lijn met het concept regioplan waar de raad op 8 juni 2023 heeft ingestemd.
Om deze reden is het vernieuwde concept regioplan ter informatie gestuurd naar de raad. pagina 1 van 5
De nieuwe lokale uitgangspunten doelt op hoe Heemstede voldoet aan de opgave. De lokale uitgangspunten, staan op pagina 2 van het C-stuk. Dit zijn uitgangspunten zoals spreiding over Heemstede en locaties passend bij de maat van Heemstede. Dergelijke lokale uitgangspunten worden niet vastgesteld in regionaal verband (en dus ook niet in het Concept Regioplan), maar binnen de gemeente zelf. Raadsbesluit Nota uitgangspunten vraagt aan de raad om deze uitgangspunten vast te stellen.
Het collegebesluit concept regioplan maakt gebruik van de termen ‘uitgangspunten voor regionale samenwerking’ en ‘lokale uitgangspunten’, om de verschillende contexten van elkaar te onderscheiden. 2.
Zie bron: https://www.rijksoverheid.nl/onderwerpen/asielbeleid/aanpak-crisis-opvangasielzoekers/spreidingswet . Het Ministerie van JenV schrijft als onderdeel van fase 2 de vraag: “Hebben gemeenten de provinciale opgave volledig verdeeld en is deze verdeling uitvoerbaar?”.
Waarom bevat het Concept Regioplan geen passage over de Uitvoerbaarheid, voert de Regio Kennemerland geen eigen toetsing uit op het vlak Uitvoerbaarheid? Voert ons college geen eigen toetsing uit op het vlak Uitvoerbaarheid?
De website die wordt aangehaald vraagt of de verdeling van opvangplekken uitvoerbaar is. In het regioplan is een verdeling gemaakt over de gemeenten in de regio die overeenkomt met de indicatieve verdeling van het rijk. Het voorstel Raadsbesluit Nota uitgangspunten is een eerste stap in de toets op uitvoerbaarheid in Heemstede. Dat betekent dat er gekeken is naar welke scenario’s passen bij deze indicatieve verdeling. Heemstede kijkt hierbij naar scenario’s met grootschalige en kleinschalige locaties. In oktober 2024 komen we met een voorstel voor locatie(s), waarbij de uitvoerbaarheid is getoetst.
3. In het Collegebesluit Concept Regioplan wekt het college de suggestie van nauwe samenwerking in de regio. Haarlem opent een grote opvanglocatie aan de Meesterlottelaan 301 / Dreef met zo’n 300 plekken. Heeft de gemeente Haarlem vooraf met gemeente Heemstede overleg gevoerd over deze locatie? Neemt gemeente Heemstede, gezien de ligging nabij de gemeentegrens, de verantwoordelijkheid om te informeren/participeren met inwoners in de nabijheid van deze locatie aan de Heemsteedse zijde?
Het college is op de hoogte van de opvanglocatie aan de Meesterlottelaan 301. Deze is overigens opgenomen geweest in het regioplan van 2023. Het is een verantwoordelijkheid van COA en de gemeente Haarlem de informatieverstrekking en de participatie goed uit te voeren. Het college van Heemstede ziet geen reden de inwoners hierover apart te informeren.
4. In het Collegebesluit Concept Regioplan introduceert het college de term “Regionale Indicatieve Opgave”. De term staat nergens toegelicht. Wat is de definitie? En wat is het gewicht van het woord indicatief?
Vanuit de spreidingswet is er een indicatieve verdeling over alle gemeente. De regionale indicatieve opgave is de optelsom van het aantal opvangplekken van de gemeenten in Kennemerland, volgens deze indicatieve verdeling.
Deze regionale indicatieve opgave is onderdeel van een provinciale verdeling van opvangplekken die de Commissaris van de Koning op 1 november namens de provincie Noord-Holland aanbiedt aan de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid. De staatssecretaris legt de verdeling vast in een verdeelbesluit.
pagina 2 van 5
5. In het Collegebesluit Concept Regioplan (p.3.) committeren de gemeenten in de regio om te voldoen aan de “Regionale Indicatieve Opgave”. Het college introduceert hiermee impliciet nieuwe kaders. Waarom heeft het college de Gemeenteraad hier niet in gekend?
De ‘Regionale Indicatieve Opgave’ is de optelsom van het aantal opvangplekken van de gemeenten binnen Kennemerland op basis van de indicatieve verdeling van de Spreidingswet. Dit is dus geen nieuw kader vanuit het College, maar ‘een kader’ dat voortvloeit uit de Spreidingswet. 6.
In het voorstel Raadsbesluit Nota Uitgangspunten hanteert het college termen als “dwingende opgave” en “verhoogde opgave”. De term staat nergens toegelicht, noch komt deze voor in de wetgeving. Wat is de definitie
De dwingende opgave verwijst naar de Spreidingswet. Wanneer Heemstede niet bijdraagt aan het realiseren van het aantal opvangplekken, voortkomend uit de indicatieve verdeling van de Spreidingswet, dan is de provinciale opgave niet volledig verdeeld en maakt de staatssecretaris zelf een verdeelbesluit.
Verhoogde opgave verwijst naar het gegeven dat vanuit de Spreidingswet Heemstede moet bijdragen aan 191 opvangplekken. Dit is hoger dan de opgave van 108 opvangplekken die Heemstede eind 2023 zou moeten realiseren op basis van het concept regioplan dat juni 2023 is vastgesteld door de raad. 7.
Waarom hanteert het college in het Raadsbesluit Nota Uitgangspunten niet de eerder gebruikte term “Regionale Indicatieve Opgave”?
De regionale indicatieve opgave betreft de opgave van de regio. Het raadsbesluit Nota uitgangspunten gaat alleen over de opgave van de gemeente Heemstede. Dit is 191 volgens de indicatieve verdeling van de Spreidingswet. Op pagina 4 van het Raadsbesluit geven we aan dat Heemstede een indicatieve opgave heeft om 191 opvangplekken te realiseren. 8.
In het voorstel Raadsbesluit Nota Uitgangspunten (p.3, paragraaf bevoegdheid) schrijft het college dat de Gemeenteraad zorg draagt voor aanpassing van het bestemmingsplan. Het college vervolgt dat, om te komen tot aanpassing van het bestemmingsplan, het noodzakelijk is dat de Gemeenteraad zich uitspreekt over de uitgangspunten in het voorstel Raadsbesluit Nota Uitgangspunten. Rekent het college met deze zin bij voorbaat op onvoorwaardelijke medewerking van de Gemeenteraad bij eventuele aanwijzing en wijziging van een bestemminsplan voor toekomstige locaties?
Nee, want zodra er een bestemmingsplan wijziging benodigd is bij een locatie, wordt dat vooraf voorgelegd aan de raad. Aangezien dit een raadsbevoegdheid is.
9. In het voorstel Raadsbesluit Nota Uitgangspunten (p.4.) schrijft het college verantwoordelijkheid te willen nemen, ook zonder dwingende opgave vanuit de spreidingswet. Op basis van welk besluit (welke opdracht) meent het college per definitie deze opgave te moeten vervullen, zelfs als de wettelijke basis hiervoor mogelijk (op termijn) niet langer zou bestaan?
In het regioplan dat de raad heeft vastgesteld op 8 juni 2023 staat dat de opgave voor de gemeenten in de regio Kennemerland wordt bepaald aan de hand van de landelijke instroom van asielzoekers en het inwonersaantal van gemeenten. In het raadsbesluit is aangegeven dat het college de opdracht deze opgave aan te gaan onafhankelijk van de, toen nog in behandeling zijnde, spreidingswet.
pagina 3 van 5
De indicatieve opgave van 191 is vanuit de Spreidingswet. En is tot stand gekomen op basis van een verdeelsleutel naar inwoneraantal en sociaal-economische status (SES-WOA score) per gemeente. De Spreidingswet is nog steeds van kracht.
10. In het voorstel Raadsbesluit Nota Uitgangspunten staat dat het COA locaties met 150 opvangplekken of minder als kleinschalig beschouwt (p.6.). Op welke grond hanteert het college een zelf bedachte definitie waarin alles 100 als grootschalig? En welk doel dient deze definitie?
Een opvanglocatie met meer dan 100 plekken beschouwen we als grootschalig, kijkend naar de grootte van Heemstede en de indicatieve opgave die Heemstede heeft vanuit de Spreidingswet.
Kijkend naar het eerdere uitgangspunt dat opvanglocaties worden verspreid over Heemstede, is de grootte van meer dan 100 plekken relevant. Meer dan de helft van de opgave zou dan geconcentreerd zijn op één locatie. Het doel van deze definitie is tevens een onderscheid te maken met een kleinschalige locatie (circa 50 plekken).
11. Het COA schrijft op haar website: “Er is geen blauwdruk voor kleinschalige opvang, het is altijd maatwerk. In 2024 is er ruimte voor 20 pilots. Hierin gaan we uitvinden wat werkt en haalbaar is.”. Bron: https://www.coa.nl/nl/kleinschalige-opvang . Ziet het college het voorstel om in Heemstede naar kleinschalige opvang (conform COA definitie) te zoeken als onderdeel van deze landelijke pilot?
De pilots zijn in beeld, in de scenario’s zijn de verschillende mogelijkheden voor Heemstede geschetst. Hieruit komt naar voren dat de regionale indicatieve opgave alleen uitvoerbaar is wanneer er een grootschalige locatie met meer dan 100 plekken in Heemstede wordt ontwikkeld. Een pilot zou eventueel naast een grootschalige locatie een optie zijn, maar biedt op zich geen definitieve oplossing voor het vraagstuk.
12. In het voorstel Raadsbesluit Nota Uitgangspunten schrijft het college (p. 6) dat kleine locaties complex zijn qua financiële haalbaarheid, beheer, beveiliging en begeleiding. Vervolgens (p. 7) schrijft het college dat de verantwoordelijkheid voor opvang van asielzoekers bij het COA ligt.
Zijn de eerder genoemde risico’s hiermee nou voor het COA of gemeente Heemstede?
De risico’s liggen in eerste instantie bij het COA. Echter de gemeente heeft een wettelijke taakstelling opgelegd gekregen. In het voorstel Raadsbesluit op pagina 6 staat dat kleinere locaties dan locatie met minder dan 50 opvangplekken complex zijn qua financiële haalbaarheid, beheer, beveiliging en begeleiding. Er is dan niet zo zeer sprake van een verantwoordelijkheid, maar van de haalbaarheid van een locatie. Kortom, het COA geeft aan dat de haalbaarheid van kleine locaties te complex is geworden.
13. In het voorstel Raadsbesluit Nota Uitgangspunten schrijft het college dat er voordelen ontstaan om de opvangopgave met één of twee grootschalige locatie(s) in te vullen (p.7). Hanteert het college hierbij de door het college zelf bedachte definitie van grootschalige opvang? Impliceert het college dat de gemeente Heemstede met realisatie van 2 grootschalige locaties (>100 personen) dus minimaal 2x100 plekken realiseert en daarmee meer plekken aanbiedt dan het regioplan suggereert?
Nee, het college impliceert niet de realisatie van twee grootschalige locaties. We doelen hiermee op één grootschalige locatie van minimaal 100 plekken en één of meer locaties voor de resterende opgave. Als college willen we ons inzetten voor opgave van 191 opvangplekken. Vanuit de nota komt naar voren dat minimaal één grootschalige locatie van minimaal 100 plekken nodig is om aan deze pagina 4 van 5
opgave te voldoen. Het college wil deze richting verder onderzoeken. We vragen daarvoor goedkeuring bij de raad.
14. Het realiseren van één of meer grootschalige opvanglocatie(s) van minimaal 100 plekken noemt het college min of meer onontkoombaar (p. 8). Op grond van welk besluit of wet of dit onontkoombaar? Waarom stelt het college dit – met het oog op de grote impact op de omgeving en inwoners in Heemstede – zonder vooraf met de Gemeenteraad in gesprek te zijn geweest?
Dit is een conclusie van het onderzoek en het uitwerken van de scenario’s. Die conclusie is gebaseerd op dat uitwisseling van de opgaven binnen de regio complex is en dat het complex is om de opgave volledig met kleinschalige locaties van ca. 50 plekken in te vullen. Bij het uitwerken van de scenario’s zijn we ervan uit gegaan dat Heemstede voldoet aan de wettelijke taakstellingen, dus aan de indicatieve verdeling van de Spreidingswet.
Op 28 mei heeft er een technische sessie plaatsgevonden met de raad. De Commissie Samenleving spreekt het college over de scenario’s op 11 juni aanstaande. De raad spreekt over scenario’s op 27 juni.
15. Bij de eigenschappen voor haalbaarheid (p. 8) beschrijft het college de eigendomssituatie waaronder de vraag of de grond is belast met pacht of huur. Bedoelt het college dat de locaties dan afvallen, of impliceert het college een bereidheid om bestaande huur- of pachtovereenkomsten te beëindigen voor de realisatie van asielopvang?
Geen van beide. Bij een dergelijke situatie zal afstemming nodig zijn met de betrokken partijen, dus ook met een eventuele eigenaar. Of realisatie mogelijk of wenselijk is moet blijken bij het nadere onderzoek naar de mogelijke opvanglocaties in Heemstede, conform het voorstel.
16. Bij de eigenschappen voor haalbaarheid (p. 8) beschrijft het college dat de doorkruising van huidige functies wordt meegewogen, maar vervolgens dat het zeer onwaarschijnlijk is dat er een locatie wordt gevonden die op alle criteria gunstig uitvalt. Prevaleert asielopvang volgens het college als er doorkruising van huidige functies plaatsvindt, zelfs indien er geen alternatieven voorhanden zijn of gerealiseerd kunnen worden? In welke zin houdt het college dan rekening met impact op de omgeving en inwoners?
De afweging van alle belangen worden meegenomen in het voorstel voor locaties in oktober.
pagina 5 van 5
Bron: raadsinformatie van de gemeente Heemstede (Open Raadsinformatie). De vragen en antwoorden zijn automatisch uit de brief gelezen; het origineel is leidend.