20241011 Beantwoording vragen SBZ RT Tranistiestrategie
Een raadslid stelde op 3 oktober 2024 schriftelijke vragen aan het college van burgemeester en wethouders van Zeist.
Brief van het college
Deze brief is niet in losse vragen en antwoorden uit te lezen. Hieronder staat de tekst; het origineel staat via de link.
Reactie Stichting Beter Zeist d.d. 11 sept 2024 op Transitiestrategie omgevingsplan Zeist 2024 - Vragen en antwoorden Reactie Stichting Beter Zeist
Onderdeel Transitie strategie
Antwoord gemeente
2.1 Doel en strategie
In het ‘Plan van aanpak Implementatie Omgevingswet’ is vastgesteld dat we zowel gebiedsgericht als thematisch werken. In de basis gaan we het omgevingsplan gebiedsgericht opbouwen.
Daar komen onderwerpen bij die beter thematisch opgepakt kunnen worden. Het gaat dan vaak om regels die voor grotere delen van het grondgebied gelden dan een specifiek gebied.
Gebied en thema 1.
De strategie kiest voor een wisselwerking tussen gebied en thema. Geconstateerd wordt dat die aanpak tot ‘reparaties’ kan/zal leiden en dat samenhang tussen thema’s hier of daar verloren kan gaan. Niet ongebruikelijk is om in een uitvoeringsproject (hier dus: het concretiseren van één omgevingsplan) eerst alle beleid (Thema’s) samenhangend uit te werken, en daarna dat beleid successievelijk per deelgebied toe te passen.
Onze vraag is om wat concreter uit te leggen waarom dat hier niet de beste oplossing is.
Een aantal thema’s zijn al in beeld (bv. vanuit de lokale verordeningen) en andere thema's komen pas later in beeld (bv. vanuit de Omgevingsvisie 2050). 2.
Samenhang tussen gebied en thema.
Wanneer de aanpak niet wijzigt, zou het maken van een complete lijst van thema’s, inclusief de volgorde van behandeling een hulpmiddel kunnen zijn om samenhang te borgen.
Is het een idee om zo’n lijst met alle thema’s bij de Strategie te voegen?
Pagina 8, bijna onderaan, mogelijk nadeel
In de strategie zijn thema’s benoemd waarvan we op dit moment verwachten dat een vertaling naar het omgevingsplan wenselijk is.
Bijvoorbeeld Parkeren, Evenementen of Thema’s die voortvloeien uit de Omgevingsvisie 2050. In de toekomst kunnen daar nieuwe thema’s bijkomen, die we nu nog niet kunnen voorzien.
Wat betreft de volgorde van de thema's: we willen kunnen inspelen op de actualiteit.
3.
Komen de deelgebieden in grote lijn overeen met de grote (bestaande) gebiedsplannen?
Ze zijn duidelijk niet identiek, want bij 1
Pagina 9, 2.2, aantal
De huidige begrenzing van de 9 grote bestemmingsplannen vormt de basis voor de
voorbeeld het grote plan Austerlitz Zeisterbossen wordt gesplitst. Dat zou wellicht onhandig kunnen uitpakken.
Zouden ook die grote (bestaande) plannen de deelgebieden kunnen zijn van waaruit gebiedsgewijs wordt gewerkt? Zodat ook het buitengebied, met behoud van integraliteit, een apart werkgebied kan zijn?
gebiedsplan nen
gebieden waarmee we het omgevingsplan in delen gaan opbouwen. Op basis van een aantal aspecten hebben we bekeken waar aanpassing van de huidige plangebieden wenselijk is:
- Ruimtelijke samenhang tussen gebieden
- Eenheid van de opgave per deelgebied (bv. woonkernen niet opknippen)
- Omvang van de deelgebieden De grenzen van de deelgebieden zijn gekozen om te kunnen werken met ‘behapbare’ en samenhangende gebieden.
4.
Dat het integrale omgevingsplan één ondeelbaar geheel wordt, is duidelijk. Dat de gebiedsgrenzen werkgrenzen zijn ook.
Daarnaast geldt echter ook dat ieder deelgebied per apart raadsbesluit wordt vastgesteld.
Kan vaststellen met verschillende raadsbesluiten toch juridische verschillen veroorzaken?
Pagina 10, 2.2.2 juridische status gebiedsgren zen
Op dit moment kennen we ook juridische verschillen tussen bestemmingsplannen.
Bijvoorbeeld in begripsbepalingen. De bestaande regels zijn uitgangspunt voor het omgevingsplan. De verschillen zullen niet meer zijn dan in de huidige situatie het geval is.
Met het omgevingsplan streven we juist naar het opheffen van verschillen, tenzij expliciet voor maatwerk wordt gekozen.
5.
Keuze 4, ad G, Tot aan de Krakeling.
Een tekstuele vraag:
Begrijpen wij goed dat hier, net als bij H, bedoeld wordt ‘tot aan de Krakeling en de Woudenbergseweg’?
In ieder geval lijkt er bij G en/of H iets anders te staan dan we op de kaartbijlage zien.
Pagina 11, keuze 4
Het kaartbeeld is leidend voor de voorgestelde globale begrenzing van de deelgebieden. In de startnotitie voor elk deelgebied wordt de begrenzing exact bepaald en beschreven.
Pagina 5, 1.1
Vastgesteld uitgangspunt in Plan van aanpak:
Dynamiek 6.
De Strategie is een dynamisch document.
Wijzigingen in de Strategie komen, nemen wij aan, ook weer via de Raad tot stand? Met bijbehorende informatie en participatie?
2
De raad ontvangt jaarlijks een raadsvoorstel om over de
voortgang van het plan van aanpak en de implementatie van de Omgevingswet in zijn geheel te besluiten en om indien nodig de uitgangspunten bij te stellen.
Over het jaarlijkse raadsvoorstel wordt op de gebruikelijke manier gecommuniceerd / geïnformeerd. 7.
Een vraag vanwege het dynamisch karakter van het omgevingsplan.
Is het centrale systeem in staat om, net als wetten.overheid.nl, per ieder moment, ook in het verleden, exact alle op dat moment geldende regels te (re)produceren?
nvt
Het Digitaal Stelsel Omgevingswet biedt de mogelijkheid voor het zogenaamde tijdreizen in de regels van het omgevingsplan.
Daarmee kan teruggegaan worden tot aan 01 januari 2024 (datum invoering Omgevingswet).
Voor die datum was er sprake van bestemmingsplannen en het platform www.ruimtelijkeplannen.nl bood niet de mogelijkheid voor het zogenaamde tijdreizen.
Rol van de gemeente 8.
De ‘rol’ van de gemeente wordt duidelijk in de Omgevingsvisie 2050.
Zou je er ook naar kunnen streven dit zeer beleidsrijke punt (de rol) al definitief te maken vóórdat het uitvoerende werk (gebieden) start? Samen met de vierkante meter bijvoorbeeld?
Pagina 6, 1.3, de rol van de gemeente
Zoals in de strategie beschreven komt dit onderdeel eerst aan bod in de omgevingsvisie, waarin de strategische hoofdkeuzes voor de fysieke leefomgeving worden gemaakt. In het omgevingsplan volgt dan de verdere doorwerking.
Daarnaast gaan we al op korte termijn aan de slag met de deelgebieden. Parallel daaraan loopt het proces van de omgevingsvisie, waarin de hoofdlijnen van de ‘rol’ van de gemeente wordt opgepakt.
Regie voeren
3
9.
Enkele malen lezen we in de Strategie de uitdrukking ‘we voeren regie’. De wisselwerking tussen Omgevingsvisie en integraal omgevingsplan lijkt ons inderdaad van groot belang.
Het zou prettig zijn als iets duidelijker wordt uitgelegd wat ‘regie voeren’ hier precies betekent.
Pagina 7, boven Keuze 2
Om de samenhang tussen visie en plan te waarborgen houden beide projectleiders continu en gezamenlijk de onderlinge samenhang tussen visie en plan in de gaten. Zowel op proces als ook op inhoud.
In de startnotitie voor elk deelgebied is de samenhang/verbinding met de omgevingsvisie een vast onderdeel.
Proces 10.
Het voorstel is om in 2025 te starten met 2 deelgebieden, ieder met een doorlooptijd van 2 jaar. Dat betekent dat deze deelgebieden afgerond worden eind 2026 en medio 2027.
Is het verstandig om nu al vast te leggen dat de vaststelling van de eerste deelgebieden, ook al zouden ze eerder gereed zijn, zal wachten tot de na de goedkeuring van de Twezo?
Pagina 12, 2.2.3, 3e alinea, vanaf 2025
Bij elke fase in het proces van het omgevingsplan houden we de samenhang met de omgevingsvisie in de gaten. We bekijken wat dat betekent voor het proces en de planning van de deelgebieden. We spelen dus iedere keer in op de actuele stand van zaken.
11.
De vierkante meter wordt vastgesteld per raadsbesluit met de formele participatie die daarbij hoort.
Is het denkbaar om vooruitlopend op de formele behandeling samen een consultatierondje te doen? Samen leren?
Pagina 21, keuze 10
Vastgesteld uitgangspunt Plan van aanpak:
Bij het uitwerken van de hoofdstructuur (via vierkante meter) vindt geen participatie plaats.
Het is wel mogelijk zienswijzen in te dienen op het ontwerpbesluit van de hoofdstructuur.
De hoofdstructuur van het omgevingsplan is een voorbereidend 'tussen’ product dat de basis vormt voor het eindproduct, namelijk het integrale omgevingsplan. De hoofdstructuur gaat nog niet over de vraag welke regels er straks voor een bepaald gebied of op perceelniveau gaan gelden.
4
12.
Een van de doelen van de Omgevingswet is om de omgevingsplannen makkelijker en beter toegankelijk te maken voor individuele burgers. Dat zijn straks de ‘consumenten’ voor wie ook het annoteren wordt ontwikkeld.
Is het denkbaar tijdens dit ontwikkelproces een soort consumentenpanel te laten meekijken?
Pagina 22, keuze 11, richtlijn annoteren
Om een ruimtelijk plan digitaal toegankelijk te maken, moeten we de planregels annoteren.
Annoteren is het toekennen van kenmerken aan planregels, om te zorgen dat het plan digitaal kan worden getoond.
Het annoteren gebeurt aan de hand van een landelijke technische standaard.
Bij het annoteren worden geen inhoudelijke keuzes gemaakt, want we baseren ons op de landelijke standaard.…
Bekijk de brief: 20241011 Beantwoording vragen SBZ RT Tranistiestrategie
Bron: raadsinformatie van de gemeente Zeist (Open Raadsinformatie). De vragen en antwoorden zijn automatisch uit de brief gelezen; het origineel is leidend.