07 Schriftelijke vragen en antwoorden Cultuurvisie
Een raadslid stelde op 8 april 2025 schriftelijke vragen aan het college van burgemeester en wethouders van Eijsden-Margraten (3 vragen).
In het kort
3 vragen en wat het college antwoordt
- Pagina 2 van 21 Vraag 6: We missen in deze visie belangrijke zaken, waarop de aanwezige rijke cultuur in onze gemeente al vele jaren drijft. → Of is er pas aandacht voor andere dan harmoniemuziek in het uitvoeringsprogramma?
- Bij het kopje "Uitvoering en evaluatie" staat dat er jaarlijks een evaluatie wordt uitgevoerd. → Intern of wordt hiervoor een bedrijf benaderd?
- De cultuurvisie besteedt aandacht aan duurzaamheid en groene initiatieven binnen de culturele sector. → Bewustwording wordt actief bevorderd door het integreren van duurzaamheid en groene initiatieven in het uitvoeringsprogramma.
Overgenomen uit de brief van het college; hieronder staan de volledige vragen en antwoorden.
Vragen en antwoorden
Vraag 1
Pagina 2 van 21 Vraag 6: We missen in deze visie belangrijke zaken, waarop de aanwezige rijke cultuur in onze gemeente al vele jaren drijft. Voorbeelden: Waarom wordt SPEM (Stichting Popmuziek E-M) niet genoemd?
Antwoord van het college
Of is er pas aandacht voor andere dan harmoniemuziek in het uitvoeringsprogramma? Antwoord: Aangezien de visie strategisch en kaderstellend is, hebben we ervoor gekozen om specifieke culturele verenigingen en organisaties niet afzonderlijk te vermelden. Dit voorkomt dat we bepaalde groepen onbedoeld uitsluiten en benadrukt tegelijkertijd de collectieve waarde van al onze culturele initiatieven. Deze aanpak zorgt voor een breed draagvlak en stimuleert een divers en dynamisch cultureel landschap waarin alle organisaties zich ondersteund voelen. Dit betekent niet dat er geen aandacht voor deze organisaties is, maar wel dat de benoeming van samenwerkingsverbanden en de vermelding van specifieke verenigingen en organisaties zijn plaats in het uitvoeringsprogramma vindt. Vraag 7: Waar is de aandacht voor ons grote materieel erfgoed, behalve via de -gedeeltelijke- foto’s van het Ursulinenconvent, kasteel Eijsden en het Caltexstation Withuis? Antwoord: Binnen het thema ‘Erfgoed’ onderscheiden we materieel en immaterieel erfgoed, elk met een eigen beleidskader en verantwoordelijkheidsgebied.: • Immaterieel en levend erfgoed (beleidsveld Kunst en Cultuur / afdeling Samenleving) Dit omvat het behouden en doorontwikkelen van tradities, gebruiken en rituelen Het Kenniscentrum Immaterieel Erfgoed Nederland (KIEN) biedt hierbij ondersteuning en ontwikkelt tools en publicaties om gemeenten te helpen immaterieel erfgoed een plek te geven in hun beleid. Het omvat ook het organiseren of ondersteunen van initiatieven die gericht zijn op beleving en educatie. Denk bijvoorbeeld aan culturele (fiets)routes, of deelname aan Open Monumentendag. Rode lijn is dus dat alle initiatieven gericht zijn op deelname van /verbinding met inwoners of bezoekers. • Materieel Erfgoed (beleidsveld materieel erfgoed / afdeling Ruimtelijke Ontwikkeling en Bouwen) Materieel erfgoed betreft fysieke objecten, monumenten en landschappen die cultureel en historisch waardevol zijn. Het beheer en behoud hiervan vallen onder de verantwoordelijkheid van de afdeling Ruimte. Hierbij hoort een beleidsplan, waarin aandacht wordt besteed aan de bescherming en integratie van materieel erfgoed binnen ruimtelijke ontwikkelingen. De Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed ondersteunt gemeenten hierbij met handreikingen en richtlijnen. Ons college overweegt momenteel om de vigerende nota materieel erfgoed te actualiseren. We bezien of er binnen de bestaande begroting middelen te vinden zijn om u hiervoor een voorstel te doen. • Samenwerking en Overlappingen: Hoewel immaterieel en materieel erfgoed onder verschillende beleidsvelden vallen, is er sprake van overlap. Activiteiten en evenementen die zowel materieel als immaterieel erfgoed betreffen, vereisen samenwerking tussen de afdelingen Samenleving en Ruimte. Deze integrale benadering waarborgt een samenhangend en effectief erfgoedbeleid. Pagina 3 van 21 Vraag 8: Waarom wordt er niet gerept over onze gemeentelijke beeldbepalende panden? Hoe gaat u daar mee om in de komende 5 jaar? Antwoord: Zie antwoord op vraag 7. Dit valt onder de afdeling Ruimtelijke Ontwikkeling en Bouwen / erfgoedbeleid. Vraag 9: Waar is de aandacht voor het Familiemuseum, het enige museum in onze gemeente? Antwoord: Aangezien de visie strategisch en kaderstellend is, hebben we ervoor gekozen om specifieke culturele verenigingen en organisaties niet afzonderlijk te vermelden. Dit voorkomt dat we bepaalde groepen onbedoeld uitsluiten en benadrukt tegelijkertijd de collectieve waarde van al onze culturele initiatieven. Deze aanpak zorgt voor een breed draagvlak en stimuleert een divers en dynamisch cultureel landschap waarin alle organisaties zich ondersteund voelen. Dit betekent niet dat er geen aandacht voor deze organisaties is, maar wel dat de benoeming van samenwerkingsverbanden en de vermelding van specifieke verenigingen en organisaties zijn plaats in het uitvoeringsprogramma vindt. Vraag 10: Waar is de aandacht voor de unieke vuursteenmijn in Rijckholt? Antwoord: De vuursteenmijn in Eijsden-Margraten valt onder het beleidsveld erfgoed, specifiek materieel erfgoed. Zie ook het antwoord op vraag 7. Wij ondersteunen als gemeente meerjarig het project Vuursteenmijn. Het is de bedoeling dat dit initiatief te zijner tijd op eigen benen staat. Uiteraard kunnen er via projecten en initiatieven overlappingen optreden tussen de betrokken beleidsvelden. De benoeming van deze projecten en samenwerkingsverbanden, evenals de vermelding van specifieke locaties, verenigingen en organisaties, vindt plaats in het uitvoeringsprogramma Kunst en Cultuur. Vraag 11: Opvalt is dat K en C vooral als instrumenten (verbinding, samenhang, eenheid etc) worden gezien. We zien niets terug over de autonomie van kunst. Kunst wil niet (altijd) dienstbaar zijn. Waar zien we in de visie de belangrijke rol van de autonome (vrije expressie) kunst (kunstenaars) terug? Pagina 4 van 21 Antwoord: Kunst en cultuur vallen binnen de afdeling Samenleving, waardoor de prioriteiten en doelstellingen een sterk sociaal-maatschappelijk karakter hebben. Dit betekent dat kunst en cultuur primair worden ingezet als middel om verbinding, samenhang en inclusie, en hieruit voortvloeiend – een vitale samenleving - te bevorderen. Door K&C in te zetten voor maatschappelijke doelstellingen maakt ook dat er structureel gelden voorhanden blijft binnen dit beleidsvrije domein. Tegelijkertijd erkent de visie expliciet het belang van autonomie, vrije expressie en artistieke kwaliteit. De rol van autonome kunst en kunstenaars komt op meerdere plekken in de visie terug. Zo wordt in het hoofdstuk Culturele Kansen benadrukt dat artistieke ontwikkeling en innovatie essentieel zijn voor een bloeiend cultureel klimaat. Daarnaast wordt via KIEM initiatieven en incidentele culturele subsidies ruimte geboden aan initiatieven die primair een artistieke ambitie nastreven, zonder directe sociale of verbindende doelstelling. Door deze balans tussen maatschappelijke impact en artistieke autonomie blijft de visie zowel inclusief als ondersteunend aan de intrinsieke waarde van kunst en kunstenaars. Vraag 12: Er wordt gesproken over participatie door cultureel ondernemers. De professionele kunstenaars die wij gesproken hebben, hebben van deze participatie niets gemerkt. Kan aangegeven worden hoe deze in het proces zijn betrokken? Welke kunstenaars en cultureel ondernemers zijn gesproken i.h.k.v. participatie en waar zien wij hun ideeën terug in deze visie? Antwoord: Culturele professionals zijn op verschillende manieren uitgenodigd om deel te nemen: • Zeven openbare participatiesessies tussen 2021 en 2023, gedeeld via gemeentelijke kanalen, sociale media en de etalage. • Open calls, gedeeld via gemeentelijke kanalen, sociale media, het KIEM-platform en de etalage. • ‘Direct mail’ gericht aan de culturele professionals verbonden aan het uitvoeringsprogramma. Dit heeft geresulteerd in brede voortdurende interactie met lokale culturele professionals en organisaties. Specifieke namen worden om privacyredenen niet gedeeld. Ingebrachte ideeën zijn verwerkt in het uitvoeringsprogramma. Voorbeelden hiervan zijn: • De oprichting van het KIEM-platform met functies zoals 'open calls en kansen'. • Het invoeren van fair practice bij KIEM-projecten (volwaardig honorarium voor kunstenaars vooraf, toegankelijke prijzen voor inwoners). • Projecten zoals KIEM-pakket, Kunstfietsen, Pas de Deux en Kunstpunt • Het randprogramma van SKEM cultuureducatie aan 8 basisscholen (workshops, belevingen, excursies). • De introductie van KIEM-vouchers. • Herinvoering van de 1% regeling voor kunst in openbare ruimte Deze projecten maken deel uit van het uitvoeringsprogramma. Kunstenaars die oproepen gemist hebben, kunnen zich inschrijven voor de nieuwsbrief van het KIEM-platform, waar alle participatieoproepen en kansen worden gedeeld. Pagina 5 van 21 Vraag 13: Er wordt niet duidelijk gemaakt waarom de rijks- en gemeentelijke monumenten buiten de scope van de Visie zijn gebleven. Krijgen we daarover een aparte verhandeling? Antwoord: Zie het antwoord op vraag 7 Vraag 14: Is de in de begrote aankondiging, per maart, van een ambtenaar, specifiek voor het monumentenbeleid, gerealiseerd? Wanneer begint hij/zij? Zal hij/zij werk gaan maken van een beleid op het gebied van rijks- en gemeentelijke monumenten? Antwoord: Deze vraag is beantwoord door de betreffende afdeling Ruimtelijke Ontwikkeling en Bouwen: We hebben de vacature erfgoed, specifiek in relatie tot de Omgevingswet, eerder dit jaar helaas niet succesvol kunnen invullen. We bezien momenteel of we binnen de bestaande formatie door een herschikking ruimte kunnen vrijspelen voor deze taak. In afwachting daarvan huren we op beperkte schaal kennis en ervaring in. Zie verder het antwoord op vraag 7 Vraag 15; 07a p.2: Bij de bronnen van deze productie worden aardig wat experts genoemd, zelfs vanuit de Biënnale van Venetië. Wat is hun inbreng geweest? Wat hebben we ermee gedaan? Antwoord: Deze visie is in feite de vaststelling van het reeds gevoerde beleid, zoals opgebouwd sinds 2020. Om de verschillende gezichtspunten te toetsen aan toekomstgerichtheid en relevantie, is er een erkende expert de culturele kernthema’s gekoppeld. Er is gekozen voor experts met een grote expertise, en tegelijkertijd ervaring van het vertalen van grotere maatschappelijke ontwikkelingen naar lokaal niveau. Dit is de verdeling: Kernthema’s Kunst, Cultuur, Cultuureducatie (pagina’s 8, 10, 14): Ana Frangovska (curator Biënnale Venetië & PhD Transdisciplinary Contemporary Art) Immaterieel / levend Erfgoed (pag. 12): Pieter van Rooij (adviseur erfgoed Kenniscentrum Immaterieel Erfgoed Nederland) Omgeving en gebiedsontwikkeling (pagina 21): Saskia van Stein (directeur Internationale Architectuur Biënnale) Bibliotheekwerk (pagina 17) : Ilse Verburgh (voormalig directeur HUB Kerkrade) Participatie (pag 19 en 23): Els Roobroeck (Programmaregisseur Cultuurmakers / Hoofd Development Centre Céramique) Pagina 6 van 21 Vraag 16: Waarom is bij de bronnen niet het initiatiefvoorstel Kunst en Cultuur, opgesteld door PRO, opgenomen? Antwoord: Omdat bij de behandeling van het initiatiefvoorstel is besloten dat de visie een vertaling zou zijn van het lopende beleid en niet van het initiatiefvoorstel. Vraag 17: Waar zien we voorstellen uit dit stuk terug in de visie of is er geen gebruik van gemaakt? Antwoord: Er is zeker gebruik gemaakt van de voorstellen. Hieronder staan enkele voorbeelden die direct verbonden zijn met de voorliggende visie: • Alinea ‘Het belang van kunst en cultuur voor onze inwoners’ "Als gemeenteraad kunnen wij zonder visie op kunst en cultuur niet controleren of de gemeente de juiste richting kiest en evenmin bijsturen waar nodig." Als reactie hierop is er in de cultuurvisie een systeem voor evaluatie en monitoring opgenomen, waarmee de voortgang en effectiviteit van het beleid regelmatig beoordeeld kunnen worden. • De suggestie van PRO om creativiteit en ambitie niet te schuwen, en vooruitstrevende vormen te combineren met de rijke historische tradities in onze gemeente. Dit sluit aan bij de aanpak rond immaterieel en levend erfgoed, waarbij we zowel innovatieve als traditionele elementen integreren. • De noodzaak om kunstenaars en cultuurmakers in de gemeente te betrekken bij het opstellen van de visie, en daarbij niet alleen de gevestigde namen, maar ook nieuwkomers in de cultuursector te spreken. Dit is weerspiegeld in de overkoepelende culturele participatiesessies en de introductie van open calls, die veel belangstelling kregen, met name van jongere culturele professionals en nieuwkomers in het veld. Deze voorbeelden tonen aan dat voorstellen uit het stuk zijn verwerkt in de cultuurvisie, met ruimte voor vernieuwing, inclusiviteit en samenwerking. Vraag 18: Er is veel aandacht voor jeugd in klassikale vorm. We zien in de visie géén aandacht voor contact met theater-, concert-, en kunstenaar door jonge mensen. Waarom niet? Is er een voornemen om dit in het uitvoeringsprogramma te doen? Antwoord: Dit wordt opgenomen in het uitvoeringsprogramma, omdat het leerlingen helpt hun horizon te verbreden, nieuwe werelden te ontdekken en hun creatieve potentieel te ontplooien. Het randprogramma van SKEM, gefaciliteerd binnen het programma Kunst en Cultuur, wordt aangeboden aan alle basisscholen in onze gemeente en omvat activiteiten, belevingen en culturele excursies in beeldende kunst, muziek en theater. Deze initiatieven verrijken de leerlingen cultureel en bieden waardevolle ervaringen. Pagina 7 van 21 Enkele voorbeelden van afgelopen jaren zijn: • Excursies naar uitvoeringen van Phil Zuid • Voorstellingen van Tante Thee Theater • Workshops door lokale kunstenaars • Bezoeken aan musea, zoals het Bonnefantenmuseum en het Fotomuseum Maastricht Voor de oudere jeugd zijn we gestart met een onderzoek naar urban culture, waarbij we onderzoeken hoe deze kunstvormen vertaald kunnen worden naar de praktijk, zodat ook deze jongeren een platform krijgen om hun creativiteit en talenten te ontwikkelen. Vraag 19: In de oude gemeente Margraten was er een beleid ten aanzien van kunst in de openbare ruimte. Mede om te voorkomen dat er gestrooid blijft worden met schuttersbeelden of andere “veilige” objecten. Dat is van de baan. Waarom? Antwoord: Openbare kunst valt onder de vast te stellen cultuurvisie, wat betekent dat kunstuitingen worden getoetst aan de vastgestelde doelstellingen. Dit zorgt ervoor dat de (eventuele) uitbreiding van de collectie relevant en versterkend is voor de culturele identiteit van de gemeente. Daarnaast zal, waar mogelijk, burgerparticipatie worden ingezet, zodat de stem van de inwoners wordt meegenomen in de keuzes voor buitenkunst. Vraag 20: Kan er budget worden gecreëerd voor een voortzetting van dit beleid, zodat de burgers in hun eigen omgeving kennis maken met kunst? Antwoord: De cultuurvisie schetst de kaders, terwijl het uitvoeringsprogramma jaarlijks de financiering specificeert. Het is inderdaad van belang dat burgers in hun eigen omgeving kennis maken met kunst. Via de vastgestelde 1% regeling voor kunst in openbare ruimte wordt een mooie stap in deze richting gezet. Vraag 21: Waarom wordt er niets gemeld over beschikbare gelden? Antwoord: Zie het antwoord op vraag 20. Vraag 22: 07b Gaat dit stuk over een kunst- en cultuurvisie of enkel een cultuurvisie? Antwoord: Het betreft een brede cultuurvisie, waarin zowel kunst, cultuur, immaterieel erfgoed, bibliotheekwerk, cultuureducatie en cultuurparticipatie zijn meegenomen. Pagina 8 van 21 Vraag 23: p.5: ‘’Onze visie’’ Hoe zou de visie in één zin kunnen worden geformuleerd? Antwoord: Eijsden-Margraten is een toekomstbestendige gemeenschap waarin een sterk cultureel fundament de drijvende kracht vormt achter verbinding, identiteit en duurzame vooruitgang. Vraag 24: ‘’Onze strategie’’ In de cultuurvisie wordt meermaals een ‘cultureel ecosysteem’ genoemd. Wat wordt hiermee bedoeld? Antwoord: Zie antwoord op vraag 3. Vraag 25: p.7 punt 3: “We investeren in een sterk cultureel netwerk van makers, verenigingen, instellingen en beleidsdomeinen.” Kan dit concreet gemaakt worden met voorbeelden? Cultuurcafé nieuw leven inblazen? Antwoord: Dit wordt concreet gemaakt in het uitvoeringsprogramma. Vraag 26: p.7 punt 4: "met het Cittaslow keurmerk als een bevestiging van onze inzet”. Het laatste Rekenkamerrapport laat het tegenovergestelde zien. Hoe rijmt dit met elkaar? Antwoord: Het Cittaslow-keurmerk onderstreept onze inzet voor een duurzame en leefbare gemeenschap. Het laatste Rekenkamerrapport heeft echter uitdagingen blootgelegd in de uitvoering van deze doelstellingen. In de cultuurvisie wordt expliciet aangegeven dat kunst en cultuur bijdragen aan de versterking van de gemeenschapszin en het behoud van de lokale identiteit. De visie biedt daarom mogelijkheden om de verbinding tussen kunst, cultuur en het Cittaslow-gedachtegoed verder te versterken. Vraag 27: p.8 punt 1: Hoe wordt een inclusieve samenleving nagestreefd? Antwoord: Inclusie wordt bevorderd door actieve participatieprojecten, laagdrempelige kunstinitiatieven, een inclusief cultuureducatie programma aan inmiddels 8 van onze basisscholen, en door uitvoering te geven aan de Zorgplicht Bibliotheekwerk. Pagina 9 van 21 Vraag 28: Wordt er ook een prioritering aangebracht in het faciliteren van maatschappelijke doelstellingen? Antwoord: Binnen het uitvoeringsprogramma worden de prioriteiten jaarlijks bepaald op basis van de prioriteiten van de afdeling Samenleving, de behoeften van inwoners, en de doelstellingen die zijn vastgelegd in het bestuursakkoord, in combinatie met de beschikbare middelen. Vraag 29: p.17 punt 5: Klopt het dat er ook een bibliotheekvisie naar de raad komt? Zo ja, waarom deze dan ook opnemen in deze visie? Antwoord: Per 1 januari 2026 treedt de zorgplicht voor bibliotheken in werking, waarmee gemeenten wettelijk verplicht worden om hun inwoners toegang te bieden tot een volwaardige bibliotheekvoorziening. Deze wijziging van de Wet stelsel openbare bibliotheekvoorzieningen (Wsob) vereist dat gemeenten een meerjarenplan voor bibliotheekbeleid opstellen in samenwerking met de bibliotheekorganisatie. In dit kader is een subsidierelatie aangegaan met Stichting Heuvelland Bibliotheken (SHB), die de zorgplicht vertaalt naar lokaal bibliotheekwerk. Dit heeft geleid tot een beleidsplan voor de bibliotheken in Vaals, Valkenburg en Eijsden-Margraten. Het opnemen van bibliotheekwerk in de cultuurvisie is niettemin van essentieel belang. Bibliotheken zijn niet alleen informatie- en leesvoorzieningen, maar ook dynamische centra voor culturele en activiteiten en maatschappelijke doelstellingen. Door bibliotheekwerk expliciet op te nemen in de cultuurvisie, kunnen we de bibliotheekfunctie verder integreren in het bredere culturele beleid van de gemeente. Bibliotheken kunnen zo bijdragen aan de lokale identiteit, maatschappelijke betrokkenheid en duurzame culturele ontwikkeling. Het benadrukt de rol van bibliotheken als laagdrempelige plekken voor ontmoeting, leren en creativiteit – en ondersteunt daarmee de bredere doelen van de cultuurvisie. Vraag 30: Is het lokale herijkingsonderzoek al geweest of moet dit nog gebeuren? Als dit al is geweest, wat zijn de resultaten? Antwoord: De resultaten zijn op 14 november 2023 tijdens een Raadsthema gepresenteerd, en de bijbehorende stukken zijn daarna gedeeld met de Raad. Indien gewenst kunnen de betreffende stukken nogmaals gedeeld worden. Vraag 31: p.21 ‘’Pilotproject’’: Hoe ziet het pilotproject en de verankering in beleidsprocessen eruit? Op welke manier wordt dit vormgegeven? Antwoord: In dit hoofdstuk verkennen we drie belangrijke kansen voor culturele groei. We beschrijven ambities die momenteel nog niet, of slechts deels, worden gerealiseerd. Het pilotproject vormt een ambitie voor de toekomst. Pagina 10 van 21 Vraag 32: p.25: Gelden de onderscheidende waarden en sociaal-maatschappelijke ambities gemeente breed als basis van de identiteit van Eijsden-Margraten? Antwoord: De culturele identiteit van Eijsden-Margraten bestaat uit vijf belangrijke thema’s die laten zien wat de gemeente op cultureel gebied bijzonder maakt. Deze thema’s worden verbonden en versterkt door bredere maatschappelijke ambities. Samen vormen ze de basis voor het cultuurbeleid van de gemeente. Hier volgt een kort overzicht: Cultuur als levenskompas – Cultuur als middel om levenskwaliteit te verhogen en maatschappelijke doelen te realiseren. Kunst in verbinding met inwoners – Kunstprojecten die sociale cohesie bevorderen en inwoners verbinden. Erfgoed en inwoners: betekenisvol behoud – Immaterieel en levend erfgoed als inspiratiebron en verbinder van verleden, heden en toekomst. SKEM Cultuureducatie: uit de comfortzone! – Cultuureducatie als motor voor creativiteit en maatschappelijke betrokkenheid. De bibliotheek als hart van de samenleving – Een bibliotheek als ontmoetingsplek en centrum voor kennis en ontwikkeling. Vraag 33: p.27: Wij werden geïnformeerd dat deze visie al de huidige werkwijze is, wat zijn de resultaten van de monitoring en evaluaties? Kunnen we hier ook cijfers over ontvangen? Antwoord: Na elk project heeft een evaluatie plaatsgevonden in teamverband, samen met de betrokken stakeholders. Deze evaluaties zijn zorgvuldig uitgevoerd, waarbij actiepunten en verbeterpunten werden opgepakt en doorgevoerd. Hoewel deze aanpak waardevolle inzichten opleverde, bleek er behoefte aan verdere professionalisering om bredere en diepgaandere feiten en cijfers te kunnen voorleggen. Om de raad beter te ondersteunen in het monitoren van voortgang en effectiviteit, hebben we het proces geprofessionaliseerd en structureel verankerd in de visie. De voorgestelde monitoringssystemen zullen voortaan breder inzicht bieden en objectieve data genereren, waardoor we op een consistente manier feiten en cijfers kunnen presenteren. Vraag 34: p.29: Kan het onderzoek Urban Culture in Eijsden-Margraten gedeeld worden? Antwoord: Uiteraard, dit kan gedeeld worden. Pagina 11 van 21 Vraag 35: Kan het uitvoeringsprogramma met de raad worden gedeeld? Wanneer kunnen wij deze verwachten? Antwoord: Zie het antwoord op vraag 4 Vraag 36: Op welke manier worden lokale verenigingen en vrijwilligers betrokken bij de uitvoering van deze visie? Antwoord: Het uitvoeringsprogramma wordt na vaststelling van de visie verder uitgewerkt en vervolgens gepresenteerd. Vooruitlopend hierop: Lokale verenigingen en vrijwilligers spelen een cruciale rol bij de uitvoering van de cultuurvisie van Eijsden-Margraten. Hun betrokkenheid wordt op verschillende manieren gewaarborgd: • • • • Co-creatie en burgerparticipatie – Via projecten waarin inwoners, verenigingen en vrijwilligers actief bijdragen aan culturele initiatieven, zoals het Ireneplein-project en erfgoedbelevingsactiviteiten. Ondersteuning van verenigingen – De gemeente investeert in een sterk cultureel netwerk en faciliteert verenigingen door middel van structurele subsidies, incidentele culturele subsidies en samenwerkingsmogelijkheden binnen het uitvoeringsprogramma. Erfgoed en tradities levend houden – Vrijwilligers en verenigingen spelen een sleutelrol in de overdracht en beleving van erfgoed en tradities, bijvoorbeeld bij evenementen als de Dag van de Cramignon en de Open Monumentendag. Inclusieve cultuurparticipatie – Specifieke initiatieven richten zich op het betrekken van kwetsbare groepen, zoals ouderen en jongeren, waarbij lokale verenigingen en vrijwilligers als partners kunnen fungeren, voortvloeiend uit de doelstelling van het initiatief. Vraag 37: Hoe wordt de impact van cultuur op de leefbaarheid in dorpen en wijken gemeten? Antwoord: Dit wordt gemeten door evaluaties en de projectenmonitor, zie antwoord op vraag 1. Pagina 12 van 21 Vraag 38: Hoe stimuleert de gemeente samenwerking tussen culturele instellingen en scholen? Antwoord: Via het randprogramma van SKEM cultuureducatie, bestaande uit activiteiten, workshops, belevingen en excursies. Dit programma wordt gefaciliteerd door de gemeente en aangeboden aan alle basisscholen in onze gemeente, Vraag 39: Zijn er voldoende financiële middelen gereserveerd om de ambities uit de cultuurvisie te realiseren? Antwoord: De voorgestelde budgetkortingen zullen leiden tot minder beschikbare middelen, wat betekent dat er minder projecten gerealiseerd kunnen worden. Dit heeft direct impact op het behalen van de ambities uit de cultuurvisie. Vraag 40: Hoe wordt de voortgang van de cultuurvisie geëvalueerd en bijgestuurd? Antwoord: Jaarlijks worden de lopende projecten geëvalueerd en waar nodig bijgestuurd via monitoring en participatie-feedback. Zie ook het antwoord op vraag 1. Vraag 41: Op welke wijze draagt de cultuurvisie bij aan de plattelandseconomie, bijvoorbeeld via toerisme? Antwoord: Het onderscheid tussen de cultuurvisie en het uitvoeringsprogramma is essentieel: de visie bepaalt de kaders en richting, terwijl het uitvoeringsprogramma concrete projecten en samenwerkingsverbanden uitwerkt die voortvloeien uit de visie. Deze projecten en samenwerkingsverbanden waarborgen een bijdrage van cultuur aan de plattelandseconomie. Voorbeelden: • • • • Toerisme en erfgoedbeleving – Culturele activiteiten, zoals storytelling-projecten en levend erfgoed-ervaringen bij erfgoedlocaties, trekken bezoekers en stimuleren de lokale economie. Culturele evenementen – het mogelijk maken van festivals en kunstprojecten, via het uitvoeringsprogramma kunst en cultuur en/of via incidentele culturele subsidies, zorgen voor extra inkomsten voor horeca, detailhandel en dienstverleners in de regio. Professionalisering van de culturele sector – Via het uitvoeringsprogramma worden toeristische activiteiten en opdrachten gecreëerd voor lokale culturele professionals en organisaties, zoals kunstenaars, gidsen en educatieve instellingen. Verbindende cultuurvisie – De cultuurvisie draagt bij aan sociale cohesie, participatie en gemeenschapszin, wat de leefbaarheid en veerkracht van de gemeente versterkt. Dit verbetert de kwaliteit van leven en ondersteunt de economische stabiliteit van de regio. Pagina 13 van 21 Vraag 42: Hoe wordt het bibliotheekwerk toekomstbestendig gemaakt binnen deze visie? Antwoord: Het bibliotheekwerk wordt toekomstbestendig gemaakt via de Zorgplicht Bibliotheekwerk, die vanaf 01-01-2026 van kracht is. Door bibliotheekwerk expliciet op te nemen in de cultuurvisie, kunnen we de bibliotheekfunctie verder integreren in het bredere culturele beleid van de gemeente. Bibliotheken kunnen zo bijdragen aan de lokale identiteit, maatschappelijke betrokkenheid en duurzame culturele ontwikkeling. Het benadrukt de rol van bibliotheken als laagdrempelige plekken voor ontmoeting, leren en creativiteit – en ondersteunt daarmee de bredere doelen van de cultuurvisie. Vraag 43: Wordt rekening gehouden met de demografische ontwikkelingen in de gemeente bij de invulling van culturele programma’s? Antwoord: De cultuurvisie houdt hier rekening mee. De visie geeft kaders en richting, en maakt ook flexibiliteit binnen het uitvoeringsprogramma mogelijk. Hierdoor kan het programma worden aangepast met initiatieven die inspelen op bijvoorbeeld vergrijzing, de betrokkenheid van jongeren of andere demografische ontwikkelingen.. Vraag 44: Op welke manier wordt de Cittaslow-gedachte praktisch toegepast binnen deze cultuurvisie? Antwoord: De praktische toepassing hoort in principe bij het uitvoeringsprogramma, niet bij de cultuurvisie. De Cittaslow-gedachte wordt toegepast door het bevorderen van duurzame, lokale initiatieven die de identiteit en kwaliteit van de gemeente versterken. Dit gebeurt onder andere door: • Duurzame erfgoedprojecten: Het behoud en de versterking van cultuurhistorie en identiteit staan centraal, wat aansluit bij de Cittaslow-principes. • Lokale samenwerkingen: Samenwerkingen met lokale ondernemers, verenigingen en organisaties die de Cittaslow-waarden onderschrijven, dragen bij aan een sterke gemeenschap. • bewustwordingsprojecten: Kunst en cultuur worden ingezet om het bewustzijn over de natuur, streekproducten, lokale cultuur en duurzaamheid te vergroten. Vraag 45: Raadsvoorstel, uitvoering en evaluatie. Mogen we ervan uitgaan dat u met jaarlijkse evaluatie bedoeld dat deze in het Jaarverslag bij de jaarrekening wordt opgenomen? M.a.w. geen extra verantwoording? Pagina 14 van 21 Antwoord: Naast de overkoepelende verantwoording in de jaarrekening, wordt elk lopend project jaarlijks geëvalueerd, zoals ook aangegeven in het antwoord op vraag 1. Dit biedt de mogelijkheid om de voortgang van projecten te monitoren, waar nodig bij te sturen en te zorgen voor een gerichte en gedetailleerde verantwoording. Vraag 46: Pag. 5 Strategie. Wat wordt bedoeld met innovatieve technologieën? Antwoord: Hiermee wordt onder andere digitale erfgoedbeleving en technologieën zoals bijvoorbeeld ‘Augmented Reality’ bedoeld. Vraag 47: In het kader van het Ravijnjaar wordt hier gelukkig niet meer geld gevraagd. Betekent dit dat ook niet geschoven kan worden tussen de verschillende budgetten? Antwoord: De budgetten zijn gekoppeld aan de vijf culturele kernthema’s, zoals benoemd op pagina 6 van de cultuurvisie Vraag 48: Missie/visie/strategie: in onze beleving zou deze korter en krachtiger geformuleerd moeten worden. Wat is onze missie en visie concreet samengevat? Antwoord: Visie in 1 zin: Eijsden-Margraten is een toekomstbestendige gemeenschap waarin een sterk cultureel fundament de drijvende kracht vormt achter verbinding, identiteit en duurzame vooruitgang. Missie in 1 zin: Eijsden-Margraten versterkt en verankert cultuur als motor voor sociale cohesie, talentontwikkeling en duurzame groei, door een inclusieve en dynamische culturele omgeving te creëren waarin traditie en vernieuwing samenkomen. Vraag 49: Culturele kernthema's: bij thema 2 staat de verbinding met de inwoners centraal met een nadruk op het betrekken van jongeren. Maar hoe bereik je de inwoners van de gemeente die hier wel wonen maar elders werken en ook weinig betrokken zijn bij het lokale leven? Pagina 15 van 21 Antwoord: Dit gebeurt via: • Toegankelijke cultuurprojecten waarin naar de visie van jongeren wordt geluisterd en deze wordt vertaald naar een zichtbaar project in de samenleving. • Het inzetten van rolmodellen Het organiseren of ondersteunen van evenementen buiten school- en werktijden • Het gebruik van digitale platforms, zodat jongeren worden aangesproken via communicatiekanalen die aansluiten bij hun belevingswereld.. Vraag 50: Culturele kernthema's: bij thema 3 staan erfgoed en inwoners centraal. Bij de ambities en doelstellingen wordt twee keer gesproken over "monitoring van de participatiegraad wordt waar mogelijk geïntegreerd". Wat wordt hiermee bedoeld? Antwoord: Dit betekent dat betrokkenheid bij erfgoedactiviteiten wordt gemeten en geëvalueerd. Vraag 51: In de paragraaf betreffende monitoring en feedback wordt gesproken over 5 methodes terwijl slechts 4 methodes worden benoemd en beschreven. Welke is de vijfde methode en wat houdt deze in? Antwoord: Bedankt voor de oplettendheid! Het gaat om 4 methodes. In de onderstaande opsomming is nummer 3 weggevallen. Hierdoor eindigt de opsomming op 5. Dit is een typefout die uiteraard gecorrigeerd zal worden. Vraag 52: Welke maatschappelijke verandering en duurzame vooruitgang wordt beoogd (principe 2 "kunst en cultuurprojecten inzetten voor maatschappelijke verandering"). Wie bepaalt de maatschappelijke relevantie? Antwoord: Kunst- en cultuurprojecten in Eijsden-Margraten worden strategisch ingezet om maatschappelijke verandering en duurzame vooruitgang te bevorderen. Deze projecten richten zich op het versterken van sociale cohesie, het stimuleren van cultuurparticipatie en het vergroten van gemeenschapszin, wat bijdraagt aan de algehele leefbaarheid en veerkracht van de gemeente. De maatschappelijke relevantie van projecten wordt bepaald door een combinatie van beleidskaders (Programma 1 – kwaliteit van leven), het hieruit voorvloeiende afdelingsplan (Samenleving), de inhoud van het bestuursakkoord en lokale behoeften (participatie trajecten). Pagina 16 van 21 Vraag 53: Waar staan onze harmonieën benoemd? We hebben nota bene zowel de beste als de oudste harmonie van Nederland in onze gemeente. Antwoord: In onze cultuurvisie benadrukken we het belang van ons sterke verenigingsleven en het behoud en de ontwikkeling van tradities. Aangezien de visie strategisch en kaderstellend is, hebben we ervoor gekozen om specifieke culturele verenigingen en organisaties niet afzonderlijk te vermelden. Dit voorkomt dat we bepaalde groepen onbedoeld uitsluiten en benadrukt tegelijkertijd de collectieve waarde van al onze culturele initiatieven. Deze aanpak zorgt voor een breed draagvlak en stimuleert een divers en dynamisch cultureel landschap waarin alle organisaties zich ondersteund voelen. Vraag 54: Waarom is het dialect spreken niet opgenomen? Antwoord: Streektaal valt onder ‘immaterieel erfgoed’, een overkoepelende term die is gebruikt zonder specifieke voorbeelden op te sommen. Ter verduidelijking kan een toelichtende lijst met voorbeelden van Immaterieel erfgoed worden opgenomen in de visie. De Streektaalcampagne is overigens springlevend en krijgt een plek in het uitvoeringsprogramma. Vraag 55: Pagina
Vraag 2
Bij het kopje "Uitvoering en evaluatie" staat dat er jaarlijks een evaluatie wordt uitgevoerd. Wie doet de evaluatie?
Antwoord van het college
Intern of wordt hiervoor een bedrijf benaderd? Ontvangt de gemeenteraad ook het resultaat van deze jaarlijkse evaluaties? Antwoord: De jaarlijkse evaluatie wordt uitgevoerd door de direct betrokken partijen. Bij cultuureducatie ligt de verantwoordelijkheid voor monitoring en evaluatie bij de deelnemende scholen, terwijl bij projecten de projectcoördinatoren deze taak op zich nemen. Zij beoordelen de voortgang, effectiviteit en impact van de initiatieven en leggen daarbij actie- en verbeterpunten vast. De verzamelde inzichten worden gebundeld in een jaarlijkse output, die ter beschikking wordt gesteld aan de gemeenteraad. Dit biedt de raad structureel inzicht in de voortgang van de cultuurvisie en de realisatie van de gestelde doelen. Vraag 56: Gedurende de ontwikkelfase (2019-2023) zijn diverse stakeholders, waaronder culturele instellingen, culturele instellingen, inwoners en culturele professionals geraadpleegd. Welke inwoners (groepen) zijn geraadpleegd? Zijn dit ook bijvoorbeeld lokale cultuurorganisaties, verenigingen in onze gemeente? Pagina 17 van 21 Antwoord: Dat klopt, zie het antwoord op vraag 12. Vraag 57: Wat wordt bedoeld met stakeholders en wie zijn dat? Antwoord: Stakeholders zijn partijen die invloed hebben op, betrokken zijn of belang hebben bij een bepaald proces of project. In het kader van cultuur betekent dit dat verschillende groepen en individuen bijdragen aan of beïnvloed worden door het culturele beleid en de ontwikkelingen in de gemeente. Stakeholders kunnen zowel binnen als buiten de gemeenschap actief zijn. Voorbeelden zijn: culturele organisaties en verenigingen, scholen, inwoners, culturele professionals, etc. Vraag 58: Na vaststelling van de cultuurvisie wordt een uitvoeringsagenda opgesteld met concrete acties en meetbare doelstellingen. Wanneer is de uitvoeringsagenda gereed? Antwoord: Het uitvoeringsprogramma wordt jaarlijks gepresenteerd aan de raad, de afgelopen jaren was dit omstreeks de maand juni. Het moment van presenteren is mede afhankelijk van de agenda van de Raad. Vraag 59: Pagina
Vraag 3
De cultuurvisie besteedt aandacht aan duurzaamheid en groene initiatieven binnen de culturele sector. Er wordt ingezet op bewustwording. Kunt U voorbeelden geven van hoe er wordt ingezet op bewustwording?
Antwoord van het college
Bewustwording wordt actief bevorderd door het integreren van duurzaamheid en groene initiatieven in het uitvoeringsprogramma. Enkele concrete voorbeelden zijn: • Duurzaamheid in cultuureducatie: Duurzaam denken en groene initiatieven zijn structureel verwerkt in het cultuureducatieprogramma SKEM. • Kunstpunt-projecten: Dit project creëert kunstwerken met een duurzame boodschap door objecten in de openbare ruimte te transformeren, waarbij thema’s als natuur, milieu en duurzaamheid centraal staan. • Groene initiatieven: We ondersteunen groene initiatieven in de samenleving, via incidentele culturele subsidies. • Verhalen over duurzaamheid: Via projecten als de 'kunst-o-maat' vertellen we verhalen die duurzaamheid bevorderen en het belang van een groene toekomst onderstrepen. Deze initiatieven dragen bij aan het vergroten van de bewustwording en het stimuleren van duurzame praktijken binnen de gemeenschap. Pagina 18 van 21 Vraag 60: 20250408 07b Concept Cultuurvisie Eijsden-Margraten. Bij dit voorstel is nog steeds een concept van de cultuurvisie bijgevoegd. De raad zou normaliter over een definitieve versie moeten besluiten? Wellicht is de definitieve versie wel bijgevoegd echter zou dit dan moeten worden aangepast in de inhoudsopgave. Antwoord: Bedankt voor de oplettendheid. De visie is – zoals bijgevoegd – vastgesteld door het college. Het woordje ‘concept’ zal nog worden verwijderd. Vraag 61: Pagina 12. Verduurzaming van immaterieel erfgoed: We maken immaterieel erfgoed toegankelijk voor een breed publiek. Het doel is de verbinding van ons immaterieel erfgoed met inwoners te versterken en het erfgoed op meerdere momenten van het jaar zichtbaar en beleefbaar te maken voor diverse doelgroepen. Heeft de gemeente al concrete locaties op het oog en welke acties lopen er? Antwoord: Een paar voorbeelden uit ons uitvoeringsprogramma zijn: ➢ De ontwikkeling van de route ‘onzichtbaar erfgoed’ , waarbij erfgoed in onze gemeente die niet of onvoldoende zichtbaar is, via storytelling en Augmented Reality weer zichtbaar wordt gemaakt. Een voorbeeld is het Caltex Tankstation. ➢ Deelname Open Monumentendag, waarbij jaarlijks een selectie aan erfgoedlocaties zichtbaar en beleefbaar wordt gemaakt. Vraag 62: Pagina 17. Wordt er bij herbestemmingen van bibliotheken ook gekeken waar de meest gunstige locatie is, om juist te functioneren als bruisend cultuurhuis en hart van de gemeenschap? Bijvoorbeeld in de kern waar ook andere faciliteiten zijn of juist dicht bij een school? Antwoord: Bij herbestemming van bibliotheken is de zorgplicht het uitgangspunt. Hierbij wordt zorgvuldig gekeken naar de meest geschikte locatie, zodat de bibliotheek optimaal kan functioneren als cultureel en maatschappelijk middelpunt. De gemeenteraad is tijdens de raads thema-avond op 18 maart geïnformeerd over de gevolgen hiervan, waaronder de impact op locaties. Vraag 63: Wordt naast faciliteren, ook breder ingezet en samengewerkt met meerdere organisaties om vroegtijdig laaggeletterdheid aan te pakken en ondersteuning te bieden? Wie heeft hierin de leidende rol? Antwoord: Ja, naast het faciliteren van initiatieven wordt breed samengewerkt met diverse organisaties om vroegtijdig laaggeletterdheid aan te pakken. In de regio Maastricht-Heuvelland hebben een aantal partijen, waaronder gemeenten, bibliotheken en welzijnsorganisaties, hun krachten gebundeld om de basisvaardigheden van inwoners te verbeteren. Stichting Heuvelland Bibliotheken (SHB) speelt hierin een cruciale rol als verbindende schakel tussen inwoners, overheid en maatschappelijke organisaties. Pagina 19 van 21 Er is geen enkele partij die leidend is; de aanpak van laaggeletterdheid is een gedeelde verantwoordelijkheid. Iedere organisatie draagt vanuit haar expertise bij aan het signaleren, bespreekbaar maken en verminderen van laaggeletterdheid. Deze integrale samenwerking, waarbij sturing en kennisdeling centraal staan, is essentieel om effectief resultaat te boeken. Door deze gezamenlijke inspanningen werken we aan een vaardige samenleving waarin iedereen toegang heeft tot de benodigde basisvaardigheden. Vraag 64: Pagina 21. We ontwikkelen een pilotproject waarin kunst en cultuur vanaf de beginfase worden geïntegreerd in een gebiedsontwikkelingsplan. Waar ligt de financiering van dit soort projecten? Antwoord: Bij de 1% regeling, waarbij een percentage wordt gereserveerd voor kunst in de openbare ruimte. Dit beleid stimuleert de integratie van kunstwerken in nieuwe ontwikkelingen, waardoor de culturele waarde en esthetiek van de gemeente worden versterkt. Vraag 65: Pagina 23. KIEM-Vouchers, wat is hier van de waarde? Welke bedragen kan men maximaal ontvangen als financiële ondersteuning? Antwoord: De KIEM-vouchers zijn bedoeld als laagdrempelige financiële ondersteuning om culturele initiatieven in een vroeg stadium te stimuleren. De ondersteuning is kleinschalig en varieert per aanvraag tussen de €500 en €1.000. Hiermee kunnen initiatieven bijvoorbeeld opstartkosten dekken, conceptontwikkeling bevorderen of een eerste uitvoering mogelijk maken.. Vraag 66: In Valkenburg a/d Geul is, de monumentale Wilhelminatoren bezweken. Tevens blijkt uit onderzoek in Nederland dat bijna 20% van alle monumentale gebouwen in Nederland er slecht tot zeer slecht voor staat wat betreft veiligheid door achterstallig onderhoud. N.a.v. bovenstaande toedracht heeft burgemeester Prevoo van Valkenburg a/d Geul aangekondigd intern een onderzoek te willen laten uitvoeren naar de rol van de gemeente en toedracht van deze gebeurtenis. Aangezien in het raadsstuk wordt aangegeven dat we aan deze monumentale panden op een betekenisvolle manier een nieuwe invulling willen geven de volgende vragen. Hoe staat het er op dit moment in onze gemeente voor met monumentale panden die een publieke functie hebben? Antwoord: Deze vraag is beantwoord door de betreffende afdeling Ruimtelijke Ontwikkeling en Bouwen: Als gemeente hebben we een taak in het behoud van erfgoed. De bouwkundige staat van monumentale zaken is echter in beginsel een zaak van de eigenaar: de private persoon. Deze heeft een wettelijke instandhoudingsplicht. Daar waar de gemeente het eigendom van monumentale zaken heeft, hebben wij die verantwoordelijkheid en is de bouwkundige staat ons bekend. Pagina 20 van 21 We voeren onze taak serieus uit: we trachten aan de voorkant eigenaren te voorzien van informatie over het mogelijkheden voor een goed beheer van hun gebouw. In enkele gevallen (zoals bijvoorbeeld evident in slechte staat verkerende monumentale boerderij Parrestraat 3, Oost-Maarland), monitoren we globaal achterstallig onderhoud en proberen we de eigenaar alsnog tot actie te bewegen. Dit betreft echter uitzonderingen: het ontbreekt ons als gemeente aan een specifieke opdracht, maar ook aan de middelen om dit op grote schaal te mogen en kunnen doen. Er zijn dus monumentale gebouwen, die publiek toegankelijk zijn, maar waarvan de bouwkundige staat ons niet bekend is. Vraag 67: Wat doet onze gemeente om te zorgen dat deze panden veilig voor gebruik zijn? Antwoord: Deze vraag is beantwoord door de betreffende afdeling Ruimtelijke Ontwikkeling en Bouwen: Zie hierboven. In aanvulling op dit antwoord: de gemeente ziet, met advies van de brandweer, toe op naleving van de wet- en regelgeving op het gebied van brandveiligheid. Hier voeren we controles uit en zien we toe op naleving van wet- en regelgeving. Vraag 68: Hoe is de handhaving hier op geregeld? Antwoord: Deze vraag is beantwoord door de betreffende afdeling Ruimtelijke Ontwikkeling en Bouwen: De verantwoordelijkheid voor de veiligheid ligt primair bij de eigenaar van de panden. In een aantal gevallen, waar we zicht hebben op achterstallig onderhoud, spreken we de eigenaar dus actief aan op deze verantwoordelijkheid. In een enkel geval leidt dit, wanneer er geen opvolging aan wordt gegeven, tot handhaving. Vraag 69: Welke gevallen zijn er op dit moment bekend waarbij de veiligheid in het gedring kan komen? Zijn er wellicht cijfers te benoemen? Antwoord: Deze vraag is beantwoord door de betreffende afdeling Ruimtelijke Ontwikkeling en Bouwen: Momenteel zijn ons geen situaties bekend, waar sprake is van een situatie, waarbij de veiligheid in het geding is. We kunnen dan ook geen cijfers noemen. Pagina 21 van 21
Bekijk de brief: 07 Schriftelijke vragen en antwoorden Cultuurvisie
Bron: raadsinformatie van de gemeente Eijsden-Margraten (Open Raadsinformatie). De vragen en antwoorden zijn automatisch uit de brief gelezen; het origineel is leidend.