project Bloei.pdf
Een raadslid stelde op 11 juni 2026 schriftelijke vragen aan het college van burgemeester en wethouders van Hillegom (1 vragen).
In het kort
1 vragen en wat het college antwoordt
- Welke lessen trekt het college uit deze situatie voor toekomstige woningbouwprojecten in Hillegom, zodat betaalbare koopwoningen niet opnieuw onnodig duur worden door… → Datum antwoordbesluit college: 9 juni 2026 Antwoord college: 1.
Overgenomen uit de brief van het college; hieronder staan de volledige vragen en antwoorden.
Aanleiding
Schriftelijke vragen van de raad Van Aan:
L. Pijnacker, VVD Hillegom Het college van de gemeente Hillegom
Zaaknummer:
Onderwerp:
Z-26-507336 Project Bloei en de overdrachtsbelasting
Ingediend op:
Wijze van beantwoording:
Doorgezonden aan college/ overige raadsleden op:
Uiterste datum beantwoording:
11-05-2026 Schriftelijk 12-05-2026 11-06-2026
Inhoud schriftelijke vragen:
Vragen en antwoorden
Vraag 1
Welke lessen trekt het college uit deze situatie voor toekomstige woningbouwprojecten in Hillegom, zodat betaalbare koopwoningen niet opnieuw onnodig duur worden door gemeentelijke eisen en procedures?
Antwoord van het college
Datum antwoordbesluit college: 9 juni 2026 Antwoord college:
1. Ja, het college is ervan op de hoogte dat de kopers van de betaalbare koopwoningen in project Bloei 10,4% overdrachtsbelasting betalen over de grond van hun koopwoning. De bouw van de woning is belast met BTW.
2. Het college is zich ervan bewust dat deze constructie niet gebruikelijk is bij nieuwbouwprojecten maar (in het kader van fiscale optimalisatie) in beginsel juridisch geoorloofd is wanneer de grond van nieuwbouwwoningen niet in bouwrijpe staat wordt verkocht aan de kopers en afzonderlijk van de bouw wordt overgedragen. In dit geval wordt de grond verkocht in de huidige staat waarop nog bestaande bebouwing aanwezig is. Na de overdracht van de grond vindt de sloop van deze opstallen plaats en wordt de grond bouwrijp gemaakt.
3.
4. 5.
6.
7.
8. 9.
Deze constructie is een keuze van de ontwikkelaar geweest op basis van fiscale redenen. De gemeente is geen partij in de koop-/aannemingsovereenkomsten tussen ontwikkelaar en kopers en heeft geen directe rol in de fiscale structuur. Het college heeft de ontwikkelaar vragen gesteld over de fiscale keuze en de ontwikkelaar heeft toegelicht dat de grond in de bestaande staat geleverd wordt. Na de overdracht van de grond vindt de sloop en bouw van de woningen plaats. Over verdere motivering heeft de ontwikkelaar zich summier uitgelaten richting de gemeente, die hier expliciet naar geïnformeerd heeft.
Nee, het college deelt deze opvatting niet. De toepasselijke eisen, voorwaarden en voorschriften zijn niet wezenlijk anders of negatiever dan bij andere woningbouwprojecten.
Het college erkent dat sturing op onder andere woningtypen effecten kan hebben op het uiteindelijk financieel resultaat van een woningbouwontwikkeling. Gelet op de opleveringen van betaalbare woningen in het verleden, de aantallen die momenteel in de pijplijn zitten en gegeven het feit dat de (deels regionale) sturing de afgelopen tijden consistent is gebleven, heeft het college geen reden om aan te nemen dat de financiële haalbaarheid bij projecten ernstig onder druk staat. Het college streeft naar een investeringsmilieu waar marktconforme rendementen gehaald kunnen worden op nieuwbouwontwikkelingen.
Het college is van mening dat de gemeente zich (onder andere) in dient te zetten voor de betaalbaarheid van nieuw te bouwen woningen. Het college houdt zich daarbij aan de door de gemeenteraad gestelde kaders c.q. eisen voor woningbouw, waaronder het gemeentelijk beleid voor woningprogramming (zie o.a. de koersnotitie wonen), parkeren en duurzaamheid, welke consistent worden gehanteerd.
Het college heeft deze fiscale constructie ten tijde van de verkoop geconstateerd en is hierover met de ontwikkelaar in gesprek. Het college stelt zich op het standpunt dat deze constructie niet in lijn is met de afspraken zoals die zijn gemaakt in de anterieure overeenkomst en onderneemt hier actie op om de naleving van de gemaakte afspraken te waarborgen.
Het college zet zich in voor de succesvolle realisatie van woningbouwprojecten conform de door de gemeenteraad gestelde kaders c.q. eisen. Zie ook de antwoorden op vraag 5 en 6.
Het college neemt deze situatie mee in de verdere aanscherping van de standaard te hanteren anterieure overeenkomst. Daarbij wordt explicieter vastgelegd hoe de overeengekomen prijsstelling van betaalbare koopwoningen moet worden toegepast zodat de beoogde betaalbaarheid voor de doelgroep ook in de praktijk wordt gewaarborgd.
Datum afhandeling in vergadering: (dit vult de griffie in) L. Pijnacker, VVD Hillegom
Bekijk de brief: 260512 Beantwoording schriftelijke vragen VVD Hillegom inzake project Bloei.pdf
Bron: raadsinformatie van de gemeente Hillegom (Open Raadsinformatie). De vragen en antwoorden zijn automatisch uit de brief gelezen; het origineel is leidend.