016. Schriftelijke vragen VVD - Schildmeer
Een raadslid stelde op 7 mei 2026 schriftelijke vragen aan het college van burgemeester en wethouders van Midden-Groningen (7 vragen).
In het kort
7 vragen en wat het college antwoordt
- Kan het college toelichten hoe de huidige situatie rondom de afsluiting van het Schildmeer is ontstaan? → Welke besluiten en werkzaamheden hebben ertoe geleid dat beide sluizen gelijktijdig niet beschikbaar zijn?
- Kan het college toelichten hoe de verantwoordelijkheden zijn verdeeld tussen gemeente, provincie, waterschap en Rijkswaterstaat? → En hoe beoordeelt het college de onderlinge afstemming in deze situatie?
- In hoeverre is de gemeente vooraf betrokken geweest bij het stopzetten van de sluisbediening en het gelijktijdige onderhoud? → Vindt het college dat dit proces zorgvuldig is verlopen?
- Deelt het college de zorg dat deze situatie leidt tot directe economische schade, een vertraagde start van het vaarseizoen en negatieve effecten op de leefbaarheid en… → Is er zicht op de omvang van deze schade?
- Hoe beoordeelt het college deze situatie in het licht van de ambitie om de recreatiesector te versterken, onder andere via Nij Begun? → Deelt het college dat dit hiermee moeilijk te rijmen is?
- Welke concrete acties onderneemt het college op dit moment om samen met betrokken partijen zo snel mogelijk tot een oplossing te komen? → En welke rol pakt de gemeente hierin?
- Welke structurele maatregelen neemt het college om te voorkomen dat dit soort situaties zich opnieuw voordoen? → Is het college met de VVD van mening dat deze situatie laat zien dat de samenwerking en aansturing op dit dossier beter moet?
Overgenomen uit de brief van het college; hieronder staan de volledige vragen en antwoorden.
Aanleiding
Schriftelijke vragen aan het college (art 34 RvO) Datum: 8 april 2026
Onderwerp: Onbereikbaarheid Schildmeer en gevolgen voor recreatiesector
De VVD-fractie ontvangt signalen van ondernemers, watersportverenigingen en booteigenaren rondom het Schildmeer dat het meer momenteel volledig is afgesloten van het vaarwegennet.
Door het stopzetten van de bediening van de Slochtersluis per 1 april 2026 en gelijktijdig onderhoud aan de Groeve(s)luis is er geen vaarroute meer beschikbaar. Dit gebeurt precies aan het begin van het vaarseizoen het moment waarop de sector juist op gang moet komen.
De gevolgen zijn direct merkbaar. Ondernemers lopen omzet mis, activiteiten komen stil te liggen en het gebied is tijdelijk niet bereikbaar voor recreatievaart. Dat raakt niet alleen de economie, maar ook de leefbaarheid en het imago van de regio.
De VVD vindt dit extra zorgelijk omdat de recreatiesector juist wordt gezien als een kansrijke economische pijler, onder andere binnen het programma Nij Begun. Dan moet de basis op orde zijn.
Wij zien dat het college inmiddels op de hoogte is van de situatie en zelf contact heeft gezocht met de provincie om tot een oplossing te komen. Dat is goed en laat zien dat de urgentie wordt onderkend.
Tegelijkertijd laat deze situatie ook zien dat de afstemming tussen betrokken partijen en de aansturing van dit soort cruciale voorzieningen kwetsbaar is en in de praktijk te versnipperd.
Daardoor kunnen besluiten en werkzaamheden ongelukkig samenkomen, met grote gevolgen voor inwoners en ondernemers.
De VVD-fractie vindt dat dit in de toekomst beter moet. Inwoners en ondernemers moeten kunnen rekenen op een overheid die samenwerkt, vooruitkijkt en regie neemt zeker op momenten die voorspelbaar cruciaal zijn, zoals de start van het vaarseizoen
Het college/ de burgemeester wordt verzocht de volgende vraag/vragen schriftelijk te beantwoorden:
Vragen en antwoorden
Vraag 1
Kan het college toelichten hoe de huidige situatie rondom de afsluiting van het Schildmeer is ontstaan?
Antwoord van het college
Welke besluiten en werkzaamheden hebben ertoe geleid dat beide sluizen gelijktijdig niet beschikbaar zijn?
Vraag 2
Kan het college toelichten hoe de verantwoordelijkheden zijn verdeeld tussen gemeente, provincie, waterschap en Rijkswaterstaat?
Antwoord van het college
En hoe beoordeelt het college de onderlinge afstemming in deze situatie?
Vraag 3
In hoeverre is de gemeente vooraf betrokken geweest bij het stopzetten van de sluisbediening en het gelijktijdige onderhoud?
Antwoord van het college
Vindt het college dat dit proces zorgvuldig is verlopen?
Vraag 4
Deelt het college de zorg dat deze situatie leidt tot directe economische schade, een vertraagde start van het vaarseizoen en negatieve effecten op de leefbaarheid en toeristische aantrekkingskracht van het gebied?
Antwoord van het college
Is er zicht op de omvang van deze schade?
Vraag 5
Hoe beoordeelt het college deze situatie in het licht van de ambitie om de recreatiesector te versterken, onder andere via Nij Begun?
Antwoord van het college
Deelt het college dat dit hiermee moeilijk te rijmen is?
Vraag 6
Welke concrete acties onderneemt het college op dit moment om samen met betrokken partijen zo snel mogelijk tot een oplossing te komen?
Antwoord van het college
En welke rol pakt de gemeente hierin?
Vraag 7
Welke structurele maatregelen neemt het college om te voorkomen dat dit soort situaties zich opnieuw voordoen?
Antwoord van het college
Is het college met de VVD van mening dat deze situatie laat zien dat de samenwerking en aansturing op dit dossier beter moet?
En is het college bereid te komen tot duidelijke regie, afspraken en één aanspreekpunt, met name richting het vaarseizoen?
Slot De VVD vindt dat inwoners en ondernemers moeten kunnen rekenen op een betrouwbare overheid.
Juist in een sector waarin we als regio willen groeien en investeren, moet de basis op orde zijn.
Namens de fractie van de VVD, Marjolein Vulpes
Algemene informatie: Een raadslid kan schriftelijke vragen stellen (artikel 34 RvO) aan het college of de burgemeester.
Dit wordt gebruikt om van het college of burgemeester een verduidelijking te verkrijgen. Het gaat om het verkrijgen van feitelijke informatie waarbij een opvatting van het college wordt gevraagd. De gevraagde informatie is in het belang van het functioneren als raadslid.
Informatie over de procedure voor raadsleden: Raadsleden dienen schriftelijke vragen in bij de griffier. Daarbij wordt aangegeven of er een voorkeur voor schriftelijke of mondelinge beantwoording bestaat.
1. Schriftelijke beantwoording vindt zo spoedig mogelijk plaats, in ieder geval binnen 30 dagen, nadat de vragen zijn ingediend. Tenzij het college of de burgemeester de griffier gemotiveerd in kennis stelt dat dit onmogelijk is, waarbij tevens aangegeven wordt binnen welke termijn beantwoording zal plaatsvinden. De beantwoording vindt schriftelijk plaats via een niet ondertekende brief. 2.
Het college moet mondelinge vragen uiterlijk beantwoorden in de eerste openbare raadsvergadering, na het verstrijken van de periode van dertig dagen na de datum van indiening van de vragen.
Informatie over de procedure voor de organisatie: De procedure voor de organisatie bij schriftelijke vragen staat in de intranetgroep ‘Jouw wegwijzer naar de raad!’ > Pages > Vragen van de raad.
Bekijk de brief: 016. Schriftelijke vragen VVD - Schildmeer
Bron: raadsinformatie van de gemeente Midden-Groningen (Open Raadsinformatie). De vragen en antwoorden zijn automatisch uit de brief gelezen; het origineel is leidend.