vragen VVD - huisvestingsverordening DEF
Een raadslid stelde op 6 mei 2025 schriftelijke vragen aan het college van burgemeester en wethouders van Schagen (9 vragen).
In het kort
9 vragen en wat het college antwoordt
- Kan de gemeenteraad zomaar een huisvestingsverordening invoeren? → Moet niet eerst bij de voorbereiding van een gebiedsgebonden huisvestingsverordening aangetoond worden dat de leefbaarheid in het desbetreffende gebied onder druk staat?
- Heeft u bij de voorbereiding van de verordening overlegt met andere gemeenten uit de woningmarktregio? → Door dit op elkaar af te stemmen gaan vergunningsstelsels niet te veel van elkaar verschillen.
- Zoals het voorstel het zelf al zegt: ‘We opereren onder de aanname dat de Wet Versterking Regie op de Volkshuisvesting (WVRV) van kracht wordt.’. → De grondslag voor de huisvestingsverordening ligt in de Huisvestingswet.
- In de stukken staat: ‘Verhuur van sociale nieuwbouw huurwoningen door particuliere verhuurders (waar we geen prestatieafspraken mee hebben) wordt met deze regel… → Zo ja, waarom is dat uw wens?
- In de stukken staat: ‘In geval van een sociale koopwoning worden afspraken vastgelegd in een koopakte. → Zo ja, waarom legt de gemeente deze extra handeling aan de notaris op?
- Kan de wethouder duidelijkheid geven over wie de vergunning moet aanvragen: de woningzoekende of de verhuurder? → Op wie worden de kosten verhaald?
- Moeten (particuliere) verhuurders een inschrijfsysteem en allerlei extra administratie voeren, ook als zij daar op dit moment niet op zijn ingericht? → Hoe ziet het college dat voor zich?
- Welke gegevens moeten (particuliere) verhuurders aanleveren, en mag dat binnen het kader van de AVG-wet? → De woningzoekende of de verhuurder namens de woningzoekende levert stukken aan voor de aanvraag om een huisvestingsvergunning.
Overgenomen uit de brief van het college; hieronder staan de volledige vragen en antwoorden.
Vragen en antwoorden
Vraag 1
Kan de gemeenteraad zomaar een huisvestingsverordening invoeren?
Antwoord van het college
Moet niet eerst bij de voorbereiding van een gebiedsgebonden huisvestingsverordening aangetoond worden dat de leefbaarheid in het desbetreffende gebied onder druk staat? En moet niet eerst onderbouwd zijn, waarom het invoeren van een huisvestingsverordening noodzakelijk en geschikt is, om de leefbaarheid in het desbetreffende gebied te behouden? Deze onderbouwing blijkt niet uit de stukken. Kunt u aangeven waarom deze onderbouwing ontbreekt en kunt u deze alsnog toevoegen? Antwoord: De Huisvestingswet (hierna: wet) biedt gemeenten het (uitputtende) instrumentarium in te grijpen in de verdeling van woonruimte en de samenstelling van de woonruimtevoorraad. Het uitgangspunt van de wet is de vrijheid van vestiging. Iedereen die rechtmatig in Nederland verblijft, heeft het recht om zich vrijelijk te verplaatsen en te vestigen. Dit grondrecht kan alleen worden beperkt indien noodzakelijk voor het algemeen belang in een democratische samenleving. Dat belang kan volgens de wet gelegen zijn in het tegengaan van de onevenwichtige en onrechtvaardige effecten van schaarste aan ‘goedkope’ woonruimte. Als hier aantoonbaar sprake van is kunnen gemeenten de verdelingsregels opstellen zoals nu gedaan is in deze huisvestingsverordening. Schaarste aan ‘goedkope’ woonruimte is aangetoond in het Woningmarktonderzoek gemeente Schagen d.d. 11 augustus 2023. Over dit onderzoek bent u via de Raadsinformatiememo Woningmarktonderzoek (nummer 101) op 8 november 2023 geïnformeerd en heeft u als bijlage bij deze memo ontvangen. Omdat het woningmarktonderzoek als bekend verondersteld wordt, is deze niet nogmaals als bijlage aan het raadsvoorstel toegevoegd.
Vraag 2
Heeft u bij de voorbereiding van de verordening overlegt met andere gemeenten uit de woningmarktregio?
Antwoord van het college
Door dit op elkaar af te stemmen gaan vergunningsstelsels niet te veel van elkaar verschillen. En door regionaal in overleg te blijven kan ook geïnventariseerd worden of invoering van een huisvestingsverordening leidt tot eventuele waterbedeffecten bij andere gemeenten in de regio. Antwoord: Ja, wij hebben de verordening afgestemd met onze woningmarktregio zowel bestuurlijk als ambtelijk. Ook hebben bij advies opgevraagd bij de provincie Noord-Holland. De provincie Noord-Holland heeft op 1 april 2025 schriftelijk haar positieve advies op de huisvestingsverordening gemeente Schagen bevestigd.
Vraag 3
Zoals het voorstel het zelf al zegt: ‘We opereren onder de aanname dat de Wet Versterking Regie op de Volkshuisvesting (WVRV) van kracht wordt.’. Welke regels in deze verordening zijn voor bezwaar en beroep vatbaar zolang genoemde wet niet van kracht wordt?
Antwoord van het college
De grondslag voor de huisvestingsverordening ligt in de Huisvestingswet. De Huisvestingswet geeft de gemeenteraad bevoegdheden om met een huisvestingsverordening regels op te stellen tot het in gebruik nemen of geven van woonruimte (artikel 4 Huisvestingswet). De beslissing van burgemeester en wethouders op de aanvraag om een huisvestingsvergunning, de huisvestingsindicatie en de urgentieverklaring zijn vatbaar voor bezwaar en beroep. De Wet Versterking Regie op de Volkshuisvesting geeft aan gemeenten vooralsnog de verplichting om een huisvestingsverordening op te stellen waarin urgentieregels opgenomen zijn. Aan deze verplichting hebben wij op voorhand voldaan.
Vraag 4
In de stukken staat: ‘Verhuur van sociale nieuwbouw huurwoningen door particuliere verhuurders (waar we geen prestatieafspraken mee hebben) wordt met deze regel verminderd’. Is dit wat u wenst?
Antwoord van het college
Zo ja, waarom is dat uw wens? En kunt u specifieke aantallen noemen van het aantal woningen dat niet langer op deze wijze verhuurd wordt? Antwoord: Nee, dit is niet wat wij wensen. Het is niet onze wens om het aantal woningen dat door particuliere verhuurders verhuurd wordt te verminderen. Het is wel onze wens om dat de juiste woningzoekende (eventueel met voorrang) een passende woning toegewezen krijgt ongeacht wie de verhuurder is. Het invoeren van de regels in de huisvestingsverordening zou er wel toe kunnen leiden dat verhuurders besluiten om hun sociale woningvoorraad te verkopen of aan te passen naar dure huur. Of dit ook daadwerkelijk gaat gebeuren, is op voorhand niet te zeggen.
Vraag 5
In de stukken staat: ‘In geval van een sociale koopwoning worden afspraken vastgelegd in een koopakte. De notaris kan de afspraken controleren. De gemeente kan steekproefsgewijs aan de hand van BRP-mutaties een nieuwe huurder of koper checken.’ Dit impliceert dat de gemeente aan de notaris voorschrijft om het inkomen van een koper te toetsen aan de huisvestingsverordening. Is dat juist?
Antwoord van het college
Zo ja, waarom legt de gemeente deze extra handeling aan de notaris op? Zo nee, kan de gemeente een procedure hanteren die deze handeling bij de notaris wegneemt? Antwoord: Nee, dit is niet juist. De tekst die wordt aangehaald heeft betrekking op handhaving van regels uit de doelgroepenverordening en niet de huisvestingsverordening. De doelgroepenverordening is in december 2023 door uw raad vastgesteld. In de doelgroepenverordening is de zelfbewoningsplicht opgenomen voor sociale koopwoningen. Voorafgaand aan de verkoop of aankoop van de sociale koopwoning wordt door de verkoper en de koper gecontroleerd of voldaan wordt aan de eisen om een sociale koopwoning te kunnen kopen en te kunnen bewonen. Immers de doelgroepenverordening legt de verplichting op dat de koper zelf in de woning moet gaan wonen. De huisvestingsverordening regelt dat de koper de woning niet in gebruik mag nemen of geven zonder huisvestingsvergunning. Met de invoering van de huisvestingsverordening is het verboden om een sociale nieuwbouw koopwoning in gebruik te geven of te nemen zonder een huisvestingsvergunning. Deze huisvestingsvergunning wordt aangevraagd bij de gemeente. De beoordeling van de stukken die bij de aanvraag om een huisvestingsvergunning aangeleverd moeten worden, wordt dus gedaan door de gemeente of eventueel via een mandaatregeling door de woningcorporatie.
Vraag 6
Kan de wethouder duidelijkheid geven over wie de vergunning moet aanvragen: de woningzoekende of de verhuurder?
Antwoord van het college
Op wie worden de kosten verhaald? Antwoord: De vergunning kan worden aangevraagd door de woningzoekende of namens de woningzoekende door de woningverhuurder. De kosten komen voor rekening van de woningzoekende.
Vraag 7
Moeten (particuliere) verhuurders een inschrijfsysteem en allerlei extra administratie voeren, ook als zij daar op dit moment niet op zijn ingericht?
Antwoord van het college
Hoe ziet het college dat voor zich? Antwoord: Woningcorporaties hebben een inschrijfsysteem waar zij mee werken. Dat is Woonmatch. Via woonmatch is de toewijzing van woningen ook ingeregeld. Voor hen komt er daarmee geen extra administratie. De particuliere verhuurders die wij gesproken hebben, hanteren een zelf opgezet inschrijfsysteem en toewijzing. In de huisvestingsverordening is het mogelijk gemaakt dat elke verhuurder in beginsel een eigen aanbodinstrument – bijvoorbeeld een website - kan hebben waarop de woonruimte wordt aangeboden. Daarnaast kunnen verhuurders een eigen inschrijfsysteem hebben voor woningzoekenden. Dat biedt particuliere verhuurders vrijheid om een voor hen passend systeem te kiezen.
Vraag 8
Welke gegevens moeten (particuliere) verhuurders aanleveren, en mag dat binnen het kader van de AVG-wet?
Antwoord van het college
De woningzoekende of de verhuurder namens de woningzoekende levert stukken aan voor de aanvraag om een huisvestingsvergunning. De informatie die bij de aanvraag aangeleverd moet worden staat in artikel 8 van de huisvestingsverordening opgesomd. Het is mogelijk toestemming aan de persoon te vragen voor het verwerken van persoonsgegevens om wie het gaat. Daarnaast is het verwerken van persoonsgegevens noodzakelijk omdat artikel 10 van de Huisvestingswet voorschrijft welke woningzoekenden slechts voor een huisvestingsvergunning in aanmerking komen. Om te controleren of de woningzoekende aan deze vereisten voldoet, is het aanleveren van gegevens nodig. Daarnaast is het noodzakelijk om persoonsgegevens te verwerken om een overeenkomst uit te voeren. Het is immers verboden om zonder huisvestingsvergunning een woning in gebruik te nemen of te geven. Daarmee voldoet het aan grondslagen AVG om persoonsgegevens te verwerken.
Vraag 9
Hoe wil de gemeente omgaan met een huurvergunning voor arbeidsmigranten?
Antwoord van het college
Als arbeidsmigranten aan de voorwaarden van de huisvestingsvergunning voldoen en zij willen een sociale- of middeldure huurwoning huren of een nieuwbouw sociale koopwoning kopen, dan kunnen zij een huisvestingsvergunning aanvragen. Als het gaat om een uitgesloten woonruimte die de arbeidsmigrant wil huren zoals is aangegeven in artikel 2 lid 2 van de huisvestingsverordening, zoals bijvoorbeeld een onzelfstandige woonruimte of woonruimte in een complex voor een woongroep, dan geldt daar geen huisvestingsvergunningplicht voor.
Bekijk de brief: Beantwoording vragen VVD - huisvestingsverordening DEF
Bron: raadsinformatie van de gemeente Schagen (Open Raadsinformatie). De vragen en antwoorden zijn automatisch uit de brief gelezen; het origineel is leidend.