7 november 2023 · artikel 35-vragen · gemeente Eijsden-Margraten

04 Schriftelijke vragen en antwoorden Programmabegroting Programma 1

Een raadslid stelde op 7 november 2023 schriftelijke vragen aan het college van burgemeester en wethouders van Eijsden-Margraten (2 vragen).

In het kort

2 vragen en wat het college antwoordt

  • 287 Mantelzorgers zwaarbelast 715 Welk risico loopt de gemeente dat veel mantelzorgers teleurgesteld worden? → In 2022 is het budget nog niet geheel besteed. 300 huishoudens hebben het mantelzorgcompliment ontvangen.
  • Bent u bekend met het feit dat vanaf 2025 structureel 54 miljoen voor bibliotheekwerk wordt vrijgemaakt? → 1.

Overgenomen uit de brief van het college; hieronder staan de volledige vragen en antwoorden.

Aanleiding

Raadsvergadering 7 november 2023 Schriftelijke vragen Raadsvoorstel 4: Programmabegroting Programma 1 Kwaliteit van leven

Vraag 1:

Pag. 10. Inleiding Meer nog dan in voorgaande jaren vraagt deze verandering van tijdperk, naast de voortzetting van het bestaand beleid en de aansluiting op het bestuursakkoord, om een strategische herbezinning op de inzet van mensen en middelen. Daarom doen we, naast alles wat we schrijven over wat we willen bereiken en wat we ervoor gaan doen, een dringend beroep op raad, bestuur en onze eigen organisatie om tijd en middelen in te zetten op het realiseren van een strategische visie. Een visie die "toekomstbestendige handen en voeten geeft" aan de betekenis van "dicht bij het leven".

a. Op welke termijn wilt u deze strategische visie realiseren?

b. Gaat u bij het schrijven van deze strategische visie gebruik maken van eigen personeel of moet deze opdracht extern uitgezet worden?

c. Dient het bestuursakkoord voor deze raadsperiode als “basis” voor de kaders van deze nieuwe strategische visie of krijgt de raad op een andere manier nog de gelegenheid input te leveren voor de kaders van deze belangrijke visie?

Antwoord:

Zoals u in de aanbiedingsbrief hebt kunnen lezen zullen we in 2024 samen met de raad beginnen met het opstellen van een begroting die gericht is op het wegwerken van de structurele tekorten die we verwachten in de jaren 2026 en daaropvolgend. De zogenaamde kerntakendiscussie. Op basis van de uitkomsten van deze exercitie zullen we bezien wat de consequenties zijn voor onze gemeente.

Vraag 2:

Pag. 12. 1.0 Wat mag het kosten?

Hier zijn de bedragen die in de investeringsstaat voor het IHP zijn benoemd, niet opgenomen.

Waarom niet?

Antwoord:

Huisvesting onderwijs valt onder programma 4, wonen en leefomgeving. Ten behoeve van het meerjarenbeeld is zo’n realistisch mogelijke inschatting gemaakt van de investeringsbedragen. De definitieve investeringsbedragen zullen per businesscase aan uw raad worden voorgelegd ter besluitvorming.

Vraag 3:

Pag. 20. 1.2 Een gezond verenigingsleven:

Hier wordt in de derde alinea beschreven dat er een nieuwe maatschappelijke stimuleringssubsidie wordt ingevoerd.

a. Wanneer stelt het college die subsidieregeling vast?

b. Hoe groot is het totaal vrijgekomen budget voor deze nieuwe stimuleringssubsidie?

c. Op welke manier gaat u deze nieuwe stimuleringssubsidie onder de aandacht brengen bij de verenigingen uit onze gemeente?

d. Welke bedragen kunnen verenigingen hiervoor maximaal ontvangen?…

Vragen en antwoorden

Vraag 1

287 Mantelzorgers zwaarbelast 715 Welk risico loopt de gemeente dat veel mantelzorgers teleurgesteld worden?

Antwoord van het college

In 2022 is het budget nog niet geheel besteed. 300 huishoudens hebben het mantelzorgcompliment ontvangen. Tussen 2019-2021 waren er ook rond de 300 huishoudens. Het totale budget wordt verdeeld onder de aanvragen met een maximum van € 200 per mantelzorgcompliment. Voor 2023 dienen de aanvragen nog toegekend te worden, vandaar dat we nog niet over de cijfers van 2023 beschikken.

Verordening maatschappelijke ondersteuning 2019, versie 2022 gemeente Eijsden-Margraten, artikel 23 spreekt over één mantelzorgcompliment per huishouden. In een huishouden kunnen meerdere personen zijn die mantelzorg verlenen. Het mantelzorgcompliment wordt aangevraagd door de zorgvrager. De zorgvrager, en dus niet de mantelzorger(s), ontvangt het bedrag (maximaal 200 euro per huishouden) en kan zijn/haar mantelzorger(s) naar eigen inzicht complimenteren.

3

Vraag 10:

Pag. 60. Kaderstellende documenten Is het Sportakkoord een kaderstellend document? Zo ja, waarom ontbreekt het dan in de lijst?

Antwoord:

Het Sportakkoord is niet opgenomen als kaderstellend document omdat het niet door de raad als beleidsdocument is vastgesteld. In de praktijk geeft het document natuurlijk wel de ambities en doelstellingen weer waarmee de gemeente aan de slag is.

Vraag 1:

Als gemeente zetten wij voornamelijk in op preventie. Sporten en bewegen is een positieve stimulans.

Behalen we de doelen die we nastreven? Hoe monitoren we dit?

a. de inclusieve samenleving (iedereen wil en kan meedoen / stimulatie vrijwilligerswerk / voorkomen van sociaal isolement);

b. trendbreuk EM; meer sporten en bewegen levert gezondere inwoners op

c. verlagen van het aantal niet-sporters binnen de gemeente (dat met 52,8% boven het landelijk gemiddelde en boven vergelijkbare gemeenten qua inwoners ligt).

Antwoord:

Met betrekking tot a en c:

Wij monitoren niet apart op het onderwerp inclusiviteit of de mate van inclusiviteit van onze samenleving. Op dit abstractieniveau kunnen wij niet monitoren. Er zijn n.l. veel verschillende factoren, buiten invloed van de gemeente en het Sociaal Domein, die bijdragen aan inclusie in zijn algemeenheid en aan de gezondheid van inwoners.

In ons beleid is een inclusieve samenleving en preventie wel een speerpunt. Maar dit streven wij na door op verschillende beleidsterreinen verschillende programma’s uit te voeren. De GGD voert monitoring uit op bijvoorbeeld eenzaamheid, gezondheid, deelname sport en bewegen. Maar ook hier zijn meerdere factoren die bijdragen aan de mate van participatie, (ervaren van) eenzaamheid of gezondheid, lid zijn van een vereniging en beweeggedrag.

Onze speerpunten (in dat geval preventie van) vertalen wij in uitvoeringsplannen en daarbinnen in concrete activiteiten en projecten. Deze activiteiten worden wel gemonitord en geëvalueerd, n.l. per doel aan de hand van verschillende indicatoren. De kwalitatieve indicatoren die steeds terugkomen bij monitoring van de preventie activiteiten zijn: 1. (fysieke) toegankelijkheid; 2. bekendheid; 3. gebruik van de activiteiten; 4. tevredenheid over de activiteiten. 5. bewezen effectiviteit, best pratices.

b. De Trendbreuk aanpak vraagt een lange adem. Dit houdt in dat het inhalen van onze gezondheidsachterstanden niet van de een op te andere dag zichtbaar wordt. GGD Zuid-Limburg monitort middels hun gezondheidsmonitor 4 jaarlijks de gezondheid van onze jeugd en volwassenen.

Het thema sport en bewegen komt hier ook in terug. Op www.gezondheidsatlaszl.nl zijn de resultaten 4

van de laatste gezondheidsmonitor beschikbaar gesteld. Uit de monitor blijkt dat de gemeente E-M hier positief naar voren komt ten opzichte van de regio.

Vraag 2:

Er wordt gesproken over vroegsignalering in de schuldenproblematiek.

a. Hoe wordt dit nu opgepakt?

b. Wat gaan we doen om preventie echt op de agenda te zetten?

Antwoord:

a. Sinds 2021 is de Wet gemeentelijke schuldhulpverlening (Wgs) gewijzigd. Met deze wijziging is vroegsignalering van schulden een wettelijke taak voor de gemeente geworden. Onze klantmanager schuldhulpverlening zoekt de samenwerking op met zogenoemde ‘vaste lasten partners’ op het gebied van energie, water, zorgverzekering en wonen, die signalen van betalingsachterstanden aan de gemeente, via een veilig systeem, doorgeven. De klantmanager schuldhulpverlening heeft contacten met zowel de vaste laten partners als met inwoners met betalingsachterstanden. De klantmanager gaat in gesprek met de inwoner over de betalingsachterstand en kan, waar nodig, tijdig hulp inschakelen (zoals een doorverwijzing naar onze uitvoeringsorganisatie SEM of het treffen van een betalingsregeling). Hierin hebben wij tevens een goede samenwerking met de Kredietbank Limburg, die in zulke situaties ook meedenken met het vinden van constructieve oplossingen. De gemeente kan hierdoor eerder starten met het oplossen van betalingsproblemen, met als doel om problematische schulden te voorkomen.

Vanuit de wijziging in de Wgs is de gemeente ook verantwoordelijk voor de schuldhulpverlening voor ondernemers. Wij moeten aan ondernemers met (dreigende) problematische schulden schuldhulpverlening bieden. Ondernemers kunnen nu bijvoorbeeld aanspraak maken op een minnelijke schuldregeling vanuit onze gemeente, naast andere rechtsmiddelen die voor hen ter beschikking staan (herfinanciering van het bedrijf, een beroep op het Bijstandsbesluit zelfstandigen 2004 (Bbz)). Ondernemers kunnen ondersteuning krijgen van onze klantmanager gespecialiseerd in Bbz en IOAZ, bij het stabiliseren van de financiële situatie. b. -

Vanuit onze gemeente staat preventie hoog in het vaandel. Hierbij enkele voorbeelden:

Het aanbieden van het kindpakket zoals stichting Leergeld, Jeugdfonds Sport&cultuur, Stichting Jarige Job, Nationaal Fonds Kinderhulp Tegemoetkoming maatschappelijke participatie Bijzondere bijstand Convenant beschermingsbewind Mogelijkheden eigen uitgiftepunt in Margraten (in gezamenlijkheid met Gulpen-Wittem en Valkenburg) worden onderzocht Bijeenkomst stille armoede georganiseerd met betrokken partners. Wordt nog een vervolg aangegeven waarbij preventie belangrijk bespreekpunt is.

Vraag 3:

Hoe gaat de gemeente E-M om met het vergoeden van budgetbeheer via bijzondere bijstand?

Antwoord:

Als een inwoner vrijwillig budgetbeheer aanvraagt, dient de inwoner dit zelf te bekostigen. Indien een aanvraag tot budgetbeheer noodzakelijk wordt geacht, wordt de inwoner doorverwezen naar de Kredietbank Limburg, waarmee wij een dienstverleningsovereenkomst hebben voor onder andere budgetbeheer. De kosten worden niet uit de bijzondere bijstand betaald. 5

Ook wanneer er sprake is van de Wettelijke schuldsanering (Wsnp) bij een inwoner, gaat het budgetbeheer over naar de Kredietbank Limburg. Deze kosten worden ook niet uit de bijzondere bijstand vergoed.

Vraag 4:

Gezondere leefstijl / terugdringen van genotsartikelen en overgewicht oppakken met (sport)verenigingen. Zet gemeente E-M hier actief op in?

Antwoord:

Wij ondersteunen en faciliteren onze (sport)verenigingen bij het stimuleren van een gezonde leefstijl en terugdringen van genotsartikelen middels bijvoorbeeld een gezonde (sport)kantine, het rookvrij maken van de (sport)locaties én de inzet van onze TeamFit coach.

Vraag 5:

Personen met lopend re-integratiebeleid. Dit aantal wijkt enorm af van de benchmarken. 3,6 versus 16,6 reap. 17,3. Wat is hiervan de reden? Andere kerncijfers wijken niet zoveel af.

Antwoord:

De gemeente Eijsden-Margraten heeft een relatief kleine groep bijstandsgerechtigden t.o.v. overige gemeenten. Hierdoor ook een relatief kleine groep inwoners die een re-integratietraject naar werk hebben. Opgenomen cijfer is in 2022 inmiddels opgelopen en gestabiliseerd op circa 6 per duizend inwoners (2022 is pas na het opstellen van de begroting bekend geworden).

Vraag 6:

Jongeren <18 met jeugdhulp en jeugdbescherming. Hier zitten we gelijk / hoger dan de benchmark.

Ook het aantal verwijzingen naar HALT ligt hoger. Hoe kan dit? En hoe wordt dit aangepakt?

Antwoord:

De cijfers vanuit de benchmark dateren vanuit 2021. Op 1 januari 2022 is het woonplaatsbeginsel in de Jeugdwet veranderd. Het woonplaatsbeginsel is een hulpmiddel om te bepalen welke gemeente verantwoordelijk is voor de jeugdhulp aan een jeugdige.

In de nieuwe definitie ligt de verantwoordelijkheid bij de gemeente waar de jeugdige zijn woonadres heeft volgens de Basisregistratie Personen (de BRP). Deze definitie is van toepassing voor jeugdhulp zonder verblijf. Bij jeugdhulp met verblijf is de woonplaats: de gemeente waar de jeugdige onmiddellijk voorafgaande aan zijn verblijf zijn woonadres had in de zin van de Wet basisregistratie personen.

De gemeente waar de jeugdige vandaan komt, blijft dus verantwoordelijk voor de jeugdige en voor de kosten van de jeugdhulp voor deze jeugdige.

Binnen de Gemeente Eijsden-Margraten is de instelling Via Jeugd (het voormalige Keerpunt) te Cadier en Keer gevestigd, welke hulp biedt aan jongeren met complexe problematiek (GIK-J). Door een vergelijking te trekken met cijfers uit 2021 is er wellicht vertroebeling in deze cijfers te zien, doordat er binnen Cadier en Keer jongeren verblijven waarbij vaak sprake is een (rand) criminele problematiek.

Deze jongeren worden in de cijfers van 2021 gezien als jongeren van onze eigen gemeente, maar zijn dat in werkelijkheid niet. Ze verblijven hier louter omdat ze hulp ontvangen vanuit de Instelling Via Jeugd. Na de omklap van het woonplaatsbeginsel in 2022, zullen deze cijfers naar verwachting dan ook anders zijn.

6

Over recente cijfers en verwijzingen naar HALT beschikken we niet op dit moment. Dat maakt dat we dat deel van de vraag niet kunnen beantwoorden.

Vraag1:

p. 10: “stromen van vluchtelingen”: is er daadwerkelijk sprake van een vluchtelingenstroom? Graag aangeven met inzicht hoe de verhoudingen liggen van mensen die hier komen wonen van buiten de gemeentegrenzen? Bijvoorbeeld expats, vluchtelingen, Maastrichtenaren, Belgen, etc.

Antwoord:

Er zijn diverse categorieën te onderscheiden onder “vluchtelingen”.

Vluchtelingen die nog niet geregistreerd zijn, zij moeten via de BRP-straat worden ingeschreven niet via de gemeente. Bij de BRP-straat krijgen zij ook een BSN- nummer. Na het verkrijgen van het BSN nummer kunnen ze in onze gemeente worden ingeschreven.

Daarnaast kennen we statushouders en (her-)vestigers, die al een BSN nummer hebben. Afgelopen jaar zijn daar 32 personen van ingeschreven zij komen uit Turkije, Syrië, Afghanistan, Irak, Jemen.

Oekraïners vallen onder de richtlijn tijdelijke bescherming Oekraïners, op dit moment staan in onze gemeente 97 Oekraïners ingeschreven.

Expats zijn kenniswerkers. Afgelopen jaar zijn 6 personen in onze gemeente ingeschreven.

Vestigingen uit andere gemeenten bedragen in de periode van 1-1-2023 t/m 20-10-2023 in totaal 919.

Vestigingen vanuit andere landen bedragen in deze zelfde periode 173 deze zijn afkomstig uit de hele wereld.

Vraag 2:

P. 13: wanneer krijgen wij het uitvoeringsplan Wmo te zien?

Antwoord:

Op 27 november is een raadsbijeenkomst m.b.t. het concept uitvoeringsplan WMO geagendeerd. Dit is een meedenk sessie. We verwachten het plan in Q1-2024 aan het college te kunnen voorleggen.

Vraag 3:

P. 16: “In dit veranderde tijdperk zien we een grote toename van armoede.” Hoe uit zich dit in de gemeente? Wordt er vaker gebruik gemaakt van voedselbanken?

Antwoord:

Dit uit zich voornamelijk in:

- Een toename in de aanvragen voor kinderen bij Stichting Leergeld & Jeugdfonds Sport en Cultuur.

- Een toename in het aantal ontvangen meldingen van betalingsachterstanden bij de vaste lasten partner.

- Een toename in het aantal aanvragen voor hulp bij lokale partijen.

- Het aantal aanmeldingen voor de voedselbank is (vooralsnog) niet gestegen.

7

Vraag 4:

P. 16: “De groeiende stroom vluchtelingen, de toename van de taakstelling op statushouders en het nieuwe inburgeringsstelsel maakt dat het team aan specialisten wordt uitgebreid.” “We bieden passende huisvesting” “Voor afgewezen asielzoekers of illegale migranten wordt aangesloten bij het Rijksbeleid.” Vraag: de taakstelling van de gemeente loopt ver achter (per 1 oktober nog 55 personen te huisvesten, van 1 juli tot 1 oktober slechts 5 personen gehuisvest), hoe rijmt dit met “we bieden passende huisvesting” en als er minder statushouders gehuisvest worden, waarom bestaat er dan behoefte voor meer specialisten? En waar worden deze specialisten van betaald en geworven? Is er sprake van afgewezen asielzoekers of illegale migranten in de gemeente?

Antwoord:

Statushouders worden opgenomen door de gemeente als zij gehuisvest kunnen worden. Hiervoor is huisvesting noodzakelijk. Door een gebrek aan woningen kunnen nieuwe statushouders niet direct worden gehuisvest en is er voor gekozen om extra in te zetten op de doelgroep hervestigers. De achtergrond van deze statushouders is divers en ondersteuning is nodig op diverse leefgebieden. Om deze mensen goed te begeleiden in de eerste maanden hebben we 2 klantmanagers inburgering aangetrokken. Hierna gaat deze begeleiding over naar het reguliere begeleidingstraject van stichting Vluchtelingenwerk.

Voor de afgewezen asielzoekers sluiten we aan bij landelijk beleid en dit wordt uitgevoerd door de IND. Hierdoor hebben wij ook geen inzicht in de afgewezen asielzoekers.

Vraag 5:

p. 22: het verenigingsleven is een belangrijke factor in onze gemeente, tegelijkertijd zijn er steeds minder mensen die lid worden van verenigingen en sportclubs. Op welke manier worden verenigingen verplicht om voorzieningen ook voor niet-leden open te stellen en een inclusiever beleid te voeren als eis voor het ontvangen van de subsidie?

Antwoord:

Verenigingen worden niet verplicht hun voorzieningen open te stellen. Dit is op dit moment ook niet als eis / voorwaarde opgenomen in de subsidieverordening. Dit neemt niet weg dat veel verenigingen, op vraag van andere organisaties, wel open staan voor het delen van hun accommodatie.

Vraag 6: p 22: aan welke maatschappelijke activiteiten moeten/kunnen de verenigingen denken? Hoe vindt financiële waardering plaats?

Antwoord:

De kaders voor de stimuleringssubsidie zijn nog niet vastgesteld. Getracht wordt deze in Q1 2024 vast te stellen.

Vraag 7:

Kwijtschelding van gemeentelijke heffingen: wie komt hiervoor in aanmerking en wat zijn hiervoor de voorwaarden?

Antwoord:

Zoals beschreven op pagina 123 van de begroting: Wij hanteren de zogenaamde 100% norm voor de kwijtschelding van gemeentelijke heffingen. Of een belastingplichtige in aanmerking komt voor kwijtschelding wordt beoordeeld aan de hand van een inkomens- en/of vermogenstoets. Bij deze toets worden de kosten van bestaan conform de bijstandsnorm voor 100% meegenomen. Kwijtschelding kan alleen worden verleend voor het vastrecht gedeelte van een aanslag afvalstoffenheffing.

8

De regeling kwijtschelding is op 13 december 2022 door uw raad vastgesteld en wordt uitgevoerd door de BsGW.

Vraag 8: p 48, Kunst en Cultuur: waarom ontbreken de rijks- en gemeentelijke monumenten in de begrotingstekst? Nu we weer gemeentelijke monumenten hebben/mogelijk maken, dient er toch een budget te zijn voor toetsing, selectie, beoordeling, begeleiding en handhaving? Waarom niet begroot?

Antwoord:

In onze exploitatie hebben we werkbudget opgenomen, waarmee we uitvoering geven aan het gemeentelijkbeleid omtrent rijks- en gemeentelijke monumenten.

Vraag 9 p 60: waarom scoort EM zo hoog met Halt oplegging?

Antwoord:

Over recente cijfers en verwijzingen naar HALT beschikken we niet op dit moment. Dat maakt dat we dat deel van de vraag niet kunnen beantwoorden.

Vraag 1 Pagina 12: U vermeldt dat de kosten voor Inclusieve samenleving stijgen. Dit zien we in 2024. Daarna dalen de kosten voor Inclusieve samenleving. Betekent dit dat een meerjarige doorrekening niet heeft plaatsgevonden? Zo ja wat betekent dit dan voor het verwachte negatieve saldo in 2026 en 2027? Zo nee, kunt u dan een toelichting geven op de voorziene daling van de kosten na 2024?

Antwoord:

U dient de tabel op pagina 12 als geheel te zien, zowel de kosten als de baten voor programma 1.1.

Inclusieve Samenleving.

In 2024 zijn er zowel kosten als baten opgenomen voor Oekraïne (Kosten 1.464.000, Baten 1.464.000), vanaf 2025 is dit niet meer het geval. Per saldo is dit 0, maar wanneer de kosten separaat worden bekeken lijkt het als of de kosten stijgen. Per saldo blijven de kosten voor inclusieve samenleving ongeveer gelijk op basis van de meerjaren doorrekening.

Vraag 2:

Pagina 12: U geeft aan een gemeenschapshuis in elke kern na te streven, daarnaast geeft u aan de Hoeskamers te blijven ondersteunen. Nu is een combinatie van deze twee in de kern Bemelen al enkele jaren in ontwikkeling. Kunt u aangeven hoe ver deze nu is? De Hoeskamer in deze kern is dringend op zoek naar alternatieve ruimte.

Antwoord:

Op dit moment is er geen duidelijkheid over de verbouwing van het gemeenschapshuis Bemelen, er spelen meerdere kwesties, zoals een lopende bezwaarprocedure van een omwonende(n) n.a.v. het verbouwingsplan en inmiddels flink gestegen bouwkosten.

9

Er is wel een mogelijkheid van een gemeentelijke bijdrage voor inrichting van een alternatieve locatie, net als bij de andere huiskamers. In afwachting van een definitieve uitkomst rondom verbouwing van het gemeenschapshuis Bemelen kan dit een passende oplossing zijn.

Vraag 3:

Pagina 12: U geeft aan dat bij toekomstbestendig onderwijs de kosten van het IHP niet zijn meegenomen. Klopt dit wel? In het schema financiële recapitulatie op pagina 6 neemt u de kapitaallasten wel mee.

Antwoord:

De investeringsbedragen voor het IHP vallen onder huisvesting onderwijs en deze vallen onder programma 4, wonen en leefomgeving. Hierin zijn ook de kapitaallasten voortvloeiende uit de investeringen meegenomen.

Vraag 4 Pagina 12: In het financieel overzicht is zichtbaar dat de kosten voor de sportverenigingen mee groeien. Is dit onder invloed van indexering of zijn hier andere oorzaken voor aan te wijzen?

Antwoord:

In het financieel overzicht staat het onderdeel 1.5. Sport en bewegen voor Jong en Oud. Dit betreft niet enkel sportverenigingen maar ook diverse andere onderdelen zoals MBVO. De stijging heeft deels te maken met indexering van kosten maar ook stijging in kapitaallasten.

Vraag 5 Pagina 12: Kunst & Cultuur, baten. Waarvoor is vanaf 2024 een bedrag ad € 33.800 opgenomen?

Antwoord:

Het genoemde bedrag betreft de SPUK IDO-gelden (Subsidieregeling Informatiepunt Digitale Overheid). Het IDO-loket wordt opgezet via bibliotheken, die deel uitmaken van het beleidsterrein kunst en cultuur. (MB) Vraag 6 Pagina 12: De grafieken zijn verhelderend. Alleen sluiten de kleuren van de activiteiten bij baten en lasten niet op elkaar aan.

Antwoord:

We zullen hier de volgende keer op letten.

Vraag 7 Pagina 16 Continueren vroeg signalering schuldenproblematiek: de toegang tot het proces schuldhulpverlening komt bij de gemeente te liggen in plaats van bij de Kredietbank. Op welk moment gaat cliënt dan naar de Kredietbank?

Antwoord:

Sinds 2021 is de Wet gemeentelijke schuldhulpverlening gewijzigd waarbij vroegsignalering van schulden een verplichte taak is geworden van de gemeente. Er kunnen op een veilige manier gegevens worden uitgewisseld tussen de klantmanager schuldhulpverlening en de zogenaamde ‘vaste lasten partners’, over betalingsachterstanden van inwoners. Indien nodig, kan de klantmanager schuldhulpverlening snel overgaan tot het oplossen van deze (kleine) achterstanden om inwoners uit de problematische schulden te houden. Een inwoner gaat naar de Kredietbank als er sprake is van (hoge) schulden en er een aanvraag voor schuldhulpverlening wordt ingediend. 10

Vraag 8:

Pagina 20: In 2024 gaat u het subsidiebeleid verenigingen herzien. U geeft aan dat vrijval van subsidie het mogelijk maakt stimuleringsbijdragen mee te nemen. Welke verenigingen zijn weggevallen in het subsidiebeleid? Neemt u bij de herziening van het subsidiebeleid ook mee dat de bedragen jarenlang niet geïndexeerd zijn? Kunt u ook voorbeelden geven van doeleinden waarvoor deze maatschappelijke investeringssubsidies kunnen worden ingezet?

Antwoord:

Na afloop van de huidige subsidieperiode (2021 t/m 2024) wordt het beleid nader tegen het licht gehouden. Bij de herziening zullen alle aandachtspunten worden meegenomen.

Het budget voor het maatschappelijk stimuleringssubsidie vrijwilligers is ontstaan door het wegvallen van de subsidie aan de stichting Kumulus. De kaders voor deze regeling worden in Q1-2024 vastgesteld.

Vraag 9:

Pagina 26: 1.3 Toekomstbestendig onderwijs. Er wordt gesteld dat “een beweging wordt gemaakt naar ouderverantwoordelijkheid: ouders hebben de primaire verantwoordelijkheid in de ontwikkeling en opvoeding van het kind”. Waar ligt dan nu deze primaire verantwoordelijkheid?

Antwoord:

Samen met de kind partners willen we de beweging gaan inzetten/bewustwording van de ouderverantwoordelijkheid, dit is een thema wat we samen met de kind partners ( peuter/kinderopvang en onderwijs) op de lokale educatieve agenda( LEA: thema’s waarin we samen gaan optrekken) hebben gezet.

Ook nu ligt de primaire verantwoordelijkheid van opvoeden bij ouders, echter merken deze kind partners dat hier op bepaalde onderdelen een disbalans aan het ontstaan is.

Vraag 10:

Pagina 28: 1.3 Waarom het stimuleren van dialect beperken tot het basisonderwijs? Kan BSO en Dagopvang hieraan toegevoegd worden?

Antwoord:

Streektaal projecten, zoals bijvoorbeeld de Kal Plat campagne, is op overkoepelende wijze gericht op alle inwoners, dus ook op alle BSO / Dagopvang kinderen. (MB).

Vraag 11 Pagina 31: 1.4 Is er een overzicht van alle 'hoeskamers' en de kosten voor de gemeente hiervan?

Antwoord:

Ja dat is er.

Vraag 12:

Pagina 38: Om de effecten van afname van beschikbaarheid van vrijwilligers bij (sport)verenigingen op te vangen is in 2023 reeds budget vrijgemaakt. Dit budget is bedoeld voor het beschikbaar stellen van materieel dan wel het bieden van tijdelijke ondersteuning. Is hier voldoende bekendheid aan gegeven naar de verenigingen toe? Zo ja, hoe? Zijn er al verenigingen welke een beroep gedaan hebben op deze ondersteuning?

11

Antwoord:

Getracht wordt de regeling in Q1-2024 vast te stellen. Alsdan zullen de verenigingen nader worden geïnformeerd; zowel via de gebruikelijke kanalen (social media/Etalage) alsmede via persoonlijke email. Op dit moment is er nog geen beroep gedaan op deze regeling.

Vraag 13 Pagina 38: Het stimuleren van collectief georganiseerde sport alsmede ook de individuele sport en beweegactiviteiten worden via het sportakkoord verder doorontwikkeld. Hierbij wordt in beeld gebracht welke behoeften er binnen de gemeente bestaan. Innovatieve ideeën van inwoners en gebruikers worden gestimuleerd en gefaciliteerd. De aanvraag voor een padel baan in Eijsden kan hieronder vallen. Kunt u aangeven welke ontwikkelingen hierin te noemen zijn?

Antwoord:

Binnen het Sportakkoord gaat het om een viertal doelstellingen; sportief en gezond opgroeien, meedoen door bewegen, sterk en vitaal verenigen en ruimte om te bewegen. Vanuit zgn. kerngroepen en vanuit de bestuurdersgroep kunnen suggesties gedaan worden voor programma’s of bijeenkomsten. Zo worden er verenigingscafés georganiseerd, zetten we in op het versterken van de motorische ontwikkeling van kinderen, hebben we een programma ontwikkeld voor inwoners die door verschillende oorzaken niet (kunnen) bewegen. De aanvraag van een padelbaan valt niet onder het Sportakkoord. Binnen het Sportakkoord is daar enerzijds niet genoeg budget voor en anderzijds is dit ook niet het doel van het Sportakkoord.

Vraag 14:

Pagina 42: 1.6 Waarom wordt de term 'trendbreuk' gebruikt? Beschrijf de trend die gebroken moet worden.

Antwoord:

De term “Trendbreuk” is de werknaam van ons regionaal gezondheidsbeleid waarin wij reeds enkele jaren met alle 16 Zuid-Limburgse gemeenten samenwerken. Het is regionaal besloten om de handen in elkaar te slaan en de trend, die gezondheidsachterstanden in onze regio in stand houden, te breken. Vandaar de term/naam “Trendbreuk”.

Vraag 15:

Pagina 48: Zorg op maat: “Aandacht wordt ook gegeven op de (planologische) sturing op woonzorginitiatieven voor huisvesting van jeugdigen.”. Kunt u dit nader toelichten? Verder wordt aangegeven dat de Praktijkondersteuner Huisartsen een belangrijke rol speelt die verder verstevigd moet worden.

Waar is deze praktijkondersteuner in dienst en hoe kan deze rol verstevigd worden?

Antwoord:

In de Jeugdhulp regio Zuid-Limburg zijn afspraken gemaakt dat wanneer een zorgaanbieder zich bij de centrumgemeente meldt met plannen voor woonzorg-initiatieven voor Jeugdhulp in de regio dat de betreffende gemeente wordt ingelicht. In gezamenlijkheid wordt bekeken of het gewenste woonzorginitiatief passend is binnen de betreffende omgeving.

De praktijkondersteuner Jeugd is in dienst van ZIO, Zorg in Ontwikkeling, de huisartsenorganisatie in deze regio. Wij kopen bij ZIO deze dienst in. De versteviging van de rol zien we in het uitbreiden van het aantal beschikbare uren, waardoor er meer jeugdige gezien kunnen worden door de POH Jeugd, maar er ook meer tijd en ruimte is voor afstemming, verbinding en samenwerking met andere voorliggende voorzieningen (denk een Trajekt, jeugd en jongerenwerk, jeugdgezondheidszorg) maar ook met scholen, waarbij er meer preventief gebruikt gemaakt kan worden van elkaars expertise en aanbod.

12

Vraag 16:

Pagina 48 Stimuleren mantelzorg en maximeren van het budget op k€ 100 per jaar: het mantelzorgcompliment ontvangt de mantelzorger alleen als de zorgvrager hiervoor een verzoek indient. Dan moet de zorgvrager hier ook toe in staat zijn. Zijn er nog andere manieren om een mantelzorgcompliment aan te vragen?

Antwoord:

Nee. De aanvraag wordt gedaan door de zorgvrager of bij een kind de wettelijk vertegenwoordiger Vraag 17:

Pagina 60 Beleidsindicatoren: het aantal niet-sporters laat een waarde zien die betrekking heeft op het jaar 2020. In hoeverre is dit een representatief jaar? Dienen bepaalde cijfers nog een nadere duiding te krijgen?

Antwoord:

De laatste beschikbare zijn de cijfers van de GGD gezondheidsmonitor 2020. Deze cijfers laten zien dat van de inwoners tussen de 18 t/m 64 jaar 48,8 % voldoet aan de beweegnorm. Hierin is meegenomen woon-werkverkeer, lichamelijke activiteit op werk of school, huishoudelijke activiteiten, vrije tijd en sport. De beweegrichtlijn is:

• Bewegen is goed, meer bewegen is beter.

• Doe minstens 150 minuten per week aan matig intensieve inspanning, verspreid over diverse dagen. Langer, vaker en/ of intensiever bewegen geeft extra gezondheidsvoordeel.

• Doe minstens tweemaal per week spier- en botversterkende activiteiten, voor ouderen gecombineerd met balansoefeningen.

• En: voorkom veel stilzitten.

Daarnaast blijkt uit de gezondheidsmonitor dat 47,2% van de inwoners ouder dan 18 jaar wekelijks sport.

Vraag 1:P16 alinea 1 inclusieve samenleving Dit vraagt om anders inzetten van mens kracht, en waar nodig om meer menskracht, en een groter beroep op middelen.

Hoe gaat u menskracht concreet anders inzetten?

Antwoord:

Dit is het samenspel tussen inwoners, zorgaanbieders, maatschappelijke organisaties en de gemeente. De ligt grotendeels vast in beleidsdocumenten opgesomd onderaan programma 1.

Vraag 2:

Alinea 2 vluchtelingen stimuleren hen Nederlandse taal machtig te worden en laten hen kennis maken met de gemeenschap om ze hiermee sneller en succesvoller te laten participeren in de maatschappij en actief bij te dragen aan onze samenleving.

VRAGEN:

• Hoe gaat u stimuleren dat statushouders de taal leren?

• Hoe gaat u stimuleren dat zij uit de uitkeringssituatie komen?

• Hebben wij een scenario voor als we ook vluchtelingenopvang krijgen toegewezen? 13

Antwoord:

De Nederlandse taal leren is een verplicht onderdeel van het inburgeringstraject. Onderdeel van het inburgeringstraject is ook het integreren in de samenleving en kennis opdoen van de Nederlandse waarden en normen. Omdat een statushouder een bijstandsuitkering krijgt zodra hij/zij gehuisvest in onze gemeente is hij/zij ook verplicht om mee te werken aan een re-integratietraject naar werk. Dit wordt via de reguliere re-integratie keten opgepakt.

Wij hebben geen scenario voor de toewijzing van vluchtelingen. Als hier sprake van is moet het COA hierover contact met de gemeente opnemen en afspraken maken.

Vraag 3:

Uit de financiële begroting:

Reserves verbetering tijdelijke huisvesting statushouders: € 21.369,- Op p 313 staat een tabel waar sprake is van 260.362,-Hoe moeten we dit lezen en wat is de relatie met de 350.000 die de raad voor dit doel vrijmaakte?

Antwoord:

Het betreffende bedrag van € 350.000 is gestort in de reserve Verbetering tijdelijke huisvesting statushouders. Deze is / wordt als volgt ingezet : 2022 : ingezet voor diverse onderhoudswerkzaamheden, kosten € 68.269. 2023 : ingezet voor de jaarlijkse kapitaallast verbouwingen Schoolstraat Noorbeek 14 A-J en Schoolstraat 26/26A Sint Geertruid (jaarlijks € 21.369 ; t/m 2032). 2024 : beginsaldo € 260.362.

Vraag 4;

P22 Maatschappelijk gezond verenigingsleven.

Nieuw is de introductie van een maatschappelijke stimuleringssubsidie. Hiermee worden verenigingen aangespoord om bijdragen te leveren aan sociaal maatschappelijke opgaven.

• Aan welke maatschappelijke activiteiten denkt u in het kader van de maatschappelijke stimuleringssubsidie?

• Waarom noemt u deze subsidie nieuw?

Antwoord:

De kaders voor de stimuleringssubsidie zijn nog niet vastgesteld. Getracht wordt deze in Q1 2024 vast te stellen.

Vraag 5:

Uit de financiële begroting:Punt 1.2 gezond verenigingsleven Totaal 104.025 is dit inclusief subsidies?

Welke kunst wordt hieruit betaald? Wat is de relatie met 1.8 Antwoord:

Dit is inclusief subsidies, deze subsidies betreffen met name culturele activiteiten zoals o.a.

Jonkheden, Koningsdagvieringen, Kruisen en kapellen, Schutterijen, Sint Nicolaasactiviteiten en Carnaval.

14

Vraag 6: ONDERWIJS:

U geeft nogal wat inhoudelijke plannen voor het onderwijs.

Wij dachten dat de gemeente alleen maar gaat over de gebouwen en verder geen bemoeienis heeft met de inhoud van het geboden onderwijs?

Klopt dat niet meer?

Antwoord:

Dat klopt, maar we werken wel samen met het onderwijs en de lokale kindpartners, specifiek gericht op bepaalde thema’s . Enkele voorbeelden hiervan zijn; versterken motorische ontwikkeling, preventieve logopedie (extra taalstimulering), bewegen, JOGG etc.

De thema’s zijn opgenomen in de lokale educatieve agenda (LEA). Jaarlijks gaan wij in overleg met onderwijs en de kindpartners over bovengenoemde thema’s en hoe wij elkaar hierin kunnen versterken.

Vraag 7:JONGEREN U wil jongeren inspraak geven (p 5 In 2024 … en bevorderen we de inspraak van jongeren.) en u spreekt over meedenken over leuke activiteiten (p 5 Jongeren worden uitgenodigd om ideeën te ontplooien gericht op participatie en ontmoeting).

Overlapt wat onder programma 1 staat, wat onder programma 5 staat?

Antwoord:

Nee, zowel in programma 1 als in programma 5 gaat het om het betrekken van jongeren, maar in een ander kader.

In programma 1 wordt met participeren vooral bedoeld jongeren stimuleren deel te nemen aan activiteiten en bijvoorbeeld door het programma “Jeugd aan zet” zelf met ideeën te komen die meedoen en ontmoeten bevorderen.

In programma 5 heeft de term participeren meer betrekking op het bieden van inspraakmogelijkheden voor jongeren/kinderen (en ook andere doelgroepen). Dus het betrekken van jongeren bij beleidsplannen en projecten (over alle domeinen heen). Voor het einde van 2023 ontvangt uw raad een informatiebrief waarin een toelichting wordt gegeven op een plan van aanpak hoe de gemeente deze inspraak samen met jongeren gaat organiseren.

Vraag 8:

U gaat dus in 2024 de inspraak van jongeren bevorderen.

Hoe gaat u dat doen?

Antwoord:

De uitwerking van de inspraak door jongeren maakt onderdeel uit van een op te stellen plan van aanpak burgerparticipatie. Uw raad zal hierover middels een informatiebrief voor het einde van 2023 worden geïnformeerd. De raadswerkgroep burgerparticipatie wordt betrokken bij dit plan.

In de uitvoering van het programma Jeugd aan zet wordt jongeren ook gevraagd input te geven voor de activiteiten.

Vraag 9:

P60 en P178 Beleidsindicatoren.

Eijsden Margraten scoort gelukkig laag in de criminaliteitsindex, maar we sturen veel meer jongeren naar bureau HALT dan vergelijkbare gemeenten en landelijk.

Hoe komt dat en wat verwachten we ervan?

Antwoord:

Over recente cijfers en verwijzingen naar HALT beschikken we niet op dit moment. Dat maakt dat we deze vraag niet kunnen beantwoorden. 15

Vraag 10: POSITIEVE GEZONDHEID P44 laatste zin Hierdoor wordt op een integrale wijze duurzaam invulling gegeven aan positieve gezondheid voor al onze inwoners.

Wij zien een discrepantie tussen de ze zin en de plannen zoals u die beschrijft.

De nadruk ligt heel erg op kinderen, wat begrijpelijk is, want gezonde kinderen maken meer kans gezonde volwassenen te worden. U heeft voor ouderen goede zaken ontwikkeld.

Echter, onze gemeente heeft een grote groep volwassenen die binnen afzienbare tijd ouderen worden en gebruik gaan maken van WMO-voorzieningen.

Wat zijn uw plannen om de huidige volwassenen (zeg 30 - tot 65- jarigen) te motiveren tot een gezonde levenswijze?

Antwoord:

Focus op onze jeugd is belangrijk, zo creëren wij een gezonde generatie in 2040. Deze aanpak op onze jeugd heeft aanzienlijk invloed op de ouders (30-65) van onze kinderen. Denk hierbij aan bewustwording en het geven van het goede voorbeeld. Ook ons preventieakkoord focust niet alleen op onze jeugd, maar zeker ook op onze volwassenen. Maar dit is niet het enige wat we doen om een gezonde levenswijze bij de doelgroep 30-65 jaar te motiveren.

Via verschillende programma’s en beleidsterreinen zetten we in op een gezonde levenswijze voor onze inwoners. Op het gebied van sport en bewegen / gezondheid worden programma’s aangeboden die inwoners stimuleren te (gaan) bewegen (In Beweging, MBvO, subsidiëring sportverenigingen, beweegvriendelijke buitenruimte, team Fit gezonde sportomgeving, rookvrij, terugdringen overgewicht bij volwassenen). Met het beleidsveld kunst en cultuur werken we aan aanpak leeggeletterdheid, digitale vaardigheden, bibliotheekwerk, het ontwikkelen van culturele projecten met een sociaal maatschappelijke verbinding (Pas de Deux).

We zetten in op het ontwikkelen van vaardigheden van cliënten (SEM) zodat aansluiting kan worden gemaakt met de arbeidsmarkt. We werken aan vroegsignalering en preventie van schulden.

Onze welzijnsinstelling Trajekt richt zich op het versterken van eigen kracht van inwoners o.a. door het aanbieden van maatschappelijk werk (mentale gezondheid). Onze consulenten welzijn (aandachtgebied volwassenen en jeugd) zetten zich in op het laten meedoen van onze inwoners.

Als gemeente zijn we partner van het landelijke programma een tegen eenzaamheid. In de programmaontwikkeling werken we nauw samen met onze maatschappelijke partners. Stichting MEE voert voor ons de mantelzorgondersteuning uit. We versterken de sociale basis door het beschikbaar stellen van algemeen toegankelijke voorzieningen.

We werken aan een brede ketenaanpak valpreventie

Vraag 11:

Bibliotheek pag.55 en pag.63: We herijken het bibliotheek werk.

1. Bent u bekend met de bijdrage van de Rijksoverheid van 3 euro per inwoner in 2023 en 2024?

Vraag 2

Bent u bekend met het feit dat vanaf 2025 structureel 54 miljoen voor bibliotheekwerk wordt vrijgemaakt?

Antwoord van het college

1. We zijn op de hoogte van de bijdrage van ongeveer €3,-- per inwoner. Deze bijdrage geldt echter vanaf 2025.Daarnaast ontvangen 52 gemeenten financiering via de eerste aanvraagronde van de regeling 'Eenmalige specifieke uitkeringen lokale bibliotheekvoorzieningen 2023-2024'. Bij de eerste aanvraagronde was € 17,6 miljoen beschikbaar, maar er werd voor meer dan € 39 miljoen aangevraagd. Onze aanvraag is afgewezen, aangezien de gemeente momenteel niet voldoet aan de vereiste punten om in aanmerking te komen voor deze regeling. Er is inmiddels bezwaar aangetekend tegen de afwijzing en een tweede aanvraag is in voorbereiding.

16

2. Daar zijn we van op de hoogte. Deze regeling wordt meegenomen in het plan van aanpak m.b.t. de zorgplicht 2025. De raad wordt over de inhoud en de wettelijke kaders van de zorgplicht geïnformeerd tijdens de themavergadering op 14 november.

Vraag 12:

Daarbij is de opdracht: De gemeente is aan zet.

Waarom is dit niet zichtbaar in de (meer jaren)begroting?

Antwoord:

Dit komt omdat de herijking nog niet is afgerond. De raad wordt meegenomen in de mogelijkheden op de bijeenkomst op 14 november.

Vraag 13:

U gaat ‘herijken”. Welke mogelijkheden voor ontwikkeling van een goede bibliotheekvoorziening heeft u voor ogen?

Antwoord:

De ontwikkeling vloeit voort uit de zorgplicht bibliotheekwerk 2025. De raad wordt over de inhoud van de zorgplicht geïnformeerd tijdens de themavergadering op 14 november.

17

Bekijk de brief: 04 Schriftelijke vragen en antwoorden Programmabegroting Programma 1

Bron: raadsinformatie van de gemeente Eijsden-Margraten (Open Raadsinformatie). De vragen en antwoorden zijn automatisch uit de brief gelezen; het origineel is leidend.

Meer vragen aan het college van Eijsden-Margraten

Alle artikel 35-vragen in Eijsden-Margraten