23 maart 2023 · artikel 35-vragen · gemeente Delft

Route naar klimaatneutraal

Een raadslid stelde op 23 maart 2023 schriftelijke vragen aan het college van burgemeester en wethouders van Delft.

Brief van het college

Deze brief is niet in losse vragen en antwoorden uit te lezen. Hieronder staat de tekst; het origineel staat via de link.

Programma's en Projecten

bezoekadres:

Stationsplein 1 2611 BV Delft IBAN NL21 BNGH 0285 0017 87 t.n.v. gemeente Delft Behandeld door Ellen Speetjens Retouradres : Postbus 78, 2600 ME Delft

Telefoon 06 51808293 [email protected]

De fractie van D66 T.a.v. de heer B. Analikwu

Datum

Onderwerp

07-02-2023

Beantwoording schriftelijke vragen Route naar klimaatneutraal in 2050

Ons kenmerk

Internet www.delft.nl Telefoon 14015

5395029 Uw brief van

2-12-2022 Uw kenmerk Bijlage

Geachte heer Analikwu, Op 2 december 2022 heeft u schriftelijke vragen gesteld over de CO2 monitor. Hierbij treft u de beantwoording aan.

Vraag 1:

Is het college het met ons eens dat de 60% doelstelling moet worden aangescherpt?

U geeft aan dat CO2-uitstoot niet enkel door de gemeente wordt bereikt. In het verleden is een relatief hoge reductie behaald. Deels komt dit doordat er activiteiten van derden en mobiliteit zijn verschoven buiten de gemeentegrenzen. Komende jaren zal de CO2-uitstoot door elektriciteitsopwekking dalen door toename van het aantal zonnepanelen en windmolens in heel Nederland. Hierdoor ligt het inderdaad in de lijn der verwachting dat de gemeente de doelstelling van 60% reductie in 2030 zal halen, door inspanningen die niet alleen door de gemeente zijn gestart of gestimuleerd.

U trekt de conclusie dat de doelstelling verhoogd kan worden. Het heeft echter niet de prioriteit van het college om deze stap nu te zetten.

Nederland heeft als doelstelling om in 2030 55% CO2-reductie te hebben behaald. Hiervoor moet beleid zich richten op 60%. Deze 60% is de nationale doelstelling die het college onderschrijft. Om uitstoot zo snel mogelijk zo veel mogelijk te verlagen concentreert het college zich op het uitvoeren van de juiste projecten. De uitvoeringsfase van de projecten met de meeste invloed bestrijkt meerdere jaren. Om CO2-reducties op tijd te behalen, is het nodig om de planning van deze projecten te waarborgen en de schaarse capaciteit daarop in te zetten. Het ter discussie stellen van de normering en de daarmee gepaarde uitwerking vraagt interne capaciteit.

Het college kiest om deze capaciteit in te zetten op de uitvoering van de benodigde projecten. Dit betekent niet dat een dergelijke discussie niet verdienstelijk wordt geacht, maar dat onder de huidige omstandigheden uitvoering dringender is. Binnen de prioritering van projecten blijft de bijdrage aan CO2-reductie, ongeacht de normering, een zwaarwegend aandachtspunt. Hierover zijn belangrijke keuzes te maken en graag gaat het college daarover in gesprek met de raad.

Datum

07-02-2023 Ons kenmerk

5395029

Het college beseft dat beleid en projecten zich nog lastig laten vertalen in een optelsom van CO2-reductie. Het is niet eenvoudig om grip te krijgen op de bouwblokken die nodig zijn om CO2-neutraal te worden. Het college is van mening dat er in de huidige aanpak wordt gestuurd op hoofdthema’s met voldoende inzicht dat die onmisbaar zijn om de doelstellingen te halen.

Deze thema’s en bijbehorende veranderingen zijn als volgt:

• Wonen: isoleren, van het gas af, zonnepanelen.

• Werken: bedrijfsprocessen verduurzamen, isoleren, van het gas af, zonnepanelen.

• Mobiliteit: meer verplaatsingen in de vorm van lopen en fietsen, deelvervoer, elektrisch rijden.

Het college geeft een doorrekening van de effecten van beleid en projecten op de CO2-uitstoot een lagere prioriteit dan de juiste projecten opstarten en uitvoeren en zal dus geen doorrekening laten maken.

Vraag 2:

Wil het college met een nieuwe doelstelling komen voor de reductie van broeikasgassen in 2030, waarbij de doelstelling eenzelfde ambitieniveau heeft als de landelijke 60%-doelstelling?

Zie antwoord vraag 1 Vraag 3:

Wil het college net als D66 een doorrekening van de effecten van het beleid op de uitstoot in 2030 laten uitvoeren? Zo nee, waarom niet?

Zie antwoord vraag 1 Vraag 4:

Het college is voornemens om een eigen routekaart op te stellen. Wil het college net als wij de Amsterdamse routekaart gebruiken als voorbeeld? Zo nee, waarom niet? Welke aspecten wil het college wél overnemen?

Het college is bezig met het opstellen van Routekaart Klimaatneutraal 2050 voor Delft die de bouwstenen voor klimaatneutraliteit in beeld zal brengen.

Zo werkt het college aan een verdere verkenning van beleidsopties waarop ingezet kan worden om klimaatneutraliteit te bereiken. Bij het opstellen van de Routekaart wordt bekeken in hoeverre het mogelijk is hier een doorrekening bij te voegen van CO2-reductie per bouwsteen.

Deze routekaart zal naar verwachting echter niet hetzelfde detailniveau en precisie hebben als die van Amsterdam, voornamelijk omdat Amsterdam over ruimschoots meer middelen beschikt dan Delft. Het college is blij dat er in de G4 al jaren hard wordt gewerkt aan verduurzaming, met ruimschoots grotere budgetten dan de G40. De G4 doet kennis en inzichten op en deelt deze proactief met andere gemeenten. Hierdoor wordt verduurzaming versneld. Echter, de producten die de G4 afleveren kunnen niet als standaard voor alle gemeenten gezien worden. Het college werkt nu aan de Routekaart Klimaatneutraal 2050 en kan nog geen uitspraak doen welke aspecten van de Amsterdamse routekaart van nut zullen zijn in de routekaart van Delft. Naar verwachting ontvangt de raad de routekaart in het tweede kwartaal van 2023.

2/3

Datum

07-02-2023 Ons kenmerk

5395029

Vraag 5:

5. Is het college het met ons eens dat een jaarlijkse rapportage nodig is?

Het college onderkent het nut van een jaarlijkse rapportage. Een dergelijke rapportage is momenteel in ontwikkeling en zal naar verwachting in het eerste kwartaal van 2023 naar de raad worden gestuurd. Deze rapportage kijkt – naast CO2-uitstoot – naar de bredere effecten van het beleid, zoals het aantal woningen die van het gas zijn gehaald of waarvan het energielabel verbeterd is. Naast prioritering van uitvoering en sturing op hoofdthema's, zal dus ook gemonitord worden of de gemeente op koers ligt de voorgenomen doelen te behalen.

Hoogachtend, het college van burgemeester en wethouders van Delft,

M. Berger Loco-secretaris

F.W.J. Vliet, van Loco-burgemeester

3/3

Bekijk de brief: 2306063 College van B&W - beantwoording schriftelijke vragen van de fractie D66 inzake Route naar klimaatneutraal

Bron: raadsinformatie van de gemeente Delft (Open Raadsinformatie). De vragen en antwoorden zijn automatisch uit de brief gelezen; het origineel is leidend.

Meer vragen aan het college van Delft

Alle artikel 35-vragen in Delft