de inzet van de projectleider Duurzame uitstroom Participatiewet en Social Return
Een raadslid stelde op 17 december 2025 schriftelijke vragen aan het college van burgemeester en wethouders van Krimpen aan den IJssel (14 vragen).
In het kort
14 vragen en wat het college antwoordt
- In de inleiding wordt verondersteld dat de genoemde taakstelling door de raad is aangedragen. → De taakstelling is opgenomen in de begroting 2024, die door uw raad is vastgesteld.
- Kunt u verklaren waarom er geen volledig Krimpens klantenbestand beschikbaar was? → Het klantenbestand van inwoners die onder de Participatiewet vallen is bij de GR IJsselgemeenten goed in beeld, zowel wat betreft omvang als individuele dossiers.
- Is dit bestand nu wel volledig accuraat en beschikbaar? → Het klantenbestand is inmiddels vollediger en actueler in beeld, maar blijft een dynamisch geheel dat voortdurend wordt bijgewerkt, omdat de persoonlijke situatie van inwoners regelmatig…
- U stelt dat de (aanpak van de) projectleider direct verantwoordelijk is voor de uitstroom van 7 inwoners. → En waar blijkt uit dat de (aanpak van de) projectleider hier direct verantwoordelijk is?
- De projectleider heeft enkel zijn eigen kosten terugverdiend. → Het uitkeringsbestand wordt door een groot aantal externe factoren beïnvloed.
- Social Return bestaat, ook in Krimpen, al vele jaren. → Het Social Return-beleid is in 2019 regionaal vastgesteld.
- Er zijn 27 contracten ingevoerd in WIZZR, met een totale waarde van €1.272.148. → En welke duurzame resultaten verwacht u hiervan?
- Vanaf 2026 kunnen er boetes worden uitgedeeld: 125% van het openstaande bedrag. → De boeteclausule geldt voor het deel van de Social Return-verplichting dat opdrachtnemers niet nakomen.
Overgenomen uit de brief van het college; hieronder staan de volledige vragen en antwoorden.
Vragen en antwoorden
Vraag 1
In de inleiding wordt verondersteld dat de genoemde taakstelling door de raad is aangedragen. Is het college ermee bekend dat de genoemde taakstelling bij de begroting voor het jaar 2024 op eigen initiatief van het college in de begroting is verwerkt zonder dat de raad daar om gevraagd heeft?
Antwoord van het college
De taakstelling is opgenomen in de begroting 2024, die door uw raad is vastgesteld. Daarmee heeft de raad dit besluit formeel genomen. Het college heeft deze taakstelling voorgesteld als onderdeel van de begroting met de wens om de uitstroom uit de Participatiewet te bevorderen. Vraag
Vraag 2
Kunt u verklaren waarom er geen volledig Krimpens klantenbestand beschikbaar was?
Antwoord van het college
Het klantenbestand van inwoners die onder de Participatiewet vallen is bij de GR IJsselgemeenten goed in beeld, zowel wat betreft omvang als individuele dossiers. Wat eerder ontbrak, was een volledig en actueel overzicht van de arbeidspositie en ontwikkelbaarheid van deze inwoners, in hoeverre iemand ‘job ready’ is, welke ondersteuning nodig is en welke stappen realistisch zijn richting werk. Dat is ook wat bedoeld wordt met een volledig beeld van het klantenbestand. Voor een groot deel van de doelgroep is aanvullende ondersteuning nodig, bijvoorbeeld op het gebied van basisvaardigheden, scholing, taal, gezondheid of de thuissituatie. Dit inzicht is inmiddels scherper in beeld en wordt meegenomen in de verdere doorontwikkeling van de re-integratieaanpak binnen de GR IJsselgemeenten. Vraag
Vraag 3
Is dit bestand nu wel volledig accuraat en beschikbaar?
Antwoord van het college
Het klantenbestand is inmiddels vollediger en actueler in beeld, maar blijft een dynamisch geheel dat voortdurend wordt bijgewerkt, omdat de persoonlijke situatie van inwoners regelmatig verandert. Vraag
Vraag 4
U stelt dat de (aanpak van de) projectleider direct verantwoordelijk is voor de uitstroom van 7 inwoners. Zijn dit 7 extra personen?
Antwoord van het college
En waar blijkt uit dat de (aanpak van de) projectleider hier direct verantwoordelijk is? Het betreft zeven inwoners die door de inzet van de projectleider direct zijn bemiddeld naar werk en daardoor uit de uitkering zijn gestroomd. Deze personen zijn door de projectleider zelf voorgesteld aan werkgevers en begeleid richting een plaatsing. Daarnaast heeft de projectleider ook indirect bijgedragen aan uitstroom door het versterken van de samenwerking tussen betrokken partijen (zoals IJsselgemeenten, werkgevers en maatschappelijke organisaties) en door andere inwoners te activeren richting werk of scholing. Deze indirecte resultaten zijn niet één-op-één toe te schrijven aan de projectleider en daarom niet afzonderlijk meegeteld. Vraag
Vraag 5
De projectleider heeft enkel zijn eigen kosten terugverdiend. Er is dus door de projectleider geen daling bewerkstelligd. Sterker nog: uit de begroting 2026 blijkt dat het aantal mensen met een uitkering zelfs is gestegen. Toch straalt de RIB uit dat het een succes is geweest. Hoe verklaart u dat?
Antwoord van het college
Het uitkeringsbestand wordt door een groot aantal externe factoren beïnvloed. Verhuizingen, arbeidsmarkt ontwikkelingen in de overige werknemersverzekeringen etc. Om het succes van de projectleider te beoordelen moet je kijken naar de effecten van zijn concrete acties en niet naar de stand van het uitkeringsbestand. Zonder de inzet van de projectleider was het bestand nog hoger geweest. De inzet van de projectleider heeft geleid tot kostendekking: zijn inzet is grotendeels terugverdiend via door zijn inspanning gerealiseerde uitstroom. We hadden op meer resultaat gehoopt, maar de opgedane ervaring en samenwerking hebben waardevolle inzichten opgeleverd. De projectleider heeft de basis gelegd voor de uitvoering van Social Return binnen onze organisatie. Daarmee is een fundament gelegd waarmee op langere termijn meer inwoners kunnen uitstromen naar werk of een stageplek en maatschappelijke meerwaarde kan worden gecreëerd. We kwalificeren het project dan ook als leerzaam en waardevol. Tegelijkertijd constateren we, zoals ook in de evaluatie is beschreven, dat de financiële taakstelling op de BUIG hiermee niet is gerealiseerd. Vraag
Vraag 6
Social Return bestaat, ook in Krimpen, al vele jaren. Kunt u verklaren waarom dit instrument nooit is ingezet in Krimpen?
Antwoord van het college
Het Social Return-beleid is in 2019 regionaal vastgesteld. De uitvoering binnen Krimpen was tot voor kort nog niet structureel ingericht, onder meer vanwege beperkte capaciteit en prioritering. In de afgelopen periode is dit beleid door de projectleider voor het eerst daadwerkelijk in uitvoering gebracht. Vraag
Vraag 7
Er zijn 27 contracten ingevoerd in WIZZR, met een totale waarde van €1.272.148. Kunt u aangeven hoe dit bedrag zich verhoudt tot het aantal mensen met een bijstand?
Antwoord van het college
En welke duurzame resultaten verwacht u hiervan? De genoemde contracten vertegenwoordigen de gemeentelijke opdrachten waarin Social Return is toegepast. De maatschappelijke waarde van €1,27 miljoen laat zien hoeveel sociale investering deze opdrachten opleveren. Dit vertaalt zich niet één-op-één naar aantallen banen, maar naar kansen: werk- en leerplekken, stages en samenwerking met sociale ondernemingen. Omdat contracten vaak meerdere jaren lopen, worden de effecten pas in de komende jaren volledig zichtbaar. Vraag
Vraag 8
Vanaf 2026 kunnen er boetes worden uitgedeeld: 125% van het openstaande bedrag. Over welk bedrag gaat het dan?
Antwoord van het college
De boeteclausule geldt voor het deel van de Social Return-verplichting dat opdrachtnemers niet nakomen. Het exacte bedrag is per contract verschillend en afhankelijk van de omvang van de verplichting. Vanaf 2026 wordt deze clausule daadwerkelijk toepasbaar. Vraag
Vraag 9
De bijlage lezende bekruipt mij het gevoel dat GR IJsselgemeente niet echt stond/staat te springen om iemand die “de boel op orde kwam maken”. Deelt u dat gevoel en zo ja: wat gaat het college daar dan aan doen?
Antwoord van het college
Dat beeld herkennen wij niet. De samenwerking met IJsselgemeenten is in de loop van het project juist versterkt. In de beginfase was er afstemming nodig over rollen en informatievoorziening, maar uiteindelijk is er constructief samengewerkt aan concrete uitstroom. Vraag
Vraag 10
Er wordt gesproken van duurzame uitstroom. Hiervoor staat slechts een beperkte termijn. Zijn deze 7 personen inmiddels nog steeds aan het werk of inmiddels terug in de uitkering?
Antwoord van het college
We beschikken niet over actuele informatie over de huidige situatie van deze zeven inwoners. De projectleider heeft destijds bemiddeld naar banen met een duurzaam karakter (minimaal zes maanden), maar er wordt op dit moment niet structureel gemonitord of deze personen nog aan het werk zijn. Vanwege privacywetgeving (AVG) kunnen individuele gegevens over de arbeidssituatie van uitgestroomde inwoners niet structureel worden gevolgd of gedeeld. Alleen geanonimiseerde gegevens mogen worden gebruikt voor beleidsdoeleinden. Hierdoor is het in de praktijk lastig om precies te monitoren hoe het deze inwoners op langere termijn vergaat. Vraag
Vraag 11
Destijds hadden we een wethouder die zelf de bedrijven af zou gaan. Door het huidige college is hieraan een projectleider geplaatst. Heeft deze nu samen met de wethouder opgetreden of heeft deze dit onderwerp losgelaten?
Antwoord van het college
De wethouder waarnaar wordt verwezen is inmiddels bijna vier jaar geleden vertrokken. Het huidige college kiest bewust voor een professionele en structurele aanpak waarbij niet alleen de wethouder langsgaat maar dat hier ook een projectleider is gekoppeld die vervolg kan geven aan de gemaakte afspraken. Vraag
Vraag 12
Ziet het college ook nog een rol voor een lid van het college hierin?
Antwoord van het college
Ja. De bestuurlijke verantwoordelijkheid blijft bij het college. De uitvoering vindt echter plaats door professionals binnen de uitvoering en via de samenwerking met Capelle aan den IJssel. De wethouder zal periodiek betrokken blijven bij monitoring en regionale afstemming. Vraag
Vraag 13
Bij SROI geeft u aan dat het lastig is omdat er een tijdelijke medewerker is aangesteld. Nu zijn er slechts twee gemeenten in Rijnmond die dit nog niet juist uitvoeren. Waarom wordt hiervoor niet aangesloten bij Capelle aan den IJssel in plaats van het wiel weer uitvinden?
Antwoord van het college
Dat is precies de stap die nu wordt gezet. In het raadsvoorstel dat in december 2025 aan uw raad wordt voorgelegd, stelt het college voor om de uitvoering van Social Return structureel te beleggen bij de gemeente Capelle aan den IJssel. Capelle beschikt over de benodigde expertise en voert dit beleid al meer dan tien jaar succesvol uit. Vraag
Vraag 14
Wat is nu de verwachting van het college?
Antwoord van het college
Zijn de aantallen nu aangepast? Voor 2025 wordt geen aanvullende taakstelling op de BUIG meer nagestreefd. De inzet richt zich nu op het borgen van Social Return, zodat de maatschappelijke effecten in de komende jaren verder kunnen worden versterkt. De verwachting is dat structurele uitvoering, in samenwerking met Capelle aan den IJssel, op termijn kan bijdragen aan een hogere maatschappelijke opbrengst en meer uitstroom.
Bron: raadsinformatie van de gemeente Krimpen aan den IJssel (Open Raadsinformatie). De vragen en antwoorden zijn automatisch uit de brief gelezen; het origineel is leidend.