15 november 2023 · artikel 35-vragen · gemeente Den Haag

RIS317014 Beantwoording vragen raadscommissie Ruimte d.d. 25 oktober 2023

Een raadslid stelde op 15 november 2023 schriftelijke vragen aan het college van burgemeester en wethouders van Den Haag (2 vragen).

In het kort

2 vragen en wat het college antwoordt

  • Moet de begrippenlijst in de verordening worden uitgebreid conform de vragen van SOS Den Haag van 24 oktober 2023? → Ten aanzien van het voorstel voor de Verordening adviescommissie omgevingskwaliteit en cultureel erfgoed Den Haag 2024 gaat het om de volgende punten:
  • Als de commissie direct aan de raad adviseert (artikel 2:3), waarom moet dit dan eerst langs het college? → Beantwoording vragen ten aanzien van de Erfgoedverordening Den Haag 2024.

Overgenomen uit de brief van het college; hieronder staan de volledige vragen en antwoorden.

Aanleiding

Typ tekstTyp tekstTyp tekst

Saskia Bruines Wethouder van Financiën, Cultuur en Economische ontwikkeling

040

Retouradres: Postbus 12600, 2500 DJ Den Haag

Ons kenmerk

Aan de voorzitter van de commissie Bestuur

DSO/10634306 RIS317014 Contactpersoon

Ilse Rijneveld Dienst

Dienst Stedelijke Ontwikkeling Afdeling

Monumentenzorg & Welstand Telefoonnummer

14070 E-mailadres

[email protected]

Datum

7 november 2023 Onderwerp

Beantwoording vragen raadscommissie Ruimte d.d. 25 oktober 2023

Geachte voorzitter, Op 25 november 2022 heb ik in de raadscommissie Ruimte het raadsvoorstel Erfgoedverordening Den Haag 2024 en Verordening adviescommissie omgevingskwaliteit Den Haag 2024 toegelicht. Een aantal van uw vragen, vraagt om een meer uitgebreide toelichting en daar kom ik in deze brief op terug.

Ten aanzien van het voorstel voor de Erfgoedverordening Den Haag 2024 gaat dit om de volgende punten:

Vragen en antwoorden

Vraag 1

Moet de begrippenlijst in de verordening worden uitgebreid conform de vragen van SOS Den Haag van 24 oktober 2023?

Antwoord van het college

Ten aanzien van het voorstel voor de Verordening adviescommissie omgevingskwaliteit en cultureel erfgoed Den Haag 2024 gaat het om de volgende punten:

Vraag 2

Als de commissie direct aan de raad adviseert (artikel 2:3), waarom moet dit dan eerst langs het college?

Antwoord van het college

Beantwoording vragen ten aanzien van de Erfgoedverordening Den Haag 2024.

Ad 1. Verzoek van derden tot aanwijzing Hoewel dit artikel niet expliciet in de verordening is opgenomen, is het wel degelijk mogelijk het college een verzoek te sturen tot het aanwijzen van een pand als monument. Het college zal in zo’n geval onderzoeken of het verzoek zou moeten leiden tot een nieuwe aanwijzing.

Gemeente Den Haag

Spui 70 Den Haag

Postbus 12600 2500 DJ Den Haag

T 14070 www.denhaag.nl

Gemeente Den Haag Ons kenmerk

DSO/10634306

In het recente verleden zijn bijvoorbeeld Elandstraat 12 en Laan van Meerdervoort 111 aangewezen door het college naar aanleiding van een verzoek van derden. Omdat het aanwijzen op verzoek nu al mogelijk is, is het niet nodig om het artikel expliciet op te nemen in de verordening.

Als we dit artikel wel in de verordening zouden opnemen, kan dit ingrijpende gevolgen hebben voor lopende planontwikkelingen waardoor de uitvoering ervan vertraagt. Deze periode kan zeer lang duren bij bezwaar, beroep een hoger beroep. Het is in de verordening niet mogelijk om panden voor een aanwijsverzoek uit te sluiten indien sloop en nieuwe ruimtelijke ontwikkelingen al zijn voorzien. In deze processen kan het gemeentebestuur vanwege vertraging in planvorming een onbehoorlijk bestuur toegerekend worden en dat willen we voorkomen. Indien gewenst, kunnen wij de raad informeren over de beantwoording van verzoeken tot het aanwijzen van panden aan het college, om daarmee het inzicht in de lopende ontwikkelingen en de handelswijze van het college te verduidelijken.

Ad 2. Rol van de raad bij aanwijzing Wij respecteren de wens van de raad om meer betrokken te worden bij de aanwijsprocedure van het college. Gezien de private belangen van de eigenaar en de benodigde geheimhouding van het besluit, vraagt dit verzoek van de raad om een zorgvuldige juridische uitwerking. Daarom zullen wij dit nader uitzoeken en zullen we voor de eerst aankomende aanwijsronde in 2024 met een voorstel komen hoe de raad bij de aanwijsprocedure betrokken kan worden.

Ad 3. Uitbreiding begrippenlijst Erfgoedverordening In een reactie op het raadsvoorstel van SOS Den Haag van 24 oktober 2023 wordt voorgesteld om de begrippenlijst van de Erfgoedverordening uit te breiden met onder andere de begrippen ‘ordekaart’ en ‘karakteristiek pand’. SOS Den Haag baseert dit verzoek op eerdere toezeggingen van het college om de bescherming van gemeentelijke beschermde stadsgezichten beter in het bestemmingsplan te borgen.

Omdat de bescherming van beschermde stadsgezichten zowel onder de huidige wetgeving als onder de Omgevingswet in het bestemmingsplan dan wel omgevingsplan geborgd moet worden, is het niet mogelijk dit via de Erfgoedverordening te regelen. Het opnemen van deze begrippen in de begripsomschrijving zou ook geen enkele juridische betekenis kunnen hebben en dus alleen tot meer verwarring leiden. In een brief van het college aan de raadscommissie, Beschermde stads- en dorpsgezichten, 17 november 2015 RIS 288633) is het college ingegaan op de bescherming van de stadsgezichten middels het bestemmingsplan. Om helderheid te geven over de toenmalige toezeggingen, zullen wij de vragen van SOS Den Haag schriftelijk beantwoorden, in de bijlage vindt u een weergave van deze beantwoording.

Beantwoording vragen ten aanzien van de verordening Adviescommissie Omgevingskwaliteit en cultureel erfgoed Den Haag 2024 Ad 4. Vaststellen Reglement door Adviescommissie of college In de VNG modelverordening is opgenomen dat de Adviescommissie zelf haar reglement van orde vaststelt. Sommige gemeenten (bijvoorbeeld Delft en Rotterdam) hebben ervoor gekozen om het reglement vast te laten stellen door het college. Het college is immers verantwoordelijk voor de dienstverlening aan de burgers en voor de ondersteuning van de commissie. In Den Haag is dit bij meerdere commissies ook zo geregeld. Daarom beschouwen wij het reglement als een verantwoordelijkheid van het college. Wij streven ernaar de onafhankelijke adviesrol van de Adviescommissie te ondersteunen en te faciliteren. Wij hebben daarover regelmatig contact met de Adviescommissie en het reglement is daartoe eenvoudig aan te passen. Wij zullen de Adviescommissie jaarlijks om een terugkoppeling vragen om te bezien op welke punten het reglement verbetering of actualisatie nodig kan zijn.

2/3

Gemeente Den Haag Ons kenmerk

DSO/10634306

Ad 5. Concepttekst reglement De concepttekst van het reglement Adviescommissie omgevingskwaliteit en cultureel Erfgoed Den Haag 2024 is als bijlage ter kennisname opgenomen bij deze brief. Een eerdere versie hiervan is afgestemd met onder andere het Haags monumentenplatform. Bij nader inzien is de benoemingsprocedure niet opgenomen in het reglement. Deze procedure is toegelicht in de brief beleidsneutraal instellen Adviescommissie omgevingskwaliteit Den Haag (RIS 313254) en zal als werkafspraak voortgezet blijven worden. De bijlage betreft een conceptversie van het reglement, dus het is mogelijk dat er nog wijzigingen in worden aangebracht voordat het wordt definitief wordt vastgesteld.

Ad 6. Advies op initiatief van de commissie, artikel 2:3 Voor het merendeel van de adviezen van de commissie geldt dat het college bevoegd is te beslissen. De situaties dat de commissie aan de raad adviseert, zullen naar verwachting uitzonderlijk zijn. Om de afstemming tussen het college en de raad optimaal te laten verlopen, vinden wij het belangrijk om het onafhankelijke advies van de commissie van een reactie van het college te voorzien, zodat de raad de uiteenlopende standpunten kan meenemen in haar discussie. Het kan voorkomen dat het college zwaarwegende motieven heeft om een besluit te nemen dat afwijkt van het advies van de Adviescommissie. Het is nadrukkelijk niet bedoeld om adviezen achter te houden. Dat zou in strijd zijn met de redelijke termijn die in het artikel wordt genoemd. Wij stellen als werkafspraak voor dat de Adviescommissie omgevingskwaliteit en cultureel erfgoed Den Haag in haar jaarverslag dergelijke uitzonderlijke situaties toelicht zodat ook de raad kan blijven controleren of de huidige formulering volstaat en dat zij daardoor inderdaad tijdig en volledig geïnformeerd blijft worden. Overigens gaan wij een kleine aanpassing in de formulering voor artikel 2:3 lid 2 voorstellen. Dit om de bedoeling van het artikel wat beter weer te geven. Het gaat er alleen om dat het college kan reageren op het advies. De procedure is in lid 1 al benoemd. Wij zullen u op korte termijn een wijzigigingvoorstel van voornoemd artikel in procedure brengen om deze tekst in de verordening aan te passen.

Nu staat er:

Artikel 2:3 Advies op initiatief van de commissie 1.

De commissie kan het college of de raad, op eigen initiatief adviseren, indien dit de omgevingskwaliteit en het beleid ten aanzien van omgevingskwaliteit ten goede komt. 2.

Het college krijgt voorafgaand aan een advies van de commissie aan de raad de gelegenheid om binnen een redelijke termijn op het advies te reageren.

Wij hopen u hiermee voldoende te hebben geïnformeerd,

Bekijk de brief: RIS317014 Beantwoording vragen raadscommissie Ruimte d.d. 25 oktober 2023

Bron: raadsinformatie van de gemeente Den Haag (Open Raadsinformatie). De vragen en antwoorden zijn automatisch uit de brief gelezen; het origineel is leidend.

Meer vragen aan het college van Den Haag

Alle artikel 35-vragen in Den Haag