RIS317720 Schriftelijke vragen Racisme en discriminatie in de Jeugdhulp
Een raadslid stelde op 2 april 2024 schriftelijke vragen aan het college van burgemeester en wethouders van Den Haag (14 vragen).
In het kort
14 vragen en wat het college antwoordt
- Is het college op de hoogte van het Movisie en Verwey-Jonker Instituut onderzoek over racisme in de jeugdzorg? → Ja, het college is hiervan op de hoogte.
- De Haagse Stadspartij is erg geschrokken van dit rapport en vindt het zeer zorgelijk. → Graag een uitgebreide toelichting.
- Uit het onderzoek blijkt dat de meld- en klachtenprocedures vaak niet adequaat zijn. → Zo nee, waarom niet?
- Is het college bereid de meld- en klachtenprocedures te toetsen aan de wettelijke vereisten? → Zo ja, wanneer plant het college dit te doen?
- Is het college bereid richtlijnen te ontwikkelen voor jeugdzorginstellingen voor de follow-up en nazorg van discriminatiemeldingen? → Zo nee, waarom niet?
- Kan het college onderzoeken en aangeven hoeveel jeugdzorgorganisaties antidiscriminatietrainingen aanbieden, en bij hoeveel van deze organisaties de trainingen… → Welke rol speelt racisme in deze trainingen en hoe zit het met antiLGBTQIA+ aspecten?
- Kan het college nagaan en aangeven welk percentage van de werknemers van jeugdzorgorganisaties die anti-discriminatietrainingen aanbieden, deze ook daadwerkelijk hebben… → Zo nee, waarom niet?
- Kan het college aangeven hoe vaak er verplichte anti-discriminatie trainingen gegeven worden, wie deze (verplichte en vrijblijvende) trainingen geven, met welke bureaus… → Nee, er is geen inzicht in deze gegevens.
Overgenomen uit de brief van het college; hieronder staan de volledige vragen en antwoorden.
Aanleiding
Datum
2 april 2024 Onderwerp
Antwoord van het college op de vragen van het raadslid mevrouw Faïd, luidend: ‘Schriftelijke vragen Racisme en discriminatie in de jeugdhulp’
BEANTWOORDING SCHRIFTELIJKE VRAGEN Ons kenmerk
OCW/10715213 RIS17720
Het raadslid mevrouw Faïd heeft op 23 januari 2024 een brief met daarin veertien vragen aan de voorzitter van de gemeenteraad gericht.
Overeenkomstig artikel 30 van het reglement van orde voor vergaderingen en andere werkzaamheden van de raad, beantwoordt het college deze vragen als volgt.
Naar aanleiding van het onderzoek van Movisie en het Verwey-Jonker instituut over racisme in de jeugdzorg heeft de Haagse Stadspartij enkele vragen over de jeugdzorg in Den Haag.
Vragen en antwoorden
Vraag 1
Is het college op de hoogte van het Movisie en Verwey-Jonker Instituut onderzoek over racisme in de jeugdzorg?
Antwoord van het college
Ja, het college is hiervan op de hoogte.
Vraag 2
De Haagse Stadspartij is erg geschrokken van dit rapport en vindt het zeer zorgelijk. Wat is de reactie van het college op dit onderzoeksrapport?
Antwoord van het college
Graag een uitgebreide toelichting.
Het college is het eens met de Haagse stadspartij dat het een zorgelijk rapport is. Kinderen in de jeugdhulp bevinden zich vaak in een kwetsbare positie. Discriminatie en racisme horen nergens thuis, ook niet in de jeugdhulp.
Vraag 3
Uit het onderzoek blijkt dat de meld- en klachtenprocedures vaak niet adequaat zijn. Kan het college uitgebreid toelichten hoe deze procedures in Den Haag zijn geregeld en of de bescherming van melders wordt gewaarborgd?
Antwoord van het college
Zo nee, waarom niet?
Als het gaat om de klachtenprocedure met betrekking tot klachten over personeel van de gemeente Den Haag dan is deze op een laagdrempelige manier toegankelijk voor iedereen. Een klacht indienen kan via de website, telefonisch of per brief. Op het moment dat er mogelijk sprake is van discriminatie, dan wordt dit voorgelegd aan Bureau Integriteit voor beoordeling.
Ten aanzien van klachten over jeugdhulpaanbieders dan is in de resultaatovereenkomst opgenomen dat een jeugdhulpaanbieder een klachtenregeling moet hebben (punt 12). Wettelijk is vastgelegd waar deze aan moet voldoen, in artikel 4.2.a. van de jeugdwet. Alle (zorg)aanbieders moeten daarnaast per kwartaal een overzicht van de afgehandelde klachten aanleveren, op zodanig abstractieniveau dat dit geen persoonsgegevens bevat. Er wordt geen aparte opgave gevraagd van klachten die over discriminatie gaan.
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
OCW/10715213
Er zijn ook manieren om een klacht kenbaar te maken buiten de gemeente en de jeugdhulpaanbieders om:
• Jeugdstem is een organisatie die onafhankelijke vertrouwenspersonen biedt voor kinderen/gezinnen in de jeugdhulp;
• de Jeugdombudsman;
• de Inspectie Gezondheidszorg Jeugd;
• het kwaliteitsregister jeugd (SKJ);
• specifiek voor discriminatie is het meldpunt discriminatie1.
Alle partijen dienen zich te houden aan de Algemene Verordening Gegevensbescherming (AVG).
Vraag 4
Is het college bereid de meld- en klachtenprocedures te toetsen aan de wettelijke vereisten?
Antwoord van het college
Zo ja, wanneer plant het college dit te doen? Zo nee, waarom niet?
De klachtenregeling van de gemeente Den Haag voldoet aan de wettelijke eisen uit hoofdstuk 9 van de Awb en § 4.2.a. Klachtrecht van de Jeugdwet. Ook de klachtenregeling van een jeugdhulpaanbieder moet voldoen aan § 4.2.a. van de jeugdwet. In de resultaatovereenkomst staat beschreven in onderdeel 12 wat de gemeente verwacht van klachtenafhandeling 2. Een zorgaanbieder kan niet worden gecontracteerd wanneer er geen juiste klachtenregeling is. Contractmanagement toetst of de zorgaanbieder de resultaatovereenkomst wordt nageleefd. De zorgaanbieders rapporteren over deze klachtenafhandeling in de kwartaalgesprekken met contractmanagement.
Vanuit de afdeling klachten van de gemeente den Haag wordt toezicht gehouden op de termijnen en vereisten zoals genoemd in de wet. Op het moment dat een klacht is afgerond door een klachtbehandelaar wordt getoetst of de klacht naar behoren is afgerond.
Vraag 5
Is het college bereid richtlijnen te ontwikkelen voor jeugdzorginstellingen voor de follow-up en nazorg van discriminatiemeldingen?
Antwoord van het college
Zo nee, waarom niet?
Voor alle klachten geldt dat dit valt onder het protocol klachtenafhandeling, dat is vastgelegd in de wet.
Klachten over discriminatie en racisme vallen daar ook onder. Hierdoor is er geen noodzaak voor aparte richtlijnen. Wel is het onderwerp dermate van belang dat er serieus aandacht aan wordt besteed, zie verdere beantwoording bij vraag 6.
Vraag 6
Kan het college onderzoeken en aangeven hoeveel jeugdzorgorganisaties antidiscriminatietrainingen aanbieden, en bij hoeveel van deze organisaties de trainingen vrijblijvend zijn?
Antwoord van het college
Welke rol speelt racisme in deze trainingen en hoe zit het met antiLGBTQIA+ aspecten? Indien dit niet mogelijk is, waarom niet?
Een jeugdhulporganisatie is zelf verantwoordelijk voor hun inclusiviteits- en diversiteitsbeleid en het aanbieden van trainingen aan hun werknemers. Hier worden geen registraties van opgevraagd bij de gecontracteerde zorgaanbieders. Jeugdhulpaanbieders trainen hun werknemers op onderwerpen als agressie, discriminatie en racisme of klachtenafhandeling. Deze (en andere) trainingen vormen een onderdeel van de SKJ-registratie.
1
https://discriminatie.nl/
2
https://sbjh.nl/wp-content/uploads/2023/12/RODH-Resultaatovereenkomst-Jeugdhulp-2021-ev-DH-V6-20240101.pdf
2/5
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
OCW/10715213
Naar aanleiding van het onderzoek van Verwey-Jonker, maar ook een eerder onderzoek dat is gedaan door Movisie over queersensitief werken in de jeugdhulp, wordt er meer aandacht gegeven aan diversiteit en inclusie in de jeugdhulp door:
• De organisatie van een ontwikkeltafel met jeugdhulpaanbieders met als onderwerp diversiteit en inclusie in de jeugdhulp. De verwachting is dat deze later in het jaar plaats zal vinden (Q3/Q4).
• Vanuit JONG! Doet mee en/of ExpEx worden gesprekken gevoerd over de mogelijkheid tot een jongerenpanel met als aandachtsgebied diversiteit en inclusie in de jeugdhulp. Hieronder vallen onderwerpen zoals: discriminatie, racisme en queervraagstukken. Dit wordt in gezamenlijkheid met de dienst SZW (inclusief samenleven) gedaan.
Vraag 7
Kan het college nagaan en aangeven welk percentage van de werknemers van jeugdzorgorganisaties die anti-discriminatietrainingen aanbieden, deze ook daadwerkelijk hebben gevolgd?
Antwoord van het college
Zo nee, waarom niet?
Nee, er is geen inzicht in deze gegevens, zie antwoord vraag 6.
Vraag 8
Kan het college aangeven hoe vaak er verplichte anti-discriminatie trainingen gegeven worden, wie deze (verplichte en vrijblijvende) trainingen geven, met welke bureaus wordt samengewerkt en hoe ervaringsdeskundigen zoals ExpEx en LBVSO hierbij betrokken zijn?
Antwoord van het college
Nee, er is geen inzicht in deze gegevens. Zie antwoord vraag 6.
Vraag 9
Kan het college aangeven hoeveel zwarte mensen en mensen van kleur in beleidsbepalende functies binnen jeugdzorgorganisaties in Den Haag werkzaam zijn?
Antwoord van het college
Zo nee, waarom niet?
Voor dit doel is het wettelijk niet toegestaan om deze gegevens bij te houden.
Wel is in de aanbestedingsdocumenten voor de te vormen samenwerkingsverbanden (RIS315245) in het programma van eisen (eis 19) opgenomen: “Diversiteit en cultuur-sensitief werken:
De Jeugdhulpaanbieder waarborgt toegankelijkheid, bereikbaarheid, kwaliteit en effectiviteit van de hulp en ondersteuning voor inwoners, cliënten en hun opvoeders ongeacht hun achtergrond (cultuur, etniciteit, geloof, gender, seksuele oriëntatie, etc.) en eventuele taalbarrières. Ook als dat een aanpassing van de werkwijze betreft. De Jeugdhulpaanbieder voert hiertoe actief beleid in diversiteit en cultuursensitief werken.” In de contracten met de zorgaanbieders in artikel 11 lid 19 van de resultaatovereenkomst het volgende opgenomen t.a.v. diversiteit en inclusie: “Opdrachtnemer spant zich in om ten aanzien van de in te zetten medewerkers en stagiair(e)s voor de Resultaatovereenkomst een personeelspool te realiseren die de samenstelling van de cliëntenpopulatie weerspiegelt, gelet op bijvoorbeeld gender, afkomst, etniciteit en culturele en religieuze achtergrond.” In de verordening jeugdhulp Den Haag (artikel 2.3 tweede lid sub f) is vastgelegd: “hoe, als de jeugdige of zijn ouders dat wenst, bij de bepaling van de aangewezen vorm van jeugdhulp zo goed mogelijk rekening is gehouden met de godsdienstige gezindheid, de levensovertuiging en de culturele achtergrond van de jeugdige of zijn ouders.”
3/5
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
OCW/10715213
’Door verschillende respondenten met wie is gesproken voor dit onderzoek wordt opgemerkt dat mensen in de jeugdzorg met een hele ‘Westerse bril’ kijken naar gezinnen en problematiek.
Daarnaast geven professionals aan dat op verschillende formulieren in de jeugdzorg ‘ras’ en etniciteit zijn opgenomen’’.
Vraag 10
Kan het college de 'westerse waarden' toelichten en duiden zoals die in het onderzoek worden genoemd?
Antwoord van het college
Wat houdt de westerse kijk op gezinnen in en hoe verschilt deze van de waarden van niet-westerse mensen? Zo nee, waarom niet?
Dit kan helaas niet worden toegelicht. Deze opmerking is het antwoord van een respondent binnen het onderzoek, het college kan geen toelichting geven op wat de respondent hieronder verstaat.
Vraag 11
Is het college het met de Haagse Stadspartij eens dat het hanteren van een 'westerse bril' problematisch is gezien de samenstelling van de bevolking in Den Haag?
Antwoord van het college
Zo ja, wat zijn de plannen van het college om deze kijk op de samenleving in de jeugdzorg aan te pakken? Zo nee, waarom niet?
Het college is zich ervan bewust dat de samenstelling van de Haagse bevolking zeer divers is, onder andere op het gebied van culturele achtergrond. Daarom vindt het college het belangrijk dat er ruimte is voor cultuursensitiviteit binnen de zorg om mensen op de best mogelijke manier zorg te bieden die zij nodig hebben. In dit licht is (onder andere) op 21 december 2022 de ingediende motie ‘Cultuur sensitieve jeugdhulp borgen voor de toekomst’ (RIS314142) aangenomen en afgedaan. Hierin staat dat het bieden van cultuur sensitieve zorg is opgenomen in het programma van eisen. Daarmee is het onderdeel van de overeenkomst, de uitvoering daarvan wordt doorlopend gemonitord.
Vraag 12
Is het college het met de Haagse Stadspartij eens dat het systematisch vastleggen van 'ras' en etniciteit in formulieren kan leiden tot etnisch profileren en ongelijke behandeling van jongeren?
Antwoord van het college
Zo ja, is het college het ermee eens dat dit moet stoppen, en hoe wil het college dit bewerkstelligen?
Zo nee, waarom niet?
Het college is het eens dat het systematisch vastleggen van ‘ras’ en etniciteit in formulieren kan leiden tot etnisch profileren. Het is niet toegestaan om etnische gegevens vast te leggen volgens de AVG. Er zijn enkele uitzonderingen op het verwerkingsverbod bijzondere persoonsgegevens, als registratie noodzakelijk is voor de behandeling van een persoon.
Het is belangrijk om hier aanhoudend aandacht voor te hebben en voorzichtig mee te zijn. Uitvraag naar achtergrond (t.b.v. cultuur sensitief werken) kan echter ook kwaliteit van zorg of hulp verbeteren.
Met name in de zorg/jeugdhulp; verschillende bevolkingsgroepen kunnen verschillende gezondheidsof mentale problemen ontwikkelen. Om goed cultuursensitief te kunnen werken is het uitvragen en/of beschrijven van achtergrond soms noodzakelijk. Hier bestaat een uitzonderingsgrond voor.
Vraag 13
Is het college bereid om in samenwerking met jeugdzorginstellingen beleid te ontwikkelen ter ondersteuning van hulpverleners in de omgang met discriminatie, en welke rol spelen leidinggevenden en collega's hierbij?
Antwoord van het college
Zo nee, waarom niet?
Het college is bereid om met jeugdhulpaanbieders in gesprek te gaan. Het college wil dit doen door hierover een regionale ontwikkeltafel met gemeenten en aanbieders over te organiseren in de regio Haaglanden.
4/5
Gemeente Den Haag Ons kenmerk
OCW/10715213
Vraag 14
Is het college bereid samen te werken met relevante partijen zoals de Rijksoverheid en beroepsverenigingen om duidelijk beleid en normstelling tegen discriminatie in jeugdzorginstellingen te bevorderen?
Antwoord van het college
Zo niet, waarom niet?
Het college is hier doorlopend mee bezig.
Het thema diversiteit en inclusie heeft als algemeen thema veel aandacht binnen de gemeente Den Haag. Ook landelijk heeft dit onderwerp veel aandacht. Het is belangrijk dat iedereen zich thuis voelt in onze stad. In specifiek de jeugdhulp is dit onderwerp redelijk onderbelicht; dit is uit enkele onderzoeken naar voren gekomen. Het komende jaar worden hier verdere stappen in gezet. Zie ook het antwoord op vraag 6. Ook houden we onderstaande ontwikkelingen nauwlettend in de gaten:
• Het Verwey-Jonker Instituut gaat gedurende negen maanden onderzoeken of de Raad voor de Kinderbescherming bij het adviseren onderscheid maakt tussen groepen. Dat gebeurt aan de hand van gegevens waarover de Raad beschikt en gesprekken die worden gevoerd met gezinnen. Dit onderzoek loopt nog, naar verwachting zal dit in juni worden afgerond.3
• Ook het Kabinet wil een sterkere aanpak op discriminatie en racisme4, middels het landelijk programma tegen discriminatie en racisme.
Het college van burgemeester en wethouders, de secretaris, de burgemeester, Ilma Merx
3
Jan van Zanen
https://www.verwey-jonker.nl/artikel/verwey-jonker-instituut-doet-onderzoek-bij-raad-voor-de-kinderbescherming-naar-mogelijk-ongelijke-
behandeling/ 4
https://www.rijksoverheid.nl/documenten/publicaties/2023/12/12/nationaal-programma-tegen-discriminatie-en-racisme-2023
5/5
Bekijk de brief: RIS317720 Schriftelijke vragen Racisme en discriminatie in de Jeugdhulp
Bron: raadsinformatie van de gemeente Den Haag (Open Raadsinformatie). De vragen en antwoorden zijn automatisch uit de brief gelezen; het origineel is leidend.