Draka.pdf
Een raadslid stelde op 11 december 2025 schriftelijke vragen aan het college van burgemeester en wethouders van Hillegom (7 vragen).
In het kort
7 vragen en wat het college antwoordt
- Tijdlijn en kennisname verkoop Draka 1.1 1.2 1.3 Op welke exacte datum is het college, en met name de portefeuillehouder, op de hoogte gebracht van de verkoop van het… → Waarom is deze informatie destijds niet actief gedeeld met de gemeenteraad, gelet op de strategische en maatschappelijke betekenis van deze locatie?
- Bedrijventerreinstrategie – anticipatie en timing 2.1 2.2 2.3 Wanneer was bij het college concreet bekend dat een nieuwe bedrijventerreinstrategie Holland Rijnland in… → Heeft de wethouder vóór de definitieve vaststelling van deze strategie actief geprobeerd het Draka-terrein als transformatielocatie (woningbouwlocatie) in te brengen?
- Bestuurlijke verantwoordelijkheid en proactieve actie 3.1 3.2 3.3 Is het college het met ons eens dat het tijdig agenderen en onderhandelen over de Draka-locatie… → Waarom heeft de wethouder bij kennisname van de verkoop niet onmiddellijk formeel overleg gezocht met de provincie over een wijziging van de bestemming?
- Financiële en ruimtelijke urgentie 4.1 Is het college ermee bekend dat het terrein nu zonder kosten voor uitplaatsing beschikbaar komt als mogelijke woningbouwlocatie… → 4.2 Waarom wordt dan nog steeds gesproken over ‘belemmeringen’, terwijl dit juist een uitzonderlijke kans is om binnenstedelijk te bouwen zonder verlies van bedrijvigheid of hoge kosten?…
- Definitie van het terrein – feit of fictie? → 5.1 Erkent het college dat hier feitelijk sprake is van één bedrijfslocatie en niet van een volwaardig bedrijventerrein, en dat deze semantiek directe invloed heeft op provinciale…
- Openheid van bestuur en informatievoorziening 6.1 Waarom wordt de raad niet structureel geïnformeerd over dit dossier, ondanks de grote politieke en maatschappelijke… → 6.2 Is het college bereid om vanaf heden tweemaandelijks een schriftelijke voortgangsupdate te verstrekken aan de raad over de stand van zaken, inclusief overlegmomenten met provincie…
- Voorkomen van verlies van momentum 7.1 Erkent het college dat de gemeente het risico loopt deze unieke kans te verliezen aan traagheid of provinciale beperkingen of ten… → Het college is niet op de hoogte gesteld van een verkoop van het Drakaterrein.
Overgenomen uit de brief van het college; hieronder staan de volledige vragen en antwoorden.
Aanleiding
HILLE GOM
Schriftelijke vragen van de raad Van Aan:
L. Pijnacker, VVD Hillegom Het college van de gemeente Hillegom
Zaaknummer:
Onderwerp:
Ingediend op:
Wijze van beantwoording:
Doorgezonden aan college/ overige raadsleden op:
Uiterste datum beantwoording:
Z-25-472478 aanvullende vragen rondom Draka terrein 29-10-2025 Schriftelijk 29-10-2025 28-11-2025
Inhoud schriftelijke vraag:
De VVD-fractie heeft kennisgenomen van de beantwoording d.d. 13 mei 2025 op onze eerdere vragen over de toekomst van het Draka-terrein. Wij moeten helaas constateren dat de beantwoording weinig concreetheid biedt, belangrijke tijdlijnen onduidelijk laat, en onvoldoende blijk geeft van de voortvarendheid die dit dossier verdient.
Het Draka-terrein is een unieke binnenstedelijke locatie, direct grenzend aan het dorpscentrum van Hillegom. Nu het terrein vrijkomt, biedt dit een historische kans om te voorzien in de grote woningbouwbehoefte, zonder verdere aantasting van het buitengebied of bouw op bollenvelden. Juist in het licht van de huidige discussie over bouwen op bollenvelden is het van groot belang om te erkennen dat het Draka-terrein vanaf 2030 een reële, duurzame en efficiënte woningbouwlocatie kan vormen. Het benutten van deze locatie kan de druk op onze waardevolle bollengronden aanzienlijk verminderen. Dat vereist echter nú bestuurlijke regie, daadkracht en volledige openheid van zaken.
Omdat wij die inzet tot op heden onvoldoende zien, stelt de VVD-fractie hierbij de volgende vervolgvragen aan het college, in het bijzonder aan de portefeuillehouder Ruimtelijke Ontwikkeling.
Vragen en antwoorden
Vraag 1
Tijdlijn en kennisname verkoop Draka 1.1 1.2 1.3 Op welke exacte datum is het college, en met name de portefeuillehouder, op de hoogte gebracht van de verkoop van het Draka-terrein?
Antwoord van het college
Waarom is deze informatie destijds niet actief gedeeld met de gemeenteraad, gelet op de strategische en maatschappelijke betekenis van deze locatie?
Kan het college alle relevante correspondentie, gespreksverslagen en memo’s tussen gemeente, eigenaar en Draka (vanaf 2023 tot heden) inzichtelijk maken?
Vraag 2
Bedrijventerreinstrategie – anticipatie en timing 2.1 2.2 2.3 Wanneer was bij het college concreet bekend dat een nieuwe bedrijventerreinstrategie Holland Rijnland in voorbereiding was?
Antwoord van het college
Heeft de wethouder vóór de definitieve vaststelling van deze strategie actief geprobeerd het Draka-terrein als transformatielocatie (woningbouwlocatie) in te brengen? Zo ja, op welke data en met welk resultaat? Zo nee, waarom niet?
Waarom heeft het college, toen al duidelijk werd dat Draka mogelijk zou vertrekken, niet tijdig contact gezocht met provincie en Holland Rijnland om deze locatie bestuurlijk te verankeren als woningbouwkans?
Vraag 3
Bestuurlijke verantwoordelijkheid en proactieve actie 3.1 3.2 3.3 Is het college het met ons eens dat het tijdig agenderen en onderhandelen over de Draka-locatie essentieel was om te voorkomen dat we nu afhankelijk zijn van provinciale kaders?
Antwoord van het college
Waarom heeft de wethouder bij kennisname van de verkoop niet onmiddellijk formeel overleg gezocht met de provincie over een wijziging van de bestemming?
Kan het college concreet aangeven welke acties, met data, tussen 2023 en 2025 zijn ondernomen om de herontwikkeling naar woningbouw voor te bereiden?
Vraag 4
Financiële en ruimtelijke urgentie 4.1 Is het college ermee bekend dat het terrein nu zonder kosten voor uitplaatsing beschikbaar komt als mogelijke woningbouwlocatie, nu Draka vertrekt?
Antwoord van het college
4.2 Waarom wordt dan nog steeds gesproken over ‘belemmeringen’, terwijl dit juist een uitzonderlijke kans is om binnenstedelijk te bouwen zonder verlies van bedrijvigheid of hoge kosten? 4.3 Welke concrete stappen zijn het college en de wethouder voornemens op zeer korte termijn te zetten om deze kans niet verloren te laten gaan?
Vraag 5
Definitie van het terrein – feit of fictie?
Antwoord van het college
5.1 Erkent het college dat hier feitelijk sprake is van één bedrijfslocatie en niet van een volwaardig bedrijventerrein, en dat deze semantiek directe invloed heeft op provinciale interpretatie en besluitvorming? 5.2 Waarom wordt in de communicatie en beantwoording dan consequent gesproken over een ‘bedrijventerrein’, terwijl dit feitelijk onjuist is?
Vraag 6
Openheid van bestuur en informatievoorziening 6.1 Waarom wordt de raad niet structureel geïnformeerd over dit dossier, ondanks de grote politieke en maatschappelijke relevantie?
Antwoord van het college
6.2 Is het college bereid om vanaf heden tweemaandelijks een schriftelijke voortgangsupdate te verstrekken aan de raad over de stand van zaken, inclusief overlegmomenten met provincie, eigenaar en Draka? 6.3 Wanneer kunnen wij de eerste voortgangsrapportage verwachten?
Vraag 7
Voorkomen van verlies van momentum 7.1 Erkent het college dat de gemeente het risico loopt deze unieke kans te verliezen aan traagheid of provinciale beperkingen of ten gevolge van haar eigen traagheid in dit dossier? 7.2 Welke concrete acties worden nog voor eind 2025 ondernomen om dit te voorkomen? 7.3 Kan de wethouder toezeggen dat de Draka-locatie per direct wordt aangemerkt als prioritaire binnenstedelijke herontwikkellocatie voor woningbouw in het uitvoeringsprogramma? Slotopmerking De VVD-fractie verwacht van het college en de portefeuillehouder volledige openheid van zaken, bestuurlijke transparantie en voortvarend handelen. De Draka-locatie is van cruciaal belang voor de toekomst van Hillegom. Nog langer afwachten of achteraf reageren is voor onze fractie onacceptabel. datum antwoordbesluit college: 25 november 2025 Antwoord college: 1.Tijdlijn en kennisname verkoop Draka Vraag 1.1: Op welke exacte datum is het college, en met name de portefeuillehouder, op de hoogte gebracht van de verkoop van het Draka-terrein?
Antwoord van het college
Het college is niet op de hoogte gesteld van een verkoop van het Drakaterrein. Wel is door de eigenaar van de gronden (een Nederlandse family office, specifieke vorm van vermogensbeheerder) contact gezocht omdat het huurcontract met Draka op termijn verlengd of opgezegd kan worden.
Vraag 1.2: Waarom is deze informatie destijds niet actief gedeeld met de gemeenteraad, gelet op de strategische en maatschappelijke betekenis van deze locatie?
Antwoord: Zie antwoord op vraag 1.1. daarnaast heeft het college de raad actief geïnformeerd over gesprek met eigenaar grond Draka.
Vraag 1.3: Kan het college alle relevante correspondentie, gespreksverslagen en memo’s tussen gemeente, eigenaar en Draka (vanaf 2023 tot heden) inzichtelijk maken?
Antwoord: Zie antwoord op vraag 1.1. Er zijn geen overleggen of correspondentie aanwezig betreffende de verkoop van het terrein. 2.Bedrijventerreinstrategie – anticipatie en timing Vraag 2.1: Wanneer was bij het college concreet bekend dat een nieuwe bedrijventerreinstrategie Holland Rijnland in voorbereiding was?
Antwoord: In het tweede kwartaal van 2022 is gestart met de Regionale Bedrijventerreinenstrategie Bollenstreek als eerste stap voor de Regionale Bedrijventerreinstrategie Holland Rijnland. In 2024 is de Regionale Bedrijventerreinstrategie Holland Rijnland opgesteld gebaseerd op de input vanuit de drie sub regio’s. Op 22 oktober 2024 heeft GS van Zuid-Holland de Regionale Bedrijventerreinstrategie Holland Rijnland beoordeeld en aanvaard.
Vraag 2.2: Heeft de wethouder vóór de definitieve vaststelling van deze strategie actief geprobeerd het Draka-terrein als transformatielocatie (woningbouwlocatie) in te brengen?
Zo ja, op welke data en met welk resultaat? Zo nee, waarom niet?
Antwoord: In de regionale Bedrijventerreinenstrategie Bollenstreek zijn alle transformatielocaties opgenomen die in de omgevingsvisie zijn opgenomen. Op het moment van opstellen van de strategie was er geen concrete aanleiding om de Draka locatie op te nemen.
Vraag 2.3: Waarom heeft het college, toen al duidelijk werd dat Draka mogelijk zou vertrekken, niet tijdig contact gezocht met provincie en Holland Rijnland om deze locatie bestuurlijk te verankeren als woningbouwkans?
Antwoord: Nadat duidelijk werd dat ook de eigenaar de locatie zou willen ontwikkelen naar woningbouw en mogelijk het contract met Draka niet zou verlengen is het overleg met de provincie gestart. 3.Bestuurlijke verantwoordelijkheid en proactieve actie Vraag 3.1. Is het college het met ons eens dat het tijdig agenderen en onderhandelen over de Draka-locatie essentieel was om te voorkomen dat we nu afhankelijk zijn van provinciale kaders?
Antwoord: De provincie stelt het provinciale omgevingsbeleid vast. Ontwikkelingen moeten daaraan getoetst worden. Het gesprek met eigenaar en met provincie is gestart toen dat opportuun was, gesprekken lopen nog.
Vraag 3.2: Waarom heeft de wethouder bij kennisname van de verkoop niet onmiddellijk formeel overleg gezocht met de provincie over een wijziging van de bestemming?
Antwoord: Zie antwoord op vraag 1.1.
Vraag 3.3: Kan het college concreet aangeven welke acties, met data, tussen 2023 en 2025 zijn ondernomen om de herontwikkeling naar woningbouw voor te bereiden?
Antwoord: er hebben met de eigenaar diverse gesprekken plaatsgevonden. Bij de start van de gesprekken op 6/4/2023 was alleen bekend dat het contract met Draka op termijn verlengd dan wel opgezegd kon worden en onderzocht de eigenaar de mogelijkheden voor de toekomst.
Er hebben bestuurlijke gesprekken plaatsgevonden op 11/10/2023, 7/12/2023, 22/3/2024, 31/10/2024, 9/4/2025 en er is een gesprek gepland op 26/11/2025. In deze periode heeft de eigenaar onderzocht welke mogelijkheden er zijn om voor de lange termijn goede en structureel rendement te creëren met de Draka locatie. Het college heeft daarbij nadrukkelijk gestuurd op de ontwikkeling naar woningbouw. De eigenaar gaat hierin mee en heeft vervolgens onderzocht welke mogelijkheden er voor uitplaatsing van de Draka zijn. Er ontstaat nu duidelijkheid over de mogelijkheden voor verplaatsing van de Draka. 4.Financiële en ruimtelijke urgentie Vraag 4.1: Is het college ermee bekend dat het terrein nu zonder kosten voor uitplaatsing beschikbaar komt als mogelijke woningbouwlocatie, nu Draka vertrekt?
Antwoord: Zie antwoord op vraag 3.3.
Vraag 4.2: Waarom wordt dan nog steeds gesproken over ‘belemmeringen’, terwijl dit juist een uitzonderlijke kans is om binnenstedelijk te bouwen zonder verlies van bedrijvigheid of hoge kosten?
Antwoord: Het terrein staat op plankaarten van de provincie als bedrijventerrein, de provincie wil bedrijventerreinen behouden in het kader van haar beleid om bedrijvigheid te waarborgen. Deze provinciale beleidslijn vormt de voornaamste belemmering.
Vraag 4.3: Welke concrete stappen zijn het college en de wethouder voornemens op zeer korte termijn te zetten om deze kans niet verloren te laten gaan?
Antwoord: Het college is sinds het voorjaar van 2025 in gesprek met de eigenaar om gezamenlijk de juridische en procesmatige mogelijkheden te verkennen. 5.Definitie van het terrein – feit of fictie?
Vraag 5.1: Erkent het college dat hier feitelijk sprake is van één bedrijfslocatie en niet van een volwaardig bedrijventerrein, en dat deze semantiek directe invloed heeft op provinciale interpretatie en besluitvorming?
Antwoord: Op de plankaarten van de provincie, die ook in de bedrijventerreinenstrategie gebruikt worden, staat het terrein van Draka en het naastgelegen tankstation gekwalificeerd als bedrijventerrein. Zie ook antwoord 4.3.
Vraag 5.2: Waarom wordt in de communicatie en beantwoording dan consequent gesproken over een ‘bedrijventerrein’, terwijl dit feitelijk onjuist is?
Antwoord: Zie ook antwoord op vraag 5.1. 6.Openheid van bestuur en informatievoorziening Vraag 6.1: Waarom wordt de raad niet structureel geïnformeerd over dit dossier, ondanks de grote politieke en maatschappelijke relevantie?
Antwoord: De raad is en blijft betrokken bij de ontwikkelingen in dit dossier. Het college informeert de raad wanneer zich relevante nieuwe feiten of stappen voordoen.
Vraag 6.2: Is het college bereid om vanaf heden tweemaandelijks een schriftelijke voortgangsupdate te verstrekken aan de raad over de stand van zaken, inclusief overlegmomenten met provincie, eigenaar en Draka?
Antwoord: Zie ook antwoord op vraag 6.1. Het college verstrekt informatie zodra zich ontwikkelingen voordoen die van betekenis zijn voor de raad.
Vraag 6.3: Wanneer kunnen wij de eerste voortgangsrapportage verwachten?
Antwoord: Zie antwoord op vraag 6.1 en 6.2.
7. Voorkomen van verlies van momentum Vraag 7.1: Erkent het college dat de gemeente het risico loopt deze unieke kans te verliezen aan traagheid of provinciale beperkingen of ten gevolge van haar eigen traagheid in dit dossier?
Antwoord: Zie eerdere antwoorden. De eigenaar is initiatiefnemer, de gemeente werkt nauw samen met de initiatiefnemer om woningbouw op deze locatie mogelijk te maken.
Vraag 7.2: Welke concrete acties worden nog voor eind 2025 ondernomen om dit te voorkomen?
Antwoord: Zie eerdere antwoorden. Op 26 november vindt een gesprek met de eigenaar plaats om de uitkomsten van het gezamenlijke juridische en procesmatige onderzoek te bespreken en vervolg afspraken te maken.
Vraag 7.3: Kan de wethouder toezeggen dat de Draka-locatie per direct wordt aangemerkt als prioritaire binnenstedelijke herontwikkellocatie voor woningbouw in het uitvoeringsprogramma?
Antwoord: Zie eerdere antwoorden. Onduidelijk is op welk uitvoeringsprogramma in de vraag gedoeld wordt. Als het gaat om het volkshuisvestingsprogramma wordt het Drakaterrein meegenomen. Op dit moment staat het Draka-terrein voor de lange termijn (na 2030) in de woningbouwkalender in Hillegom voor 300 tot 350 woningen
Datum afhandeling in vergadering:
Bron: raadsinformatie van de gemeente Hillegom (Open Raadsinformatie). De vragen en antwoorden zijn automatisch uit de brief gelezen; het origineel is leidend.