schriftelijke vragen P&C Cyclus GroenLinks 2e ronde
Een raadslid stelde op 9 juli 2024 schriftelijke vragen aan het college van burgemeester en wethouders van Zeist (9 vragen).
In het kort
9 vragen en wat het college antwoordt
- Bij welke externe partij gaan we onze dienstverlening afnemen, cq. waar slaan we onze data op als we niet meer een eigen datacentrum onderhouden of aanschaffen? → Antwoord Op dit moment volgen we een aanbestedingsprocedure voor het nieuwe datacentrum.
- Wordt er bij aanbesteding samengewerkt met andere gemeentes of wordt er met verschillende klanten van dezelfde leverancier samengewerkt voor meer invloed op de kwaliteit? → Antwoord De aanbesteding doen we samen met de Gemeente Nieuwegein.
- Welke maatregelen worden getroffen om de veiligheid van de data te borgen bij het extern opslaan van bijvoorbeeld persoonsgegevens of gevoelige informatie in een… → Antwoord Privacy en informatieveiligheid zijn belangrijke onderdelen bij de opslag van data in de Cloud.
- Naast de IT kosten zelf zijn er ook specialisten nodig die met operational technology kunnen omgaan en met leveranciers aan tafel kunnen. → Antwoord Met de uitbesteding van het datacenter bereiden we ons voor op een verschuiving van rollen en functies.
- Inventarisatie kadernota onderdeel 4. informatieveiligheid. → Antwoord Op het moment van opstellen van de Kadernota was er nog geen zicht op een precies bedrag.
- Is er een specifieke reden om kunst en cultuur niet als belangrijke (voor)waarde mee te nemen voor een gezonde leefomgeving? → Antwoord Nee, gaat om focus en is niet als uitputtend te beschouwen.
- Hoe ziet het college de rol van kunst en cultuur in het algemeen binnen de Tweede Zeister Omgevingsvisie? → Antwoord Hoewel kunst en cultuur, naast erfgoed, niet expliciet in de Omgevingswet worden genoemd, biedt deze wet wel mogelijkheden en instrumenten om deze te integreren in ruimtelijke…
- Waar komen we op uit na die 3 jaar? → Is er daarna (mogelijk) nog steeds sprake van onbenutte belastingcapaciteit?
Overgenomen uit de brief van het college; hieronder staan de volledige vragen en antwoorden.
Aanleiding
3Datum vraag Datum beantwoording
: :
19 juni 2024 26 juni 2024
FORMULIER (BEANTWOORDING) RAADSVRAGEN Soort Vragensteller Onderwerp
: : :
Schriftelijk te beantwoorden Roel van Nieuwstadt, GroenLinks Financiële stukken 2024 (Jaarrekening 2023, 1e Berap 2024 en Kadernota 2025)
Kadernota p.25. Het hoge bedrag voor infrastructurele diensten valt op (463k per jaar t/m 2028).
Vragen en antwoorden
Vraag 1
Bij welke externe partij gaan we onze dienstverlening afnemen, cq. waar slaan we onze data op als we niet meer een eigen datacentrum onderhouden of aanschaffen?
Antwoord van het college
Antwoord Op dit moment volgen we een aanbestedingsprocedure voor het nieuwe datacentrum. Deze procedure doen we samen met de Gemeente Nieuwegein. Het nieuwe datacentrum wordt ondergebracht en onderhouden door de winnende inschrijver. De inschrijvers zijn Nederlandse partijen met datacentra binnen Nederland.
Vraag 2
Wordt er bij aanbesteding samengewerkt met andere gemeentes of wordt er met verschillende klanten van dezelfde leverancier samengewerkt voor meer invloed op de kwaliteit?
Antwoord van het college
Antwoord De aanbesteding doen we samen met de Gemeente Nieuwegein. Na gunning lopen we samen op, maar zijn wij een eigen entiteit met een eigen project- en uitvoerorganisatie. De inschrijvers van de aanbesteding zijn ook leverancier voor andere gemeenten.
Vraag 3
Welke maatregelen worden getroffen om de veiligheid van de data te borgen bij het extern opslaan van bijvoorbeeld persoonsgegevens of gevoelige informatie in een publieke cloudomgeving?
Antwoord van het college
Antwoord Privacy en informatieveiligheid zijn belangrijke onderdelen bij de opslag van data in de Cloud. We zullen gebruik maken van een Private IaaS omgeving, geen publieke Cloudomgeving. In de datacentra is de Cloudomgeving van de gemeente Zeist afgeschermd van andere gebruikers. Van de leverancier eisen wij de hoogste landelijke certificeringen die de kwaliteit hiervan borgen (Isae type 2, diverse ISO- en NEN-certificeringen). De gemeente geeft opdracht voor PEN-testen en andere audits. Wij volgen DPIAprocedures en sluiten verwerkersovereenkomsten af.
Vraag 4
Naast de IT kosten zelf zijn er ook specialisten nodig die met operational technology kunnen omgaan en met leveranciers aan tafel kunnen. Den Haag is een gemeente die zelf security specialisten opleidt omdat het moeilijk is geschikte mensen te vinden. Er wordt nu een half miljoen uitgetrokken voor de IT. Hoeveel middelen zijn er nodig voor de benodigde specialisten?
Antwoord van het college
Antwoord Met de uitbesteding van het datacenter bereiden we ons voor op een verschuiving van rollen en functies.
De leverancier zal rollen van ons overnemen. Binnen Zeist zullen er taken vervallen en taken bijkomen.
Rollen en functies zullen veranderen. Hoe dat er precies uitziet na de aanbesteding en het in gebruik nemen van de nieuwe omgeving, wordt in de komende periode verder vormgegeven.
Vraag 5
Inventarisatie kadernota onderdeel 4. informatieveiligheid. Hier staat een PM post. Op bladzijde 11 staat in de toelichting dat er Europese richtlijnen komen om de cyberbeveiliging en weerbaarheid te verbeteren. Ondanks dat de wetgeving landelijk nog niet is vastgesteld en de financiële gevolgen onduidelijk zijn loopt de gemeente risico (boete). Het Rekenkamer onderzoek naar informatieveiligheid maakt duidelijk dat de gemeente een tandje bij moet zetten. Kan hier in plaats van PM toch een bedrag gereserveerd worden?
Antwoord van het college
Antwoord Op het moment van opstellen van de Kadernota was er nog geen zicht op een precies bedrag. Gezien het onderwerp leek het ons wel van belang de raad hier alvast in mee te nemen. Daarom is voor een PM-melding gekozen. Richting de Begroting 2025 zullen alle meldingen vanuit de Kadernota verder worden uitgewerkt en zullen de PM-posten ook waar mogelijk door bedragen worden vervangen. Dit zal voor deze melding ook het streven zijn. p.36. Bij het ‘Advies gezonde leefomgeving’ mis ik het aandeel kunst en cultuur: ‘Voor de Tweede Zeister Omgevingsvisie wordt richtinggevend advies verwacht vanuit gezondheid, sociaal domein en sport.’
Vraag 6
Is er een specifieke reden om kunst en cultuur niet als belangrijke (voor)waarde mee te nemen voor een gezonde leefomgeving?
Antwoord van het college
Antwoord Nee, gaat om focus en is niet als uitputtend te beschouwen. Daarbij is het wel zo, dat een van de centrale doelen van de Omgevingswet is het bevorderen van de gezondheid van de mens. De Omgevingswet streeft naar "het bereiken en in stand houden van een veilige en gezonde fysieke leefomgeving en een goede omgevingskwaliteit." Dit vereist specifieke expertise en capaciteit op het gebied van schone lucht, faciliteiten voor sport en beweging, en het beperken van milieuhinder zoals geluidsoverlast en luchtverontreiniging. Dit is vermeld in de kadernota.
Vraag 7
Hoe ziet het college de rol van kunst en cultuur in het algemeen binnen de Tweede Zeister Omgevingsvisie?
Antwoord van het college
Antwoord Hoewel kunst en cultuur, naast erfgoed, niet expliciet in de Omgevingswet worden genoemd, biedt deze wet wel mogelijkheden en instrumenten om deze te integreren in ruimtelijke ontwikkelingen en de Omgevingsvisie. Kunst en cultuur zijn bovendien belangrijk voor de gezondheid en het welbevinden van inwoners, daarvan zijn wij ons bewust, waarvoor we daarom vanuit de inhoud verbinding leggen met cultuur.
Dashboard Stabiliteitscriteria p.13. In het Dashboard is te lezen dat het OZB tarief in Zeist onder het Nederlands gemiddelde ligt. Dit heeft een directe relatie met de hoogte van het gemeentefonds. Het OZB tarief stijgt (daarom) gedurende 3 jaar met een extra 3%.
Vraag 8
Waar komen we op uit na die 3 jaar?
Antwoord van het college
Is er daarna (mogelijk) nog steeds sprake van onbenutte belastingcapaciteit?
Antwoord De stijging van 3x3% is een besluit n.a.v. het IAC en had gevolgen voor de jaren 2022, 2023 en 2024.
Voor 2025 zal de OZB alleen conform de in de Kadernota genoemde index worden geïndexeerd.
Om de onbenutte belastingcapaciteit te berekenen is het ‘redelijk peil’ in relatie met artikel 12 van de financiële verhoudingswet per jaar nodig. Deze wordt jaarlijks in de meicirculaire vastgelegd. Daarnaast is de omvang van de onbenutte belastingcapaciteit afhankelijk van het totaal van alle WOZ-waarden.
Ook deze cijfers zijn nog niet bekend.
In beginsel zal een OZB-verhoging leiden tot een verlaging van de onbenutte belastingcapaciteit, maar door bovenstaande genoemde variabelen is dat geen 1-op-1 relatie. Bij het opstellen van de Begroting 2025 kunnen we een eerste indicatie geven van de onbenutte belastingcapaciteit van 2025. Voor de jaren daarna is dan ook nog geen inschatting te maken.
Vraag 9
Wat doen andere gemeentes beter die wel in de buurt van de gemiddelde onbenutte capaciteit zitten én een lage belastingdruk hebben?
Antwoord van het college
Antwoord De onbenutte belastingcapaciteit wordt alleen berekend aan de hand van de OZB tarieven in relatie tot de ‘artikel 12-grens’ (zie antwoord op vraag 8) en de totaal van WOZ waarden.
Een gemeente met relatief goedkopere woningen zal in vergelijking met een gemeente met relatief duurdere woningen, uitgaande van een gelijk OZB-tarief, altijd lager uitkomen in de onbenutte belastingcapaciteit. Een kwalificatie van beter of slechter is daarmee dan ook niet te geven.
Daarnaast is de belastingdruk is de optelsom van de OZB, Rioolheffing en afvalstoffenheffing ten opzichte van het landelijk gemiddelde.
Een denkbaar scenario is dat een gemeente met een lagere onbenutte belastingcapaciteit een hoger OZB tarief heeft, maar lagere kosten voor de inwoners rondom de riool- en afvalstoffenheffing.
10) We zijn inmiddels reuze benieuwd te horen wat het verband is tussen de onbenutte belastingcapaciteit en de hoogte van de uitkering van het gemeentefonds
Antwoord Voor nu wordt verwezen naar het antwoord wat bij de vragen bij de Begroting 2024 is geformuleerd: https://zeist.raadsinformatie.nl/document/13333827/2. Zie hiervoor het antwoord bij vraag 1.
We stellen voor bij de auditcommissie op 19 september 2024 dit onderwerp op de agenda te zetten om hier extra aandacht te besteden.
11) Bij de vergelijking tussen gemeentes wordt in de duiding aangegeven dat veel van de benchmarkgemeentes zaken op een totaal andere manier organiseren of berekenen. Dat maakt de vergelijking vrijwel onmogelijk. Kunnen er aanpassingen worden gepleegd waardoor de (parameters van) gemeenten wél beter vergelijkbaar zijn?
Antwoord In het najaar zullen we samen met de auditcommissie en de raad de stabiliteitscriteria evalueren. We zullen deze opmerking daar in meenemen. p.22 De signaalwaarde voor grondexploitatie is in Zeist 4%, dit percentage is veel lager dan die van de toezichthouder (35%).
12) Waarom zet Zeist in op een veel lager percentage terwijl we grote reserves en grote bouwambities hebben?
Antwoord In de nota stabiliteitscriteria (21RV039) is op pagina 35 daarover onderstaande toegelicht: “Wettelijk gezien is er geen harde norm. De toezichthouder hanteert een bovengrens van 35%. Dit wordt als meest risicovol beschouwd. Ondanks ons lage percentage aan grondexploitaties (en daarmee het lage risicoprofiel) is het belangrijk de ontwikkeling van het risico te monitoren. Immers stijging van dit percentage houdt een groter risicoprofiel in. Als signaalwaarde hanteren we 4%. Dit percentage geeft ruimte voor meer grondpositie en grondexploitaties maar geeft tevens een signaal ter waarschuwing voor het toenemende risicoprofiel.” Het huidige beleid van de Gemeente Zeis is om de bouwambities doormiddel van faciliterend grondbeleid te behalen, maar waar nodig ook actief op te treden. Denk bij dat laatste aan de twee lopende grondexploitatie.
Wanneer daar een andere keuze in zou worden gemaakt zou het, ter dekking, van de risico’s kunnen helpen dat wij relatief grote reserves hebben. Belangrijk daarbij is dat een groot gedeelte hiervan wel al
reeds een bestemming heeft en daarvoor niet zomaar ingezet kunnen worden. De Raad moet dat expliciet besluiten van het bestaande beleid af te wijken.
13) Kan het college aangeven hoe de gunstige effecten het verwerven van meer grondposities ons kan helpen bij onze bouwambities?
Antwoord Om de bouwambities te realiseren spelen vele factoren een rol. Twee van de belangrijkste factoren zijn de stijgende bouwprijzen en daarmee de betaalbaarheid van de woningen, maar ook het steeds groter wordende probleem van de netcongestie. Het hebben van actief of passief grondbeleid zal op deze factoren weinig invloed hebben. Als grondeigenaar heb je overigens wel meer invloed op het te realiseren programma. Wij maken dan zelf de keuzes en kunnen winsten die gemaakt worden inzetten om maatschappelijke doelstellingen te bereiken. Denk aan de opbrengsten van Kerckebosch die zijn ingezet om meer betaalbare woningen in Kerckebosch te realiseren maar ook de bijdrage via RIOZ aan Vollenhove. Daar tegenover staan natuurlijk de hogere risico’s. p.21 Er is voor nog 2,5 mln. ruimte om subsidies structureel te laten toenemen.
14) Kan met deze ruimte de taakstelling voor kunst en cultuur van 1k per jaar worden opgevangen?
Antwoord De benoemde ruimte van € 2,5 mln. is de ruimte ten opzichte van de in de Nota Stabiliteitscriteria vastgestelde signaalwaarde. Dit wil niet zeggen dat dit bedrag ook daadwerkelijk beschikbaar is in de begroting. Er is daarmee geen sprake van onbestemde middelen die ingezet kunnen worden. Wanneer er voor gekozen wordt om deze ruimte ten opzichte van de signaalwaarde in te zetten brengt dit voor onze begroting € 2,5 mln. aan extra lasten met zich mee.
De genoemde ruimte kan dus niet zonder financiële gevolgen ingezet voor bijvoorbeeld het terugdraaien van de taakstelling.
15) Waar denkt het college deze subsidieruimte voor te gaan gebruiken?
Antwoord Zie antwoord onder 14. Er is geen spraken van financiële ruimte in de begroting. Er zijn daarom ook geen concrete plannen voor op dit moment.
Jaarrekening Gemeente in verbinding. P13: allemaal smiley’s bij de jongerenraad. Desalniettemin was het laatste jongerenraaddebat matig bezocht.
16) Welke maatregelen worden overwogen om de motivatie, zichtbaarheid en impact te laten toenemen?
Antwoord De jongerenraad is na een uitgebreide wervingscampagne sinds september uitgebreid van 20 naar 30 jongeren, waaronder 4 jongeren uit het speciaal onderwijs. Sindsdien zijn er bij de jongerenraadbijeenkomsten meestal 30 jongeren aanwezig. Dat is meer dan een verdubbeling van het aantal aanwezige jongeren in vergelijking met de periode daarvoor en is een aanzienlijk aantal in vergelijking met andere jongerenraden. Met deze uitbreiding en het toegenomen enthousiasme zijn we enorm blij. Het grote aantal nieuwe jongerenraadsleden brengt ook met zich mee dat de jongerenraad voor velen nog nieuw en spannend was. In dat kader hebben we ook activiteiten georganiseerd om kennis van de democratie en politieke vaardigheden te vergroten. Een activiteit daarbij was het jongerenraadsdebat. Het doel daarvan was om gespreksvaardigheden te vergoten en de jongeren zelf een politiek debat in de raadszaal te laten ervaren. Omdat we ons konden voorstellen dat velen het in alle nieuwigheid al spannend genoeg vonden als er veel publiek aanwezig zou zijn, hebben we het debat bewust niet geagendeerd voor een groot publiek. Bij het debat waren uiteindelijk bijna de helft van de jongerenraadsleden aanwezig. Sommigen vonden het inderdaad nog te spannend.
In de zichtbaarheid naar buiten was en is verbetering mogelijk. Sinds september hebben we hier aanvullende acties op ondernomen. Er zijn procesafspraken gemaakt met communicatie zodat er bij een jongerenraadsbijeenkomst altijd voor- en achteraf wordt stilgestaan bij de mogelijke communicatie en dus zichtbaarheid naar buiten toe. Daarnaast zijn enkele jongerenraadsleden (ook in het kader van de ontwikkeling en zelfstandigheid van de jongerenraad zelf) sinds kort actief betrokken bij het Instagramkanaal als medebeheerder, om ook vanuit de jongeren zelf te communiceren, met hulp van de afdeling communicatie.
Bij alle activiteiten van de jongerenraad (meestal een advies richting de gemeente) vragen we alle betrokken ambtenaren goed na te denken over de manier en weging waar op een jongerenraadsadvies wordt meegenomen. Alleen projecten waar een verschil gemaakt kan worden voorgelegd aan de jongerenraad. Uiteraard is verbetering mogelijk. De wens is om meer onderwerpen te agenderen die jongeren zelf aandragen. Geregeld worden de prioriteiten van jongerenraadsleden gepeild en we zorgen dat aangedragen projecten vanuit de organisatie of gemeenteraad hierop aansluiten. Maar ondanks pogingen hiertoe worden nog weinig onderwerpen door jongerenraadsleden actief zelf geagendeerd en aangedragen. Hier willen we meer op in zetten, bijvoorbeeld door jongerenraadsleden op andere manieren en zonder agenda dieper met elkaar het gesprek te laten aangaan, om te komen tot agendavoorstellen die direct voortkomen vanuit behoeftes die op dit moment spelen in de belevingswereld van jongeren.
Inkomensregeling - P18. Met een digitaal minimaloket is de verwachting dat meer inwoners met een laag besteedbaar inkomen gebruik maken van de bestaande regelingen. De offerte van de aanbieder van het minimaloket is echter hoger dan verwacht. In het najaar vindt besluitvorming plaats over een nieuw bestaanszekerheid beleid.
17) Hoeveel middelen zijn er geregeld voor het digitaal minimaloket?
Antwoord Vanuit het UVP is voor het digitaal minimaloket 50.000 euro beschikbaar.
18) Hoeveel is er meer nodig?
Antwoord De verwachting is dat er geen extra financiële middelen nodig zijn. De toelichting uit de jaarrekening is inmiddels niet meer van toepassing. Ten tijde van het opstellen van de teksten waren we nog in gesprek met een aanbieder waarvan we de offerte hadden ontvangen die hoger uitviel. Na diverse gesprekken
hebben we ervoor gekozen om niet verder te gaan met deze aanbieder en hun product niet af te nemen.
Op dit moment zijn we in gesprek met een nieuwe partij.
19) Waarom wordt het loket uitgesteld tot het najaar?
Antwoord Zie het antwoord bij vraag 18. Zodra hier meer duidelijkheid over is worden de raad en betrokken partners geïnformeerd. We verwachten dit op korte termijn te kunnen doen.
20) P18. Subsidie aan stichting Leerkansen en Stichting Leren voor de toekomst. Verzoek van beide stichtingen voor structurele middelen voor de doorstroom toets (ingekomen post PR24.088). Kunnen deze middelen in de inventarisatie RIOZ meegenomen worden?
Antwoord Het college heeft kennisgenomen van de ingekomen post PR24.088. Op dit moment inventariseren we bij verschillende PO-scholen wat hun visie is op het geven van doorstroomtoets-trainingen. Op basis van deze uitkomsten komt het college met een reactie op dit verzoek. Uw suggestie voor dekking van het RIOZ zullen we hier in meenemen.
21) P33. In de jaarstukken wordt toegelicht waar de overschrijding op het exploitatie resultaat vandaan komt: leerlingen vervoer €106.081 nadelig. Overschrijding van het budget door een maandelijkse tegemoetkoming aan de vervoerder voor het tekort aan chauffeurs. Waarom draait de gemeente voor deze kosten op?
Antwoord Het oorspronkelijke contract leerlingenvervoer met Willemse de Koning met de gemeenten in ZOU liep in 2022 af. De vervoerder heeft vervolgens aangegeven dat het niet mogelijk was om het contract onder de bestaande voorwaarden te verlengen. Het vervoer was niet kostendekkend uit te voeren door meerkosten die zijn gemaakt op werving, selectie, opleiding en door de langere af- en aanrijdtijden voor chauffeurs van buiten onze regio. Dit is op verzoek van de gemeente onderzocht door een accountant en deze heeft het bevestigd. Het college heeft in juli 2022 ingestemd met de aanvullende afspraken om de vervoerder tegemoet te komen in de meerkosten als gevolg van het chauffeurstekort in onze regio.
De maandelijkse tegemoetkoming aan de vervoerder is vervolgens opgenomen in het addendum dat loopt tot en met juli 2024. De raad is destijds hierover geïnformeerd.
In 2024 worden extra kosten gemaakt voor de overbrugging van het leerlingenvervoer. We maken hier melding van in de 2e Berap. Vanaf 2025 verwachten we een vermindering van kosten door de start van het aanbestede contract met de nieuwe vervoerder Connexxion. Dit contract bevat geen maandelijkse tegemoetkoming voor chauffeurs. Tegelijk sturen we op vermindering van kosten door het inzetten van stimuleringsmaatregelen die resulteren in een structurele afname van het aantal kinderen in het aangepast taxivervoer. De stimuleringsmaatregelen staan beschreven in het RIB24.092 uitvoering WMO-vervoer en stimuleringsmaatregelen leerlingenvervoer.
22) P35. Inkomensregelingen onderdelen I J K L M N laten allemaal voordeel zien. Dit zijn middelen om mensen met laag inkomen te ondersteunen maar bestedingen bleven achter. Missen we hier signalen vanuit maatschappelijke partners dat er extra ondersteuningsbehoefte was in 2023? En wat kunnen we nog meer doen om deze mensen te bereiken?
Antwoord Vanuit het Rijk zijn er aanvullende financiële middelen verstrekt om gemeenten tegemoet te komen.
Door de prijsstijgingen op allerlei terreinen werd door het Rijk veronderstelt dat er een forse toename zou komen in het aantal aanvragen. Bij de regelingen I (Bijzondere bijstand en minima RDWI), J (energietoeslag minima) en L (armoedebestrijding en participatie) is gebleken dat er minder aanspraak op werd gemaakt dan werd verwacht. Voor de energietoeslag 2023 geldt dat de uitgaven in 2024 doorlopen. Voor de regelingen L en N (diverse onderdelen UVP Coalitieakkoord 2023) heeft de beperkte personele capaciteit invloed op de uitvoering. Daarnaast zijn de overgebleven middelen deels meegenomen naar 2024. Voor de Geld Terug Regeling is er een uitgebreide schriftelijke beantwoording verstrekt.
23) P40 “De gemeente Zeist heeft een gevarieerd, gezond, duurzaam en veilig bomen/groenbestand”. Hoe is en wordt een gezond, duurzaam en veilig bomen-/groenbestand nu gerealiseerd op het NPUH gezien de daar aanwezige verdroging? Wat is de voortgang en zijn de in deze Coalitieperiode te verwachten resultaten bij het in samenwerking met onder andere het waterschap tegengaan van deze verdroging op de Utrechtse Heuvelrug?
Antwoord De bomen in het Nationaal Park de Utrechtse Heuvelrug (NPUH) worden door Het Utrechts Landschap en door Staatsbosbeheer beheerd. Daar doen wij als gemeente niets mee. Binnen de gemeente volgen wij het reguliere onderhoud. Waarbij wij al de bomen 1 maal in de drie jaar beoordelen op veiligheid en snoeibehoefte. Naar aanleiding van deze controle wordt er gesnoeid. Wanneer er bomen uitvallen wordt er aan de hand van het Lange Termijn Bomen Beheer Plan (LTBBP) gekozen, wat er terug geplant kan worden. Binnen deze mogelijkheden wordt uiteraard gekeken naar welke boomsoort passend is op deze locatie. Hierdoor ontstaat er een gevarieerd bomenbestand dat past bij de gemeente Zeist en de uitdagingen die hier ook op het gebied van klimaat spelen.
Overigens is het grondwater het afgelopen anderhalf jaar erg goed aangevuld, waardoor er op dit moment (juni 2024) voldoende water in het systeem aanwezig is. Met het Waterschap is er overleg over hoe om te gaan met de verdroging. Het doel is om water vast te houden in plaats van direct af te voeren.
Gezamenlijk zetten we in op afkoppelen van regenwater, waarbij het waterschap vooral financieel ondersteunt. Daarnaast heeft het waterschap het peilbesluit voor oppervlaktewater recent geactualiseerd. Hierbij is voor sommige gebieden (tussen Zeist en Bunnik) het zogenaamde flexibele peil losgelaten. Flexibel peil betekent vaak dat de grondwaterstanden in de wintermaanden lager worden gehouden, zodat boeren eerder/beter het land kunnen gebruiken. Dit flexibele peil is op sommige gebieden aangepast naar een vast peil, waarbij het oorspronkelijke (hogere) zomerpeil als uitgangspunt is aangehouden. Dit draagt bij aan het vasthouden van water in plaats van het zo snel mogelijk afvoeren
24) Welke resultaten zijn behaald bij de bestrijding van de gezondheid schadende soorten als Reuzenberenklauw, Alsem Ambrosia en de Japanse duizendknoop? Welke mogelijkheden zijn er of kunnen qua capaciteit worden vrijgemaakt, ook van de Exotenbrigade, om binnen gemeente Zeist en in samenwerking met de provincie tot zulke intensieve, grootschalige en diepgaande verwijdering van genoemde soorten?
Antwoord We zijn druk bezig om deze soorten te bestrijden, met wisselende resultaten. De Reuzenberenklauw wordt grotendeels met succes bestreden door de Exotenbrigade, met wie wij intensief contact hebben hierover. De Alsem ambrosia hebben wij weinig last van. Wanneer er een melding komt van aantreffen, wordt deze verwijderd. De Japanse Duizendknoop wordt intensief door ons bestreden, hierdoor zien wij een afname in de stukken die bekend zijn. Helaas zien wij ook elk jaar een klein aantal nieuwe locaties ontstaan. Deze nieuwe locaties worden ook gelijk meegenomen in de bestrijding. Wij zetten al zwaar in op de bestrijding van deze soorten. Meer doen heeft met de huidige bekende methoden echter geen meerwaarde. Op dit moment zet de provincie nog niet zodanig in op dit dossier dat een (intensievere) samenwerking met de Provincie vooralsnog geen meerwaarde heeft.
25) P45 De keuze van begraafplaats. In een nog niet groot, maar groeiend deel van de samenleving bestaat behoefte aan de mogelijkheid van wandgraven (naast dus de bestaande mogelijkheden van begraven in de aarde en crematie) zoals die in bijv. Italië gebruikelijk zijn. Meerdere begraafplaatsen in Nederland bieden inmiddels die mogelijkheid en dat kan zulke begraafplaatsen aantrekkelijker maken dan andere. In hoeverre bestaat de mogelijkheid om vanuit Zeister Bosrust ook in die mogelijkheid te gaan voorzien?
Antwoord Bosrust speelt in op de behoeftes vanuit de samenleving. Zo gaan we natuurgraven mogelijk maken en invulling geven aan een buiten aula. Ook is er nu veel behoefte aan urengraven en as ophalen op Bosrust terrein. Vanuit onlangs gehouden consultatie met inwoners en uitvaartondernemers zijn nu geen behoeftes kenbaar gemaakt voor wandgraven. Aanleg wandgraven is overigens kostbaar en past ook minder goed in een bosrijke omgeving. Bosrust hanteert lage hoogtes voor grafmonumenten, zodat het doorzicht op Bosrust gewaarborgd kan blijven. Mensen willen graag op Bosrust begraven worden vanwege het open en bosrijke karakter. Mocht de behoefte verder toenemen voor wandgraven, dan kunnen we op termijn in een nieuwe consultatie deze behoefte polsen bij inwoners en ondernemers.
Jaarr. p.74 Culturele partners in Zeist worden blijvend ondersteund met structurele en incidentele subsidies. Ik kan nergens in de stukken terugvinden welk bedrag (film)theater Figi structureel ontvangt.
26) Welk bedrag ontvangt Figi elk jaar en hoe verhoudt dit bedrag zich tot de bedragen die andere instellingen ontvangen?
Antwoord FIGI ontvangt jaarlijks €1.077.000. Alleen KunstenHuis Idea ontvangt meer subsidie namelijk zo’n €2.500.000. Beauforthuis krijgt €75.000, de grotere festivals ontvangen €40.000 euro per festival. Het Slot krijgt voor de culturele vleugel €125.000 euro. Zie voor verdere bedragen onze cultuurbegroting.
27) Het contract met Figi loopt tot 2032 (klopt dit?), hoe verhoudt dit langdurige contract van 15 jaar (klopt dit?) zich tot het algemeen (landelijke) subsidiestelsel van subsidieverlening voor vier jaar, waarna de subsidie opnieuw aangevraagd en beoordeeld moet worden?
Antwoord Het klopt dat het contract met FIGI tot en met 31 december 2032 loopt, het contract is ingegaan op 1 januari 2018. Dit contract is een uitzondering op hoe we omgaan met onze culturele partners. Al onze andere partners hebben een (kortlopende) subsidie relatie met ons, waarbij ze elk jaar opnieuw subsidie aanvragen en subsidie verantwoording indienen. 1e Bestuursrapportage 2024 Taal - Berap p.19. Taalaanpak: “We bereiken in 2024 (500) laaggeletterde inwoners en bieden hen een toegankelijke en gedifferentieerd aanbod… etc.”
28) Hoe denkt het college dit aantal te bereiken als de uitvoering eigenlijk nu pas start (zie punt 16 van de kadernota, p.23)?
Antwoord Het beeld dat de uitvoering van de Taalaanpak pas nu start is niet juist. In de afgelopen jaren zijn er verschillende taaltrajecten op de verschillende 4 sporen gestart binnen de kaders van de Taalaanpak.
Zo zijn er in Zeist formele taalcursussen die afgerond kunnen worden met een officieel erkend diploma, taaltrajecten specifiek rondom bijvoorbeeld het thema opvoeding, gezondheid en werk, taalmaatjes en een Open Leercentrum binnen het Taalhuis. Specifiek zijn er voor de regio Zuid-Oost Utrecht voor 14 formele groepen (162 deelnemers) en zijn er 6 maatwerktrajecten (54 deelnemers) ingekocht. Deze taaltrajecten zijn al gestart of starten in 2024. Daarnaast zijn er al 24 extra ingekochte trajecten (op basis van resterende middelen 2023) gestart. Verder biedt ook het taalhuis dit jaar in totaal 7 thematische non-formele cursussen waar aan 50 inwoners kunnen deelnemen. In totaal maakt dit dat er circa 290 inwoners zijn gestart of nog kunnen starten met een formeel of non-formeel taaltraject. Daarnaast zijn er in Zeist ook nog verschillende organisaties en initiatieven die inwoners ondersteunen, waarbij oefenen en/of leren van de Nederlandse taal als onderdeel van welzijnswerk in de verschillende wijken en buurten. Op deze manier wordt er door verschillende aanbieders een gedifferentieerd taalaanbod (volwasseneneducatie) geboden. Zowel deze formele als meer informele manier van het verbeteren van de basisvaardigheden zijn gericht op een niveau verhoging en/of kunnen daarnaast een opstap zijn naar een formele taalcursus, bijdragen aan taalcontact, het oefenen in de praktijk van de geleerde vaardigheden en/of kunnen de motivatie van de taal eerder vergroten. Om o.a. meer inwoners te bereiken (waaronder NT1), bewustwording en draagvlak te creëren en het aantal taaltrajecten uit te breiden kiezen we ervoor om als gemeente gezamenlijk met partners in te zetten op een (versterkte) netwerksamenwerking en om een gezamenlijk een uitvoeringsplan binnen de gestelde kaders van de Taalaanpak. In de bijlage bij de kadernota wordt een nadere toelichting over de Taalaanpak en de inzet van de taalnetwerkcoördinator (https://zeist.raadsinformatie.nl/document/14297104/1/24RV038+Toelichting+taalaanpak+Bijlage+1).
Kunst en cultuur - Berap p.21. Taakstelling Bibliotheek en Kunstenhuis.
29) Hoe verlopen de gesprekken met de instellingen en welk maatschappelijk effect heeft de taakstelling op beide?
Antwoord De Bibliotheek en Kunstenhuis zijn sinds 1 januari 2022 gefuseerd. We hebben gesprek met Kunstenhuis Idea over de invulling van de taakstelling en over het maatschappelijk effect die deze taakstelling heeft. Begin september verwachten we daar meer inzicht in te hebben.
Berap p.81. Taakstelling Kunst en Cultuur: 1K per jaar tot 2028 (totaal 4K).
30) Welke partijen uit het culturele veld raakt dit?
Antwoord Op dit moment zijn er ambtelijk drie scenario’s geschetst om de taakstelling op kunst en cultuur te realiseren. Het college moet hier nog een keuze in maken.
31) Hoe schat het college het maatschappelijk effect hiervan in?
Antwoord Het maatschappelijk effect is afhankelijk van de keuze voor het scenario die het college maakt. Een taakstelling van een ton gaat wel degelijk ten koste van het cultureel aanbod in Zeist.
Wonen - Berap p.99. Verkoop van sociale huurwoningen: “Binnen uitgangspunten sociale woningvoorraad ruimte bieden aan woningcorporaties om sociale huurwoningen te verkopen”.
32) Waarom blijft deze afspraak van kracht gezien het tekort aan betaalbare woningen en de oplopende wachtlijsten in de sociale huursector?
Antwoord Woningcorporaties verkopen op zeer beperkte schaal huurwoningen. Zij hebben ook verkoopopbrengsten nodig om te kunnen blijven investeren in bijvoorbeeld nieuwbouw, onderhoud, renovatie of verduurzaming van hun woningbezit. Het zijn vaak huurwoningen die niet goed passen in hun bezit.
Ik vind nergens iets expliciets terug over de aanpak van (gemeentelijke) monumenten en verduurzaming.
33) Op welke plaats in de documenten kan ik relevante informatie vinden?
Antwoord Op onze website https://www.zeist.nl/energie-en-milieu/duurzaamheid/monument-verduurzamen staat veel uitgelegd over de verduurzaming van monumenten binnen de gemeente Zeist. In het DuMo project zetten we heel erg in om de balans tussen verduurzaming en de monumentale waarden te behouden.
De corporaties zijn net als alle andere monumenten eigenaren verplicht om de panden te onderhouden.
Daarbij hebben de corporaties hun eigen beleid hoe energie zuinig ze de woningen willen hebben. Ze hebben daarin hun eigen standaard die minimaal aansluit bij de landelijke eisen maar als ze meer willen verduurzamen dan mag dat. Waarbij er bij monumentale panden altijd gekeken wordt naar de balans tussen monumentenwaarden en duurzaamheid.
In de prestatieafspraken van 2024 is te lezen dat: “ZCO en gemeente [ernaar] streven om te komen tot een gemeenschappelijke aanpak voor de verduurzaming van monumenten welke behoren tot de woningvoorraad van ZCO. Vanuit de gemeente wordt hier externe expertise op gefaciliteerd.”
34) Hoe staat het hiermee?
Antwoord Wij hebben eind 2023/begin 2024 door een extern bureau onderzoek laten doen naar de cultuurhistorische erfgoedwaarde van woningen in Zeist. Hiertoe behoren ook sociale huurwoningen van de woningcorporaties. Het gaat om 23 complexen met gemeentelijke monumenten en meer specifiek om de 16 complexen die in bezit zijn van de corporaties. Op basis van deze rapportage nemen wij een standpunt in over een gezamenlijke aanpak met de corporaties over behoud van de monumentenstatus én over afspraken over planmatig onderhoud en verduurzaming. Dit vindt of net voor of net na het zomerreces plaats. Daarna wordt de raad geïnformeerd door middel van een raadsinformatiebrief en kunnen wij desgewenst met elkaar en de corporaties in gesprek over onze voorgenomen uitvoeringsaanpak.
Bekijk de brief: Beantwoording schriftelijke vragen P&C Cyclus GroenLinks 2e ronde
Bron: raadsinformatie van de gemeente Zeist (Open Raadsinformatie). De vragen en antwoorden zijn automatisch uit de brief gelezen; het origineel is leidend.