vragen fractie GroenLinks-PvdA.pdf
Een raadslid stelde op 9 juni 2026 schriftelijke vragen aan het college van burgemeester en wethouders van Stichtse Vecht.
Brief van het college
Deze brief is niet in losse vragen en antwoorden uit te lezen. Hieronder staat de tekst; het origineel staat via de link.
Beantwoording vragen fractie GroenLinks-PvdA Vraag 1 Waar ligt straks de grens tussen welzijn, begeleiding en zorg binnen gesubsidieerde activiteiten? Wij vrezen dat Welzijn en Zorg nu een beetje in elkaar overlopen, terwijl daar toch wel degelijk verschil in zit? Zijn daar kaders voor?
Antwoord Wij herkennen dat welzijn, begeleiding en zorg in de praktijk soms dicht tegen elkaar aan liggen. Maar er is wel degelijk een verschil. Welzijnsactiviteiten worden uitgevoerd door het voorveld en zijn gericht op preventie, participatie, ontmoeting, het versterken van zelfredzaamheid en het vroegtijdig signaleren van problemen. Individuele begeleiding en zorg vallen in de categorie maatwerkvoorzieningen. De inzet van deze voorzieningen vragen om individueel onderzoek, beoordeling en besluitvorming binnen de daarvoor geldende wettelijke kaders (Wmo en Jeugdwet) en onze verordening Wmo en Jeugdhulp en bijbehorende beleidsregels. Maatwerkvoorzieningen worden niet uitgevoerd door het voorveld, maar kopen we regionaal in.
Vraag 2 Welke kwaliteitseisen stelt de gemeente aan gesubsidieerde organisaties die vrijwilligers inzetten voor coaching, begeleiding of signalering bij kwetsbare inwoners? Zijn daar kaders over vastgelegd?
Antwoord Ja, de kaders liggen vast in het subsidiebeleid en de ASV en worden concreet uitgewerkt in de subsidieregelingen. Waar nodig worden aanvullende voorwaarden opgenomen in de subsidiebeschikking.
Daarbij wordt onder meer gekeken naar de uitvoerbaarheid van de activiteit, de deskundigheid van vrijwilligers of medewerkers, duidelijke taakafbakening, de wijze waarop ondersteuning wordt geboden, afspraken over signalering en doorverwijzing, samenwerking met professionele partners en monitoring. Deze voorwaarden en kwaliteitseisen worden proportioneel toegepast en zijn afhankelijk van de aard, omvang en risico’s van de activiteit en van de doelgroep waarvoor de activiteit wordt uitgevoerd.
Vraag 3 Wie is inhoudelijk en juridisch eindverantwoordelijk/aansprakelijk als een vrijwilliger in zo’n traject signalen mist, verkeerde begeleiding biedt of te laat opschaalt? Coaching en begeleiding van inwoners, jeugd, kwetsbare inwoners of ouderen, raken aan zorg en veiligheid; Welke deskundigheidseisen gelden daarbij; Hoe en wanneer wordt opgeschaald naar professionele zorg? Zijn daar afspraken en criteria voor vastgelegd?
Antwoord De subsidieontvanger is verantwoordelijk voor een zorgvuldige en verantwoorde uitvoering van de gesubsidieerde activiteiten. Daaronder vallen ook de inzet van vrijwilligers of medewerkers, de wijze waarop ondersteuning wordt geboden en het handelen volgens de geldende voorwaarden en afspraken over signalering, doorverwijzing en opschaling.
De gemeente is verantwoordelijk voor het stellen van voorwaarden, het beoordelen van aanvragen, het verlenen en vaststellen van subsidies en het monitoren van de naleving daarvan. Dit gebeurt binnen de geldende wettelijke en gemeentelijke kaders, waaronder de ASV, het subsidiebeleid, de subsidieregelingen en de subsidiebeschikkingen. De uitvoeringsverantwoordelijkheid blijft bij de subsidieontvanger. Via monitoring en subsidieverantwoording ziet de gemeente toe op de naleving van de gemaakte afspraken.
Welke voorwaarden voor deskundigheid gelden, hangt af van de aard, omvang en risico’s van de activiteit en van de doelgroep waarvoor de activiteit wordt uitgevoerd. Opschaling naar professionele ondersteuning is aan de orde wanneer de hulpvraag de rol van het voorveld overstijgt, specialistische deskundigheid nodig is of sprake is van zorgen over veiligheid. De juridische aansprakelijkheid bij een concreet incident moet per situatie worden beoordeeld.
Vraag 4 Wordt bij elke subsidieregeling expliciet getoetst of subsidie wel het juiste instrument is, of dat inkoop/aanbesteding passender is vanwege kwaliteitsborging en gemeentelijke verantwoordelijkheid? En dan met name in de subsidietoekenning aan de welzijnsorganisaties, niet de kleinere subsidies aan kleine initiatieven. En zijn de overwegingen van het college hierbij inzichtelijk voor de raad?
Antwoord Ja, in het subsidiebeleid is opgenomen wanneer subsidie of inkoop als voorkeursinstrument wordt ingezet. Bij de ontwikkeling van subsidieregelingen wordt beoordeeld of subsidie het passende instrument is, of dat inkoop passender is. Dit geldt ook bij subsidieregelingen voor welzijnsorganisaties. De kaders voor deze afweging zijn onderdeel van het voorliggende subsidiebeleid en daarmee inzichtelijk voor de raad.
Vraag 5 Welke concrete criteria gebruikt het college om te beoordelen of een partij voldoende professionele capaciteit heeft, zoals genoemd in artikel 12 van de ASV?
Antwoord Bij de beoordeling wordt gekeken of de aanvrager in staat is om de gesubsidieerde activiteit zorgvuldig en verantwoord uit te voeren. De concrete criteria worden per subsidieregeling uitgewerkt en hangen af van de aard en omvang van de activiteit. Daarbij kan onder meer worden gekeken naar ervaring en deskundigheid, beschikbare inzet, uitvoerbaarheid en organisatorische en financiële stabiliteit.
De beoordeling vindt plaats op basis van het subsidiebeleid, de ASV, de betreffende subsidieregeling, de aanvraag en de daarbij aangeleverde stukken. De criteria worden proportioneel toegepast.
Vraag 6a De te subsidiëren taken zijn belangrijk en moeten zorgvuldig worden uitgevoerd. Krijgt de raad de subsidieregelingen vóór vaststelling ter informatie/beoordeling? Omdat daarin de echte keuzes over doelen, bedragen, kwaliteit en toegang worden gemaakt?
Antwoord De raad stelt met het subsidiebeleid de kaders voor de inzet van het instrument subsidie vast; de ASV vormt het juridische kader. De subsidieregelingen zijn de concrete uitwerking daarvan en worden door het college vastgesteld. Zij worden niet ter beoordeling aan de raad voorgelegd.
In de subsidieregelingen worden onder meer doelen, voorwaarden, beoordelingscriteria en subsidieplafonds uitgewerkt. Deze uitwerking moet passen binnen het door de raad vast te stellen subsidiebeleid, de ASV, de relevante inhoudelijke beleidskaders, zoals het Integraal Beleidskader Sociaal Domein, en het financiële kader.
Na vaststelling door het college kunnen de subsidieregelingen ter informatie met de raad worden gedeeld.
Vraag 6b En hoe voorkomt het college dat structurele subsidierelaties met partijen zoals Momenz feitelijk een gesloten systeem worden waarin inwonersinitiatieven of andere aanbieders nauwelijks nog toegang krijgen en ook de raad geen mogelijkheid meer heeft om bij te sturen?
Antwoord Het subsidiebeleid en de subsidieregelingen zijn gericht op transparantie en een open en navolgbare verdeling van middelen. Subsidieregelingen worden openbaar gepubliceerd en bevatten vooraf vastgestelde voorwaarden, beoordelingscriteria, verdelingsregels en subsidieplafonds. Ook bestaande subsidiepartners moeten aan deze voorwaarden en criteria voldoen; aanvragen worden beoordeeld op basis van de inhoudelijke bijdrage aan de doelen van de regeling en de vooraf vastgestelde criteria.
De raad houdt grip via het vaststellen van het subsidiebeleid, de ASV, relevante inhoudelijke beleidskaders en de begroting. Daarnaast wordt de raad via de reguliere planning en control cyclus en waar nodig via aanvullende informatievoorziening geïnformeerd over de voortgang en effecten, zodat kan worden beoordeeld of bijsturing nodig is.
Vraag 6c Zijn er uitgewerkte overzichten per grote subsidiepartner: bedrag, looptijd, wettelijke/beleidsmatige taak, type activiteit, inzet professionals/vrijwilligers, kwaliteitseisen, rapportage, verantwoordingsindicatoren en motivatie waarom subsidie is gekozen boven inkoop en zijn die voor de raad inzichtelijk?
Antwoord Er zijn op dit moment geen afzonderlijke totaaloverzichten per grote subsidiepartner waarin al deze onderdelen zijn samengebracht. De informatie is opgenomen in onder meer de subsidieregelingen, subsidieaanvragen, verleningsbeschikkingen, verantwoordingsinformatie, vaststellingsbeschikkingen en het openbare subsidieregister.
Het subsidieregister geeft inzicht in subsidieontvangers, verleende subsidiebedragen, omschrijving van activiteiten, subsidiecategorieën en subsidieplafonds.
Vraag 7 Hoe wordt het uitdaagrecht praktisch geborgd als middelen al meerjarig vastliggen bij bestaande subsidiepartners?
Antwoord Een initiatief dat gebruik maakt van het uitdaagrecht wordt beoordeeld volgens de kaders uit de participatieverordening en de betreffende subsidieregeling.
Meerjarige subsidierelaties kunnen nodig zijn voor continuïteit van voorzieningen.
Tegelijkertijd blijven ook deze subsidies gebonden aan de voorwaarden en criteria van de betreffende subsidieregeling en aan de beschikbare middelen. Via monitoring en evaluatie kan worden beoordeeld of er aanleiding is om bij te sturen, bijvoorbeeld wanneer nieuwe initiatieven zich aandienen.
Vraag 8 Voor sommige (preventieve) welzijnsactiviteiten die op dit moment worden geboden geldt dat ze niet geheel gratis zijn.…
Bekijk de brief: Beantwoording vragen fractie GroenLinks-PvdA.pdf
Bron: raadsinformatie van de gemeente Stichtse Vecht (Open Raadsinformatie). De vragen en antwoorden zijn automatisch uit de brief gelezen; het origineel is leidend.