Stationsomgeving
Een raadslid (D66) stelde op 18 juli 2022 schriftelijke vragen aan het college van burgemeester en wethouders van Best (12 vragen).
In het kort
12 vragen en wat het college antwoordt
- Waarom moet er nú een intentieovereenkomst komen? → Voor de oostzijde is als strategie gekozen voor een integrale gebiedsontwikkeling, waarbij de gemeente de kaders voor de ontwikkeling vaststelt, maar de ontwikkeling (en de risico’s…
- De gemeenteraad heeft op 7 en 8 maart aangegeven de keuzes rond alternatieven rond parkeren, ontsluitingsweg, bushaltes etc bij de uitwerking van het stedenbouwkundig… → In de vergadering van 8 maart heeft de raad de kaders voor de stedenbouwkundige uitwerking bepaald.
- Op welke wijze gaat het college van B&W ervoor zorgen dat zo veel mogelijk inwoners worden betrokken bij de transformatie van de stationsomgeving? → Ja, de inwoners worden betrokken bij de planvorming van de transformatie van de stationsomgeving en wel door een open en proactieve communicatie.
- Inwoners en de Raad hebben uit de krant vernomen dat een intentieovereenkomst is gesloten tussen SDK en de gemeente Best over de koop van een groot deel de gronden van… → De overeenkomst is getekend.
- Is het college van B&W voornemens een stedenbouwkundig ontwerp aan de Raad aan te bieden voordat een anterieure overeenkomst wordt gesloten? → ja, de raad krijgt het stedenbouwkundig ontwerp voorgelegd.
- Klopt de informatie in het ED van 23-3 dat Stam en de Koning het stedenbouwkundig plan gaat opstellen van de gehele stationsomgeving a.g.v. de intentieovereenkomst (met… → Antwoord; Nee, de gemeente en SDK zijn gezamenlijk opdrachtgever aan het (nog te kiezen) stedenbouwkundig bureau.
- Waarom is niet gekozen om eerst een stedenbouwkundig plan voor het stationsgebied te maken en dan pas te beslissen over de verkoop aan een ontwikkelaar? → Zoals in antwoord 4 verduidelijkt, wordt eerst gestart met het stedenbouwkundig ontwerp.
- Waarom probeert de gemeente niet zelf met TCN tot een akkoord te komen voor aankoop (en ontwikkeling), zonder tussenkomst van een derde partij? → De gemeente voert geen actieve grondpolitiek en was dus niet voornemens om met TCN contact op te nemen over grondverwerving.
Overgenomen uit de brief van het college; hieronder staan de volledige vragen en antwoorden.
Aanleiding
Afdeling Regie en Ontwikkeling Ruimte
Dorpsplein 2 Postbus 50
Raadsinformatiebrief
5680 AB Best
Aan de leden van de gemeenteraad
Tel.: 14 0499 Fax: 0499 - 360232 [email protected] www.gemeentebest.nl IBAN: NL 08 BNGH 028.50.01.051 Btw nr:NL001902623.B02 KvK nr: 17273055
Uw Brief van Uw kenmerk Datum Verzonden
17-05-2022 25-05-2022
Onderwerp
Raadsvragen D'66 over transformatie stationsomgeving
Ons kenmerk Behandeld door Telefoonnummer
PU22-02459// Peter Goedhart 14 0499
Beste raadsleden, Door de fractie van D’66 zijn vragen gesteld over de transformatie van de stationsomgeving. Deze vragen beantwoorden wij als volgt:
Vragen en antwoorden
Vraag 1
Waarom moet er nú een intentieovereenkomst komen?
Antwoord van het college
Voor de oostzijde is als strategie gekozen voor een integrale gebiedsontwikkeling, waarbij de gemeente de kaders voor de ontwikkeling vaststelt, maar de ontwikkeling (en de risico’s daarvan) aan derden over laat.
Ontwikkelaar Stam&de Koning Vastgoed (SDK) kan een groot gedeelte van de gronden van TCN kopen. Hiermee verwerven zij de grootste grondpositie aan de oostzijde. De gemeente hebben zij te kennen gegeven zorg te willen dragen voor de ontwikkeling van de gehele oostzijde. Zij willen gezamenlijk met de gemeente de mogelijkheden onderzoeken van een haalbaar realistisch plan (transformatie). De gemeente heeft gezien de grootte van de grondpositie en de deskundigheid en ervaring van SDK met dit soort multi complexe ontwikkelingen met het verzoek ingestemd. Zonder deze instemming zou SDK niet tot verwerving van de gronden van TCN overgaan.
De intenties van beide partijen zijn vervolgens vastgelegd in een intentieovereenkomst. In deze overeenkomst is vastgelegd dat SDK voor eigen rekening en risico zorg wil dragen voor de ontwikkeling van de oostzijde en zal met in achtneming van de door de raad gestelde kaders, een stedenbouwkundig (schets)ontwerp te (laten) vervaardigen, waarna gezamenlijk de financiële, commerciële, juridische en politiek-bestuurlijke haalbaarheid van de ontwikkeling van de oostzijde wordt onderzocht.
Vraag 2
De gemeenteraad heeft op 7 en 8 maart aangegeven de keuzes rond alternatieven rond parkeren, ontsluitingsweg, bushaltes etc bij de uitwerking van het stedenbouwkundig ontwerpproces terug te laten komen. Hoe gaat dit plaatsvinden? *PU22-02459* Bijlage(n): Pagina 1 van 4
Antwoord van het college
In de vergadering van 8 maart heeft de raad de kaders voor de stedenbouwkundige uitwerking bepaald. Deze zijn leidend voor het ontwerp. In de vergadering van 7 en 8 maart is voor nog een aantal zaken aandacht gevraagd. Zover er sprake is van een duidelijke vraag, proberen wij deze in het ontwerpproces mee te nemen.
Vraag 3
Op welke wijze gaat het college van B&W ervoor zorgen dat zo veel mogelijk inwoners worden betrokken bij de transformatie van de stationsomgeving? Geeft u daarbij uitvoering aan het communicatieplan zoals opgesteld in de haalbaarheidsstudie (p.30 & 31) en het participatie traject waar de gemeenteraad om heeft gevraagd?
Antwoord van het college
Ja, de inwoners worden betrokken bij de planvorming van de transformatie van de stationsomgeving en wel door een open en proactieve communicatie. Dit wordt (nog) uitgewerkt in een communicatie- en participatieplan.
Vraag 4
Inwoners en de Raad hebben uit de krant vernomen dat een intentieovereenkomst is gesloten tussen SDK en de gemeente Best over de koop van een groot deel de gronden van het Tapijtcentrum. Is deze al getekend? Kan het college van B&W informatie geven over het verdere procesverloop inclusief het traject om te komen tot een bestemmingsplan?
Antwoord van het college
De overeenkomst is getekend.
Nu wordt opdracht gegeven aan een stedenbouwkundig bureau om een stedenbouwkundig ontwerp op te stellen, waarbij alle uitgangspunten en randvoorwaarden in het ontwerp worden meegenomen.
Vervolgens wordt er dan simultaan ‘getekend en gerekend’, waarbij wij een iteratief proces voorstaan waarin in een businesscase de ruimtelijke en functionele kwaliteit wordt uitgewerkt op basis van de kennis en wensen van de gemeente en SDK. Het eerste idee zal immers niet direct haalbaar of optimaal zijn. De gemeente en SDK moeten dan opnieuw gaan ‘tekenen en rekenen’ om uiteindelijk tot een haalbaar en realistisch plan te komen. Wellicht zullen daarbij de uitgangspunten en/of ambities moeten worden herzien en/of worden bijgesteld.
Is de haalbaarheid, zoals beschreven in de overeenkomst, aangetoond, dan kan dit leiden tot het tekenen van een anterieure overeenkomst. Hierna zal het bestemmingsplan traject worden opgestart.
Vraag 5
Is het college van B&W voornemens een stedenbouwkundig ontwerp aan de Raad aan te bieden voordat een anterieure overeenkomst wordt gesloten?
Antwoord van het college
ja, de raad krijgt het stedenbouwkundig ontwerp voorgelegd. Dit past in het proces om de politiek-bestuurlijke haalbaarheid te onderzoeken.
Vraag 6
Klopt de informatie in het ED van 23-3 dat Stam en de Koning het stedenbouwkundig plan gaat opstellen van de gehele stationsomgeving a.g.v. de intentieovereenkomst (met ruwe schetsen halverwege dit jaar en daadwerkelijke ontwerpen later)?
Antwoord van het college
Antwoord; Nee, de gemeente en SDK zijn gezamenlijk opdrachtgever aan het (nog te kiezen) stedenbouwkundig bureau. De transformatie van het stationsgebied beslaat namelijk niet alleen de oostzijde. Voor het tunneldak en de westzijde ligt de 1e verantwoordelijkheid bij de gemeente. De exacte planning moet nog nader met elkaar worden overeengekomen.
*PU22-02459*
Bijlage(n):
Pagina 2 van 4
Vraag 7
Waarom is niet gekozen om eerst een stedenbouwkundig plan voor het stationsgebied te maken en dan pas te beslissen over de verkoop aan een ontwikkelaar?
Antwoord van het college
Zoals in antwoord 4 verduidelijkt, wordt eerst gestart met het stedenbouwkundig ontwerp. En eerst als de haalbaarheid van de gehele transformatie is aangetoond, wordt er een besluit genomen over de verkoop van gemeentelijke gronden.
Vraag 8
Waarom probeert de gemeente niet zelf met TCN tot een akkoord te komen voor aankoop (en ontwikkeling), zonder tussenkomst van een derde partij?
Antwoord van het college
De gemeente voert geen actieve grondpolitiek en was dus niet voornemens om met TCN contact op te nemen over grondverwerving.
SDK en TCN waren voor het vaststellen van de WVG al met elkaar in gesprek. De gemeente wilde dit proces niet verstoren door hierin een rol te gaan spelen en kiest voor de oostzijde, zoals ook beantwoord bij vraag 1, voor de strategie van een integrale gebiedsontwikkeling.
Vraag 9
In het haalbaarheidsonderzoek schrijft u:”Het is raadzaam eerst te onderzoeken of de markt interesse heeft om te investeren in het Bestse stationsgebied en zo het gevoel te krijgen bij de realiteitswaarde van wensen en ambities.” Heeft een dergelijke marktconsultatie plaatsgevonden voordat de intentieovereenkomst is aangegaan met Stam en de Koning? Is Stam en De Koning de enige partij met wie de marktconsultatie heeft plaatsgevonden?
Antwoord van het college
De ‘noodzaak’ van de marktconsultatie (marktverkenning) was te onderzoeken of, gelet op onze ambitieuze wensen, de grote financiële risico’s en beperkte financiële middelen en de wens tot een integrale gebiedsontwikkeling van de oostzijde waar de gemeente (slechts) een facilitaire rol zou vervullen of er een marktpartij wel geïnteresseerd zou zijn in de ontwikkeling van deze transformatie. Toen bleek dat TCN bereid was haar gronden te verkopen aan SDK, zijnde één van de grootste ontwikkelaars in Nederland, kwam de noodzaak van een marktverkenning te vervallen.
Vraag 10
In de persverklaring staat dat de gronden van het Tapijtcentrum verkocht worden aan SDK, terwijl daar nog steeds een voorkeursrecht op rust. Het voorkeursrecht was juist er op gericht te voorkomen dat commerciële partijen de gronden zouden kopen en “een actieve en regisserende rol voor de gemeente” zouden verstoren. Waarom wordt verkoop aan derden nu wel toegestaan?
Antwoord van het college
Diverse partijen hebben in het verleden gepoogd de gronden en/of opstallen van TCN te verwerven. TCN is hier nooit op ingegaan. Maar nu TCN wel bereid is een groot gedeelte van haar gronden en opstallen te verkopen aan SDK, doet zich een unieke kans voor om de gewenste transformatie van het stationsgebied binnen een aantal jaren te realiseren. Door deze kans en het feit dat zij een zeer ervaren en deskundig ontwikkelbedrijf zijn, is de gemeente bereid TCN toestemming te geven haar zuidelijke gronden met opstallen te verkopen aan SDK.
Vraag 11
Op de overige percelen in het stationsgebied is nog steeds het voorkeursrecht van toepassing. Wordt daarvoor ook verkoop aan derden toegestaan? Of alleen als dit SDK is die daarmee een substantiële grondpositie moet gaan opbouwen? *PU22-02459* Bijlage(n): Pagina 3 van 4
Antwoord van het college
In het kader van de WVG dienen de gronden eerst te worden aangeboden aan de gemeente. Als een eigenaar zijn gronden niet wenst te verkopen aan de gemeente maar wel aan SDK, dan zal de gemeente opnieuw ontheffing van de WVG geven. Omdat dit de realisatie van de transformatie dichterbij brengt.
Vraag 12
Biedt de intentieovereenkomst ruimte voor aanpassingen in het vlekkenplan (zie haalbaarheidsstudie p.17) zoals verschuiving van functies tussen oost en west (bijv. parkeren voor het NS-station van west naar oost)? Het was immers de bedoeling van de raad om tijdens de dialoog met inwoners/belanghebbenden nog voldoende ontwerpvrijheid te hebben.
Antwoord van het college
Ja, deze ruimte is aanwezig. De raad en inwoners/belanghebbenden kunnen bij aanvang van het stedenbouwkundig ontwerpproces nog wensen inbrengen.
Aandachtspunt daarbij zal zijn te waken voor het stapelen van ambities zonder hier financiële consequenties aan te verbinden.
Bron: raadsinformatie van de gemeente Best (Open Raadsinformatie). De vragen en antwoorden zijn automatisch uit de brief gelezen; het origineel is leidend.