1 december 2025 · artikel 35-vragen · gemeente Oudewater

vragen CDA en ONAFH bij jaarverslag Stadsteam.pdf

Een raadslid stelde op 1 december 2025 schriftelijke vragen aan het college van burgemeester en wethouders van Oudewater (5 vragen).

In het kort

5 vragen en wat het college antwoordt

  • Welke strategische doelen zijn gehaald, en welke niet? → Wat is de oorzaak daarvan?
  • Welke risico’s ziet het college voor de komende jaren binnen het sociaal domein? → Het sociaal domein is en blijft in ontwikkeling.
  • Waar wijken de werkelijke kosten af van de begroting, en wat is de reden? → In de Voorjaarsrapportage 2024 is gerapporteerd dat er €200.000 minder is uitgegeven aan jeugd maatwerkpakketten dan begroot.
  • Welke onderdelen van het sociaal domein zorgen voor de grootste financiële druk? → De grootste financiële druk werd in 2024 ervaren door de hoeveelheid huishoudelijke hulp die is geboden.
  • Hoe heeft de instroom in de jeugdhulp zich ontwikkeld t.o.v. vorig jaar? → In het eerste en laatste kwartaal van 2024 jaar was een daling van de instroom naar jeugdhulp te zien.

Overgenomen uit de brief van het college; hieronder staan de volledige vragen en antwoorden.

Aanleiding

Vragen van CDA en Onafhankelijken m.b.t. Jaarverslag stadsteam Met veel interesse hebben wij de RIB Kennisnemen jaarverslag Stadsteam Oudewater 2024 en het bijbehorende Jaarverslag Stadsteam Oudewater en Financieel jaarverslag Stichting de Thuisbasis 2024 gelezen.

Wij hebben een aantal vragen o.b.v. de jaarverslagen en de RIB, welke we graag met het college en het stadsteam willen bespreken. Als gemeente is het onze wettelijke taak om goede (jeugd)zorg te leveren. In Oudewater doen we mee aan een landelijke proeftuin en lopen we voorop in Nederland. Financieel gezien doet Oudewater het goed. Er gaat gelukkig ook heel veel goed, ouders worden laagdrempelig geholpen, en kinderen die niet in de jeugdzorg thuishoren komen er ook niet in terecht.

We lezen in dit verslag echter niets terug over wat er niet/minder goed is gegaan, welke verbeterpunten er zijn opgesteld en acties die zijn en worden ondernomen. En of de gemeente eventueel een rol kan spelen bij deze verbeteringen.

Vragen over het jaarverslag Stadsteam:

Vragen en antwoorden

Vraag 1

Welke strategische doelen zijn gehaald, en welke niet?

Antwoord van het college

Wat is de oorzaak daarvan?

Het Stadsteam en de gemeente hebben samen het doel om passende, kwalitatief goede ondersteuning bieden. Deze passende ondersteuning wordt dicht bij de inwoner georganiseerd en daarom heeft het Stadsteam de transitie naar meer zelf begeleiding bieden, al succesvol ingezet. Ook conform de opgave uit de hervormingsagenda Jeugd en de eerder ingezette landelijke transitie. Inwoners worden laagdrempelig en nabij ondersteund door professionals. Deze ondersteuning begint met een brede vraagverkenning en wordt op maat geboden, in verbinding met lokale initiatieven en maatschappelijke partners zoals de Wulverhorst, door een team dat continu met de inwoner naar kansen in het normale leven en dat investeert in professionele doorontwikkeling. Eén van de strategische doelen in 2024 is het verbeteren van de van het gebruik van Ervaringswijzer. De uitvraag aan cliënten is aangepast, het actief uitzetten is een blijvend aandachtspunt voor de professionals. Een ander strategisch doel is geweest de overgang naar hetzelfde ICT-systeem gelijk als Woerden. De overstap was wenselijk vanwege de taken die de Backoffice ook uitvoert voor het Stadsteam. De overgang is gedaan en vraagt nog steeds aandacht en verbetering qua inrichting. Een ander belangrijk strategisch doel, blijft de samenwerking tussen onderwijs, jeugdhulp, leerplicht. Dit vraagt continue aandacht.

Daarnaast is het Stadsteam betrokken bij verschillende thema's van de uitvoeringsagenda van het Sociaal Akkoord.

Vraag 2

Welke risico’s ziet het college voor de komende jaren binnen het sociaal domein?

Antwoord van het college

Het sociaal domein is en blijft in ontwikkeling. Naast de ontwikkelingen binnen het sociaal domein zoals groeiende complexiteit van de maatschappij, decentralisatie van onder andere maatschappelijke opvang, krapte op de arbeidsmarkt,

ontwikkelingen op gebied van wordt het sociaal domein geraakt door ontwikkelingen in aanpalende domeinen en regionale en landelijke ontwikkelingen.

In de komende jaren wordt op veel vlakken de regionale samenwerking geïntensiveerd. Het college acht dit een goede ontwikkeling en hoopt hiermee de kennis van wat in Oudewater goed gaat, breder te kunnen delen. Tegelijkertijd heeft Oudewater een beperkte omvang en vragen deze ontwikkelingen goede afwegingen tussen lokale belangen en het behouden van couleur local en moet er ruimte zijn voor de eigenheid van Oudewater.

Vraag 3

Waar wijken de werkelijke kosten af van de begroting, en wat is de reden?

Antwoord van het college

In de Voorjaarsrapportage 2024 is gerapporteerd dat er €200.000 minder is uitgegeven aan jeugd maatwerkpakketten dan begroot. De begroting voor het Stadsteam is bewust ruimer dan wat er uit de begroting nodig blijkt. Reden hiervoor is de schaalgrootte van Oudewater en het willen en moeten leveren van ondersteuning wanneer hier terecht om wordt gevraagd. In het geval van bijvoorbeeld residentiële jeugdzorg kan een enkele casus op jaarbasis een verschil van één of meerdere tonnen maken. Om bestand te zijn tegen onverwachte uitgaven wordt de begroting daarom ruimer opgesteld dan strikt verwacht.

Vraag 4

Welke onderdelen van het sociaal domein zorgen voor de grootste financiële druk?

Antwoord van het college

De grootste financiële druk werd in 2024 ervaren door de hoeveelheid huishoudelijke hulp die is geboden. Hiernaast werd de meeste financiële druk ervaren van individuele begeleiding en dagbesteding vanuit de Wmo en ambulante begeleiding voor jeugd. Residentiële zorg drukt ook zwaar op de financiële middelen. Niet vanwege de grote vraag, maar de prijs van deze zorg. In het huidige jaar zien wij dat deze vormen van zorg opnieuw voor de grootste financiële druk zorgen. Uiteraard houden u hiervan op de hoogte zoals u gewend bent door middel van de Planning en Control cyclus.

Vraag 5

Hoe heeft de instroom in de jeugdhulp zich ontwikkeld t.o.v. vorig jaar?

Antwoord van het college

In het eerste en laatste kwartaal van 2024 jaar was een daling van de instroom naar jeugdhulp te zien. Sinds het laatste kwartaal van 2024 zet deze licht dalende trend zich voort. Dit wil zeggen dat er over het algemeen minder maatwerk wordt ingezet dan afgelopen jaar. Voorliggend hieraan is de ondersteuning die het Stadsteam buiten het kader van de Jeugdwet biedt, vaak in samenwerking met lokale initiatieven en partners zoals het Touwteam. We vragen het Stadsteam expliciet in het jaarverslag 2025 een uitsplitsing te maken van de instroom van 2024 en 2025.

6. Op blz. 5 worden een aantal aandachtspunten genoemd. Wat is de stand van zaken m.b.t. deze punten. Denk daarbij bv. aan de vormgeving functie projectleider, onderzoek naar wat nodig is voor jongeren en voor jongeren 12+ In het Jaarverslag Stadsteam Oudewater zijn op de aangegeven pagina geen uitspraken over aandachtspunten gedaan. In het Financieel Jaarverslag wordt op bladzijde 5 gesproken over de uitdagingen en kansen binnen het vak. Dit refereert naar de knelpunten en kansen die door professionals breed ervaren worden, zoals de wrijving die kan bestaan tussen de Jeugdwet en Wmo of de kansen die een systeemgerichte aanpak brengt. Wat betreft de voorbeelden in de vraag geldt dat de projectleider in een nieuwe rol als werkbegeleider van de uitvoerend werkers

verbonden blijft aan het Stadsteam. Binnen het jongerenwerk zal verder onderzocht worden wat er nodig is voor jongeren. Hier is meer ruimte voor ontstaan door het besluit van uw Raad over de voorjaarsrapportage, waarin extra middelen zijn aangevraagd.

7. Op pagina 13 worden de eerste resultaten uit de Ervaringwijzer gepresenteerd. We zien dat deze Ervaringwijzer door 42 cliënten is ingevuld. Dit is een respons van 21%.

Waarom is er zo weinig respons en welke actie wordt ingezet om dit aantal te verhogen?

We blijven inwoners aanmoedigen om de vragen van Ervaringswijzer te beantwoorden en dit is onder aandacht van de professionals. Het blijft uiteraard vrijblijvend voor de inwoners. Vanuit de gemeente hebben we een inwonerstevredenheidsonderzoek gedaan begin 2025, daar is ook de dienstverlening van het Stadstam uitgevraagd en daar kwam het gemiddeld rapportcijfer uit van een 7,1. De algehele dienstverlening van de gemeente was een 6,3. Dit onderzoek is gebaseerd op reacties van 223 respondenten.

8. Met het oog op tevredenheid worden er gemiddelde cijfers gepresenteerd. We zijn benieuwd naar de spreiding, en vooral ook naar de redenen die ouders geven om die cijfers te geven. Hier zouden wij graag een overzicht van ontvangen. Zijn er uit de aangegeven redenen conclusies te trekken en verbeterpunten op te stellen?

Naast dat er in het jaarverslag de gemiddelde cijfers worden gepresenteerd, zijn in de uittreksels van de Ervaringwijzer aan de rechterzijde de spreidingen weergegeven. Per cijfer is aangegeven welk percentage van de reacties met dit cijfer heeft geantwoord. Bij de uitvraag wordt expliciet naar verbeteringen en suggesties gevraagd. Reacties worden ieder kwartaal met de medewerkers besproken en verbetering die daaruit voortkomen worden vervolgens geïmplementeerd.

9. Op blz. 17 staat vermeld dat er 1 formele klacht is ingediend. Wat wordt verstaan onder een formele klacht? Hoe dient een client een formele klacht in? Zijn er ook niet-formele klachten binnengekomen?

Het Stadsteam richt zich op passend en kwalitatieve ondersteuning voor inwoners.

Het kan voorkomen dat de aanpak van het Stadsteam niet (volledig) overeenkomt met de wensen of verwachtingen van de inwoner. Er is geen sprake van niet-formele klachten. Wel kan het zijn dat inwoners zorgen of onvrede uiten. De medewerkers van het Stadsteam zijn altijd nieuwsgierig naar de beleving van inwoners en voeren hierover het gesprek. Bij onvrede wordt aandacht besteedt en een oplossing gezocht. Het staat inwoners altijd vrij een formele klacht in te dienen wanneer zij zich onjuist behandeld voelen. Dit kan door de manager of directeur te benaderen of een klacht in te dienen bij het SKJ, waar alle jeugd- en gezinsmedewerkers van het Stadsteam geregistreerd zijn. In bijna alle gevallen wordt hiervoor echter al een passende oplossing gevonden.

10. Hoe wordt maatwerk ingezet en hoe bewaakt de gemeente de kwaliteit?

De gemeente en het Stadsteam willen in alle gevallen passende en kwalitatief goede ondersteuning verzorgen. Het Stadsteam heeft deskundig personeel om dicht bij de inwoners te blijven staan. Wanneer naast de inzet van het Stadsteam, aanvullende expertise nodig is, wordt maatwerk ingezet. Er wordt toegezien op kwaliteit van de maatwerkorganisatie, door controles bij inschrijving van een partij

en doorlopende monitoring van Inkoop en Monitoring Utrecht West (de inkooporganisatie voor de gemeente). Tijdens de ondersteuning blijft het Stadsteam betrokken bij de inwoner om toe te zien dat de ondersteuning passend en effectief is voor de hulpvraag.

11. Vorig jaar is aangegeven dat de communicatie vanuit het Stadsteam richting inwoners beter moet worden opgepakt, Is dit ook gelukt? Wat is de toezegging voor 2026?

De communicatie vanuit het Stadsteam richting inwoners is een doorlopend punt van aandacht. De gemeente en het Stadsteam stemmen voortdurende af over de manier waarop zij in contact staan met inwoners en blijven hierin op zoek naar kansen voor positieve ontwikkeling. Door hier structurele aandacht aan te besteden wordt het belang van goede communicatie onderstreept.

12. Oudewater doet vanuit het project kansrijke start mee aan nu niet zwanger. Kansrijke start gaat over de eerste 1000 dagen van het kind. Wat heeft het Stadsteam hiervoor georganiseerd?

De GGDrU is een belangrijke, coördinerende speler op het gebied van de 1e 1000 dagen. Vanuit het Stadsteam is actieve betrokkenheid bij bijeenkomsten van Kansrijke Start. Het Stadsteam vervult ook een ambassadeursrol voor Nu Niet Zwanger waarbij zij inwoners informeren over de mogelijkheden van het Nu niet Zwanger programma.

13. Er is een nieuwe manier van werken rondom kind- en gezinsbescherming. Wat is deze manier van werken en hoe draagt deze manier van werken bij aan het helpen van kinderen in een zorgwekkende situatie en de signalering ervan?

De werkwijze rondom kind- en gezinsbescherming komt voort uit de proeftuin Bescherming in Beweging. Dit is een gezamenlijke vernieuwing van de vijf gemeenten in de regio Utrecht-West, Samen Veilig Midden-Nederland (zowel als Veilig Thuis, als Gecertificeerde Instelling), de Raad voor de Kinderbescherming en de William Schrikker Stichting Jeugdbescherming & Jeugdreclassering. De visie van Bescherming in Beweging is gegrond in de werkwijze in Oudewater en Montfoort die zich richt op ondersteuning passend en dichtbij organiseren. De werkwijze heeft als doel om hulp anders te organiseren en zo te voorkomen dat er opgeschaald moet worden. Het gedeelde gedachtegoed is dat het vinden van lokale oplossingen voor jeugdigen en gezinnen (met of zonder een maatregel van kinderbescherming) alleen lukt door een samenspel van het lokale team, diverse andere afdelingen van de gemeente, eerstelijnsvoorzieningen, Veilig Thuis, de Raad voor de Kinderbescherming en de Gecertificeerde instellingen. Het resultaat van meer oplossingen in de eigen leefomgeving is dat er minder drang-trajecten ingezet zijn.

14. Het loffelijke streefdoel om het aantal verwijzingen te verlagen wordt gehaald.

Welke middelen zijn ingezet om dit doel te behalen? Is dit niet ten koste gegaan van de kwaliteit?

De transformatie van zorg en ondersteuning dichtbij is een landelijke opgave. Het Stadsteam heeft deskundig personeel om dicht bij de inwoners te staan en hen te ondersteunen. Dit geldt ook voor de omgang met complexe casuïstiek. Zij worden hierbij met werkbegeleiding ondersteund en waar nodig wordt er tijdelijk extra expertise bijgehaald. Deze werkwijze gaat niet ten koste van kwaliteit. Het

Stadsteam is in positie de kansen binnen het lokale leven te benutten en te komen tot passende ondersteuning.

15. Heeft het Stadsteam daadwerkelijk in beeld waar de zorgen liggen?

Het Stadsteam en de gemeente zien het als hun gezamenlijk taak om continu signalen op te halen bij de inwoners van Oudewater en hier gehoor en gevolg aan te geven. Dit doen zij in samenwerking met maatschappelijke partners en lokale initiatieven, waardoor er een gedragen beeld ontstaat van de Oudewaterse gemeenschap.

16. Wat wordt er nu ingezet om schooluitval te voorkomen en kinderen weer te plaatsen in het onderwijs?

Door het Stadsteam wordt meegedacht in de gesprekken op school en met ouders/kind en wordt er samengewerkt met Passenderwijs (het samenwerkingsverband passend primair onderwijs) en Samenwerkingsverband VO Regio Utrecht West (passend voortgezet onderwijs). De samenwerkingsverbanden zijn samen met de leerplichtambtenaar de eerstverantwoordelijken voor dit onderwerp. Lokaal ontwikkelen we nu (anno 2025) een afwegingskader Jeugdhulp/Onderwijs, om nog verder scherp te krijgen wie waarvoor aan de lat staat.

17. Is inzichtelijk wat het jongerenwerk oplevert en wordt dit gemonitord? Is 8 uur per week voldoende om de doelen te halen die ze willen bereiken met jongerenwerk?

In 2025 is het jongerenwerk geëvalueerd zoals afgesproken in het Sociaal Akkoord.

Samen met het Stadsteam en collega’s van het Sociaal domein en de afdeling Openbare Orde en Veiligheid hebben we de huidige inzet besproken. Uit de evaluatie kwam naar voren dat de beschikbare uren beperkt zijn om nóg meer in te spelen op actuele situaties en zichtbaarheid in de stad. Daarom hebben we in de voorjaarsrapportage extra middelen aangevraagd om de uren uit te breiden. Dit is toegezegd door uw Raad en daarom zijn de uren recent opgeplust naar 12 uur per week.

18. In hoeverre en voor hoeveel alleenstaande minderjarige vluchtelingen is het stadsteam betrokken?

De AMV locatie valt onder het COA en wordt gecoördineerd door het Nidos die de voogdijtaak vervult. De dagelijkse begeleiding van de jonge AMV-ers is door Nidos uitbesteed aan Selam Zorg. In Oudewater draagt Selam Zorg de dagelijkse verantwoordelijkheid over deze jongeren. Het jongerenwerk is wel vanaf de start betrokken en kent de jongeren en de begeleiders van de AMV locatie. De Jongerenwerkers proberen de AMV jongeren zoveel mogelijk te laten participeren in het normale leven in Oudewater. Het Stadsteam wordt verder betrokken in de keten zodra de AMV jongeren uitstromen uit de AMV locatie.

19. Door wie wordt VLAS ondersteund? Zowel financieel als professioneel en hoe zien we dit terug in de cijfers?

In 2024 is VLAS ondersteund door de projectleider Samen Opvoeden & Opgroeien in Oudewater. Hiervoor heeft het Stadsteam een projectsubsidie ontvangen. VLAS

heeft aanvragen gedaan bij het Vitaliteitsakkoord voor financiële ondersteuning voor bepaalde activiteiten. Wanneer gewenst keek de projectleider mee bij de aanvragen. De projectleider heeft de werkwijze en doelstellingen van het project succesvol geïntegreerd binnen het Stadsteam, wat een duurzaam vervolg garandeert. Door de nauwe betrokkenheid van sociaal werkers en jeugdprofessionals is het project niet alleen overgenomen, maar ook volledig geborgd in de dagelijkse praktijk van de werkers. De projectleider blijft verbonden aan het Stadsteam, zij het in een nieuwe rol als werkbegeleider van de uitvoerend werkers.

20. Er wordt gesproken over een maandelijks overleg over de uitgaven. Deze worden goed gemonitord. Hoe vaak wordt er overlegd over caseload en aanpak problematiek. En worden hier ook actiepunten voor stadsteam en gemeente besproken. Kunt u hier een voorbeeld van geven?

Het Stadsteam heeft intern casuïstiek overleg via de viervenster methode (opzet staat omschreven in het jaarverslag). Signalen dat er op een bepaald vlak toenemend complexiteit ontstaat en een beleidsaanpassing vraagt, worden met de gemeente besproken. Een voorbeeld daarvan is de toenemende zorgen rondom GGZ problematiek, daarvoor is een uitbreiding van de formatie binnen het Stadsteam gekomen.

21. Welke WMO-voorzieningen laten de grootste groei zien?

De grootste groei is te zien binnen de producten begeleiding individueel en huishoudelijke hulp. De toename in huishoudelijke hulp is gerelateerd aan het groter wordende aantal ouderen in Oudewater. Een deel van de begeleiding wordt gegeven aan dementerende inwoners. Deze toename wordt dus ook deels verklaard door de ouder wordende bevolking in Oudewater.

22. Hoeveel inwoners maken gebruik van Respijtzorg? Hoe wordt dit geregeld?

In 2024 hebben er 8 inwoners gebruik gemaakt van respijtzorg/kortdurend verblijf.

Vanuit de Jeugdvoorzieningen 4 en vanuit de Wmo voorzieningen 4. Dit zijn ingezette maatwerkvoorzieningen. Daarnaast wordt altijd besproken met inwoners wat ontlastend kan zijn. Dat kan naast respijtzorg/kortdurend verblijf, ook een dagbesteding zijn. Er is een nauwe samenwerking met de Wulverhorst op dit onderwerp.

Bekijk de brief: Beantwoording vragen CDA en ONAFH bij jaarverslag Stadsteam.pdf

Bron: raadsinformatie van de gemeente Oudewater (Open Raadsinformatie). De vragen en antwoorden zijn automatisch uit de brief gelezen; het origineel is leidend.

Meer vragen aan het college van Oudewater

Alle artikel 35-vragen in Oudewater