vragen jaarstukken fracties SP, CDA en STIP
Een raadslid stelde op 29 juni 2023 schriftelijke vragen aan het college van burgemeester en wethouders van Delft (5 vragen).
In het kort
5 vragen en wat het college antwoordt
- Volgens het CDA zou een verantwoording van de bestemmingsreserve per programma zinvol zijn. → In elk beleidsprogramma wordt een voorstel tot afrekening van het resultaat in een bestemmingsreserve al benoemd.
- Vorig jaar heeft het CDA aandacht gevraagd voor de wijze van verantwoorden. → Het getal van €21,8 mln (2021) en €15,7 mln (2022) ligt genuanceerd dan het getal doet vermoeden.
- Het is mooi dat het Kader Natuurinclusief Bouwen onderdeel is geworden van planvorming en bestemmingsplannen. → Momenteel vindt een aanscherping plaats van het kader natuurinclusief bouwen en ontwikkelen (versie 2.0).
- Uit onze technische vragen blijkt dat het Actieplan Maatschappelijk Verantwoord Inkopen de afgelopen drie jaar niet is gemonitord door de raad. → De afgelopen periode heeft de focus op de implementatie en de uitvoering van het actieplan gelegen.
- Er komt een nieuw actieplan. → Hoe wordt de raad bij het opstellen van dit plan betrokken?
Overgenomen uit de brief van het college; hieronder staan de volledige vragen en antwoorden.
Aanleiding
Vragen CDA over 'Raadsvoorstel over de jaarstukken 2022'
Vragen en antwoorden
Vraag 1
Volgens het CDA zou een verantwoording van de bestemmingsreserve per programma zinvol zijn. Zo komt er meer zicht voor de raad op ruimte in programma’s. Bijvoorbeeld: het mobiliteitsprogramma waar €1,5 mln onderbesteding blijkt te zijn. Voor de transparantie zou het raadzaam zijn dit te verantwoorden op de manier zoals hierboven geschetst. Deelt de wethouder die opvatting?
Antwoord van het college
In elk beleidsprogramma wordt een voorstel tot afrekening van het resultaat in een bestemmingsreserve al benoemd.
Vraag 2
Vorig jaar heeft het CDA aandacht gevraagd voor de wijze van verantwoorden. Juist in de Stadskrant is het verstandig een compleet beeld te schetsen van de algehele situatie; wat betekent een overschot?
Antwoord van het college
Het getal van €21,8 mln (2021) en €15,7 mln (2022) ligt genuanceerd dan het getal doet vermoeden. Dit past in het transparant maken van de P&C cyclus en het CDA wil graag dat de wethouder dit alsnog gestalte geeft in de Stadskrant. Hoe staat de wethouder daar tegenover?
Het college kan zich vinden in de oproep van het CDA om een zo compleet mogelijk beeld te schetsen over de financiële situatie. Echter voor dit jaar lijkt het college dat niet meer zinvol. Volgend jaar zal het college bekijken op welke wijze het jaarresultaat, ook in de stadskrant, beter geduid kan worden en op welke wijze de nuance over het resultaat kan worden aangebracht.
Vragen SP over 'Raadsvoorstel over de jaarstukken 2022' – commissie algemeen 22 juni 2023 Vragen SP De SP heeft de volgende gesteld in de commissie algemeen over de jaarstukken 2022.
Volgens PwC zijn de kosten jeugdzorg gestegen en die van de wmo gedaald.
1. Kan het college hier concreter over zijn? Oftewel: hoe is deze situatie ontstaan?
2. Kan het college vertellen hoe deze situatie in 2026 eruit gaat zien, zal zijn? (u heeft vast al een fantasie hierover) Antwoord De kostenstijging in de jeugdzorg wordt ingegeven door verschillende ontwikkelingen. Onder andere nominale groei en indexatie van zorgkosten. Daarnaast is de gemeente verantwoordelijk voor de uitvoering en kwaliteit van zorg. De groei van het aantal jeugdigen in jeugdzorg lijkt de afgelopen jaren te stabiliseren. Ook in dat geval kunnen de zorgkosten stijgen vanwege de inzet van intensieve vormen van zorg of door een hoge zorgintensiteit. Wat betreft de Wmo is er alleen bij maatwerkvoorzieningen (scootmobielen) sprake van een lichte daling. Dit betreft een fluctuerend uitgavepatroon door de jaren heen. We herkennen de cijfers in het PWC rapport dus niet.
Voor de toekomst is het niet aannemelijk dat de kosten voor de Wmo zullen dalen: de (personeels)kosten in de zorg stijgen en ook de vraag zal als gevolg van de vergrijzing toenemen. Met de maatregelen uit het actieplan willen we de verwachtte kostenstijging wel zo veel mogelijk te beperken.
In 2021 is de regiovisie jeugdzorg Haaglanden vastgesteld welke loopt van 2021-2026 (RIS: 2137704).
Gezamenlijk werken we tenminste tot en met 2026 aan ambities ten aanzien van de jeugdzorg: 1.
Versterken van het gewone opvoeden en opgroeien, 2. Tijdig inzetten van passende hulp, 3. Kinderen groeien zo thuis mogelijk op, 4. Duurzaam veilig opgroeien en 5. Jeugdhulp en onderwijs werken effectief samen. Door in te spannen op deze ambities zetten we in op de kwaliteit van zorg en op het betaalbaar houden van het jeugdhulpstelsel.
Vragen STIP over 'Raadsvoorstel over de jaarstukken 2022' – commissie algemeen 22 juni 2023
1. We gaan al aan de slag met het vergroenen van parkeerplekken. Kijkt het college ook naar het vergroenen van trambanen en bestrating met waterdoorlatende bestrating (bijvoorbeeld vanuit The Green Village of het project van YES!Delft)?
In het verleden is waterdoorlatende verharding toegepast op verschillende plekken in Delft. Uit onderzoek en ervaring blijkt dat dit systeem zeer kostbaar is, waarbij de beheersmaatregelen niet voldoende zijn om het systeem blijvend te laten werken. De locaties waar dit toegepast is, worden weer omgebouwd (kolken toevoegen waarna het water via de kolk in het infiltratiepakket terecht komt en kan infiltreren in de bodem). In Delft kiezen we daarom voor een DT riool (drainage transport). Het water wat op de weg valt kan via de kolken en het DT riool infiltreren in de ondergrond.
Grasparkeervakkenpassen we standaard toe in Delft. Wel blijven we opletten op welke plekken dit werkt en niet werkt. We leren van bestaande locaties. Hierbij maken we samen met de gemeente Rotterdam een tool om keuzes te kunnen maken op basis van welke randvoorwaarden een groen parkeervak kan werken. Maar belangrijker nog welke randvoorwaarden zijn bepalend voor het succes. Hierbij staan innovaties niet stil en maken we gebruik van de ontwikkelingen zoals toegepast op de The Green Village.
Belangrijker nog is de inzet op echt vergroenen door het verminderen van verharding in de openbare ruimte. Dit plantseizoen starten we hiermee. Maar ook door straten langs watergangen 'op één oor' te leggen (daarmee komt het profiel van de straat in de richting van de sloot te liggen). Hierdoor loopt het water via de straat en het groen richting de watergang.
2. Uit onze technische vraag over hittestress blijkt dat de meest recente, grote gebiedsontwikkelingen (Stationsgebied, Spoorsingel, Nieuw Delft) de meeste hete plekken van Delft zijn. Dat zouden we bij nieuwe gebiedsontwikkelingen toch eigenlijk vóór moeten zijn. Hoe gaat het college voorkomen dat Schieoevers straks ook tot de heetste plekken in Delft behoort?
Het college deelt de zorg rondom het optreden van hittestress in Schieoevers. Het voorkomen van hittestress is dan ook een van de aspecten die als randvoorwaarde is meegegeven bij de ontwikkeling van Schieoevers. Binnen de ontwikkeling dragen in ieder geval het park aan de Schie en de schaduwwerking van de hoogbouw nadrukkelijk bij aan enige mate van verkoeling. Daarnaast wordt ingezet op vergroening van onder andere de binnentuinen. Indien nodig zullen aanvullende maatregelen getroffen moeten worden.
Vraag 3
Het is mooi dat het Kader Natuurinclusief Bouwen onderdeel is geworden van planvorming en bestemmingsplannen. Hoe wil het college er echter voor gaan zorgen dat we op tijd, tussentijds onze ambities kunnen aanscherpen?
Antwoord van het college
Momenteel vindt een aanscherping plaats van het kader natuurinclusief bouwen en ontwikkelen (versie 2.0). Zowel in de beschrijving van de maatregelen, het realiseren van biotopen, het toepassen van het kader bij gebiedsontwikkeling als in de borging.
Vraag 4
Uit onze technische vragen blijkt dat het Actieplan Maatschappelijk Verantwoord Inkopen de afgelopen drie jaar niet is gemonitord door de raad. Dit terwijl 'meten en rapporteren' als een belangrijk onderdeel is benoemd. Kan het college daarop reflecteren?
Antwoord van het college
De afgelopen periode heeft de focus op de implementatie en de uitvoering van het actieplan gelegen. Mede door andere prioriteiten is de monitoring hierop nog niet goed ontwikkeld.
Vraag 5
Er komt een nieuw actieplan. Wanneer is dit actieplan er?
Antwoord van het college
Hoe wordt de raad bij het opstellen van dit plan betrokken? Hoe zorgen we ervoor dat de raad de daaropvolgende jaren wel kan monitoren?
Het actieplan Maatschappelijk Verantwoord Inkopen wordt voor het einde van het jaar (Q4) opgeleverd. Na oplevering wordt de raad geïnformeerd. Onderdeel van het nieuwe convenant en actieplan is een monitoringsrapportage die jaarlijks met het ministerie van I&W gedeeld moet worden. Deze rapportage komt dan ook ter beschikking van de raad.
Bekijk de brief: beantwoording vragen jaarstukken fracties SP, CDA en STIP
Bron: raadsinformatie van de gemeente Delft (Open Raadsinformatie). De vragen en antwoorden zijn automatisch uit de brief gelezen; het origineel is leidend.