9 juli 2024 · artikel 35-vragen · gemeente Zeist

Schriftelijke vragen fin stukken NDZ

Een raadslid stelde op 9 juli 2024 schriftelijke vragen aan het college van burgemeester en wethouders van Zeist (7 vragen).

In het kort

7 vragen en wat het college antwoordt

  • De jaarstukken vragen opnieuw aandacht voor het voorspellend vermogen van de begroting. → Antwoord Bij de Ronde Tafel van dinsdag 11 juni jl. en de Auditcommissie van 13 juni jl. is reeds aandacht besteed aan dit onderwerp.
  • Overigens wordt bij de vergelijking door de accountant uitgegaan van het werkelijke saldo van baten en lasten voor 2023 voor mutaties reserves (het operationeel… → Antwoord Tijdens de Auditcommissie van 13 juni jl. is reeds aandacht besteed aan dit onderwerp.
  • In het accountant verslag wordt een aantal vragen gesteld aan het college: hoe gaat de gemeente om met de druk op hun uitvoeringskracht en financiële mogelijkheden? → Welke oplossingen worden gezocht, welke acties zijn al ingezet en waar lopen ze tegenaan?
  • De voorgaande vraag anders gesteld: we zien ambities doorgeschoven, onder besteding, onder uitputting en doorgeschoven middelen. → Welke risico's zitten hier aan vast?
  • Overigens is het algemene beeld van de organisatie en uitvoering en de financiën ruim voldoende, een enkele keer wordt uitstekend genoemd. → Antwoord Hartelijk dank voor uw vraag.
  • Wat is de oorzaak van de sterk verlaagde belastingcapaciteit? → Hoe staat het college tegenover verhoging van de toeristenbelasting: in Houten is het tarief €6,70.
  • De BIGA heeft bijna 1 miljoen positief saldo opgeleverd, met een eigen vermogen van 13,5 miljoen ultimo '23. (Renteopbrengst van 109K). → Antwoord Door de AvA is besloten om het dividend over 2023 niet uit te keren maar in te zetten ten gunste van inwoners en ondernemers uit de vijf gemeenten. 8) De dividenduitkering aan…

Overgenomen uit de brief van het college; hieronder staan de volledige vragen en antwoorden.

Aanleiding

Datum vraag Datum beantwoording

: :

10 juni 2024 17 juni 2024

FORMULIER (BEANTWOORDING) RAADSVRAGEN Soort Vragensteller Onderwerp

: : :

Schriftelijk te beantwoorden Jan Bredius, NDZ Financiële stukken 2024 (Jaarrekening 2023, 1e Berap 2024 en Kadernota 2025)

Vragen en antwoorden

Vraag 1

De jaarstukken vragen opnieuw aandacht voor het voorspellend vermogen van de begroting. Welke maatregelen zijn er de afgelopen 3 jaar getroffen?

Antwoord van het college

Antwoord Bij de Ronde Tafel van dinsdag 11 juni jl. en de Auditcommissie van 13 juni jl. is reeds aandacht besteed aan dit onderwerp. Voor een uitgebreide toelichting wordt daar naar verwezen.

Samenvattend wordt er druk gewerkt aan het opstellen van diverse onderhoudsplannen om voor bijvoorbeeld het onderhoud van het vastgoed voorzieningen te treffen. Hiermee worden fluctuaties uit de begroting gehaald en dit vergroot het voorspellend vermogen. Ook voor wat betreft de legesinkomsten zijn processen aangescherpt vanuit het doel om tijdig een goed zicht te krijgen op ontwikkelingen. Ook met de diverse lijnen uit het programma Sociaal in Balans krijgen we steeds meer grip op de zorgkosten voor zowel de Jeugdzorg als de Wmo. In de jaarstukken van 2023 zien we bij het Wmo dan ook geen overschrijding van de budgetten meer.

Vraag 2

Overigens wordt bij de vergelijking door de accountant uitgegaan van het werkelijke saldo van baten en lasten voor 2023 voor mutaties reserves (het operationeel resultaat). Waarom?

Antwoord van het college

Antwoord Tijdens de Auditcommissie van 13 juni jl. is reeds aandacht besteed aan dit onderwerp. Voor een uitgebreide toelichting wordt daar naar verwezen.

Het komt er op neer dat de meest zuivere vergelijking is te maken wanneer de reserve mutaties buiten beschouwing worden gelaten. Iedere gemeente kent zijn eigen regels rondom reserves. De een stopt meer in de ‘potjes’, de ander laat meer staan in het resultaat van de jaarrekening. Om deze gemeentelijke uitzonderingen te filteren kijkt de accountant het liefst naar het operationeel resultaat, het resultaat voor de reserve mutaties.

Vraag 3

In het accountant verslag wordt een aantal vragen gesteld aan het college: hoe gaat de gemeente om met de druk op hun uitvoeringskracht en financiële mogelijkheden?

Antwoord van het college

Welke oplossingen worden gezocht, welke acties zijn al ingezet en waar lopen ze tegenaan? En wat is daarbij de rol van de gemeenteraad, het college en de organisatie?

Antwoord Het staat buiten kijf dat de arbeidsmarkt sinds de coronatijd sterk veranderd is. Dat is o.a. te zien aan de instroom en uitstroomcijfers van onze organisatie. Sinds 2024 zijn er al 150 vacatures geweest. En in vrijwel alle sectoren van de arbeidsmarkt zijn deze fluctuaties te zien. Dat betekent dat uitvoeringskracht onder druk komt te staan. Immers, veel nieuwe medewerkers zullen eerst de weg moeten zien te vinden in onze organisatie. Daarnaast zien we dat niet alleen vacatures wat langer openstaan, maar ook dat veel overheden met eenzelfde problematiek vissen in dezelfde deskundigenvijver. Daardoor is het van tijd tot tijd moeilijker om mensen met een specifieke kennis aan ons te binden. Voorbeelden hiervan zijn financiële of controlefuncties, functies in het domein van ruimtelijke ordening of specifieke functies bij beheer openbare ruimte (BOR). We zetten ons in onze organisatie in om dit knelpunt te verkleinen, door ons beleid "Vinden, Binden en Boeien" vorm te geven.

Met tal van activiteiten proberen wij de goede mensen (langer) aan ons te binden. 12 september a.s. zullen wij uw raad hier meer over vertellen tijdens een informatiebijeenkomst. Ook kijken we naar andere

mogelijkheden, die hun effect op de middellange en lange termijn hebben. Hierbij moet u denken aan meer samenwerking op regionaal of bovenregionaal niveau.

Deze problematiek is een complex vraagstuk. Dit heeft te maken met het feit dat er veel verwevenheid tussen onderwerpen aanwezig is. Het stoppen van activiteiten is daardoor niet zo eenvoudig. We zijn ons bewust dat bij het starten van nieuwe activiteiten de vraag opportuun is of we e.e.a. uitgevoerd krijgen. En met welke snelheid. De vanzelfsprekendheid zoals die voor de corona-tijd gold, is er niet meer.

In de Lange Termijn Planning (voorheen “bestuurlijke planning”, die we in het RIS publiceren) houden we bij, als de uitvoeringskracht ontoereikend is en dit gevolgen heeft voor de planning. Het college stimuleert het ingezette beleid en is met de directie in overleg over mogelijk- en onmogelijkheden. Deze worden dan met uw raad gedeeld in de hiervoor genoemde Lange Termijn Planning.

Vraag 4

De voorgaande vraag anders gesteld: we zien ambities doorgeschoven, onder besteding, onder uitputting en doorgeschoven middelen. Klopt het bedrag van €12,6 miljoen?

Antwoord van het college

Welke risico's zitten hier aan vast? Met name ‘Positieve gezondheid’ kent €2,8 miljoen voordeel. Kan het college de oorzaak toelichten?

Antwoord Het ‘operationele resultaat’, het resultaat voor reserve mutaties over 2023, zoals op pagina 7 van de jaarstukken 2023 weergegeven, is afgerond € 11 mln. Dit betreft een voordelig saldo en ontstaat enerzijds door hogere opbrengsten en anderzijds door onder uitputting van budgetten. Ten opzichte van de vastgestelde begroting die een tekort van € 4,1 mln. (voor reserve mutaties) liet zien is dit een voordelige afwijking van € 15,2 mln.

Op pagina 214 van de Jaarstukken 2023 is te zien dat € 6,15 mln. aan middelen via de Reserve Egalisatiesystematiek wordt doorgeschoven naar 2024. Het bedrag van € 12,6 mln. vanuit de vraag wordt niet herkend.

In programma 5, positieve gezondheid, zit inderdaad een voordelig verschil van 2,8 mln. ten opzichte van de vastgestelde begroting. Op pagina 67 van de jaarstukken 2023 is te zien dat dit voordeel ontstaat door enerzijds € 2,75 mln. aan lagere lasten en anderzijds € 20.000 aan meer inkomsten. Op pagina 68 en 69 worden de afwijkingen op de diverse onderdelen weergegeven waarna vervolgens de afwijkingen boven de € 100.000 individueel worden toegelicht.

Vraag 5

Overigens is het algemene beeld van de organisatie en uitvoering en de financiën ruim voldoende, een enkele keer wordt uitstekend genoemd. Hoe uit het college deze kwalificatie richting de organisatie?

Antwoord van het college

Antwoord Hartelijk dank voor uw vraag. Het college heeft veel respect voor de loyaliteit en werkkracht van de organisatie. Wij zijn een lerende organisatie. Er gaat veel goed en dat steken wij niet onder stoelen of banken en proberen de waarde "Nabijheid" veel vorm te geven en medewerkers te stimuleren en te complimenteren, daar waar het kan. Als zaken niet goed gaan of beter kunnen, dan gaan wij ook het gesprek aan in de organisatie vanuit het uitgangspunt van een lerende organisatie. De open en veilige cultuur is hierbij prettig.

Vraag 6

Wat is de oorzaak van de sterk verlaagde belastingcapaciteit?

Antwoord van het college

Hoe staat het college tegenover verhoging van de toeristenbelasting: in Houten is het tarief €6,70. Is Forenzen- en baatbelasting een instrument om een gelijkspeelveld te creëren voor onze inwoners?

Antwoord De belastingcapaciteit is afgenomen in 2023 naar 104% doordat in de jaarstukken het vergelijk gemaakt wordt tussen de werkelijke tarieven van dat jaar, afgezet tegen het landelijk gemiddelde van dat jaar. In de begroting zet je de begrote tarieven van het komend jaar altijd af tegen het landelijk gemiddelde van huidige jaar omdat er nog geen nieuwe cijfers beschikbaar zijn. In de begroting valt de belastingcapaciteit in de regel daardoor altijd hoger uit dan bij de jaarstukken.

Ten opzichte van 2022 is dit kengetal ook gedaald, dat wil zeggen dat onze tarieven in 2023 minder hard zijn gestegen dan het landelijk gemiddelde.

Met betrekking tot de toeristenbelasting; in de Kadernota 2025 is op pagina 44 aangegeven dat het college voornemens is de indexatie uit de Kadernota van 2,3% hierop, net als de overige tarieven, toe te passen. Het college heeft nog geen aanleiding hier van af te wijken.

Vraag 7

De BIGA heeft bijna 1 miljoen positief saldo opgeleverd, met een eigen vermogen van 13,5 miljoen ultimo '23. (Renteopbrengst van 109K). Er ontbreekt een Kadernota noch is er een toelichting van de accountant op de meerjaren verwachting, zonder welke de deze ontoereikend is gemotiveerd. Zeist heeft 50% aan aandelen. Waarom wordt (een deel) van de het resultaat niet als dividend uitgekeerd?

Antwoord van het college

Antwoord Door de AvA is besloten om het dividend over 2023 niet uit te keren maar in te zetten ten gunste van inwoners en ondernemers uit de vijf gemeenten. 8)

De dividenduitkering aan Zeist betreft 2019. Waarom is die uitkering niet eerder in de boeken opgenomen? Welke div. uitkeringen zijn aanstaande? Kan Zeist een uitkering uit de Agio tegemoet zien?

Door de Ava is besloten om het dividend over 2019 in tranches uit te keren waarvan de laatste tranche (€97.252) in 2024 wordt uitgekeerd. In het najaar wordt door Biga aan een concreet financieel beheerplan gewerkt waar het eigen vermogen in wordt meegenomen.

Bekijk de brief: Beantwoording Schriftelijke vragen fin stukken NDZ

Bron: raadsinformatie van de gemeente Zeist (Open Raadsinformatie). De vragen en antwoorden zijn automatisch uit de brief gelezen; het origineel is leidend.

Meer vragen aan het college van Zeist

Alle artikel 35-vragen in Zeist