Helft aangiftes Overijssel verdwijnt in de prullenbak
Gert Kel (BBE) stelde op 28 oktober 2025 schriftelijke vragen aan het college van burgemeester en wethouders van Enschede.
Brief van het college
Deze brief is niet in losse vragen en antwoorden uit te lezen. Hieronder staat de tekst; het origineel staat via de link.
Corsanummer: 2500031415 Op 28 oktober 2025 zijn bij de raadsgriffie vragen binnen gekomen van de heer Gert Kel van de fractie Burgerbelangen Enschede gericht aan de voorzitter van de Raad op grond van ex artikel 35 van het Reglement van Orde voor de vergaderingen en andere werkzaamheden van de Raad. Het college van Burgemeester en Wethouders beantwoordt de vragen als volgt.
Betreffende beantwoording schriftelijke vragen van de heer Gert Kel (Burgerbelangen Enschede) inzake Helft aangiftes Overijssel verdwijnt in de prullenbak.
Een recent artikel van Tubantia onthult dat de politie in Oost-Nederland maar liefst de helft van alle zaken afwijst door geld- en personeelstekorten. Dit is niet slechts een statistiek; het is een schokkende weerspiegeling van de falende beloftes vanuit Den Haag, die keer op keer tekortschieten in het waarborgen van de veiligheid van onze inwoners. Met de toenemende criminaliteit eist de bevolking dan ook met recht meer politie op straat. Het gebrek aan actie en middelen vanuit de centrale overheid ondermijnt niet alleen de effectiviteit van de opsporing, maar ook het veiligheidsgevoel van onze gemeenschap. Dit leidt tot een vicieuze cirkel waarin slachtoffers zich minder geneigd voelen om aangifte te doen, uit vrees dat hun meldingen toch niet serieus worden genomen. Burgerbelangen Enschede heeft herhaaldelijk kritiek geuit op deze niet nagekomen beloften en blijft aandringen op noodzakelijke verbeteringen. Nu de kosten voor politie en veiligheid blijven stijgen, is het cruciaal om te begrijpen hoe de gemeente op deze misstanden reageert en welke stappen er worden ondernomen om de veiligheid van onze eigen inwoners daadwerkelijk te waarborgen. De tijd voor verandering is nu, en de inwoners van Enschede verdienen antwoorden. 1: Politieaanwezigheid: Welke concrete maatregelen neemt de gemeente om de inzet van politieagenten te verhogen en zo de veiligheid in Enschede te verbeteren, gezien de falende beloften van Den Haag en de negatieve impact hiervan op de aangiftebereidheid van slachtoffers?
Het artikel in de krant is gebaseerd op het operationeel handvat dat de politie en het OM al een aantal jaren gebruiken om eenduidige en onderbouwde keuzes te maken in de prioritering van zaken. In het artikel worden onterechte verbanden gelegd, bijvoorbeeld met de financiële situatie bij de politie, capaciteit en bestaande keuzes binnen de opsporing. De politie geeft aan dat er geen hoor en wederhoor is toegepast m.b.t. het artikel.
Het is ook van belang te vermelden dat, ongeacht de financiële tekorten waarmee de politie wordt geconfronteerd, er altijd keuzes worden gemaakt binnen de opsporing van veelvoorkomende criminaliteitszaken. De politie en het OM worden immers geconfronteerd met een veelheid aan strafbare feiten. Dat betekent dat steeds moet worden afgewogen of in een zaak tot opsporing wordt overgegaan en, zo ja, met welke inzet. Hieronder de stappen die de politie daar in neemt.
Processtap 1: Afwijzen Een zaak kan alleen worden afgewezen indien opsporingsindicatie(s) ontbreken, en het daarnaast geen High Impact Crime (HIC)- of ondermijningsfeit betreft. Ook door de lokale driehoek kan worden bepaald welke zaken prioriteit krijgen.
Processtap 2: Vroegtijdig beëindigen Indien de zaak niet wordt afgewezen betekent het dat dit een zaak is met opsporingsindicatie, of dat het een HIC- of ondermijningsfeit betreft. Een feit mag alleen vroegtijdig worden beëindigd om de navolgende drie redenen:
- Vroegtijdig beëindigd op basis van kansrijkheid:
Ondanks de aanwezigheid van opsporingsindicaties is de inschatting dat dit niet leidt tot een vervolgbare zaak.
- Vroegtijdig beëindigd op basis van capaciteit:
De te verrichten opsporingshandelingen staan niet in verhouding tot het gepleegde strafbare feit (bijv. diefstal van een blik bier à opmaken vordering camerabeelden, ophalen camerabeelden, uitkijken camerabeelden, opmaken PV’s, etc.)
- Vroegtijdig beëindigd want alternatieve afdoening effectiever:
Een alternatieve afdoening is effectiever (bijv. inschakelen van schuldhulpverlening, inzetten van buurtbemiddeling bij burenruzie of het voeren van een stopgesprek bij first-offenders) Bij het maken van de keuze wordt dus rekening gehouden met de ernst van het strafbare feit, de aanwezigheid van opsporingsindicatie, de beschikbare opsporingscapaciteit en de bestaande beleidskaders. Het maken van dergelijke keuzes is niet nieuw en doet de politie elke dag. Het is goed dat ze hier duidelijk over zijn in de richting van burgers.
De resultaten en effecten van het Operationeel Handvat worden gemonitord, en deze informatie wordt regelmatig met de burgemeesters in het districtelijk veiligheidsoverleg besproken. De hoofdconclusies uit de laatste effectrapportage zijn dat de politie, dankzij scherpere keuzes aan de voorkant, het afgelopen jaar verhoudingsgewijs meer kansrijke zaken en zaken die ertoe doen heeft opgepakt. Van de zaken die in 2024 door de politie zijn onderzocht, heeft 72,9% (2023: 71%, 2022: 68%) geleid tot een of meer verdachten. Hierdoor is de beschikbare politiecapaciteit beter ingezet op veelvoorkomende zaken. Het afgelopen jaar is bovendien het percentage technische sepots met 11% gedaald. Dit betekent dat de politie verhoudingsgewijs meer bewijsbare zaken heeft aangeleverd aan het OM dan in 2023. In totaal zijn het afgelopen jaar 5.555 alternatieve interventies (buiten het strafrecht) ingezet.
Over het geheel genomen heeft de uitvoering van het Operationeel Handvat dus een positief effect op de inzet van de beschikbare, beperkte capaciteit op de juiste zaken, evenals op de kwaliteit van de onderzoeksdossiers. Hierdoor kan het OM sneller een beslissing nemen.
De Minister van Justitie en Veiligheid bepaalt het totaalbudget en de capaciteit van de politie voor het hele land. De Korpschef bepaalt de verdeling van personeel en middelen over de regio’s. De burgemeester beïnvloedt vooral hoe en waar politiecapaciteit lokaal wordt ingezet.
Hoewel het kader landelijk dus is vastgesteld, bepaalt de lokale driehoek waar binnen dat kader lokaal de accenten worden gelegd. Prioriteiten worden gesteld op basis van maatschappelijk impact, ernst van de feiten en opsporingsindicatie. Een recent voorbeeld is de aanpak van diefstal van accu’s van fietsen en helers. Binnen de politie en het OM is hiervoor, na bespreking in de driehoek, capaciteit vrij gemaakt.
Soms is het bijvoorbeeld ook efficiënter om onveiligheid via bestuurlijke maatregelen aan te pakken (zoals sluiting van panden of gebiedsverboden) in plaats van via langdurige strafrechtelijke trajecten. De driehoek bespreekt en beslist welke route passend is.
2. Reactie naar Den Haag: Wat is de officiële reactie van het college naar Den Haag over de afwijzing van zaken door de politie, en welke specifieke stappen worden er genomen om deze zaken alsnog te laten behandelen en de situatie te verbeteren, zodat slachtoffers weer vertrouwen krijgen in het aangifteproces?
Zie beantwoording bij vraag 1, de politie doorloopt een zorgvuldig en weloverwogen proces met betrekking tot de afhandeling van aangiften.
Met betrekking tot eventuele bezuinigingen hebben de regioburgemeesters in juni een brief gestuurd naar de Kamercommissie Justitie en Veiligheid en de fractievoorzitters. In deze brief worden grote zorgen geuit over toekomstige bezuinigingen en tekorten bij de politie. Ook zijn er vanuit de regioburgemeesters gesprekken met de korpschef en minister hierover. https://www.regioburgemeesters.nl/actueel/?id=940
3. Geloofwaardigheid van meldingen: Hoe waarborgt de gemeente dat meldingen van onveiligheid door inwoners serieus worden genomen en adequaat worden opgevolgd, nu deze signalen vaak in de schaduw van het beleid van Den Haag lijken te verdwijnen en dit de bereidheid van slachtoffers om aangifte te doen kan ondermijnen?
Door inwoners zicht te geven in wat er met hun melding gebeurt, ontstaat vertrouwen. Als gemeente hebben hier veel aandacht voor in onze gebiedsgerichte en persoonsgerichte aanpakken.
Verder doet de politie aan verwachtingsmanagement. Aan de balie wordt duidelijk uitgelegd wat iemand mag verwachten na het doen van aangifte. Daarnaast geeft de politie een terugkoppeling over uitkomsten of vervolgstappen, ook als de melding niet tot formele actie leidt. Duidelijkheid vanaf het begin voorkomt teleurstelling en wantrouwen later. De wijkagent vervult hierbij een centrale rol als verbindende schakel.
Enschede, 4 november 2025 Burgemeester en Wethouders van Enschede, de loco-Secretaris, de Burgemeester,
E.A. Smit
R.W. Bleker
Bron: raadsinformatie van de gemeente Enschede (Open Raadsinformatie). De vragen en antwoorden zijn automatisch uit de brief gelezen; het origineel is leidend.