10 februari 2026 · artikel 35-vragen · gemeente Stichtse Vecht

DEF Beantwoording raadsvragen SSV lokale toegang en GR Utrecht West.pdf

Een raadslid stelde op 10 februari 2026 schriftelijke vragen aan het college van burgemeester en wethouders van Stichtse Vecht (1 vragen).

In het kort

1 vragen en wat het college antwoordt

  • Vaststellen verordening Wmo en Jeugd (verwacht in Q4 2026) (NB op basis van regionaal afgestemde regels m.b.t. maatwerkvoorzieningen, deze worden in de lokale… → We willen zeker leren van het verleden, met inachtneming van nieuwe wet- en regelgeving en landelijke akkoorden, die mede richtinggevend zijn voor de toekomstbestendige inrichting van het…

Overgenomen uit de brief van het college; hieronder staan de volledige vragen en antwoorden.

Aanleiding

Beantwoording technische raadsvragen, ter voorbereiding van het woordvoerdersoverleg Technische vragen gesteld door Riette Habes van Samen Stichtse Vecht, samen met CDA, ChristenUnie -SGP, PvdA, D24, Groenlinks en Streekbelangen.

Technische vraag 1: Welke lokale visie we hebben op jeugdzorg?

Antwoord:

De lokale visie op jeugdzorg is vastgelegd in het Integraal Beleidskader Sociaal Domein.

Deze sluit aan bij de Regiovisie jeugdhulp en Wmo, die uw raad op 1 april jl. heeft vastgesteld.

Technische vraag 2: Gaan we voor de juiste kwaliteit of is de insteek kosten gedreven?

Antwoord:

We gaan voor kwalitatief goede zorg aan onze inwoners met aandacht voor financiële beheersbaarheid en een toekomstbestendige organisatie.

Technische vraag 3: Welke rol en positie heeft de gemeenteraad in het gehele proces, zowel lokaal als regionaal?

Antwoord:

De raad heeft op de verschillende onderwerpen de bevoegdheid om de kaders vast te stellen. Hierbij wordt in ieder geval voor de volgende onderwerpen een raadsbesluit voorbereid:

Vragen en antwoorden

Vraag 1

Vaststellen verordening Wmo en Jeugd (verwacht in Q4 2026) (NB op basis van regionaal afgestemde regels m.b.t. maatwerkvoorzieningen, deze worden in de lokale Verordening opgenomen) Technische vraag 4: Willen we leren uit het verleden?

Antwoord van het college

We willen zeker leren van het verleden, met inachtneming van nieuwe wet- en regelgeving en landelijke akkoorden, die mede richtinggevend zijn voor de toekomstbestendige inrichting van het sociaal domein. Ook zijn ervaringen opgehaald bij verschillende andere gemeenten voor de inrichting van hun sterke lokale teams, zoals Montfoort, Zeist en Nieuwegein.

Technische vraag 5: En welke lessen zijn daaruit te trekken.

Antwoord:

Voor de toegang zijn er verschillende lessen getrokken vanuit de afgelopen jaren, zoals:

- Het is verstandig om de toegang dichterbij te organiseren dan nu het geval is, voor meer grip en sturing op zowel kwaliteit van dienstverlening als op kostenontwikkeling en vraagontwikkeling.

- Het is van belang om stevig in te zetten op het versterken van de sociale en pedagogische basis, zodat niet alle vragen van inwoners via de toegang hoeven te worden afgehandeld en de snelle inzet van passende zorg niet wordt belemmerd.

Technische vraag 6: Bijvoorbeeld lessen over hulpverlening in combinatie met ambtseed?

Antwoord:

Medewerkers van de gemeente leggen een ambtseed af. Deze ambtseed is recent aangepast, waarbij verduidelijkt is dat het morele oordeel van de medewerker zwaarwegend is. Bij situaties die je als medewerker toevallig tegenkomt die niet direct tot een gevaar voor inwoners leiden maak je een afweging waarbij de vertrouwensband met de inwoner voor gaat. Daarin kan bijvoorbeeld ook de privacywet (die wordt genoemd in de ambtseed) een rol spelen. De ondergrens daarbij is situaties met betrekking tot veiligheid, waar een meldplicht geldt.

Het idee achter de vernieuwde ambtseed is juist om medewerkers eigen verantwoordelijkheid te laten dragen voor hun keuzes en afwegingen. In de dagelijkse praktijk betekent dit: de professional bouwt een vertrouwensrelatie op, verkent samen met het gezin, de inwoner welke ondersteuning nodig is, en legt vanaf het begin helder uit welke rol hij/zij heeft. Als er signalen zijn van onveiligheid of (bewust) misbruik (bijvoorbeeld structurele fraude of het in gevaar brengen van een kind), dan vraagt zowel de beroepscode als de ambtseed om daar niet van weg te kijken, maar dit zorgvuldig, proportioneel en via de juiste route te melden.

Technische vraag 7: En lessen uit de adviezen uit diverse rekenkamerrapporten?

Antwoord:

Bij uw vragen is een Rekenkamerrapport uit 2016 meegestuurd. Sinds de publicatie van dit rapport bijna tien jaar geleden hebben er verschillende maatschappelijke ontwikkelingen plaatsgevonden, zoals de Covid pandemie, de oorlog in Oekraïne en bijkomende prijsstijgingen. Desondanks is er de afgelopen jaren op verschillende manieren gewerkt aan de adviezen uit dit Rekenkamerrapport. Zo is er een Integraal Beleidskader Sociaal Domein met bijbehorende uitvoeringsagenda opgesteld en wordt er momenteel extra ingezet op de versterking van de sociale basis vanuit de Bestuursopdracht. Ook is in de P&C cyclus een proces gelopen voor het verbinden van de beleidsdoelen en monitoring op effecten.

Technische vraag 8: Is er advies ingewonnen bij de adviesraad sociaal domein?

Antwoord:

Ter voorbereiding op het collegebesluit om de toegang tot jeugdhulp en Wmo-begeleiding in te besteden, is de Adviesraad Sociaal Domein (ASD) op meerdere momenten bijgepraat. In die gesprekken heeft de ASD haar reactie en input kunnen geven. Daarnaast heeft de ASD n.a.v. het collegebesluit een ongevraagd advies uitgebracht aan het college. De wethouder is persoonlijk met ze in gesprek gegaan over de aanbevelingen in het advies. De reactie van het college wordt in de week van 10 november verstuurd. De Adviesraad plaatst haar adviezen plus reactiematrix op haar website.

Technische vraag 9: Is daar een reactiematrix van het college op beschikbaar?

Antwoord:

Zie antwoord op vraag 8.

Technische vraag 10: Is er advies ingewonnen bij partners uit de sociale basis?

Antwoord:

Voorafgaand aan het collegebesluit is het nieuwe toegangsmodel getoetst bij de VIApartners.

Technische vraag 11: Is er advies ingewonnen bij de eerstelijns zorg?

Antwoord:

Op dit specifieke besluit is er geen advies ingewonnen bij de eerstelijns zorg. Wel hebben er de afgelopen jaren veel gesprekken plaatsgevonden over de samenwerking met TIM SV en zijn hieruit verbeterpunten naar voren gekomen voor de inrichting van de toegang. Deze zijn meegenomen in de totstandkoming van het advies en worden ook betrokken bij

de verdere implementatie voor de nieuwe organisatie van de toegang. Evenals landelijke en regionale ontwikkelingen om het medisch en sociaal domein beter aan elkaar te verbinden.

Technische vraag 12: Welk budget zal er straks toebedeeld worden aan de sociale basis (voorveld, wijkteam) en welk deel aan specialistische zorg?

Antwoord:

We gaan ervan uit dat in deze vraag wordt bedoeld hoe het huidige budget voor TIM SV vanaf 1 januari 2027 wordt verdeeld over de regionale inkoop, gemeentelijke toegang en VIA en voorveldpartijen en de GR. Dat is nu nog niet duidelijk. In de Kaderbrief 2027 wordt op basis van de dan actuele inzichten een verdeling voorgesteld aan uw raad.

Technische vraag 13: Welk aandeel / perceel jeugd gaat naar regionaal en bovenregionaal en welk deel blijft lokaal, dit i.v.m. grip?

Antwoord:

Dat hangt samen met welke onderdelen worden meegenomen in de regionale inkoop jeugd.

Uitgangspunt voor de inkoop van 2027 is dat er zorgcontinuïteit en een passend aanbod is voor het huidige klantenbestand van TIM SV.

Technische vraag 14: Waarom is er voor dit model toegang gekozen?

Antwoord:

Zie rapport Berenschot, de Raadsinformatiebrief bij het collegebesluit (d.d. 17 juli 2025) en de presentatie tijdens de informatieve commissie van 23 september 2025.

Technische vraag 15: Wat zijn de argumenten, anders dan het onderzoek Berenschot, op basis van data-analyse en klantervaringsonderzoeken?

Antwoord:

Een belangrijk argument is dat we, vanwege de Wet verbetering beschikbaarheid Jeugdzorg, per 1 januari 2027 niet verder kunnen met de opdracht van TIM SV.

Aanvullend trekken we een aantal lessen uit de huidige opdracht. Zo zien we lange wachtlijsten bij TIM SV en de onvrede hierover in de klantervaringsonderzoeken die bij TIM SV die zijn uitgevoerd.

We constateren ook dat veel informatie en adviesvragen, die nu direct bij de frontoffice van TIM SV gesteld worden, passender beantwoorden kunnen worden door partijen (VIA) in het voorveld. Dit veroorzaakt een hoge caseload, werkdruk en bijkomend ziekteverzuim bij het wijkteam van TIM SV. We zien ook dat het wijkteam de afgelopen jaren veel lichte begeleiding heeft opgepakt en daardoor niet toekwam aan de intensievere begeleidingsvragen die daardoor uitbesteed worden bij onderaannemers.

Deze en andere punten uit de analyse van de opdracht aan TIM SV zijn de afgelopen jaren in verschillende informatieve commissies over TIM SV aan u toegelicht, inclusief de bijkomende beheersmaatregelen die genomen zijn. Deze analyse heeft o.a. geleid tot de Bestuursopdracht voorveld en de ontwikkeling van VIA. Ook volgt uit deze analyse nu de keuze om de toegang intern te positioneren en de lichte begeleiding voorliggend te organiseren. Daardoor kunnen de verschillende rollen en taken meer gescheiden worden opgepakt en bevorderen we de doorstroom van klanten.

Technische vraag 16: Hoe gaat inkoop van hulpsoorten aansluiten bij de uitgangspunten van bijv. normalisatie en context/gezin centraal? (voorbeeld, een van de consortiapartners van TIMS SV is Mentaal Beter, dit is een organisatie die DSM classificatie gedreven is https://mentaalbeter.nl/over-ons/uitsluitingscriteria/exclusiecriteria-kind-en-jeugd-4-18jaar) Antwoord:

Zie hiervoor de door uw raad vastgestelde Regiovisie Jeugdhulp en Wmo. Deze is leidend voor het formuleren van de inkoopdoelstellingen en de opdracht aan aanbieders.

Aanvullend is het aan de gemeente om lokaal samen met verwijzers en voorveld te zorgen voor voldoende opvoedondersteuning en een passend en collectief aanbod aan opvoeders en kinderen. “Nee, durven zeggen” tegen onnodige diagnostiekaanvragen en goede afspraken met huisartsen en onderwijs over het verwijzen naar diagnostiek, is hierbij ook een belangrijk lokale opdracht.

Technische vraag 17: Zorgen die vanuit de fracties leven rondom implementatie-; organisatie- en frictiekosten en hoe zich deze verhouden tot welk deel van de euro er feitelijk gaat naar passende en goede zorg?

Antwoord:

Het implementatiebudget van 1,8 mln. is bedoeld voor het opzetten van de nieuwe organisatie en het uitvoeren van activiteiten zoals toegelicht in de informatieve commissie van 23 september jl. Dit budget staat los van de kosten voor de zorg aan onze inwoners.

Technische vraag 18: Welke input en sturing heeft de raad? En op welke wijze kan ze haar controlerende taak vervullen? denk aan inbesteden versus uitbesteden? denk aan inkoopcriteria? denk aan de bevoegdheid verordeningen vast te stellen m.n. bij de GR Antwoord:

Zie het antwoord op vraag 3 over de rol van de raad en de raadsbesluiten die in het komende jaar worden voorgelegd. Inkoop en aanbesteden is een collegebevoegdheid.

Technische vraag 19: Op welke wijze is / gaat de kaderstellende en controlerende rol van de raad worden geborgd? Welk instrument is hiervoor beschikbaar, sinds het afschaffen van de monitor sociaal domein?

Antwoord:

Via de beleidsdocumenten die u heeft vastgesteld (zie vraag 1), de begrotingscyclus en specifiek voor de GR UW met het inbrengen van zienswijzes.

Bekijk de brief: DEF Beantwoording raadsvragen SSV lokale toegang en GR Utrecht West.pdf

Bron: raadsinformatie van de gemeente Stichtse Vecht (Open Raadsinformatie). De vragen en antwoorden zijn automatisch uit de brief gelezen; het origineel is leidend.

Meer vragen aan het college van Stichtse Vecht

Alle artikel 35-vragen in Stichtse Vecht