Nieuwe AZC Sportring
Een raadslid stelde op 5 maart 2026 schriftelijke vragen aan het college van burgemeester en wethouders van Delft.
Brief van het college
Deze brief is niet in losse vragen en antwoorden uit te lezen. Hieronder staat de tekst; het origineel staat via de link.
Ruimte en Economie Advies bezoekadres:
Stationsplein 1 2611 BV Delft IBAN NL21 BNGH 0285 0017 87 t.n.v. gemeente Delft Internet www.delft.nl Telefoon 14015 Retouradres : Postbus 78, 2600 ME Delft
Raadsleden S. Grobben en M. Koelewijn
Datum
Onderwerp
10-02-2026
bevoegdheid locatiekeuze AZC Nootdorpsepad/Sportring
Ons kenmerk
6413806 Uw brief van
18 januari 2026 Uw kenmerk Bijlage
Geachte mevrouw Grobben en de heer Koelewijn, Op 18 januari heeft u schriftelijke vragen gesteld over de bevoegdheid en de locatiekeuze AZC Nootdorpsepad/Sportring. Hierbij treft u de beantwoording aan.
Vraag 1: Op welke juridische grondslag baseert het college dat de keuze voor de locatie Nootdorpsepad/Sportring een collegebevoegdheid is en geen bevoegdheid van de gemeenteraad?
Antwoord: De uitvoering van een wet, in dit geval de Spreidingswet, is een uitvoerende taak van het college, conform artikel 160 lid 1 sub a van de gemeentewet. De bevoegdheid van het college voor het aanwijzen van een locatie is daarnaast specifiek vastgelegd in de spreidingswet, artikel 7. De taak van de gemeenteraad is ook vastgelegd in dit artikel.
Vraag 2 Hoe verhoudt de verplichting uit de spreidingswet om opvangplekken te realiseren zich tot de keuze voor deze specifieke locatie, nu de wet alleen ziet op aantallen en niet op locaties?
Antwoord: De wet verplicht de gemeenten een door het Rijk vastgesteld aantal duurzame opvangplekken te realiseren. De locatie waar dit wordt gedaan is een afweging van het college in het kader van het uitvoeren van de spreidingswet.
Vraag 3 Welke alternatieve locaties binnen Delft zijn onderzocht om aan de taakstelling te voldoen, en waarom is uiteindelijk gekozen voor het Nootdorpsepad/Sportring?
Antwoord: Er is breed binnen de gemeente gekeken naar verschillende opties, waaronder ook leegstaand vastgoed, ontwikkellocaties en braak liggende/niet in gebruik zijnde terreinen, zowel in gemeentelijk eigendom als in eigendom van derden. Hierbij is gekeken naar beschikbaarheid, omvang, voorzieningen en realisatie duur. De gekozen locatie is in eigendom van de gemeente en qua omvang en beschikbaarheid het meest geschikt.
Datum
10-02-2026 Ons kenmerk
6413806
Vraag 4 Bestaat er een expliciet raadsbesluit of delegatiebesluit waarin de gemeenteraad de bevoegdheid tot locatiekeuze voor asielopvang aan het college heeft overgedragen? Zo ja, welk besluit? Zo nee, waarom acht het college zich toch bevoegd?
Antwoord: De bevoegdheid van het college voor het aanwijzen van een locatie is vastgelegd in de spreidingswet, artikel 7. Zie ook het antwoord op vraag 1.
Vraag 5 Hoe borgt het college dat bij deze locatiekeuze sprake is van zorgvuldige en democratische besluitvorming, gezien de omvang, duur en maatschappelijke impact van deze opvanglocatie?
Antwoord: Het college heeft conform haar bevoegdheid een voorgenomen besluit genomen met het aanwijzen van een locatie. De gemeenteraad is hierbij betrokken middels een wensen en bedenkingenprocedure.
Daarnaast worden de organisaties en inwoners in de directe omgeving, waaronder de sportverenigingen, geïnformeerd over de voortgang van het proces en worden zij betrokken bij een zo goed mogelijke ruimtelijke inpassing.
Hoogachtend, het college van burgemeester en wethouders van Delft,
Maria Berger Loco-secretaris
Karin Schrederhof Loco-Burgemeester
2/2
Bron: raadsinformatie van de gemeente Delft (Open Raadsinformatie). De vragen en antwoorden zijn automatisch uit de brief gelezen; het origineel is leidend.