19 september 2023 · artikel 35-vragen · gemeente Krimpenerwaard

vragen CU agendapunt 8

Een raadslid stelde op 19 september 2023 schriftelijke vragen aan het college van burgemeester en wethouders van Krimpenerwaard.

Brief van het college

Deze brief is niet in losse vragen en antwoorden uit te lezen. Hieronder staat de tekst; het origineel staat via de link.

Goedemiddag, Zie onderstaande beantwoording. Deze zal ook worden toegevoegd aan agendapunt 8 van OV R&F van vanavond.

Reactie op vragen CU fractie:

Algemeen verzoek om beeldvormende commissie:

Er is abusievelijk geen deadline komen te staan in het raadsvoorstel.

Dit is wel degelijk aan de orde voor dit voorstel.

De nood voor uitbreiding van bedrijventerreinen binnen de gemeente is zeer hoog bij de bedrijven in de Krimpenerwaard.

Het gaat hier om een bedrijventerrein van ongeveer 5 hectare en er liggen voor ruim 20 hectare aanvragen bij de ontwikkelaar.

Allen van bedrijven binnen de Krimpenerwaard.

De nood is hoog en er is ook haast bij geboden omdat bedrijven anders genoodzaakt zijn om hun heil buiten de Krimpenerwaard te zoeken.

Pas nádat het bestemmingsplan is vastgesteld door de raad kan worden begonnen met de voorbelasting van het terrein.

Dit zal nog minimaal een jaar in beslag nemen (gezien de grondslag van het gebied).

Vandaar dat het nu wel echt door moet gaan en niet mag worden vertraagd, want dan hebben we het gelijk over een vertraging van enkele maanden.

Daar komt bij dat er op dit bestemmingsplan slechts twee zienswijzen zijn ingediend, waarvan er één indiener heeft aangegeven dat hij tevreden is met de beantwoording van de gemeente. Dus ook vanuit inwoners is er geen noodzaak voor een beeldvormende commissie.

Vragen CU fractie Bij mij leven de meeste vragen bij de zgn Handelsrand.

De betreffende kavels hebben hun ontsluiting vanaf de achterzijde, die vervolgens tegelijkertijd ook als voorzijde zal worden ervaren voor de tegenoverliggende bebouwing langs de bedrijfsstraat in het middengebied.

Achterzijde dus, maar als bedrijf wil je toch ook een representatieve ontsluiting van je kavel?

Het beeldkwaliteitsplan gaat uit van een hoogwaardig kwalitatieve (groene) inrichting van het bedrijventerrein, en wordt onderdeel van de Nota ruimtelijke kwaliteit en dus toetsingskader bij bouwaanvragen.

Volgens het beeldkwaliteitplan dienen auto’s vervolgens uit het zicht te worden geplaatst, maar in de doorsnede langs de Handelsweg zien we ze vóór de gewenste representatieve voorgevel staan.

Bezoekers en personeel kunnen hun auto aan de voorzijde van een bedrijfsgebouw parkeren.

Deze zullen uit het zicht moeten worden geplaatst door de aan te brengen groenvoorziening.

Waar kunnen de bedrijven in de Handelsrand vervolgens hun buitenopslag kwijt?

Achter de voorgevel en dus aan de achterzijde van het bedrijfsgebouw.

In de regels is bepaald dat buitenopslag uitsluitend is toegestaan, buiten het zicht vanaf de openbare weg, danwel onttrokken aan het zicht door middel van een erf- en terreinafscheiding of andere voorziening.

In veel reguliere bedrijventerreinen vindt dat aan de achterzijde plaats maar de bedrijven in deze zone kennen geen achterzijde; hun representatieve zijde ligt aan de achterkant ten opzichte van de ontsluiting.

Een gebouw heeft één voorgevel en dus een voorzijde en daardoor altijd een achterzijde. In dit geval dus de zijde aan de binnenweg, maar ook deze zijde moet volgens het beeldkwaliteitsplan hoogwaardig worden ingericht. En zal het dus wel aan het zicht moeten worden onttrokken.

Los daarvan: we zien prachtige referentiebeelden op pagina 16, 18 en 20. Heel mooi als die kwaliteit langs de Handelsweg bereikt kan worden, het is immers de afrondende bebouwing van de kern Bergambacht aan deze zijde, maar hoe realistisch is dat, gezien de bedrijven die ruimte zoeken en in samenhang met de vragen over de wat ongebruikelijke voor/achterkant-opzet?

De Nieuwe Wetering IV is uiteraard een bedrijventerrein dat functioneel moet kunnen worden gebruikt, maar in dit geval is er door de ontwikkelaar en de gemeente uitvoerig ingezet op duurzaamheid en een duurzame uitstraling. Door de stedenbouwkundige van de gemeente zijn de referentiebeelden die in het beeldkwaliteit staan zeker als realistisch bestempelt. Bedrijven zullen maatregelen moeten treffen om e.e.a. er voor de buitenzijde goed uit te laten zien.

Verder geldt dat aanvragen die binnenkomen van de bedrijven ook langs de commissie ruimtelijke kwaliteit gaan.

In het stedenbouwkundig plan staat het volgende: Het stedenbouwkundig plan en beeldkwaliteitsplan is richtinggevend.

Het geeft de beoogde sfeer en kwaliteit aan, maar is dermate flexibel dat ontwerpers een eigen invulling kunnen geven aan de richtlijnen.

Ze vormen geen blauwdruk maar stippen principes (niet uitputtend) aan om tot de beoogde sfeer en beeldkwaliteit te komen.

Indien met andere principes hetzelfde wordt bereikt dan is dit ‘in de geest van het plan’ en wordt aan de richtlijnen voldaan.

Bekijk de brief: Beantwoording vragen CU agendapunt 8

Bron: raadsinformatie van de gemeente Krimpenerwaard (Open Raadsinformatie). De vragen en antwoorden zijn automatisch uit de brief gelezen; het origineel is leidend.

Meer vragen aan het college van Krimpenerwaard

Alle artikel 35-vragen in Krimpenerwaard