RIB.23.019 Beantwoording raadsvragen VVD
Een raadslid stelde op 14 maart 2023 schriftelijke vragen aan het college van burgemeester en wethouders van Horst aan de Maas (8 vragen).
In het kort
8 vragen en wat het college antwoordt
- Werkte het vorige College, net zoals het nu zittende College, collegiaal? → Ja.
- Heeft het huidige College dezelfde opvattingen bij collegiaal College als in de schriftelijke vraag beschreven staat? → Ja, waarbij hetgeen in de inleiding naar de vragen niet de volledige lading van collegiaal bestuur dekt uiteraard.
- Kan een wethouder volgens uw college toezeggingen doen die niet binnen zijn bevoegdheid liggen? → Ja.
- Is voor het nu zittende College van B&W helder bij wie welke bevoegdheden liggen? → Ja.
- Hoe kon het zijn dat er een klimaat was dat deze wethouder (uw college wijst enkel naar één persoon) dit kon doen? → Zoals gesteld werd en wordt er met name binnen de ruimtelijke portefeuille regelmatig een afweging gemaakt.
- Hoe kan het dat dit nu in één keer allemaal boven water komt? → Kwesties waarin dit aan de orde is, komen naar boven omdat nu besluitvorming moet plaatsvinden of voorbereid wordt.
- Hoe verlopen gesprekken met College leden en inwoners/belanghebbenden? → Zijn hierbij altijd ambtenaren aanwezig?
- Er werd door wethouder Beurskens aangegeven dat u als College van B&W hierover afspraken gaat maken. → Binnen het college wordt regelmatig gereflecteerd.
Overgenomen uit de brief van het college; hieronder staan de volledige vragen en antwoorden.
Aanleiding
Stuknummer: 23.0000773
Raad 14-03-2023 RIB.23.019
raadsinformatiebrief van
: Burgemeester en wethouders
portefeuillehouder
: R. Palmen
aan
: De leden van de gemeenteraad
datum
: 01/02/2023
status
: Schriftelijke raadsvragen
openbaar
: Ja
Onderwerp Beantwoording schriftelijke vragen VVD-fractie 24-01-2023.
Aanleiding Op 24 januari stelde de VVD-fractie schriftelijke vragen aan het college. Het college beantwoordt deze vragen met deze raadsinformatiebrief.
Beantwoording
Vragen en antwoorden
Vraag 1
Werkte het vorige College, net zoals het nu zittende College, collegiaal?
Antwoord van het college
Ja.
Vraag 2
Heeft het huidige College dezelfde opvattingen bij collegiaal College als in de schriftelijke vraag beschreven staat?
Antwoord van het college
Ja, waarbij hetgeen in de inleiding naar de vragen niet de volledige lading van collegiaal bestuur dekt uiteraard.
Vraag 3
Kan een wethouder volgens uw college toezeggingen doen die niet binnen zijn bevoegdheid liggen?
Antwoord van het college
Ja.
Collegeleden hebben binnen hun portefeuille bestuurlijke ruimte om te handelen naar de bedoeling van recht en gemaakte afspraken. Wanneer er sprake is van zaken die daarmee schuren, schaalt het desbetreffende collegelid op naar het college of doet het college een voorstel aan de gemeenteraad. In het proces om te komen tot een besluit (of de voorbereiding van een raadsbesluit) is een portefeuillehouder bestuurlijk verantwoordelijk. Dat betekent bijvoorbeeld ook dat een portefeuillehouder de ruimte heeft om afwegingen te maken waarbinnen hij/zij van mening is dat een voorstel gedaan moet worden aan college of gemeenteraad.
In zo’n proces kan het voorkomen dat er sprake is van belanghebbenden, bijvoorbeeld wanneer er sprake is van initiatiefnemers in het ruimtelijk domein. Het is dan zaak dat een portefeuillehouder zich ervan bewust is dat gedane uitspraken voor de initiatiefnemer een absoluter karakter kunnen hebben dan voor de gemeente.
Bezoekadres: BezoekAdres, PlaatsBA
Postadres / PostCodePA PlaatsPA
T TelefoonNummer
F FaxNummer
Pag. 2 van 3
Een “zo gaan we het doen” kan voor een initiatiefnemer betekenen dat hij/zij denkt een harde afspraak met de gemeente gemaakt te hebben, terwijl de portefeuillehouder misschien bedoelt te zeggen dat hij/zij zich sterk gaat maken om een voorstel met die inhoud aan het college of de gemeenteraad voor te leggen.
In de situaties die benoemd werden tijdens de raadsavond lijkt sprake te zijn van een situatie waarin de verantwoordelijk portefeuillehouder toezeggingen heeft gedaan die verder gingen dan procesmatige toezeggingen. Dat kan betekenen dat initiatiefnemers erop mogen vertrouwen en dat het college zich vervolgens in overwegende mate gehouden voelt aan die toezeggingen. Dat betekent in enkele gevallen dat er vergunningverlening wordt opgestart in lijn met die toezeggingen of dat besluitvorming voor de gemeenteraad in die lijn wordt voorbereid.
Vraag 4
Is voor het nu zittende College van B&W helder bij wie welke bevoegdheden liggen?
Antwoord van het college
Ja.
Vraag 5
Hoe kon het zijn dat er een klimaat was dat deze wethouder (uw college wijst enkel naar één persoon) dit kon doen?
Antwoord van het college
Zoals gesteld werd en wordt er met name binnen de ruimtelijke portefeuille regelmatig een afweging gemaakt. Met name wanneer zaken niet (helemaal) binnen bestaand beleid passen. Soms is dan het college bevoegd, soms de gemeenteraad. In het maken van die afweging is de portefeuillehouder de verantwoordelijk bestuurder. Het kan voorkomen dat de portefeuillehouder daarbij meer dan enkel procestoezeggingen heeft gedaan of die suggestie heeft gewekt.
Vraag 6
Hoe kan het dat dit nu in één keer allemaal boven water komt?
Antwoord van het college
Kwesties waarin dit aan de orde is, komen naar boven omdat nu besluitvorming moet plaatsvinden of voorbereid wordt. Of er daadwerkelijk sprake is van een (bestuurlijke) toezegging, is altijd afhankelijk van de casus en het driestappenplan. De bewijslast of er sprake is van een toezegging, ligt bij de initiatiefnemer.
Vraag 7
Hoe verlopen gesprekken met College leden en inwoners/belanghebbenden?
Antwoord van het college
Zijn hierbij altijd ambtenaren aanwezig?
Er vinden gelukkig heel veel contacten tussen collegeleden en inwoners/initiatiefnemers plaats. Het is daarbij uitgangspunt dat die gesprekken met een bestuurder én ambtenaar plaatsvinden. Dat laat onverlet dat portefeuillehouders de bestuurlijke verantwoordelijkheid dragen.
Vraag 8
Er werd door wethouder Beurskens aangegeven dat u als College van B&W hierover afspraken gaat maken. Welke afspraken gaat u hierover maken en gaat u hiermee voorkomen dat dit in de toekomst niet meer gaat gebeuren?
Antwoord van het college
Binnen het college wordt regelmatig gereflecteerd. Daarbij worden dus ook zaken besproken als het verschil tussen een inhoudelijke toezegging en een procesmatige toezegging. Met name dat laatste is belangrijk in relatie tot de situatie waarover het hier gaat.
9. Graag verzoeken wij u een lijst op te stellen met alle casussen die nu bekend zijn met eventuele financiële consequenties en deze lijst aan de gemeenteraad te laten toekomen.
Of sprake is van een toezegging wordt per casus bezien. Indien er wel sprake is van een toezegging, moet worden beoordeeld of de toezegging aan het bevoegde bestuursorgaan kan worden toegerekend.
2
Pag. 3 van 3
De gevraagde lijst is niet op te stellen omdat we niet registreren in welke cases toezeggingen zijn gedaan en in welke niet. Daarbij geldt dat of er sprake is van een toezegging altijd afhankelijk is van de casus (en de voorwaarden die de wet en jurisprudentie hieraan stelt).
Wij behandelen de zaken zoals ze binnenkomen en voorkomen en werken toe naar besluiten of voorbereiding van besluitvorming (indien de gemeenteraad het besluit moet nemen). In die dossiers kan het dan voorkomen dat we geconfronteerd worden met een toezegging. Dan wordt beoordeeld of de toezegging past binnen het juridisch kader en of er dus sprake is van een toezegging.
Indien er sprake is van een toezegging, beoordelen we per geval of de toezegging in lijn is met het collegebeleid, wat de impact van de toezegging is (die kan bijvoorbeeld groter zijn als het college bevoegd is dan wanneer de gemeenteraad bevoegd is) en hoe we in het vervolg met het gegeven van de toezegging om kunnen gaan (bijvoorbeeld ook door alternatieven met initiatiefnemers te bespreken).
Driestappenplan voor een geslaagd beroep op het vertrouwensbeginsel In dit kader geven we op hoofdlijnen duiding over wat een bestuurlijke toezegging is en wanneer men op deze toezegging mag vertrouwen (driestappenplan). Of de gemeente/college gebonden is aan een bestuurlijke toezegging van een wethouder hangt af van de specifieke omstandigheden van het geval en de feiten moeten worden beoordeeld in het licht van het driestappenplan dat de Afdeling specifiek voor (bestuurlijke) toezeggingen i.r.t. het vertrouwensbeginsel heeft neergezet in de uitspraak van mei 2019.
Deze stappen kunnen als volgt worden samengevat: 1.
Kan de uitlating en/ of gedraging waarop een beroep wordt gedaan, worden gekwalificeerd als een toezegging? 2.
Kan de toezegging aan het bevoegde bestuursorgaan worden toegerekend? 3.
Wat is de betekenis van het gewekte vertrouwen bij de uitoefening van de betreffende bevoegdheid (de belangenafweging)?
3
Bekijk de brief: RIB.23.019 Beantwoording raadsvragen VVD
Bron: raadsinformatie van de gemeente Horst aan de Maas (Open Raadsinformatie). De vragen en antwoorden zijn automatisch uit de brief gelezen; het origineel is leidend.